Posts tonen met het label koude oorlog. Alle posts tonen
Posts tonen met het label koude oorlog. Alle posts tonen

donderdag 27 augustus 2026

DE TELOORGANG VAN DE PVDA. DEEL 3. IEN VAN DEN HEUVEL EN MAX VAN DEN BERG

Links, ien van den Heuvel in 1975. Helemaal rechts Max van den Berg, naast hem Joop den Uyl en daarnaast Ed van Thijn. Foto genomen in de jaren '80.


 

In 1974 wordt Ien van den Heuvel tot partijvoorzitter gekozen. Zij introduceert met de Rooie Vrouwen het feminisme in de partij en vernieuwt het vredesactivisme. Zij is actief bij de kerkelijke vredesbeweging IKV (Interkerkelijk Vredesberaad) waarvan ze later voorzitter wordt. 


Met haar komst aan de top van de partij worden nieuwe accenten gelegd op de positie van de vrouw binnen en buiten het gezin. Daarmee wordt het traditionele arbeidersgezin, de belangrijkste pijler onder het kiezersbestand van de PvdA, onderwerp van discussie. Centraal staat dat de vrouw economisch financieel zelfstandig moet worden zodat ze minder afhankelijk wordt van haar man Ze moet  in haar eigen inkomen kunnen voorzien. De individualisering treedt aldus het gezin binnen. 


Door de vredesbeweging begint men in de PvdA anders te kijken naar de Koude Oorlog. Het gelijk komt niet langer van een kant. Het Westers kapitalisme en imperialisme dragen mede verantwoordelijkheid voor het onrecht in de derde Wereld. Niet alles is slecht aan het communisme. De dreiging van een kernoorlog maakt het dringend gewenst dat in plaats van nog meer kernwapens  een dialoog komt tussen Oost en West, wat in de praktijk een dialoog tussen de Sovjet Unie en de VS inhoudt, de twee toenmalige kernmachten.


Den Uyl paste zich zoveel mogelijk aan deze nieuwe linkse koers van zijn partij aan, maar bleef trouw aan de klassieke democratische beginselen van de sociaal-democratie. Den Uyl was en bleef een democraat. Hij bekritiseerde daarom scherp en openlijk Ien van den Heuvel toen zij in 1975 na een bezoek aan Oost Duitsland (DDR) begrip toonde voor de Berlijnse muur. 


In 1979 werd Ien van den Heuvel opgevolgd door Max van den Berg. Radicaal als hij was, zette met zijn voorzitterschap de ‘nederlagenstrategie’ van de partij pas goed in de verf. 


“De ‘nederlagenstrategie van oud-PvdA-voorzitter Max van den Berg houdt in dat een politieke partij principieel blijft vechten voor haar idealen en onmogelijke of compromisloze standpunten handhaaft, ook al is op voorhand bekend dat een nederlaag of verlies in de praktijk onvermijdelijk is. Het doel is om zuiver te blijven op de inhoud en de kiezer helder te tonen waar de partij ten  gronde voor staat, in plaats van te vroeg te bezwijken voor slappe compromissen.” ( ‘Nederlagenstrategie’, Prof. Dr. Joop van den Berg, 11 september 2020), Montesquieu Instituut) 


Maar bij gebrek aan absolute meerderheden in de Tweede Kamer vormt het sluiten van compromissen sluiten het hart van de Nederlandse democratie. Wie dat niet wil, blijft buiten de regeringsmacht en kan zelfs in een politiek isolement terecht komen. 

  

Internationale solidariteit stond ook bij Max van den Berg hoog op zijn politieke prioriteitenlijst. Hij verklaarde zich in de geest van de tijd solidair met links radicale gewapende groepen in Midden Amerika. Dat bracht hem samen met andere linkse partijen in de Tweede Kamer in 1984 in botsing met CDA Minister Hans van den Broek en een deel van zijn eigen Tweede Kamer fractie in het parlement.


De minster was van mening dat het sturen van verkiezingswaarnemers naar El Salvador ter ondersteuning van gematigde krachten vertegenwoordigd door de christen-democratische presidentskandidaat José Napoleon Duarte, zou kunnen helpen om op termijn een einde te maken aan de wrede burgeroorlog tussen gewapend extreem links en de rechtse doodseskaders.


De linkse oppositie waaronder ook een deel van de PvdA fractie in de Tweede Kamer, meende echter dat het sturen van verkiezingswaarnemers een dictatoriaal regime zou legitimeren en dat de verkiezingen niet democratisch konden zijn omdat de linkse guerrillabeweging (FMLN) en haar politieke tak (FDR) niet konden deelnemen.


Uiteindelijk stemde de fractie onder leiding van buitenland woordvoerder Relus ter Beek in met het sturen van waarnemers en aldus de deelname van een partijgenoot aan de waarnemingsmissie goed te keuren.


De felle Kamerdiscussie doofde pas enigszins nadat de twee waarnemers (CDA'er Kerstiëns en PvdA'er Nelissen ) na terugkomst een genuanceerd rapport uitbrachten. Hoewel zij de enorme chaos en de repressieve omstandigheden beschreven, concludeerden zij dat de massale opkomst van de Salvadoraanse bevolking liet zien dat de verkiezingen onder de burgers wel degelijk leefden en dus niet als een "totale schijnvertoning" vanuit Washington konden worden afgedaan. 


Dit leidde later dat jaar (eind 1984) tot een vergelijkbare discussie in de Kamer toen dezelfde waarnemers naar de verkiezingen in het Sandinistische Nicaragua moesten worden gestuurd.

donderdag 5 juni 2025

DE UITVINDING VAN KLIMAATVERANDERING EN BIODIVERSITEIT

 

Zo zag de natuur op school er uit maar ook in het echt. Ik ben opgegroeid met kievieten, ooievaars (ze zijn er nu weer en meer dan ooit), allerlei soorten eenden enz. Maar ja, toen in 1956  had Nederland amper 11 miljoen inwoners en ongeveer 250.000 auto's. Nu heeft Nederland 18 miljoen inwoners en bijna 10 miljoen auto's. Daar kan geen enkele natuur tegenop werken.

Jongeren van nu groeien op met handicaps die ik het grootste deel van mijn leven niet heb gekend: klimaatverandering en biodiversiteit. Het weer, dat bestond wel maar draaide toch voornamelijk om de vraag of je een regenjas moest meenemen of niet, of het weer was om te zwemmen en of het in de winter ging sneeuwen dan wel vriezen. In het laatste geval was dan de vraag wanneer je kon schaatsen. 


Zowel zwemmen en schaatsen hebben een grote rol gespeeld in mijn jonge liefdesleven. Mijn eerste afspraakjes na de dansles waren op de schaatsbaan van Oss, een ondergespoten deel van het sportpark. De ijsbaan was met zijn verlichting, zijn muziek uit eenvoudige luidsprekers en zijn bescheiden kantine waar je warme chocolademelk kon drinken tegen een schappelijke prijs, betoverend romantisch voor ons als verliefde teenagers. Een mooier begin voor een opbloeiende liefde kan ik me nu nog niet voorstellen.


De zomers waren voor het zwemmen in een, zeker vergeleken met een sportzwembad van tegenwoordig, romantisch natuurbad. Het bad was omgeven door grasvelden met hier en daar een stukje strandzand. De meisjes paradeerden in badpakken. De bikini was nog verboden. Maar ja wie mist een bikini als je zo al van de meisjes in badpak kon genieten?


Voor de rest was het weer vooral een zorg voor de akkerboeren. Wat ik zag op de zwart-wit televisie was dat het vooral niet te nat of te droog moest zijn maar daar ergens tussenin. Als het weer zich als ergens tussenin gedroeg dan hoorde of zag je geen boeren op TV. 


Had het langdurig geregend dan stonden om acht uur op het TV journaal een boer en een verslaggever met flinke laarzen aan in het veel te natte veld. De broer bukte om een paar nog kleine aardappelen uit de natte kleigrond te trekken om ons kijkers rottende aardappelen te tonen. Daar ging een deel van het inkomen van de boer.


Was het al een tijd droog dan kreeg je een verslag van het platteland over uitdrogend gewas op de velden wat ook een aanslag was op het inkomen van de boer. Soms in het vroege voorjaar waren de fruitboeren de klos vanwege de nachtvorst waardoor de fruitoogst mislukte.


Het weer was een ernstige zorg voor de boeren en dat was het dan. Klimaatverandering bestond niet. Van levensbedreigende klimaatverandering of de algehele ondergang van moeder planeet als gevolg van het handelen van de mens was in mijn jeugd en tot ver daarna geen sprake. Het klimaat was een gegeven. Je kon warme of natte zomers hebben, harde winters of een kwakkelende winter, een te nat najaar of voorjaar maar daar was het wel mee bekeken.


Zorgen over biodiversiteit bestonden toen ook niet. We leerden het niet op school en hoorden het ook niet thuis. In kranten, op radio en TV sprak nooit iemand over het verlies van biodiversiteit. Het was een begrip wat eenvoudigweg niet bestond en er kon dus ook niet over gepraat worden laat staan dat je er bezorgd over kon zijn.


Tegenslagen die je konden treffen waren woningnood, werkloosheid en ziektes als kanker. Andere zorgen waren de koude oorlog, het  communisme en de armoede in de wereld met bijbehorende rampen. De honger in het Afrikaanse Biafra greep het halve land aan en leidde tot acties ter bestrijding van de honger en ondervoeding. 


Bij de bijna jaarlijks terugkerende overstromingen in Bangladesh waar maar geen einde aan leek te komen,  vroegen we ons af waarom ze daar in Bangladesh nog steeds niet bezig waren fatsoenlijke dijken aan te leggen. 


Om de haverklap vernam je dat er ergens in een Derde Wereld land massaal honger werd geleden, kinderen ondervoed en de medische hulp gebrekkig. Dat leidde tot allerlei menslievende initiatieven bij jong en oud om de armoede de wereld uit te helpen. Ontwikkelingshulp was de nieuwe missie van de vrije wereld.


Maar biodiversiteit, nee dat bestond niet, net zo min dus als klimaatverandering. Die twee verschijnselen zijn pas later uitgevonden door biologen en klimatologen. Zij ontdekten dat we met angst en beven naar de toekomst moeten kijken vanwege het verlies aan biodiversiteit en als gevolg van de klimaat verandering. Daarom, oh Nederland let op uw zaak of we gaan ten onder.

maandag 24 juli 2023

DE BLINDE WANHOOP VAN EXTINCTION REBELLION

 

Extinction Rebellen in actie. Foto: website Extinction Rebellion Nederland

Als ik de foto’s op de website van Extinction Rebellion Nederland bekijk en de “Declaration of Rebellion” lees dan hebben we te maken met een nieuw soort hippiebeweging waarbij het “make love not war “ van de jaren zestig van de vorige eeuw is vervangen door  “for love of the planet”.

Voor de hippies waren de Vietnam oorlog, de Koude Oorlog en de Atoombom een bedreiging van het voortbestaan van mensheid en planeet. Langs de weg van het eigen kleine geluk met seks, drugs en muziek ontvluchtten zij de wereld.

Volgens Extinction Rebellion zijn niet de atoombom of een wereldoorlog het grootste gevaar voor mensheid en planeet maar de klimaatcrisis.

“Honderden jaren van uitbuiting en vernietiging hebben ons op de rand van uitsterven gebracht. Mensen over de hele planeet verliezen hun manier van leven, hun omgeving en hun leven. We hebben nog maar een paar jaar om de ergste gevolgen van de klimaatcrisis af te wenden, als we niet al te laat zijn. De zesde massale uitsterving is begonnen. Wat we de komende jaren gaan doen, zal de toekomst van het leven op aarde bepalen.”
 

Grote woorden die niet gestaafd worden door feiten. Hier spreekt blinde wanhoop.  In 1820 leefde bijna 90% van de mensheid in extreme armoede, dat wil zeggen ze hdden minder dan 2 dollar per dag te besteden. Bijna honderd jaar later leeft minder dan 10% van de mensheid in extreme armoede. (Zie: Our World in Data, poverty)

Het is waar dat “over de hele planeet mensen hun manier van leven verliezen.” maar dat is niks nieuws. Verandering is nu eenmaal normaal maar ze krijgen er wel een ander leven voor terug. Zo migreren mensen wereldwijd van het platteland naar steden vanwege de belofte van een betere toekomst.

In 1500 woonde net iets meer dan 4% van de wereldbevolking in steden. In 2016 woont bijna 55% van de wereldbevolking in steden. ( Our World in data: urbanization) Begrijpelijk want in steden is helaas beter en meer onderwijs te vinden, gezondheidszorg, betere banen en huizen met water, elektriciteit en verwarming.

De bewering dat de mensheid met uitsterven bedreigd wordt, slaat als een tang op een varken. In het jaar 0 woonden ruim 236 miljoen mensen op de planeet. In 2021 wonen er 7,9 miljard mensen op planeet aarde. (zie: Our World in Data, Population Growth)

Dat is alles behalve uitsterven.  Integendeel, de steile groei begon in 1600, in de tijd dat Europa de rest van de wereld koloniseerde en volgens de Rebellen uitbuitte en onderdrukte maar niet geboeg dus om de bevolkingsgroei te doen verminderen. Het is maar hoe je het bekijkt. 

Om dan uit blinde wanhoop op de openbare weg te gaan liggen of je aan beroemde schilderijen vastplakken helpt natuurlijk niet.

donderdag 28 juli 2022

DE DOOD VAN EEN MEXICAANSE PRESIDENT (1922-2022)

 

Nederlandse studenten demonstreren tegen de Mexicaanse regering waarin Luis Echevarria Minster van Buitenlandse Zaken was en als zodanig mede verantwoordelijk voor het gewelddadige optreden van het leger tegen demonstrerende studenten op het Plein van de Drie Culturen Tlatelolco op 2 oktober 1968 vlak voor de Olympische Spelen. Het militaire optreden leidde tot een bloedbad met honderden doden.   "Voor het IOC waren deze gruwelijke gebeurtenissen geen reden om de Olympische Spelen af te gelasten of uit te stellen. Integendeel, na een spoedbijeenkomst een dag erna prees IOC-voorzitter Avery Brundage het land voor de geboden gastvrijheid. Dit bloedbad is daarmee niet alleen een dieptepunt voor de Mexicaanse geschiedenis, maar ook voor de olympische geschiedenis.", aldus de rubriek sportgeschiedenis op de MSN website.

Luis Echevarria was president toen ik in Mexico woonde (1974-1977). Op 8 juli dit jaar is hij overleden. Honderd jaar is hij geworden. Het doet me denken aan het beroemde boek ‘Honderd jaar eenzaamheid” van de Colombiaanse schrijver Gabriel Garcia Marquez. Echevarria was in de tijd dat ik in Mexico woonde alles behalve eenzaam, tenminste niet zichtbaar. Geestelijk kan natuurlijk altijd.

Echevarria was een echte PRI apparatchik, gepokt en gemazeld door de partij PRI die na de bloedige burgeroorlog tevens sociale opstand in de jaren twintig van de vorige eeuw, aan de macht kwam. Sindsdien regeerde de PRI in Mexico met harde hand onder de vlag van nationalisme, pseudo-socialisme en patriotisme. De PRI had van Mexico een partidocratie gemaakt of een democratuur. Achter een facade van democratie mochten satellietpartijen en partijtjes die zich revolutionair noemden of socialistisch onder het toeziend oog van de PRI mee doen aan de "vrije" verkiezingen. Een verfijning van de dictatuur die communistische partijen nooit hebben kunnen bedenken.

Door mijn werk bij de Verenigde Naties leerde ik dat Echevarria internationale ambities had en niet zo weinig ook. Hij wilde leider worden van de landen van de derde weg, de landen in de Derde Wereld die in de Koude Oorlog een eigen weg wilden volgen zoals bijvoorbeeld Joegoslavië ten tijde van Tito. Om die ambities kracht bij te zetten nodigde hij allerlei VN kopstukken uit en politieke leiders van Derde Wereld landen om onder zijn leiding te vergaderen over de toekomst van de Derde Wereld. Wat Echeverria echter miste was charisma. Hij had meer weer weg van een verwarde oom of een partijpolitieke ambtenaar dan van een leider.

Hij noemde de VS openlijk imperialistisch zonder dat dit leidde tot enig daadwerkelijk anti-Amerikaans beleid behalve dan dat hij Fidel Castro, de communistische dictator van Cuba, steunde en de linkse marxistische Chileense president Allende. Toen die bij een gewelddadige machtsovername door generaal Pinochet ten val werd gebracht (1973), nodigde hij Chileense vluchtelingen uit naar Mexico te komen.

Dat gaf hem internationaal aanzien maar zijn beleid in eigen land kan men zelfs met de grootst mogelijke moeite links noemen tenminste als je onder links het bevorderen van sociale rechtvaardigheid, het naleven van mensenrechten, vrije pers, vrijheid van organisatie enz. verstaat. Echeverrai was in naam van de PRI de hoeder van de bestaande orde en die was sociaal onrechtvaardig.
 

Verbaal streed hij tegen armoede, praktisch gebeurde er niks. Het was al heel wat dat je op het platteland gratis medisch zorg kon krijgen. Wat ook gratis werd onder Echeverria was de anticonceptie-pil met bij behorende voorlichting ter bestrijding van de overmatige bevolkingsgroei. Helaas kwam er met name onder de lagere klassen een geruchtencampagne op gang dat de pil je onvruchtbaar zou maken. Niettemin had de campagne enig succes.

Waar Echevarria niks aan deed was de heersende corruptie van hoog tot laag, ook in zijn eigen regering. Af en toe werd er voor de bühne een minister of ambtenaar opgepakt maar dat was meer politiek dan strijd tegen corruptie. Een politicus die de partijlijn niet driegde te volgen werd op basis van beschuldigingen van corruptie ten val gebracht. De corrupte vakbonden werden door zijn regering gesteund tegen veelal linkse, democratische en onafhankelijke bonden.

Echeverria heeft zich nooit kunnen onttrekken aan zijn verantwoordelijkheid als Minister van Binnenlandse Zaken voor de gebeurtenissen op het plein van de drie culturen, Tlatelolco. In 1968 werden door het Mexicaanse leger tientallen studenten die protesteerden tegen de Olympische Spelen doorgeschoten. Onder zijn presidentschap trad het leger opnieuw hard op tegen gewapende linkse ongewapende groepen, werd de persvrijheid ingeperkt en vonden verdachte politiek moorden plaats. Hij is er nooit voor veroordeeld ondanks latere pogingen daartoe.
 

maandag 2 mei 2022

OORLOGSBULLETIN 10

De Serven betuigen hun steun aan Putinski.

 

De Hongaren hebben me bij de laatste verkiezingen waarbij Putinski vriend Orban opnieuw royaal heeft gewonnen, zwaar teleurgesteld. Zijn de Hongaren dan de Russische tanks die in 1956 Boedapest binnenrolden en hun opstand tegen de Russische bezetting genadeloos neersloegen, vergeten? Ik dacht altijd dat ze hun helden van de opstand in 1956 in ere zouden houden en geen gemene zaak met Putinski zouden maken. Ze hebben gelukkig wel afstand genomen van de Russische invasie en etnische Hongaarse vluchtelingen in hun land opgevangen. Dat is dan tenminste wat.

Sinds de bombardementen van de NAVO op Servische doelen (1999) om Milosevic terug te fluiten van zijn etnische schoonmaak in Kosovo, zijn er veel Serven die de NATO als agressor zien en Rusland als hun beschermheer. Hoeveel Serven uiteindelijk voor nu Rusland kiezen in plaats van Oekraïne is moeilijk in te schatten. Het zou helpen als in Servië meer zou worden gedaan aan kritische zelfreflectie over de rol van hun president Milosevic die per slot van rekening terecht heeft gestaan voor het speciaal Joegoslaviëtribunaal in Den Haag op beschuldiging van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid.

Een ander verhaal zijn de Latijns Amerikanen. Sommige vakbondsvrienden en linkse intellectuelen op dat continent zijn buitengewoon sceptisch tot op het vijandige af over de solidariteit van West Europa en de VS met Oekraïne. Rusland krijgt het voordeel van de twijfel. Zij kunnen niet geloven dat je ondanks alles beter de VS als buur kunt hebben dan Rusland.

Ze kennen Rusland niet als buurland, de VS wel. Ze hebben zich ook nooit een goed beeld kunnen vormen van de Russische overheersing in Midden en Oost Europa ten tijde van de Sovjet Unie. Sommigen maalden daar zelfs niet om. Ik denk omdat ze bang zijn dat ze hun wereldbeeld zouden moeten bijstellen. Russisch imperialisme bestaat in hun ogen niet. Nu met de militaire inval in Oekraïne het Russisch imperialisme zich alsnog in al zijn wreedheid en absurditeit aan de wereld toont, blijft het voor hen alsnog moeilijk om afscheid te nemen van hun oude bondgenoot.

Daar komt bij dat linkse intellectuelen en leiders als gevolg van de decennia lange polarisatie tussen kapitalisme en communisme, tussen de VS en Cuba,  door de VS zelf onverschillig zijn gemaakt  voor democratie. Was het niet de democratische VS die soms met geweld intervenieerde in landen met een linkse gekozen regering als bijvoorbeeld Chili en Nicaragua? En was het niet de democratische VS die staatsgrepen van generaals tegen democratisch gekozen regeringen oogluikend steunde zoals in Argentinië en Brazilië? Voor de VS was in de tijd van de Koude Oorlog anti-communisme belangrijker dan democratie en dat wreekt zich.

De Falkland oorlog tussen Argentinië en Groot Brittannië heeft eveneens bijgedragen aan een vijandig beeld van NATO en Europa in Latijns Amerika. 

"In 1982 besloot de Argentijnse junta van Leopoldo Galtieri in te spelen op de nationalistische gevoelens bij zijn landgenoten door de Falklandeilanden te bezetten. Hij wist zo de aandacht af te leiden van interne problemen zoals de verslechterende economische situatie en onvrede over het bewind van de junta (onder andere de Vuile Oorlog). De Argentijnse legerleiding nam ten onrechte aan dat het Verenigd Koninkrijk, dat in die tijd ook grote economische en sociale problemen kende, niet op de bezetting zou reageren. Dit bleek een misvatting, juist ook omdat premier Margaret Thatcher de aanval wist te gebruiken om het land te verenigen en tegelijkertijd haar herverkiezing veilig te stellen. "(Wikipedia)

De Britten wonnen de oorlog o.a. met het tot zinken brengen van de pantserkruiser Generaal Belgrano.

"De General Belgrano was de voormalige Amerikaanse kruiser USS Phoenix, die de aanval op Pearl Harbor had doorstaan. Zij werd op 2 mei 1982 aangevallen door de HMS Conqueror, een Britse atoomonderzeeër, die drie torpedo's 21 inch Mark 8 mod 4 afvuurde die nog uit de Tweede Wereldoorlog dateerden, hoewel het schip ook de nieuwere Mark 24 Tigerfish aan boord had. De aanval op de Belgrano kostte 323 mensen het leven. De gehele Argentijnse vloot werd als gevolg van deze actie naar haar havens teruggeroepen, waardoor ze geen gevaar meer vormde voor de Britse vloot."(Wikipedia)

Ondanks dat de oorlog door extreem rechtse, opportunistische dictator-generaals was begonnen en verloren, is het voor linkse Argentijnen en hun Latijnse vrienden onverteerbaar dat de Britten hun land een nederlaag hebben bezorgd. Nationalistische gevoelens zijn sterker Linkse idealen.

woensdag 11 augustus 2021

14. HET KAN VRIEZEN, HET KAN DOOIEN. HOLLANDITIS

 

Een vrolijke koe met in haar buik het anti-atoomwapen symbool. Dat symbool was zo populair onder jongeren dat velen het met een ketting om hun nek droegen. (Een affiche van de ontwerper KAFAK. Zie: kafak.nl)

Voordat ik verder ga met de geschiedenis van het onbehagen in Nederland en de wereld, moet nog een bijzonder geval genoemd worden. In de vorige aflevering over de Club van Rome heb ik de vredesbeweging reeds genoemd die onder leiding van het Interkerkelijk Vredesberaad IKV en Pax Christi een brede verzetsbeweging op de been brachten tegen de plaatsing van kruisraketten. Misschien vergis ik me maar in Nederland was dit wel de grootste uiting van links onbehagen ooit. De oude neutraliteitspolitiek kreeg hierdoor bijna een nieuw jasje.

Na de Tweede Wereldoorlog ontstond een patstelling tussen Rusland en Amerika met daar tussenin een verdeeld Europa, aan de ene kant een Europa dat hoorde tot het VS kamp en aan de andere kant Oost Europa dat hoorde tot de Sovjet kamp. Beide kampen waren op een gegeven moment tot de tanden gewapend met schietklare atoomraketten en alles wat daar militair strategisch bij hoort. Nederland hoorde bij het NAVO kamp.

Het onbehagen over deze Nederlandse positie werd onder de naoorlogse babyboomgeneratie, die zich ook al verzette tegen de Vietnamoorlog, groter naarmate de spanning tussen de VS en de Sovjet Unie steeg. In plaats van een wapenwedloop wilde men een vredesregeling. Vredesinitiatieven rezen als paddenstoelen uit de grond waarbij sommigen zo ver gingen om zich te scharen in het kamp van de Sovjet Unie. Vredesbeweging, anti-kapitalisme en communisme vonden elkaar in de afkeer van een agressieve opstelling van de VS. Dat groeiende linkse onbehagen, rechts voelde zich net zo onbehaaglijk maar was niet van plan concessies aan het communisme te doen, viel merkwaardig genoeg zo goed als samen met een groeiende welvaart.

Je zou bijna de hypothese kunnen formuleren dat naarmate de welvaart steeg, het onbehagen over het kapitalisme en niet te vergeten de consumptiemaatschappij tezamen met de Koude Oorlog en de wapenwedloop in de westerse samenleving groter werd. De naoorlogse generatie beschouwde de naoorlogse verhouding tussen Oost en West niet langer als een onwrikbaar gegeven. Er werd vooral ter linkerzijde flink gemorreld aan de vaststaande politiek ideologische en maatschappelijke opvattingen.
In Nederland werd het verzet tegen atoomwapens ‘Hollanditis’ genoemd alsof het om een virus ging. Vandaag de dag is het moeilijk voor te stellen hoe breed dat verzet was.

“‘Hollanditis’ is de term die gebruikt werd voor het Nederlandse verzet tegen de geplande plaatsing van kruisraketten in West-Europa, beginjaren 1980. Het begrip werd bedacht door de Amerikaanse geschiedkundige Walter Laqueur (geboren in 1921) in augustus 1981 in het artikel ‘Hollanditis: A New Stage in European Neutralism’. Hij wilde hierin onderstrepen dat de weerstand tegen kernwapens zich als een virus over Europa verspreidde. De Hollanditis bereikte in Nederland een hoogtepunt tijdens de grote anti-kruisraketdemonstraties in 1981 en 1983.” (website: historiek.net)

Het verzet tegen atoomwapens en bewapening breidde zich uit naar verzet tegen atoomenergie met de bouw van kerncentrales. Zo mondde het onbehagen uit tot een verzet tegen technologische modernisering. verzet tegen kernwapens en kernenergie werd de kern van het nieuwe onbehagen over de toekomst van de mensheid. Nederland werd geen kernenergieland maar bleef wel trouw aan de NAVO. Uiteindelijk zou de harde opstelling van de VS in 1989 tot de val van de muur leiden en de definitieve ondergang van de Sovjet Unie.  De tijd van het neutrale Nederland in een verdeeld Europa was nu voorgoed voorbij.

(wordt vervolgd)

 

woensdag 4 augustus 2021

13. HET KAN VRIEZEN, HET KAN DOOIEN. HET ONBEHAGEN VAN DE CLUB VAN ROME (KERNRAKETTEN EN KERNENERGIE)

 

Nergens was het verzet tegen kernwapens zo groot als in Nederland mede dankzij het Interkerkelijk Vredesberaad IKV. Met die brede actie die op zijn hoogtepunt wel een miljoen mensen op de been bracht in Amsterdam waren de kerken terug in de Nederlandse politiek. In Nederland is het (kerkelijk) moralisme in de politiek nooit ver weg dit in tegenstelling tot  Europese grootmachten als Engeland en Frankrijk. Uiteindelijk was het de supermacht Noord Amerika die de Sovjet Unie dwong om te onderhandelen over de raketten. De val van de muur in 1989 deed de rest.

Dat verzet tegen de atoombewapening is gaandeweg de jaren negentig met de val van muur in Berlijn in 1989 en het verdwijnen van de Koude Oorlog tussen Oost en West als een strovuur uitgegaan. Wat resteerde was de vrees voor het gebruik van kernenergie. Nederland heeft mede daardoor enkele kleinschalige kerncentrales gehad. Het land mist kennis en ervaring met kerncentrales bedoeld om elektriciteit voor de energiemarkt op te wekken.

Ondanks Malthus groeide de wereldbevolking door. Zelfs de miljoenen doden tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden geen invloed op de groeicurve. De groei van de welvaart steeg in het Westen al even snel als de bevolking zodat in de jaren zeventig opnieuw het onbehagen de kop op stak of dat allemaal wel zo door kan gaan. De Club van Rome boog zich over de wat zij vond de onhoudbare toestand.

De Club van Rome is een particuliere stichting die in april 1968 werd opgericht door Europese wetenschappers, om hun bezorgdheid over de toekomst van de wereld voor het voetlicht te brengen.

 
“Doelstellingen van de Club van Rome zijn:
het onderzoeken van de kwantitatieve en kwalitatieve samenhang van de wereldproblemen (bevolkingsgroei, voedselproductie, industrialisatie, uitputting natuurlijke hulpbronnen, vervuiling; uitgewerkt in een zogenaamd wereldmodel)
de wereld wijzen op de ernst van de problemen
regeringen en politici stimuleren tot gecoördineerde maatregelen ter verbetering van de situatie.”


De Club van Rome publiceerde in 1972  het wereldwijd bekend geworden rapport “De grenzen van de groei.”

“Het rapport gaf een prognose van het grondstof- en voedselverbruik in de wereld voor de komende jaren. Daarin werd een beeld geschilderd van in een aantal decennia oprakende grondstofvoorraden. De impact van het rapport werd versterkt door de oliecrisis die in 1973 door de Arabische olieproducerende landen werd veroorzaakt, na de overwinning van Israël in de Jom Kipoeroorlog als vergeldingsmaatregel tegen de overwegend pro-Israëlische Westerse wereld. Velen zagen – hoewel het rapport niet over zo'n korte termijn gerept had – het doemscenario al in vervulling gaan, vooral in Nederland, dat te maken kreeg met een olieboycot. Premier Den Uyl deed er nog een schepje bovenop door op televisie te verklaren dat de wereld nooit meer hetzelfde zou worden. Na afloop van de oliecrisis volgde een zekere ontnuchtering waarin de Club van Rome meer en meer mikpunt van kritiek werd.” (Wikipedia:Club van Rome)

Maar de voorspellingen van de Club van Rome kwamen niet uit. De filosoof Ralf Bodelier zet naar aanleiding van het vijftig jarig bestaan van de Club van Rome de zaken nog eens op een rijtje (Financieel Dagblad, 13 oktober 2018)

“Het rapport slaat in als een bom. NRC kopt met ‘Ramp bedreigt wereld’ en de Haagse Post heeft het over een ‘Apocalyps op afbetaling’. Wat het rapport zo angstaanjagend maakt, zijn de harde cijfers. Zo geeft het voor 19 essentiële grondstoffen akelig nauwkeurige data. Goud raakt op in 1981, kwik in ’85, zink in ’90, koper in ’93, aardgas in ’94, aluminium in 2003, et cetera. Vandaag zouden maar liefst 12 van de 19 grondstoffen op moeten zijn.

Dat gebeurde dus niet. Geen enkele grondstof raakte op. Van sommige grondstoffen - olie en gas - zijn er nog zulke forse voorraden dat we het opstoken ervan liever achterwege laten. Nu zijn we nog niet in 2030-2050, maar het lijkt erop dat de Club van Rome ongelijk krijgt. Juist door de onstuimige groei van de afgelopen vijftig jaar, daalde het aantal mensen in extreme armoede van bijna 50% in 1968 naar 11% vandaag. Bovendien zwakt de wereldwijde bevolkingsgroei af. In 1968 kreeg de gemiddelde vrouw nog 4,9 kinderen, vandaag zijn dat er 2,4.”


Het door de Club van Rome wetenschappelijke onbehagen over de ondergang van mens en wereld verdween naar de achtergrond, waar het bleef smeulen in afwachting van een nieuw onbehagen.  Met de klimaatverandering keerde dat onbehagen in heviger mate terug dan ooit maar daarover de volgende keer. 


 (wordt vervolgd)

vrijdag 29 mei 2020

MIJN SPROOKJESJAREN ZESTIG 62: NEDERLANDS INDIË

Oom Piet in Nederlands Indië tijdens de politionele acties.

Tussen België en Nederland is het nooit meer goed gekomen. Zelfs niet tussen Nederland en Vlaanderen waar wij Nederlanders toch een taal en een cultuur mee delen. Of het ooit goed komt tussen Nederland en Indonesië, het voormalige Nederlands Indië dat in de jaren veertig van de vorige eeuw zich van ons koninkrijk heeft afgescheiden, is ook de vraag. Als kind krijg ik in de jaren vijftig nog net wat mee van de oorlog tussen Nederland en Nederlands-Indië. Ik herinner me de feestelijke thuiskomst van twee ooms, een aan moeders en een aan vaders kant, die als dienstplichtigen in Nederlands-Indië hadden gevochten. De fanfare speelde in de straat voor het huis van mijn oma die met de Nederlandse vlag boven uit het raam hing. De hele straat was uitgelopen. Bij mijn andere oma stond de muziek op het erf samen met de buurt en de familie. De beide ooms hadden hun groene militaire uniform nog aan, hun baret zat stoer onder een epaulet op hun schouder.

Ze hadden souvenirs meegebracht. Een grote Javaanse pop die in de woonkamer van mijn oma kwam te hangen samen met een chocoladekleurig houten rekje waarin zes zilveren theelepeltjes hingen, ook versierd met een Javaans poppengezicht. Mijn eerste kennismaking met kunst uit Indië. Later leerde ik op school de exotische namen van de grote Indische eilanden met hun steden alsof er niks gebeurd was. Pas veel later kom ik te weten waarom mijn ooms in Nederlands-Indië ten strijde waren getrokken voor het vaderland. Thuis hoorde ik er nooit wat over. Oorlogen zijn geen zaken om onder het eten te bespreken en daar buiten evenmin.

Naar verluidt is de scheiding voor Nederland rampzalig.  “Indië verloren, rampspoed geboren “ heet het. Hoezo rampspoed voor Nederland? Nederland was een grote rampspoed voor de Indiërs, zo lees ik in mijn tweedehandse “Max Havelaar” (Nederl.Bibliotheek No. XXII, negende druk, Nederl. Prijzen: fl Geb. 0,45 - Keurb. 0,85, Belg. Prijzen: frs. Geb. 1,- - Keurb. 2,- , Mij. v. Goede en Goedk. Lectuur, Utrechtsedw. straat 13, Amsterdam) geschreven door Multatuli, pseudoniem van Eduard Douwes Dekker, voormalig bestuursambtenaar in Nederlands Indië. We mogen achteraf blij zijn dat Douwes al in 1859 zo een antikoloniaal meesterwerk schreef.

“De politieke heerschappij over Nederlands-Indië was in het begin van de negentiende eeuw van de Vereenigde Oostindische Compagnie overgegaan naar de Nederlandse regering. Om de winst te vergroten was het cultuurstelsel ingevoerd, een serie maatregelen die de planters in staat stelde waardevolle landbouwproducten te verbouwen, in plaats van alleen voedingsmiddelen zoals rijst. Daarbij werd een belastingstelsel ingevoerd waarvan de ambtenaren volgens een commissiesysteem werden beloond. De inlandse vorsten kregen zogenoemde cultuurprocenten. Als hun gebied meer opbracht voor Nederland, kregen de inlandse vorsten meer uitbetaald. Dit leidde tot sterke uitbuiting van de inheemse bevolking door de inlandse vorsten. Daarboven kwamen nog de hoge landrenten en de herendiensten waarvan de inlandse vorsten, het gouvernement maar ook nog vele corrupte beambten misbruik maakten. De combinatie veroorzaakte een wijdverbreide corruptie, die resulteerde in grote armoede en hongersnood onder de inheemse bevolking. Dekker schreef Max Havelaar uit protest tegen deze koloniale maatregelen. En hoewel hij onbekend was als auteur ten tijde van publicatie, wist hij met zijn boek bij Nederlanders het bewustzijn op te roepen dat de weelde die zij genoten het resultaat was van menselijk lijden in andere delen van de wereld. “ (Wikipedia: Max Havelaar (boek)

Wat ik nog steeds niet snap is dat Nederland na vijf jaar Duitse oorlog en bezetting meteen in staat en bereid was om zelf een oorlog te beginnen en dan ook nog zo ver van huis. Een oorlog die ons onmiddellijk van slachtoffer tot dader maakte. Je zou toch denken dat we in ons zwaar vernielde land wel andere kopzorgen hadden dan oorlog voeren aan de andere kant van de wereldbol. Blijkbaar had de Nederlandse elite niet door dat de wereld na de Tweede Wereldoorlog was veranderd.

Even gek is dat die oorlog - politionele acties werden ze genoemd als om aan te geven dat het om niets anders ging dan herstel van de orde, de oude koloniale orde - politiek geleid werd door kabinetten met sociaal-democraten en katholieken. Van sociaal democraten wist ik niet veel behalve dat ze ooit een gebroken geweertje op hun jas spelden. In de Roomse parochiekerk hoorde ik missionarissen preken over armoede in de wereld en over de gelijkheid van God’s kinderen. Woorden die blijkbaar geen politiek gewicht in de schaal legden.


verschijnt elke vrijdag

vrijdag 14 februari 2020

DE SPROOKJESJAREN ZESTIG 47, ORANJESINGEL 42

De villa waar het voormalige studentencafé O42 zat.

Zoals elke morgen hoor ik Dora op haar brommertje naar haar werk bij de bandenfirma rijden. Doezelend probeer ik de gebeurtenissen van gisterenavond voor de geest te halen. Wat wilde Roodkapje van me? Hoe kwam die midden in de nacht naast mijn bed terecht? En het gekste van alles, waarom verdwijnt ze plotseling net als we rustig met elkaar kunnen praten? Ik vind geen enkele verklaring voor het gebeurde behalve een hoogst onwaarschijnlijke boze wolf in de gedaante van een minnaar die haar ontvoerd heeft.

Ik sta op, scheer en was mij, kleed me aan en ga ontbijten in de keuken. Het is stil in huis. Iedereen is al weg. Ik ga op zoek naar brood en beleg en zet water op voor thee. De Volkskrant ligt op tafel. Tijdens het ontbijt lees ik de krant van voor naar achter. Dat doe ik sinds de Zesdaagse oorlog. Sindsdien probeer ik uit te vogelen hoe het zit met de wereld en mij. Wat hebben wij met elkaar? 


Opnieuw denk ik terug aan gisterenavond maar nu aan de jongens en meisjes van de Kritiese Universiteit. Wat is daar allemaal niet gezegd? Ze zijn ontevreden met de universiteit, de maatschappij en de wereld, zoveel is zeker. Er is genoeg om ontevreden over te zijn: de autoritaire gezagsverhoudingen op de universiteit en in de maatschappij, de Koude Oorlog tussen Amerika en Rusland ook wel de strijd tussen kapitalisme en communisme met de dreiging van een atoomoorlog, de Vietnamoorlog, de massaslachting onder communisten in de ex-kolonie Indonesië, de Sjah van Iran als marionet van de CIA en de confrontatie tussen Cuba en de VS. Demokratisering van de universiteit zou dan een stap moeten zijn naar een nieuwe mens en maatschappij.


Een mooie gedachte om vast te houden maar ik ga vanavond toch maar op zoek naar Roodkapje. Waar kan ik anders heen dan naar Oranjesingel 42?  Of moet ik maar hopen dat ik haar ooit ergens binnenkort in Nijmegen tegen het lijf loop? Dat kan lang duren en bovendien ik neem liever zelf initiatief dan te wachten op iets wat waarschijnlijk nooit zal gebeuren. Zoals ik al vreesde, mijn hoop haar te vinden in het studentencafé is voor niks geweest. Nergens een Roodkapje te bekennen. Met mijn bierglas vol teleurstelling stuit ik op Antoon, een broer van Tinus, een klasgenoot op de middelbare school. We kennen elkaar net goed genoeg om een gesprek tegen de eenzaamheid te beginnen.


(verschijnt elke vrijdag)

vrijdag 22 november 2019

DE SPROOKJESJAREN 60 (VOORHEEN MAKE LOVE,NOT WAR) 35, DE VIETNAMOORLOG

Gezin op de vlucht in de rijstvelde. Foto UPI in het Penguin boek "Vietnam! Vietnam!" geschreven door Felix Greene, 1966

Er woedt nog een oorlog. Ik bedoel de Vietnamoorlog, de eerste oorlog in de geschiedenis die je tot in zijn gruwelijkste details kunt volgen op de Beeldbuis en in de kranten.

“De oorlog in Vietnam of Tweede Indochinese Oorlog, in het Westen meestal aangeduid als Vietnamoorlog en binnen Vietnam Amerikaanse Oorlog genoemd, was een oorlog tussen het op de Verenigde Staten georiënteerde Zuid-Vietnam en het op de Sovjet-Unie en China georiënteerde Noord-Vietnam. De oorlog volgde op de Eerste Indochinese Oorlog (in Vietnam 'Franse Oorlog' genoemd) en duurde van 1 november 1955 tot 30 april 1975. De strijd speelde zich voornamelijk af in Vietnam, hoewel er ook gevochten werd in de grensgebieden van Laos (Laotiaanse Burgeroorlog) en Cambodja (Cambodjaanse Burgeroorlog). Ondanks de inzet van honderdduizenden manschappen, grootschalige bombardementen, het gebruikmaken van chemische middelen als Agent Orange en Napalm, verloren de Verenigde Staten deze oorlog.” (Wikipedia) 


De oorlog brengt onrust op de Noord Amerikaanse universiteiten waar toekomstige dienstplichtigen studeren maar niet alleen daar. Ook in Europa, bij ons in Nederland en dan vooral ook op de universiteiten. Aan de ene kant staan de bevrijders, zij die menen dat het een oorlog is voor vrijheid en democratie tegen het dictatoriale communisme. Een moreel gerechtvaardigde oorlog zoals de Tweede Wereldoorlog en de Koreaanse Oorlog, waar de geallieerden onder leiding van de Amerikanen als de goeden streden tegen de slechteriken van het nazisme en later het communisme. Aan de andere kant staan zij die menen dat het in de Vietnamoorlog precies andersom is. De goeden zijn de Vietnamezen die vechten voor vrijheid en zelfbeschikking, de slechteriken de Amerikanen. Tussen deze twee partijen in staat een kleine groep pacifisten, zij die elke oorlog afwijzen als een middel om een politiek doel te bereiken.

Nog nooit heb ik een oorlog van zo dichtbij gezien, rechtstreeks uit de jungle op de beeldbuis in de huiskamer onder het genot van een kopje koffie met koekje. Ik zie Noord Amerikaanse soldaten met moderne wapens en vlammenwerpers door armzalige, modderige dorpen in tropische wouden trekken. Ik zie dorpelingen wanhopig en bang het oerwoud in vluchten. Ik zie een boeddhistische monnik midden op straat in brand staan uit protest tegen de oorlog. Ik zie half verbrande kinderen in paniek over de weg vluchten voor napalm bommen, bommen die het woud ontbladeren zodat de vijand zich niet langer kan verbergen. Ik zie reusachtige zwermen grommende B52 vliegtuigen die honderden zwarte bommen op Noord Vietnam gooien.

Met de bombardementen vliegt de onschuld van een held uit mijn jeugd weg, de dappere Engelse oorlogsvlieger Biggles. Oorlog is een dagelijks terugkerende gruwelshow van geweld, dood en bloed waarvan ik niet kan geloven dat het tot iets moois zou leiden als democratie en vrijheid. Het beeld van een rechtvaardige oorlog tegen communistische dictatuur en onderdrukking en voor vrijheid en democratie kantelt. Ik ontdek de koloniale geschiedenis van Vietnam, dat deze oorlog niets anders is dan een voortzetting van een vroegere Franse koloniale oorlog. Het is een neo-koloniale oorlog van het westerse kapitalisme en imperialisme onder leiding van Noord Amerika, de nieuwe wereldmacht en erfgenaam van het Europese kolonialisme.

(verschijnt elke vrijdag)

donderdag 7 juni 2018

DE JAREN ZESTIG EN NU

De Joint of Het Stickie van de Jaren Zestig
©petrus nelissen

Het grote verschil tussen de tijdgeest van de jaren zestig en nu is dat in de jaren zestig een optimistisch mensbeeld overheerste terwijl deze tijd wordt overheerst door technologisch optimisme. Toen geloofden we in de bevrijding van de mens en de mensheid: van het rijk van de behoefte naar het rijk van de vrijheid. Eindelijk zou de mens een spelende mens worden: ’s morgens vissen, ’s middags jagen en ’s avonds filosoferen (vrij naar Marx). Nu geloven we in de bevrijding van de mens door internet, smartphones, automatisering, robotisering, zelf-rijdende auto’s, duurzame energie, marsreizen enz.

Van die spelende mens en de verbeelding aan de macht is uiteindelijk weinig terecht gekomen ondanks Parijs in mei 1968,  de Amsterdamse provo’s, de kabouters, Oranje Vrijstaat, de bezettingen van universiteiten, de hippie’s met hun  “make love not war” , hun communes, geestverruimende middelen zoals marihuana en LSD, de protest liederen van Bob Dylan (The times they are a changin’), de nieuwe muziek van de Beatles (Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band) en de Oosterse Goeroe’s. Mensen bevrijden uit hun dagelijkse sleur, hun vastgeroeste gewoontes, hun ingesleten overtuigingen, existentiële angsten en hun comfort is veel moeilijker dan we met ons enthousiaste idealisme dachten.

Met de idealisten die de nieuwe, spelende mens langs politieke weg wilden bevrijden van autoritaire machtsstructuren, van het egoïstische kapitalisme, van het imperialisme, de Koude oorlog, de oorlog in Vietnam, de verborgen verleidingen van reclame en commercie verging het al niet beter. Demonstraties, sit-ins, bezettingen, de Duitse Rote Armee Fraktion, de Italiaanse Rode Brigade en de Noord Amerikaanse Zwarte Panters, konden uiteindelijke de bestaande politieke machtsverhoudingen niet of nauwelijks veranderen. 

Zal het de digitale revolutie van nu met internet, de smart phone, de zelfrijzende auto, de robots enz. beter vergaan? Ik denk het niet. Natuurlijk, er zullen hier en daar dingen veranderen maar veel zal hetzelfde blijven. Om te beginnen zal de technologie zowel ten goede als ten kwade gebruikt worden. Dat besef begint pas nu goed door te dringen bij de beleidsmakers, filosofen, krantenjongens en waarzeggers. We staan weer voor de aloude kwestie of de technologie in dienst staat van de mens of de mens in dienst van de technologie?

De andere eeuwige kwestie blijft eveneens overeind. Mensen zijn en blijven geneigd tot het kwaad. In die zin is er geen vooruitgang. Het is de eeuwig blijvende vloek die op de mensheid rust. Maar desondanks moeten we blijven hopen want iets anders dan hoop hebben we niet.