maandag 19 april 2021

vrijdag 16 april 2021

107. DE AARDE IS ROND, LEKKE BAND

 

Dank zij de hulp van twee plattelanders krijgen we het wiel met de lekke band los.

Om der wille van de reistijd en de magere huishoudkas besluiten we de stad Fez uit ons reisprogramma te schrappen en meteen door te rijden naar het zuidelijker gelegen Marrakech, het uiteindelijke doel van onze reis. Als om het afscheid van Meknès een feestelijk tintje te geven, trakteren we onszelf op een bescheiden warme maaltijd in een van de goedkope restaurants die we aan een plein in het centrum van de stad hebben gezien. Na een broodrantsoen van enkele dagen hebben we er zin.

Het restaurant is leeg maar een kniesoor die daar op let. Misschien is het nog geen etenstijd voor de Marokkanen. Eenmaal aan tafel en het eten besteld te hebben bij een morsige kelner, zien we pas dat het tafelkleed niet schoon is. Het zit vol vlekken net als de servetten. Ooit in een ver verleden zullen ze wel stralend wit geweest zijn maar daar zie je nu niks meer van. Voor de hygiëne vegen we ons bestek schoon aan het servet. Je moet toch wat.

Wanneer de soep wordt opgediend, zien we tot onze schrik mieren over de tafel kruipen. Ze rukken in file op naar onze kippensoep. We hebben moeite om de kleine zwarte diertjes weg te houden van onze borden. Het is een gevecht om soep zonder mieren en het wordt er niet beter op wanneer de rijst met kip wordt opgediend. We eten onze bord in tiempo prestissimo leeg. Zo wordt ons eerste Marokkaanse diner een behoorlijke tegenvaller, zeker na dagen brood met vis uit blik gegeten te hebben.

We volgen de door de ANWB uitgestippelde route over de provinciale weg door dorpen en stadjes naar het zuiden. Het landschap wordt leger en leger. Soms zie je iemand naast de weg lopen, dan een eenzame fietser pal op de weg. Waar komen zij vandaan en waar gaan zij heen? Het leven op het platteland is een raadsel. Waar leven ze van, wat doen ze voor de kost, zijn het kleine boeren die leven van olijven, dadels of wat dan ook?  Hier en daar zie je een ezel of een koe lopen, maar dat is geen veeteelt. Het is gedeelde armoede tussen mens en dier.

Ergens onderweg tussen de olijfbomen krijgen we een lekke band. Duizenden kilometers rijden zonder lekke band is statistisch onmogelijk maar het blijft onverwacht. Daar staan we dan op het asfalt in de hitte met de zon boven ons, een ANWB hulpdienst op duizenden kilometers afstand en geen telefoon om te bellen voor om het even welke hulp. We hebben wel het benodigde gereedschap voor het wisselen van een band, een krik en een kruissleutel, maar een reserveband hebben we dan weer niet. Op goed geluk gaan we aan de slag, vol vertrouwen in de Voorzienigheid.

Onervaren als we zijn, het is per slot van rekening onze eerste auto, is het een God’s wonder dat het lukt om de krik onder de auto te krijgen. Na lang zoeken hebben we onderaan het chassis een speciale opening ontdekt om de krik aan te hangen. Maar eerst moeten we de wielmoeren los draaien en dat lukt niet. Ook niet met z’n tweeën. Ze zitten vastgeroest. Maar dan grijpt de Voorzienigheid inderdaad in. Twee mannen op een brommer stoppen en bieden hulp aan.  En wat ons niet lukt, krijgen zij voor elkaar.

Eenmaal de band eraf, bieden ze aan om mij samen met de lekke band achterop de brommer naar een stadje verderop te rijden. En zo geschiedt het dat ik die ochtend in een werkplaats beland in een godvergeten stadje ergens langs de lange asfaltweg tussen Meknès en Marrakech. De werkplaats doet me denken aan een fietsenmaker uit mijn jeugd met de bijnaam Pietje den Del. Bij hem slingerde ook van alles in en buiten de werkplaats rond. Als je een boutje, moertje, draadje of ventieltje nodig had voor je oude tweedehandse fietsje mocht je het zelf ergens uit een bakje vissen, soms voor niks, soms voor een dubbeltje.

Er lopen een paar mannen rond in echte garagekledij. Lang hoeven we dan ook niet te wachten. De reparatie van de band is een fluitje van een cent en dat voor een naar Nederlandse maatstaven bijzonder zacht prijsje. Terug bij de auto stap ik licht triomfantelijk van de brommer. Dankzij de beide mannen is het zo gepiept. Ze willen niet weten van dank of geld. Zo komt alles toch weer goed. Vol goede moed hervatten we onze zoektocht naar de zin van ons bestaan.

(verschijnt elke vrijdag)

donderdag 15 april 2021

ROOMS ERFGOED IN OSS

 

Sint Lucia kerk in Ravenstein


Achterkant van het voormalige Fraters Internaat Sint Nicolaas. Links de Grote Kerk


Portret van het Heilig Bruurke van Megen in de kapel van het Heilig Bruurke te Megen


Wegkapelletje met Maria en kind in Teeffelen.


Maria Moeder van de Verkenners bid voor ons aan het begin van Maupertuus (Maashorst) het voormalige kampeertehuis van de verkenners van Oss

woensdag 14 april 2021

EEN DAG NATIONAAL PARK DE HOGE VELUWE. 30 MAART 2021. DEEL 1

Het fietspad


Geveld


Wandelpad


Alleen


Dood en levend hout


Weggerukt uit het leven


Dood en leven naast elkaar


Eetplein

 

dinsdag 13 april 2021

KLIMAATRAADSEL NEDERLAND

 

Op de wereldkaart zie je aan de hand van de kleuren dat volgens metingen van NASA de opwarming van de aarde ongelijk verloopt. Het Noordelijk Halfrond is veel roder dan het Zuidelijk Halfrond. Het blauw, de kleur van het ijs van Antarctica, groeit zelfs nog aan zo wijzen berekeningen uit. Dat de aarde ongelijk opwarmt zou er op kunnen wijzen dat er andere oorzaken voor opwarming van de aarde dan het zogenaamde broeikasgas CO2. Een gas als CO2 spreidt zich gelijkmatig uit in de atmosfeer en zou dus voor een gelijkmatige opwarming moeten zorgen, zo is de gedachte.


Onlangs stuitte ik op een niet opgelost raadsel van klimaatverandering,  het raadsel van de ongelijke opwarming. In de media wordt de indruk gewekt dat de opwarming van de aarde in gelijke mate over de hele aardbol plaatsvindt. Eenvoudig gezegd, tussen nu en 50 jaar warmen Zuid Afrika, Suriname en Nederland 2 graden op. Die veronderstelling is zo gek nog niet want een gas als CO2, het gas dat de opwarming zou veroorzaken, verspreid zich gelijkmatig in de ruimte.

Maar gek genoeg is volgens satellietmetingen de opwarming niet gelijkmatig over de aarde verdeeld. Er zijn landen die meer opwarmen dan andere landen, er zijn landen die sterk naar boven afwijken van het gemiddelde afwijken en landen die er onder blijven. Zo is Suriname maar een graad opgewarmd boven het gemiddelde, Zuid Afrika anderhalve graad en Nederland twee graden.

Je kunt de ongelijke opwarming goed zien op bovenstaande kaart. Het zuidelijk halfrond warmt minder op (geel en oranje gekleurd) dan het noordelijk halfrond (rood en donkerrrod gekleurd). Volgens metingen groeit het ijs van Antarctica zelfs nog aan. Een afdoende verklaring voor dit fenomeen is nog niet gevonden. Sommigen vinden dat deze anomalie in de opwarming er op zou kunnen wijzen dat CO2 niet de oorzaak kan zijn van de opwarming.

Een mooi voorbeeld van die anomalie is Nederland zelf zo las ik onlangs aan in een column in Elsevier van de hand van de wetenschapsjournalist Simon Rozendaal. Daarin staat dat Nederland sinds 1900 ruim 2 graden meer is opgewarmd dan het mondiale gemiddelde. ‘De trendlijn (de beste grafiek die je door alle punten heen kunt trekken) geeft 8,8 graden aan voor 1901 en 11,1 voor 2020. Ofwel 2,3 graden.’

Op de site van het KNMI staat de volgende verklaring voor deze anomalie te lezen ’De lentes en zomers zijn extra opgewarmd door toename van de zonnestraling en afname van de luchtvervuiling’. Het is eenvoudiger dan je denkt. Dankzij de drastische afname van de luchtvervuiling in Nederland sinds 1980 komt de zon er gewoon beter door en dat betekent warmere zomers.

Maar er is meer aan de hand. Volgens Peter Siegmund van het KNMI is er sinds ongeveer 1980 ‘een onbegrepen afname van het wolkendek’. Nederland heeft daardoor veel vaker een strak blauwe hemel dan vroeger. Toen was Nederland bekend om zijn jagende wolkenluchten zoals we op oude schilderijen kunnen zien.

De twee factoren, schonere lucht en vaker strak blauwe hemel, zijn misschien een (gedeeltelijke) verklaring voor het waargenomen en ook enigszins wonderlijke verschijnsel dat Nederland sinds 1900 ruim 2 graden meer is opgewarmd dan het mondiale gemiddelde. Hoe dat met andere landen zit, weet ik niet. Ik neem aan dat er bij het KNMI naarstig naar een verklaring wordt gezocht.

Hoe dan ook Nederland gidsland bewijst dat 2 graden opwarming niet catastrofaal hoeft te zijn zoals Greta, Greenpeace en Groen Links met Kaag van D66 in het kielzog beweren. Nederland bestaat nog steeds en hoe. Het is nog altijd een van de meest welvarende landen in de wereld met schone luchten, een strakblauwe hemel en een stralende zon. Laat de klimaatverandering maar komen.
 

Citaten overgenomen uit de column ‘Hè gelukkig, Nederland bestaat nog’  van Simon Rozendaal in Elsevier van 23 januari 2021.

 

maandag 12 april 2021

vrijdag 9 april 2021

106. DE AARDE IS ROND, NICHT RESTAURIERT

 

Sadiki stuurde ook deze ansichtkaart: " C'ets une petite souvenir pour toi que montre la tombe de "Mulay Ismaïl" un roi de Maroc. Je crois que vous la visitez cette place."

Als echte toeristen bezoeken we de restanten van het paleis van koning Mulay Ismaël. Een gebrekkig Duits sprekende gids leidt ons door wat is overgebleven van de paardenstallen, door poorten en zware houten deuren.  Herhaaldelijk wijst hij ons erop, terwijl hij op het hout klopt van een deur of raam, dat het “nicht restauriert ist” waarmee hij blijkbaar wilde zeggen dat het ondanks de vervallen staat nog echt en authentiek is, wat ook moeilijk anders kan tenzij het paleis net als bij de Habsburgers gebouwd is als een ruïne omdat ruïnes zo romantisch zijn.

De graftombe van de koning was daarentegen in zijn originele en zeer bewonderingswaardige staat gebleven. Het is de eerste keer dat ik een prachtig voorbeeld van Arabisch architectuur zie. Zoals alle gidsen in de wereld strooit ook hij met jaartallen alsof die belangrijk zijn om te begrijpen wat je ziet. Het zou beter zijn geweest als hij ons iets had verteld over de betekenis van de koning voor zijn land en de architectuur van het mausoleum.

Een ander hoogtepunt is een bezoek aan de ruïnes van de Romeinse stad Volubilis, een dik half uur rijden ten noorden van Meknès. De toegangsprijs van twee Dirham (ongeveer een gulden vijftig) is voor onze krappe huishoudkas te doen. We nemen geen gids want die leidt je toch maar af met nietszeggende jaartallen waardoor je belemmert wordt om de stad met frisse blik te bekijken en er nieuwsgierig in eigen tempo in rond te dwalen. We hebben de hele dag de tijd met een gids heb je het na een uur gehad. Naarmate ik langer dwaal door de ruïnes met nog herkenbare straten en gebouwen, hier en daar staan nog indrukwekkende zuilen overeind en halve tempels of wat het ook moge zijn, raak ik onder de indruk van de stad. We gaan er alle vier eens goed voor zitten op een grote steen, min of meer in het centrum van de stad om het op ons in te laten werken. 

Nu pas wordt het me goed duidelijk hoever de Romeinen vooruit waren op onze voorouders. Dat heb ik natuurlijk allemaal al geleerd op de middelbare school, maar een ding is op school leren een ander ding is het met eigen ogen zien. Dit is vele malen indrukwekkender. Hoe kon het dat zij zulke steden bouwden waar duizenden mensen in konden wonen en werken terwijl de rest van Europa leefde als inboorlingen? Waar kwamen kennis en organisatietalent van de Romeinen vandaan, waarmee ze niet alleen prachtige steden bouwden maar ook nog eens half Europa en Noord Afrika veroverden? De Romeinse beschaving is een wonder. Nog wonderlijker is dat ze ook weer verdwenen is.

De stad heeft de val van het Romeinse rijk maar liefst meer dan duizend jaar overleeft. Amsterdam haalt die duizend jaar niet eens.  Dat een stad zo lang overleeft, zegt veel over de Romeinse stedenbouw in een kolonie die heel ver weg ligt van Rome. Wat is er bijvoorbeeld over van de Nederlandse architectuur in zijn voormalige kolonie Indonesië? Ik vermoed niet veel want ik heb er nooit over gehoord of gelezen. 

Pas in de 18e eeuw werd de stad bij een reusachtige aardbeving verlaten om daarna te worden afgebroken en materiaal te leveren voor de bouw van onder andere het paleis van Moulay Ismail dat we bezocht hebben met onze Deutschsprachiger Führer. Zo dienden de restanten van de Romeinse beschaving voor de opbouw van een nieuwe beschaving die op zijn beurt vervalt. Dat is een steeds weer terugkerend patroon in de geschiedenis, de ene beschaving legt zich als een deken over de andere.

Jaren later zag ik dat in Colombia, Mexico en Peru waar de Spaanse kolonisten hun kerken bouwden met en op de restanten van de tempels en piramides van de oorspronkelijke bewoners. Het is een patroon dat in onze tijd sneller gaat dan ooit dankzij de ontembare technologische ontwikkelingen. Geen enkele beschaving bestaat voor de eeuwigheid, vandaag nog minder dan vroeger.

Toegangsbewijs voor een bezoek aan Volubilis. Twee Dirham is ongeveer een gulden vijftig.

(verschijnt elke vrijdag)