Er zijn veel interne en externe oorzaken aan te wijzen die verklaren waarom de klassieke partijen PvdA, VVD en CDA hun vermogen verloren om kiezers te mobiliseren.
Voor de Christelijke partijen geldt als externe oorzaak de ontkerkelijking van Nederland. Vandaar dat de 3 Christelijke partijen KVP (Katholieke Volkspartij), ARP (Anti-Revolutionaire Partij en CHU (Christelijk-Historische Unie) in 1980 besloten om te fuseren tot de algemeen christelijke partij CDA.
Die ontkerkelijking kan ook worden geduid als ontvoogding of bevrijding. Die ontvoogding betrof niet alleen maar wel als eerste de protestantse christelijke en katholiek zuilen. Later volgde de socialistische zuil met de PvdA.
Die ontvoogding of bevrijding uit het keurslijf van de zuilen begon in de jaren zestig met een culturele revolutie aan de universiteiten, ofwel onder hoger opgeleiden. Die zetten de sociale en politieke verhoudingen op zijn kop. Hiërarchie en gezag werden niet meer voetstoots aanvaard, de geestelijk horizon werd (kritisch) verlegd, ook letterlijk want er werd meer gereisd dan ooit eerder. Het waren spannende tijden.
Het uiteindelijk gevolg was dat de burger voortaan zijn eigen keuzes maakt op alle levensterreinen. Of het nu gaat om geloof, levensstijl, samenleven (van klassiek gezin, tot samenwonen, LAT relaties en communes), onderwijs, vermaak of politiek. De naoorlogse maatschappij verandert in rap tempo in een supermarkt, de steunpilaar voor het vrije consumeren. Daar laadt ieder naar behoefte zijn aankopen in zijn boodschappenkarretje. Iets gelijksoortige gebeurde in de samenleving en de politiek.
In de eerste jaren van de ontvoogding had de PvdA de wind in de zeilen. Was die partij niet altijd al de criticus geweest van kerkelijk conservatief Nederland? Jongeren uit de voormalige kerkelijke zuilen ontdekten in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw het socialisme. De Katholieke Hogeschool Tilburg (tegenwoordig Tilburg University geheten) werd omgedoopt tot Marxistische Hogeschool. De Nijmeegse Katholieke Universiteit (tegenwoordig Radboud Universiteit) werd berucht om zijn socialistische marxistische studentenorganisaties.
De PvdA en ook de Communistische Partij Nederland (CPN), toen al een reliek uit vooroorlogse tijden, kreeg in die jaren een toestroom van jongeren die vanuit ideële motieven lid of actief werden in die partij. De nieuwe aanwas van de partij weliswaar soms afkomstig uit arbeidersgezinnen maar allen intussen hoger opgeleid dankzij extra-kinderbijslag, leningen en beurzen.
De kinderen uit de arbeidersgezinnen waren door hun universitaire studie hun milieu ontgroeid. Zij en vele anderen waren de nieuwe idealisten die in Nederland een nieuwe maatschappij met meer vrijheid, gelijkheid en broederschap op socialistische grondslag nastreefden. Het Derde Wereld eiland Cuba was in die tijd erg populair.
Hun arbeiderisme, ze waren feitelijk geen arbeiders maar speelden arbeiders (de pas overleden PvdA politicus Bert Middel sprak meesmuilend van 'spijkerbroekenproletariaat'), was echter niet lang vol te houden. De bevrijding van de arbeider was al begonnen als gevolg van industriële ontwikkelingen , de welvaart, de verzorgingsstaat en de loonpolitiek. De arbeider werd werknemer.
In de plaats van het socialisme kwam het consumentisme. De vooroorlogse behoefte economie veranderde in een economie van overvloed. De bevrijding van de arbeider was vooral en voornamelijk materieel. Men kon zich voortaan meer veroorloven dan vorige generaties zich ooit konden voorstellen.
PvdA leider en voormalig vakbondsvoorzitter van de grootste vakbond van Nederland FNV (ontstaan uit een fusie van de socialistische en katholieke vakbondszuil) Wim Kok, begreep deze ontwikkelingen uit eigen ervaring en ontdeed de partij zoals hij dat noemde van zijn ideologische veren.
Niet het toekomstig te vestigen socialisme, dat onder PvdA leider Joop den Uyl nog volop leefde, was langer de maatstaf van de partij maar het praktische welzijn en de welvaart van de burgers. Het socialistische idee van “spreiding van kennis, macht en inkomen” dat het kabinet den Uyl (1973-1977) nog als slogan voerde, veranderde in “eerlijk delen.”
De paarse kabinetten Kok bezegelden deze ontvoogding door mee te gaan met de door de liberalen in de vorm van de VVD gepredikte individualisering en privatisering. Het vrije individu op de vrije markt werd ook het nieuwe ideaal van de PvdA.















