donderdag 26 maart 2026

BLIND

 

San José, Costa Rica 1979


Tepoztlan, Mexico 1976


Mexico-City 1976



Mexico-City 1976


Mexico-City, 1976


San José, Costa Rica, 1979


Lotenverkopers, San José, Costa Rica 1979


Peru, Lima 2011


Puebla, Mexico, 2010




Lima, Peru, 2011



Lima, Peru, 2007


woensdag 25 maart 2026

FRITS BOLKESTEIN (1933-2025) EN DE INTERNATIONALE VAKBEWEGING

 


Er is een vuistdikke biografie over Frits Bolkestein verschenen. In Nieuwsuur zag ik een gesprek met de schrijver gelardeerd met korte filmpjes over Bolkestein. Het herinnerde mij aan een gesprek dat ik lang geleden had met Bolkestein.


Dat was begin jaren tachtig, toen hij als lid van de VVD fractie in de Tweede Kamer in zijn portefeuille o.a. Latijns Amerika had. Als vertegenwoordiger van de solidariteitsvereniging met de Latijns Amerikaanse vakbeweging CLAT, had ik om een gesprek met hem gevraagd.


Ik wilde zijn politieke steun hebben voor onze vereniging. Om dezelfde reden voerde ik gesprekken met de Tweede Kamerleden Aad Nuis van D66, Harry Aarts van het CDA en Harry van den Bergh van de PvdA. 


Die steun was nodig omdat organisaties voor ontwikkelingssamenwerking steeds vaker kozen voor projecten afkomstig uit kringen van gewelddadige revolutionaire (extreem-linkse) groepen in Nicaragua, Guatemala en El Salvador. 


De christelijk georiënteerde democratische vakbeweging CLAT werd als te gematigd beschouwd. CLAT hield vast aan zijn democratische beginselen en dat zinde de extreem linkse groepen in Midden Amerika niet. Zij zagen de vakbeweging liever als een instrument in hun politieke strijd. 


Het zou natuurlijk te gek zijn als Nederlandse ontwikkelingsgelden van een democratisch land als Nederland zou gaan naar gewapende groepen die niets hadden met democratie en de waarden die daarbij horen.


Het gesprek verliep beter dan ik dacht. Waar Bolkestein Midden Amerika uit eigen ervaring kende vanwege zijn vroegere werkkring bij Shell, kende ik de regio vanuit mijn werk bij de Verenigde Naties in Mexico en Costa Rica.


We spraken Spaans en kenden cultuur, politiek en mensen van nabij en uit eigen ervaring. Politiek zaten we niet op een lijn maar we waren beiden democraten met de daarbij behorende beginselen van vrijheid van meningsuiting, vereniging enz. 


Bolkestein was het met me eens dat zonder die beginselen geen vrije, onafhankelijke en democratische vakbeweging mogelijk is zoals bijvoorbeeld het geval is in Cuba. Op dat eiland is sinds de revolutie van Fidel Castro geen vrije vakbeweging meer mogelijk. Helaas is nu net die revolutie een inspiratiebron voor de gewelddadige revolutionaire groepen actief in de regio.


Bolkestein rondde ons gesprek af met de opmerking dat zoals ik wel zal begrijpen, hij geen vriend is van de vakbeweging maar dat als het gaat om behoud van de democratie de democratische vakbeweging op zijn steun kan rekenen. 


dinsdag 24 maart 2026

3. DRIE BITCHES IN BONNEFANTEN

Keetje Mans, "In this Ungodly Hour", 2025, olieverf op linnen (240x 220 cm)


De derde van de 3 vrouwen die exposeren in Bonnefanten onder de titel “Bitches Brew” (waarom toch altijd Engelse titels? Is dat de onmacht met de eigen taal?) is Keetje Mans (1979, Amsterdam). Als het om kleur zou gaan dan kun je haar werk het minst kleurrijk noemen. In al haar werken worden de kleuren willens en wetens gedempt of vervuild door zwart, zo lees ik in de brochure. 


Het meest opvallende werk, ook wat betreft omvang (240x220 cm), is een berg vrouwenlichamen die zodanig met elkaar zijn verenigd in kleur en vorm dat je alleen gezichten ziet met allemaal dezelfde uitdrukking, een staat van verrukking of zaligheid. Paarse bloemetjes versterken de sfeer van “In this Ungodly Hour” zoals het werk heet. 


Het goddeloze ontgaat me, wel zie ik in de twee gezichten in het centrum van het schilderij enige gelijkenis  met het beroemde schilderij "de Kus" van Gustav Klimmt. In dat schilderij is overgave, intensiteit en erotiek verenigd in schoonheid.


Bij twee schilderijen wordt in de brochure verwezen naar middeleeuwse prenten  en schilderijen van Jheronimus Bosch als inspiratiebron. “Ook bij hem krioelen vormen, beesten en mensen door elkaar tot ze een geheel worden”. Dat zo te stellen doet tekort aan Bosch.


Het eerste wat op schilderijen van Bosch opvalt is dat zijn figuren treffende uitdrukkingen hebben die onderling verschillen vanwege de verschillende emoties de ze uitdrukken. Daarin alleen al is Bosch een meester. Op de schilderijen van Keetje Mans hebben de figuren daarentegen allemaal dezelfde uitdrukking en op sommige schilderijen zelfs helemaal geen. 


Het sombere, donkere grote schilderij “October” heeft geheimzinnige kleuren. De gezichten in het groene water zijn uitdrukkingsloos. Het verband tussen de vissenkoppen, het zwemmend paard en de gezichten in het groen giftig gekleurde meer is onduidelijk. Is er wel een verband. Is het zo maar een geheimzinnig schilderij? 


Dat kan van schilderijen van Bosch niet gezegd worden. Elk van zijn schilderijen gaat op de een of andere manier over de strijd tussen goed en kwaad. Dat kan ik in dit schilderij niet vinden. Waar het dan wel over gaat, weet ik niet maar misschien is dat het teken des tijds. We weten niet meer waar het over gaat en misschien is dat wat Keetje Mans ons met dit schilderij wil vertellen?


 

maandag 23 maart 2026

GEOMETRISCHE COMPOSITIE MET 2 CIRKELS

 

petrus, "Geometrische Compositie met 2 Cirkels", acryl en olieverf op mdf paneel, 110x110 cm
Te Koop


vrijdag 20 maart 2026

80. MEXICAANSE VERTELLINGEN. EEN MISKRAAM

 

Frida Kahlo, "Henry Ford Hospital Detroit", olieverf op canvas, juli 1932.

De reis naar Amerika is niet alleen voor Diego maar ook voor Frida vol van verwachting. Ze is opnieuw zwanger geworden. Ze heeft toch weer hoop dat ze deze zwangerschap kan voldragen zodat ze het lang verwachte kind alsnog zal krijgen. Ze hoopt dat ze de kans heeft om het leven door te geven, het leven dat ze zelf zo liefheeft.


Maar in Detroit slaat het noodlot van een miskraam opnieuw toe met daarachter nog eens de wrede boodschap van de artsen dat ze nooit meer kinderen kan krijgen. Dat kan er allemaal nog wel bij na haar polio op jonge leeftijd en het tramongeluk. Het noodlot komt nooit alleen. Ondanks haar overlevingsdrang wordt ze door de zwarte boodschap overvallen door wanhoop. 


Met de liefde en de steun van David, weet ze zich geestelijk te herpakken. Ze begint de wereld vanuit haar ziekbed te verkennen. Zo ziet ze dat haar buurvrouw op bed schildert. Dat zou nog eens een oplossing zijn voor haar gedwongen ziekbed. Ze besluit om David bij zijn dagelijkse bezoek te vragen om schildergerei voor haar mee te brengen. Het belangrijkste is een kleine tafelezel die ze voor haar op bed kan zetten zodat ze half zittend, half liggend kan schilderen.


David is verbaasd maar doet wat ze vraagt. Hij stelt vast dat met dit initiatief haar levenslust begint terug te keren. Daar is hij heel erg blij mee. Frida wordt al meteen helemaal in beslag genomen door haar voornemen. Ze denkt na over de thema's die ze wil gaan schilderen. 


Haar eerste thema staat al vast. Ze wordt er ongeduldig van en kan bijna niet wachten tot het schilderij klaar is, zo benieuwd is ze naar het resultaat. Zodra ze de schilderspullen heeft, gaat ze aan de slag en hoe. Zo wordt Frida na een miskraam herboren als schilder.


Het eerste thema wordt haar miskraam. Ze besluit het schilderij in een volkse stijl, de stijl van een ex-voto te schilderen. Dat zijn de schilderijtjes van gelovigen die uit dank voor hun wonderbare genezing tot in detail het ongeluk schilderen dat hun is overkomen. 


Als dank voor hun wonderbaarlijke genezing hangen ze het zelf gemaakte schilderijtje in de kerk bij de heilige tot wie ze gebeden hebben. Zo kan iedereen zien wat een groot wonder de heilige wel niet verricht heeft. 


Zelf schilderen van wat je overkomen is, maakt op zich al deel uit van het genezingsproces. Zeker in het geval van een miskraam. 

Frida maakt dan ook een schilderij dat enerzijds haar wanhoop laat zien maar tegelijkertijd ook dat ze de wanhoop heeft overleefd. 


Het is geen mooi-schilderij in de klassieke betekenis van het woord maar een schilderij van waarheid en noodlot. Ze is niet geïnteresseerd in universele of klassieke schoonheid, noch in de romantiek. Ze wil de rauwe kanten van haar leven, de tragiek van haar bestaan in beelden op het doek vatten. Geen valse dromen maar de werkelijkheid.


Daarin verschilt ze van David. Die schildert de gang of zelfs de vooruitgang van de geschiedenis. Hij schildert zijn geloof in de toekomst. Zij schildert het leven zoals het is. daarmee blijft ze met haar schilderkunst dicht bij zichzelf.  Eigenlijk vormen haar schilderijen, vooral haar zelfportretten, een dagboek.



donderdag 19 maart 2026

2. DRIE BITCHES IN BONNEFANTEN



Drie schilderijen van Alene Thomassen. In het midden het schilderij met de foetus en de navelstrengen.


 

Ook voor Alene Thomassen (1964, Maastricht) is vrouw zijn toch ook veel bloot zijn, in haar geval organisch bloot. “Met waterverf maakt ze meer dan levensgrote schilderijen van vrouwen. Uit hun lichamen komen organen en natuurlijke vormen tevoorschijn,” zo meldt de brochure. Ze zoekt in verf op papier naar wat onder haar huid leeft. 


Voor Thomassen is schilderen “een manier om te verwerken en te uiten wat door de maatschappij wordt onderdrukt. Ze schildert geen echte vrouwen maar wel echte ervaringen.” Van haar schilderijen valt af te lezen dat ze het vrouw-zijn ervaart als een opdracht en last.


Het krijgen van een kind maakt deel uit van haar vrouw zijn. Op twee grote werken staan kinderen afgebeeld. Op een daarvan staat een grote in giftig groene waterverf geschilderde vrouw. Onder haar hangt nogal ongelukkig een foetus, naast haar hangen rode slangen die aan navelstrengen doen denken. Haar borsten kleuren rood. Geen schilderij om vrolijk van te worden.


Op het andere schilderij staat een met zwarte waterverf geschilderde vrouw omringd door 3 foetussen die door navelstrengen met haar zijn verbonden. Haar ogen zijn gesloten alsof ze de foetussen om haar heen niet wil zien of is het dat ze die aanvaardt maar wel met enige tegenzin? Ook hier weer blijkt vrouw zijn en moerschap een last en/of een zware opdracht.


Door de gebruikte aquarel techniek zijn de beelden onaf en vloeiend, zonder enig houvast. De schilder zoekt in onzekerheid naar haar identiteit als vrouw. Geen enkel werk is helder en transparant, zo van dit ben ik en dit wil ik zijn. 


Nergens enige zekerheid over waar de schilder met haar leven heen wil. In de brochure staat dat ze vooral onaangepast wil zijn. Dat zal niet meevallen. Is het onaangepast zijn om het onaangepast zijn of zit er meer achter?


Uit alles blijkt dat het schilderkunstige uitgangspunt van vrouw-zijn bij Tanja Ritterbex en Aline Thomassen leidt tot problematisering van dat vrouw-zijn vooral als er moeder-zijn bij komt toch iets wat miljoenen vrouwen elke dag overkomt. 


In hun schilderkunstige dagboeken komt tot uiting dat zij het als een moeilijke opdracht zo niet als een zware last zien. Het tragische is dat geen van beiden een uitweg aangeeft. Tanja schildert haar vrouw-zijn van voor de bevalling nog als gezellige vrijheid en blijheid maar met het moederschap houdt dat op. Bij Aline zien we dat kinderen een last zijn maar over het daarna komen we niets te weten.


woensdag 18 maart 2026

1. DRIE BITCHES IN BONNEFANTEN

Tanja Ritterbex, "Self-portrait as a Milkmachine", 2024, mixed media (170x100x110)


Ik snap dat musea en galeries extra aandacht geven aan kunst gemaakt door vrouwen. Die zijn een paar honderd jaar onderbedeeld geweest in aandacht. De mannen domineerden de kunsten. 


Als reactie op deze kunst van mannen, vinden veel vrouwelijke kunstenaars dat ze vrouwelijke kunst moeten maken. Dat doen de drie exposerende vrouwen ( Bitches Brew) in het Maastrichtse Bonnefanten museum dan ook. Ze zijn - zoals dat heet - bezig met hun vrouw zijn.


Volgens de brochure bij het werk van Tanja Ritterbex (1985, Heerlen), zet zij “met woeste streken kleurrijke scènes neer die reflecteren op het vrouw-zijn, het moederschap en de male en female gaze.” 


Zo te zien, is vrouw zijn veel bloot zijn. Het zaalbrede schilderij “The Three Graces: three mothers, three sisters, three friends, three generations” (2026) tegen een wand met de meisjeskleur roze, liegt er niet om. Het is een picturale rijkdom (of warboel) van jewelste waar je als kijker gemakkelijk in verdwaald. In ieder geval is het gezellig, ook dat is vrouw zijn.


Centraal in haar expositie "Mama stelt Kopf"  staat de groteske moederpop getiteld “Selfportrait as a Milkmachine” (2014, mixed media) waaraan onmiddellijk is te zien dat het moederschap een minder luchtige zaak is. De reuzenpop verbeeldt haar moederschap  als een melkmachine voor haar pas geboren dochter Frida, die vermoedelijk is  genoemd naar de Mexicaanse feministe Frida Kahlo. Kahlo zelf kon geen kinderen krijgen, wat voor haar een traumatische ervaring was.


De moederpop laat weinig aan de verbeelding over. De vrouw worstelt met haar vrouw-en-moeder-zijn. Een bloederige vagina is de eyecatcher van de pop. Naar ik aanneem verwijst die naar de bevalling, van nature een bloederige aangelegenheid. 


Ik veronderstel dat de moederpop meteen ook een aanklacht is tegen het bekende, zoetsappige traditionele Moeder-met-Kind- beeld. Hoewel dat  beeld vermoedelijk voornamelijk bedoeld is geweest als troost en steun voor een moederschap. Een bevalling was toen gevaarlijk voor de gezondheid van moeder en kind. Het kraambed was nogal eens een doodsbed. Gelukkig is die tijd voorbij.


Blijkens haar zelfportret betekent het moederschap voor Tanja een dramatische aanslag op haar vrouw zijn. De gezelligheid is ver te zoeken. Op het schilderij “Laundry Day” zijn we getuige van een huiselijk tafereel. Het tafereel straalt gelatenheid uit. Blijkbaar is het moederschap niet zo gezellig.