Posts tonen met het label oscar. Alle posts tonen
Posts tonen met het label oscar. Alle posts tonen

vrijdag 31 mei 2024

44. AMERICA LATINA. WANDELEN IN DE MANESCHIJN

Al wandelend in de kloostertuin voeren pater Sebastian (rechts) en Frans een geanimeerd gesprek.


Moeten wij, Alvaro en ik tezamen met onze vrouwen, nu meteen ook maar een seculiere derde orde van de Karmel oprichten? Half schertsend spelen we met deze in wezen meer romantische dan praktische gedachte. In welk land zouden we dat moeten doen? In Colombia,  waar Alvaro en Martha wonen of in ons thuisland Nederland?

Frans moet niks hebben van deze scherts en maakt er zich terug in Bogotá ongebruikelijk kwaad over. De brief is een antwoord op een brief die ik hem geschreven heb en een brief die Alvaro en ik aan onze vriend Fernando hebben geschreven nadat Frans vertrokken is. 

 “Je brieven hebben mij veel goed gedaan. Er is en duidelijke golflengte die tijd en ruimte overtreft, zelfs mijn grootvader-zijn (een verwijzing van zijn rol voor het gezin van Alvaro in Colombia). Wij hebben weer eens in korte tijd zoveel nonsens, al was het aangenaam, doorleefd, dat inderdaad het bewustzijn sterker is geworden van de dwaasheid van prestige en materiële grootsheid. De liefde tussen enkele personen, die zich dan ook nog trachten in te zetten voor hun medemens, overtreft de tijd en gaat in onzichtbare dimensies verder in de eeuwigheid.

Natuurlijk moeten wij in het geluk van wederzijdse resonantie niet de dwaasheid begaan te menen dat we daarmee het hele leven in de maneschijn kunnen wandelen. De heerlijke gedachtenwisseling in vriendschap, al zeggen we dan af en toe kolder, ons verlangen samen te kunnen werken en de harde werkelijkheid waarmee we ons tevreden moeten stellen zonder tevreden te zijn, lopen nogal uiteen.

Inderdaad behoeven we niet uitsluitend uit boekenwijsheid te leven, maar alles aan de kant zetten, is weer het andere uiterste. Wij hebben allen een taak met elkaar gemeenschappelijk en die kan af en toe erg hard zijn. Niemand, zelfs wijzelf niet, is echter gediend met een vrolijke rondedans om onze gemeenschappelijke huizen, waarop gezinspeeld wordt in de brief aan Fernando. Hij vond die brief enorm leuk als uiting van vriendschappelijke onbevangenheid. Hij liet hem mij ook lezen, maar ik vond er kop noch staart aan en kan mij levendig voorstellen hoe het geval geschreven is. Ik heb niets tegen dat soort brieven. De grondtoon is vriendschap, maar de rest is volgens mij kolder. Soms moeten wij met dat laatste voorzichtig zijn want het gevaar kolder au serieus te nemen is niet uitgesloten en dat wordt het tegenover gestelde bereikt van wat bedoeld is…. (Bogotá, 3 juni, 1974)

Ik stel hem gerust. De soep wordt niet zo heet gegeten als opgediend. Ik ben op zoek naar een manier om met mijn Colombiaanse vrienden invulling te geven aan ons gezamenlijke levensdoel en idealen. Dat antwoord stelt hem gerust.

“Je brief van 7 juni heeft me goed gedaan. Ons samenzijn in Nederland en in Madrid is een weldaad voor ons allen geweest. We hebben geproefd hoe waardevol existentiële vriendschap is temidden van veel gewichtigdoenerij en vooral in de leegte die ons omringt. Ik heb je wel een beetje op de korrel genomen naar aanleiding van jullie brief aan Fernando, maar deze kritiek was in het geheel niet gericht tegen authenticiteit of tegen zelfverwerkelijking. Goede vrienden mogen best wat overdrijven b.v. door te zeggen dat nu we toch eenmaal naar Madrid gaan, kunnen we ook wel verder gaan naar Afrika en dan zou ik er aan toevoegen: om terug te keren over China. Toen ik de brief aan Fernando las, dacht ik aan het dorp dat we ergens buiten de samenleving zouden gaan stichten. Als we allemaal monniken waren, zou dat best te doen zijn in de stijl van S.Franciscus en misschien ook wel in onze eigen stijl. 

Uit een brief van Alvaro die ik enige dagen geleden ontving, schijnt hij naar aanleiding van een brief van jouw aan hem te menen, dat ik met alle geweld wil dat hij een professoraat aanvaardt, waar hij niets voor voelt. Ik zou niet weten waar ik de autoriteit vandaan zou moeten halen om hem iets in de weg te leggen waar zijn zelfverwerkelijking betreft. Er zijn meerdere wijzen waarop hij zijn volk kan dienen en daarbij kunnen we elkaar aanvullen. Wij hopen althans dat er een mogelijkheid gevonden wordt om ook jullie naar Colombia terug te krijgen. Maar van niets kan niemand leven. Wel kan men zeer sober zijn. Maar in ieder geval moet men ook aan zijn gezin denken. In plaats van jullie te bekritiseren ben ik blij met jullie levenshouding. Mijn kritiek ging slechts uit naar wat ik als onverwerkelijkbaar zag, n.l. een vriendschappelijke samenleving zonder contact met de samenleving en zonder middelen van bestaan. Ook Alvaro weet nog niet goed hoe zijn ideaal te verwerkelijken. Maar ik heb jullie ideaal zeer hoog. Dit heb ik Alvaro dan ook geschreven. Zelfs met een bescheiden inkomen zullen jullie geen bourgeois worden. Wat mij wel dierbaar is bestaat in de sleutel- en vermenigvuldigingsfactor van jullie manier van zijn. Alvaro meende dat ik erg teleurgesteld zou zijn door zijn voornemen om geen professoraat aan te nemen - afgezien van zijn goodwill om mij af en toe te vervangen. Integendeel.

Binnenkort komt Oscar bij je op bezoek. Tracht het zo te regelen dat hij de Zuiderzeewerken te zien krijgt, de havens van Rotterdam niet alleen door er omheen te rijden en zo mogelijk de zeedijk tegen de Zeeuwse eilanden. Mocht je niet alle kosten op je kunnen nemen, neem dan contact op met Vollebergh, die ik ook zojuist geschreven en ingelicht heb. Het is niet nodig hem te bezoeken. Maar misschien wil hij iets vanuit de Rosierstichting bijdragen tot dekking van kosten, die overigens, mijnsinziens, niet zo hoog zullen oplopen. Overigens is Oscar zeer veranderd vanwege de sociale standing die hij tegenwoordig heeft. In zijn hart is hij echter nog zo goed als je hem gekend hebt. Fernando wil niets liever dan met Alvaro samenwerken.

Wat mijzelf betreft, ik voel me momenteel weer gezond. De fondsen reiken tot 1978. Tegen die tijd zal ik wel uitgerangeerd zijn of moeten wij het zoveelste nieuwe wonder zien te verkrijgen. Vollebergh heeft met de grootste waardering over Alvaro geschreven.  Zo ook de prior van Amstelveen. Niemand heeft spijt van de kosten die gemaakt zijn.

Beste Piet ik ga eindigen. Behalve mijn colleges moet ik ook nog enige lezingen voor een internationaal congres in Quito voorbereiden. En last not least - stel je voor - heeft men mij gevraagd de constituties van de ongeschoeide Carmelietessen te herzien. Waar een straatjongen zoals ik al niet goed voor is. Todo mi cariño ook aan Diny en Floortje. Frans. (Brief van 25 juni 1974) 

 

vrijdag 16 september 2022

66. HET BELOOFDE LAND. NIEUWE OPSTANDELINGEN

 

"De presidentsverkiezingen van 19 april 1970 waren moeilijk en controversieel. Rojas en Misael Pastrana Borrero waren allebei kandidaat voor het ambt. Rojas leek de verkiezingen te winnen totdat er een landelijke storing in communicatiesystemen plaatsvond. Nadat deze waren hersteld waren de stemmen al geteld. De resultaten lagen erg dicht bij elkaar, met een kleine marge in het voordeel van Pastrana Borrero. De aanhangers van Rojas betwistten de resultaten en beschuldigden de regering van president Carlos Lleras Restrepo van fraude. De zaak werd aanhangig gemaakt bij het Verkiezings Hof, dat op 15 juli 1970 in het voordeel van Pastrana Borrero besliste en hem als president van Colombia bekrachtigde. Deze vermeende verkiezingsfraude leidde tot de vorming van de 19 april-beweging." (Wikipedia: Elecciones Presidenciales de Colombia de 1970)

Met de vreedzame overgang van een militaire dictatuur van Rojas Pinilla naar een burgerlijk gemankeerd democratisch bewind kwam geen einde aan de sociaal-economische ongelijkheid. De elite bleef met het teruggekeerde twee partijenakkoord aan de macht en de rest had het nakijken, dat wil zeggen vooral de landloze of kleine campesinos op het platteland en de krottenwijkbewoners aan de rand van de steden. 

Het platteland bleef arm, de grootgrondbezitters hun politieke bazen. De armoede in de krottenwijken rond grote steden was nog schrijnender. Er was  onvoldoende werk om gezinnen aan een inkomen te helpen laat staan een fatsoenlijk bestaan. Alleen de middenklasse kon zich de illusie maken er bij te horen en in de toekomst een groter deel van de koek te krijgen. 

Voor revolutionair links genoeg reden om door te gaan met hun guerrilla acties ver weg in de oerwouden aan de randen van het land, daar waar de overheid nog maar nauwelijks aanwezig is en de wildernis begint. 

De twijfelachtige verkiezingsoverwinning van de Conservatieve president Misael Pastrana (1970-1974) maakte het er niet beter op. De landhervormingen die de liberale president Lleras Restrepo met de oprichting van de boerenbeweging ANUC een nieuwe impuls had willen geven, stagneerde met als gevolg onder de campesinos veel opstandigheid. 

Nadat president Pastrana vanwege strubbelingen over grondbezit een einde aan de subsidiëring van de ANUC maakte, werd de opstandigheid onder boeren groter. Ze lieten zich niet meer in hun hok terugjagen. 

Binnen de ANUC werd een heftig debat gevoerd tot hoever men met zijn verzet tegen de bestaande orde kon gaan. Dat leidde tot een splitsing, de ene stroming radicaler dan de ander maar beide eisten hoe dan ook grond voor boeren.

Het gevolg was een volgens velen pre-revolutionaire situatie die gevoed werd door het conflict over verkiezingsfraude tussen enerzijds de ANAPO en anderzijds de gekozen regering Pastrana. 

De overtuiging onder ANAPO aanhangers dat Pastrana de verkiezingen tezamen met de zittende president Lleras Restrepo had gefraudeerd - wat goed denkbaar is - leidde tot de oprichting van de guerrillabeweging M-19, een verwijzing naar de verkiezingsdatum 19 april 1970. Colombia had nu maar liefst drie guerrilla groepen; de orthodox communistische FARC, de Cubaans georiënteerde ELN en de populistisch linkse M-19.

Het twee partijen akkoord mocht dan een einde gemaakt hebben aan de militaire dictatuur, een op democratie gebaseerde vrede was verder weg dan ooit. Linkse guerrillagroepen stonden tegenover de traditionele machtselite van de Liberale en Conservatieve partij met het leger. 

Deze gewelddadige cocktail werd versterkt door groepen ANUC boeren die op vreedzame wijze grond van grootgrondbezitters bezetten. Grootgrondbezitters besloten het recht in eigen hand te nemen en de boeren met hulp van gewapende groepen, huurlingen van het leger, van hun land te verjagen.

Wat doe je als student als je om je heen zoveel armoede en sociaal onrecht ziet? Het mag een wonder heten dat studenten niet massaal kozen voor een van de guerrillagroepen waar velen in de sporen van Camilo Torres de dood zouden hebben gevonden. Het Colombiaanse leger was dank zij steun en hulp uit de VS een goed uitgerust leger geworden dat de guerrilla steeds beter wist te bestrijden. 

Oscar en Fernando en met hen vele anderen waren zich wel bewust van dat sociale onrecht en het geweld dat hen omringde, weliswaar ver weg in de wildernis met hier en daar aanslagen in de bewoonde wereld maar dichtbij genoeg om het als bedreigend te ervaren. 

Vanuit het besef dat het gewapende geweld zou leiden tot nieuwe bloedbaden en miljoenen vluchtelingen van het platteland naar de krottenwijken rond de steden, zochten zij naar een andere weg. Sociaal-economische hervormingen zonder moord en doodslag. In die opvatting werden zij gesteund door hun en intussen ook mijn mentor professor Frans Rosier.

(wordt vervolgd)
 

vrijdag 26 augustus 2022

63. HET BELOOFDE LAND. LA VIOLENCIA

 

Soms kan politiek in Latijns Amerika verwarrend zijn. Hoewel generaal Rojas Pinilla (1900-1975) een couppleger was, heette hij vooruitstrevend te zijn. Met zijn coup (1953) maakte hij zo goed als een einde aan een periode van wrede gewelddadigheden tussen Liberalen en Conservatieven en nam tijdens zijn dictatuur enkele vooruitstrevende maatregelen waaronder invoering van het vrouwenkiesrecht. Na ruim vier jaar dictatuur droeg hij zonder geweld de politieke macht over aan een interim regering en vervolgens een gekozen president.


Hoe gek het ook klinkt, ondanks dat Fernando een zoon is uit een Conservatieve familie, zijn vader is een rijke koffieboer, zijn moeder een elegante dame eveneens afkomstig uit een rijke familie, heeft hij een groot verantwoordelijkheidsgevoel voor het sociale onrecht in zijn land. Daarom studeert hij antropologie. Hij wil weten hoe het in elkaar steekt zodat hij straks de armen beter kan helpen. Oscar wil dat ook maar dan als ingenieur. 

Zo zijn ze in de groep rond Rosier terecht gekomen. Dát tezamen met dat ze uit dezelfde stad Neiva afkomstig zijn, bindt hen meer dan het verschil in politieke families. Daarin ligt ook de kracht van Rosier. Met zijn praktische instelling en charisma weet hij studenten uit verschillende sociale groepen met verschillende politieke achtergronden te interesseren voor het sociale onrecht en het lot van de armen. 

Dat Oscar en Fernando het verschil in politiek nest hebben weten te overstijgen, moet je niet onderschatten. Dat lijkt eenvoudiger dan het is. Vanaf de jaren vijftig heeft op het platteland een onverklaarde burgeroorlog gewoed tussen de Conservatieven en de Liberalen waarbij tienduizenden doden zijn gevallen en miljoenen mensen op drift zijn geraakt. Dat was in de periode van La Violencia die volgde op de Bogotazo (1948), een opstand in de hoofdstad waarbij presidentskandidaat Gaitan van de Liberale partij werd vermoord. De moord leidde tot een uitbraak van geweld tussen Liberalen en Conservatieven  met naar schatting vijfduizend doden en de vernieling van de oude binnenstad. 

Vandaar sloeg het geweld over naar het platteland dat ongeveer vijf jaar duurde waarbij naar schatting 200.000 doden zijn gevallen en een paar miljoen mensen op drift zijn geraakt. De slachtoffers waren voornamelijk kleine boeren, landlozen en arme sloebers die op het platteland een armoedig bestaan leidden in al even armoedige dorpen. Opgejut door grootgrondbezitters gesteund door politie en andere autoriteiten om het land van deze of gene te bezetten gingen ze elkaar met machetes te lijf. 

In 1953 maakte een coup van generaal dictator Gustavo Rojas Pinilla min of meer een einde aan deze duistere periode van geweld. Hij nam enkele maatregelen om de politieke spanningen te doen afnemen zoals het vrouwenkiesrecht en enkele grote infrastructurele werken op het platteland. Toen hij voorbereidingen trof om een politieke blijver te worden vormden Conservatieven en Liberalen een Nationaal Front en slaagden erin de politieke opinie op straat te mobiliseren. Rojas zag zich gedwongen in 1957 af te treden. 

De Liberalen en Conservatieven hadden afgesproken dat ze om beurten zouden regeren. Ze zouden voortaan elkaars presidentiële kandidaten steunen.  Rojas besloot daarop de politieke partij ANAPO (Alianza Nacional Popular) op te richten als verzet tegen het herstel van de politieke macht door de oude elite. Hij presenteerde zich met zijn partij bij de verkiezingen van 1962 waar hij een vijfde plaats verkreeg.

(wordt vervolgd)

vrijdag 19 augustus 2022

62. HET BELOOFDE LAND. LIEFDE

 

 

Beatrice

Cielo en Oscar krijgen naar aanleiding van een telefoontje een plotseling hoog oplopende ruzie. Geen idee waar het over gaat, mijn Spaans is nu ook weer niet zo goed en ik ken het onderwerp van gesprek niet. Maar we zitten er wel met z'n allen middenin. Dat is altijd moeilijk. De schaamteloosheid van de ruzie maakt dat ik me schaam dat ik er bij zit. Voor Fernando en Beatrice zal dat ook wel zo zijn. Het gaat er zo hard aan toe dat je je afvraagt of dat ooit weer goed gaat komen. Geliefden kunnen elkaar hard treffen op plekken waar het echt pijn doet. Dat hoort ook bij liefde. Oscar gaat zover te roepen dat als Cielo zo door gaat er wat hem betreft een scheiding komt. 

Het zijn twee markante karakters die botsen over hun verschil in levenshouding. Het zijn tegenpolen die desondanks een grote aantrekkingskracht op elkaar hebben. Geen van beiden is bereid om ook maar een centimeter prijs te geven voor de ander. Dat is uit lijfsbehoud, ze kunnen niet anders, maar dat is ook meteen de reden waarom ze van elkaar houden, voor zover daar een reden voor kan zijn. Oscar houdt van Cielo omdat ze een vurige vrouw is, mooi maar ook kwetsbaar, taai is en een degelijke moeder. In wezen verlangt ze naar een burgerlijk bestaan met een randje avontuur. Dat randje kan en mag Oscar zijn maar dan moet hij niet overdrijven.

Oscar daarentegen is precies andersom hij wil een avonturier zijn met een randje burgerlijkheid.  Hij wil een vrijbuiter zijn, een boy scout voor het leven. De geloofszekerheden van Cielo kan hij niet aanvaarden maar hij wil ze ook niet overboord gooien als totaal nutteloos. Dat alles maakt Oscar aantrekkelijk voor Cielo. Ze ziet in hem de koene ridder die haar door het leven loodst en haar trouw zal blijven, wat niet onbelangrijk in een onzeker land als Colombia. Ze zijn uiteindelijk door de liefde tot elkaar veroordeeld dus tot een scheiding zal het wel niet komen, stel ik enigszins gerust vast.

Oscar is opgegroeid in een politiek behoorlijk links nest, zijn vader is een links liberale leider uit gegoede familie. Hij studeert voor ingenieur in de werktuigbouw aan de Los Andes Universiteit, bepaald geen universiteit voor arme studenten. Hij bereid zich voor op een goede baan maar of hij daar straks genoegdoening in zal vinden is nog maar de vraag. Die onzekerheid hangt ook Cielo boven het hoofd.

Ondanks zijn afkomst is Oscar gevoelig voor armoede en sociaal onrecht. Daardoor is hij verzeild geraakt in wat ik noem de vriendengroep van Frans Rosier. Dat is ook waar we elkaar in herkennen, ondanks de enorme verschillen tussen ons. Want laten we wel wezen Colombia en Nederland verschillen als hemel en aarde, als zon en maan, als vloed en eb. En dan heb ik het nog niet over het verschil in afkomst. 

Hij komt uit een rijke familie met een lange familietraditie. Ik ben geboren in een arbeidersgezin waar zo goed als geen familietraditie bestaat. De voorsprong die ik heb op Oscar is dat ik uit een welvarend, min of meer sociaal rechtvaardig, politiek stabiel politiek land kom. Wat we delen is dat we niet bang zijn om vrij en zelfbewust te leven. Kom maar op met het leven, zo kun je het beste onze levenshouding omschrijven.

Oscar heeft samen met de andere leden van de vriendengroep rond Rosier een tijd in een krottenwijk gewoond om leven en werken van de armsten van binnenuit te leren kennen. Dat tekent zijn leven en dat van de anderen. Misschien dat van Oscar wel het meest. Cielo beseft dat en respecteert dat temeer omdat Rosier een pater is, geen wat doorgaans een normale pater wordt genoemd die het houdt bij zijn geloof in God en teruggetrokken uit de wereld bidt voor het wel en wee van de wereld maar een die deelneemt aan de controverses in het leven, hoe groot die ook zijn. Dat op zich maakt Rosier zelf controversieel in Rome en in zijn eigen Karmelieten orde. Daar heeft hij zich overigens nooit door uit het veld laten slaan. Rosier is een geboren diplomaat om de klippen van de controverses te omzeilen waardoor hij alsnog zijn gang kan gaan zonder de orde teveel te verstoren.

Op weg naar huis vertelt Fernando dat hij en Beatrice eindelijk samen in rustiger vaarwater terecht zijn gekomen. Van een afstand bekeken is hun verhouding minder spontaan dan die tussen Oscar en Cielo. Beatrice is vormelijker en minder vurig van karakter. Ze is streng opgevoed volgens de oude Spaanse traditie dat een vrouw tot aan haar huwelijk beschermd moet worden voor de begerige blikken en handen van mannen en daarom het beste vergezeld kan worden van een chaperone. Gelukkig voor beiden is dat daar de laatste tijd wat minder streng de hand aan wordt gehouden. Ik denk dat dat komt omdat Fernando zelf ook vormelijk is en zich gedraagt als de ideale Spaanse edelman die zich weet te bedwingen. Voor Beatrice is dat dan weer wennen want hoe ga je in alle vrijheid met een man om ook al is hij jouw verloofde? 

Fernando zoekt zijn weg als  romantisch minnaar die vrouwen toch vooral ziet als wezens van een hogere orde en die derhalve ook een groot beroep doen op je verantwoordelijkheidsgevoel. Noem het ouderwets, wat het ook is maar het helpt wel om elkaar te naderen. Fernando is als een goed edelman ook streng voor zichzelf. Dat heb ik herhaaldelijk meegemaakt tijdens onze gesprekken over onze studies. Hij neemt geen genoegen met vage conclusies of ruim opgezette ideeën. Hij is een man van de precisie al lukt hem dat niet altijd. Eenmaal aangekomen in het appartement vertelt hij dat nu na  vijf jaar Beatrice en hij samen een gesprek zijn begonnen over hun toekomst. Rijkelijk laat vind ik maar voor hun doen en gezien de gezinnen waarin ze zijn opgegroeid waarschijnlijk op tijd.

(wordt vervolgd)
 

vrijdag 12 augustus 2022

61. HET BELOOFDE LAND. KINDEREN

 

Colombia 1976

Dankzij de medicijnen van de huisarts sta ik na een langere nachtrust fris op. Gek eigenlijk dat je zo ziek kunt zijn dat je denkt dat je doodgaat en vervolgens dankzij een wonderdokter weer de oude wordt. Ik kan de wereld weer aan, maar nu is Dora aan de beurt. Ze heeft vandaag de Spaanse les niet afgemaakt. Ze kreeg last van duizelingen en dat is niet best. Nu is het haar beurt om op de bank te liggen. Ze voelt zich slapjes maar heeft verder geen lichamelijke klachten. 

Ik ben bezorgd en vraag haar wat er aan de hand is. Dat weet ze niet maar ze vindt het niet ernstig genoeg om er de arts van gisteren bij te halen. Dat is typisch Dora. Niet meteen de arts erbij maar afwachten hoe het verder gaat. Ze is taai maar ook verstandig genoeg om als het nodig is alsnog een arts er bij te halen.  

Ik durf het haar niet te vragen maar zou het kunnen dat ze zwanger is? Sinds een tijdje slikt ze de pil niet meer. Hoe lang precies weet ik niet maar op een gegeven moment, op een zondagochtend in bed besloten we om het erop te wagen. We lagen te mijmeren over de levenslust en kracht van zelfs arme mensen en onze misschien toch wel overdreven bezorgdheid over de toestand in de wereld, toen we besloten om als het kan kinderen te nemen. Waarom niet? We zijn jong en kunnen het leven aan en in de toekomst kijken kun je toch niet en dat hoeft ook niet. Het leven moet een waagstuk blijven. Kinderen zijn het meest natuurlijke wat een mensenpaar kan overkomen. Laten we maar vertrouwen op Moeder Natuur, de Rooms Katholieke God en zijn heiligen en de toekomst. Bovendien willen we onze liefde voor elkaar bevestigen in het meest tastbare wat er is op de wereld en dat is nog altijd een kind. 

Ik ga me vandaag maar eens nuttig maken en spreek af met Fernando in het appartement van Frans. Ik heb hem dringend nodig voor contacten met hotemetoten van de Conservatieve partij in verband met mijn onderzoek. In Neiva is er ondanks vage beloften van Oscar niks van terecht gekomen en ook Fernando zet er weinig vaart achter. Tijdens ons gesprek verzekert hij me dat het in orde komt. Ik hoef me echt niet ongerust te maken. Het zij zo. Ik heb in paar maanden Colombia geleerd dat de stroom des levens er anders en trager loopt dan in Nederland. Niet agenda’s zijn belangrijk maar persoonlijke betrekkingen en vriendschappen, ook als het om een “wetenschappelijk” onderzoek gaat. En ik heb geleerd dat geduld een schone zaak is.

Tijdens ons gesprek belt Oscar. Hij nodigt Fernando, diens verloofde Beatrice, Dora en mij uit voor het avondeten bij hem thuis. Ik zeg hem dat Dora ziek op de bank ligt en met haar zal overleggen. Dora heeft er geen bezwaar tegen dat ik alleen ga. Het etentje verloopt helaas veel minder aangenaam dan ik hoopte.

(wordt vervolgd)
 

vrijdag 8 juli 2022

56. HET BELOOFDE LAND. VERVELING

 

Roberto zit op z'n dooie gemak een sigaretje te roken.

De volgende dag staan we weer met de zon op. Dat moet wel want zodra de zon boven de horizon klimt, wordt het te warm in de tent. Ook nu wassen we ons in natuurwater, in dezelfde beek als waar Oscar en ik gisteren water uit hebben gehaald. Het snel stromende water is fris en helder genoeg om je erin te wassen en je tanden mee te poetsen maar meer ook niet. Je weet niet wat er in dit natuurwater zit. Stroomafwaarts staan er wat koeien in te dabberen. Misschien is dat stroomopwaarts ook wel het geval. Je moet het water eerst koken voor je het kunt drinken.

Vandaag hebben we de luxe dat we binnen aan tafel kunnen ontbijten met  brood en beleg. In plaats van de hele morgen bezig te zijn met hout zoeken en vuur maken wat zijn charme heeft, hoeven we nu niet veel te doen behalve de afwas. Dat is wel het minste waar we onze gastvrouw mee van dienst kunnen zijn. Verder hebben we geen plannen. Rond de boerderij valt weinig te beleven bovendien is het daar te heet voor. Het huis ligt midden in de zon te branden. Geen boom om in zijn schaduw te gaan zitten.

Helena en Carlos hebben zo hun eigen besognes. We zien ze de hele dag niet. Zijn ze met de koeien bezig, het land op? Wij rommelen maar wat aan in huis of op de veranda die gelukkig met horgaas is afgesloten anders zou je het begeven onder de zancudos. Er is tijd om bij te praten maar veel is het niet. Daar is het nog teveel dag voor. Oscar en Roberto wisselen elkaar af met tokkelen op de gitaar. 

We hangen de hele tijd maar wat rond in huis. We zijn tijd aan het doden met niks doen. De teamgeest wordt ingeruild voor verveling en dat verandert ons groepje. Cielo praat minder met Dora en keert in zichzelf. De verveling werkt Oscar op z'n zenuwen. Ik hoor hem Cielo bevelend en bazig toespreken. Is dit de oude Latijnse macho in Oscar, iets waarvan ik dacht dat hij daar niet aan leed.

Tot overmaat van ramp begint Humberto, die meestal ligt te dutten in een schommelstoel op de veranda, opdringerig flauwe moppen te tappen. Misschien vindt hij dat dit zijn kans is om ook eens van zich te laten horen. Roberto blijft de kalme zichzelf, hij hangt op een stoel of niets hem nog tot bewegen kan brengen behalve een sigaret opsteken, zo af en toe. Niettemin kan ik met hem nog wel een praatje maken over Colombia, zijn studie of zo. Roberto waagt zich niet aan een gesprek dat ergens over gaat. Alles is hem gelijk, niets verstoort de trage loop van zijn tijd, nu ook onze tijd.

(wordt vervolgd)
 

vrijdag 29 april 2022

46. HET BELOOFDE LAND. NEIVA

 

Humberto (staand) en Oscar zetten de tent op.

Oscar laat er geen gras over groeien. Hij zorgt samen met zijn lijfwachten voor tenten, kampeerspullen en rugzakken. Binnen drie dagen vertrekken we. Dinsdagavond worden we om tien uur verwacht bij Oscar thuis waar we de nacht zullen doorbrengen zodat we ’s morgens vroeg kunnen afreizen naar ons eerste reisdoel de stad Neiva, hoofdstad van Huila (spreek uit Wiela). Van slapen komt niks, ’s morgens vroeg blijkt een uur in de nacht te zijn. Een van de weinige keren dat een afspraak te vroeg is in plaats van te laat. Om bestand te zijn tegen de lange busreis eten we vooraf een eenvoudige doch voedzame maaltijd van bonen, rijst en linzen.

Terwijl we met z’n vieren in een taxi, een slee van Amerikaans formaat, dwars door de straten van de verlaten miljoenenstad rijden langs vergeefs knipperende stoplichten, word ik overvallen door big city blues, een cocktail van gevoelens van eenzaamheid, melancholie, geluk en verdriet. Per slot van rekening moeten we straks terug naar Nederland. Zullen we onze vrienden daarna nog ooit terug zien? Niettemin overheerst het geluksgevoel.

We vertrekken met een pullman slaapbus van de busmaatschappij met de toepasselijke naam Flota Magdalena. De bus zit vol. Er reizen veel mensen of er zijn te weinig bussen. Hoe dan ook, de bus is het enige openbare vervoermiddel, ook voor de lange afstand en ook al wordt er heel wat minder gereisd dan in Nederland er zijn toch altijd genoeg mensen die op reis moeten of willen. Vliegen kan slechts een heel kleine groep welgestelden betalen.

Daarom ook rijden de godganselijke dag bussen af en aan door de straten van Bogotá. Ze krioelen als mieren door elkaar en bezetten de helft van de immens brede zevende straat. Terwijl de een optrekt, stopt de ander soms pal voor de neus van de optrekkende bus zodat er plotseling geremd wordt.  Terwijl de een optrekt, moet de ander uitwijken zodat de bus op de baan naast hem ook al plompverloren moet remmen.

Je zou verwachten dat er tientallen botsingen zijn in de loop van de dag of dat er regelmatig passagiers die over de straat rennen om nog een bus te halen worden aangereden. dat valt mee al gebeuren er natuurlijk wel ongelukken maar de buschauffeurs zijn zeer behendig in het manoeuvreren in de colonne van hectisch verkeer en tegelijk passagiers op of uit te laten stappen. Van een afstand is het net een groot kruipend dier met lichaamsdelen die ogenschijnlijk chaotisch bewegen maar uiteindelijk er toch in slagen vooruit te komen. In Nederland zou een dergelijke geïmproviseerde verkeerschaos rampzalige gevolgen hebben.

Het lukt ons om in de bus te slapen. Een kwestie van moe genoeg zijn. Om een uur of zes uur in de ochtend stappen we uit op een busstation in Neiva. We strekken onze benen en zoeken een restaurantje in de buurt op om er op z'n Colombiaans te ontbijten met bonen, arepas (kleine maïs-pannekoekjes) en witte kaas.
We hangen wat rond tot de banken opengaan. Ik moet nog veertig Amerikaanse dollars wisselen voor de reis. 

Geld wisselen in Colombia is niet gemakkelijk. Het is een complexe administratieve aangelegenheid. Colombiaanse peso’s zijn niet zoals guldens en dollars vrij verhandelbaar. Maar met Oscar erbij loopt alles soepel bij de Banco Republica. Als zoon van een bekende politicus uit Neiva gaan alle deuren voor hem open in dit geval zelfs de deur van de directeur van de bank.


Opgetekend woensdag 28 juli 1971

(wordt vervolgd)

vrijdag 8 april 2022

43. HET BELOOFDE LAND. VREEMDE NACHT

 

Links Roberto (el flaco) en rechts Humberto (el gordo)

Met Els en haar moeder spreken we af dat we morgen meegaan naar Villa De Leyva, een voor toerisme opgeknapt koloniaal stadje. Fernando belooft dan weer dat hij vanavond zijn Beatrice zal meebrengen naar de bijeenkomst ofwel reunion. Ze is net terug uit Neiva waar zij als ook Fernando wonen. Na zijn vertrek oordeelt de moeder van Els dat ze  Fernando een heel mooie, nette jongen, vindt.

Het gezelschap van de avond - de reunion - vult het hele appartement: Oscar met Cielo, Oscar’s vriend Roberto, bijgenaamd El Flaco, Humberto, bijgenaamd El Gordo, dan een mij onbekende vriend van Oscar,  Fernando met zijn Beatrice en Efraïn zonder Gloria. We vermaken ons zelf met kaart trucjes, praten, veel praten, aguardiente, het plaatselijke vuurwater en gezang waarbij we begeleid worden door gitaarspel van Oscar en Efraïn. 

Beatrice moet voor twaalf uur thuis zijn van haar ouders, die toevallig ook in Bogotá zijn. Humberto zal haar met de auto van Oscar wegbrengen. Na aandringen van ons allemaal gaat Fernando alsnog mee naar beneden om afscheid te nemen van zijn vriendin. Dat gaat niet goed. Buiten gaan ze verder met ruzie maken. Niemand weet waarover het gaat, we zijn nieuwsgierig maar ook discreet en laten het stel zijn gang gaan.

De twee bewakers van het appartement, politie agenten met een extra baantje, denken daar heel anders over. Zij beginnen zich er mee te bemoeien met als gevolg een partijtje bekvechten met Fernando als middelpunt. Van boven uit het raam kan ik niet goed zien wat er precies gebeurt maar ineens rennen Fernando en Beatrice samen weg, zo te zien terug naar binnen. Humberto gaat er achteraan. Ik hoor aan de klap van de deur dat ze alle drie binnen zijn.

Wat hebben we gemist dat ze zo ineens weer naar binnen rennen? Ik en de rest met mij wil weten wat er loos is. Fernando zegt geschrokken te zijn van de bewakers die op het moment dat een politie auto - een radiopatrouille - arriveerde agressief werden. Een combinatie die geen goeds voorspelde. De schrik zit er bij Beatrice goed in. Cielo ontfermt zich over haar. 

Iedereen is het er over eens dat de komst van de politie alles erger heeft gemaakt. Voordat je het weet, nemen ze je mee en dan raak je het zicht kwijt op wat er allemaal kan gebeuren. Gewoonlijk word je meegenomen en dan is het afwachten wanneer en hoe je vrij komt. Betalen moet je sowieso maar de vraag is hoeveel?

Ik sta met mijn oren te klapperen. Als ik het goed begrijp is de Colombiaanse politie helemaal niet je beste vriend. Het tegendeel, het zijn boeven die een slaatje proberen te slaan uit hun werk. In plaats van beschermd te worden, word je gegijzeld totdat je betaalt. Veiligheid bestaat niet. Onveiligheid is normaal en om het niet erger te laten worden, moet je betalen. Voor mij staat de wereld op zijn kop, voor mijn vrienden is het de normaalste zaak van de wereld.

Niemand durft nu nog naar huis te gaan. Pas als de bewakers en hun trawanten weg zijn, is het veilig vertrekken. Dat wordt wachten tot ze afgelost worden en dat is pas morgenvroeg bij zonsopgang. Beatrice kan niet naar huis. Het wordt al met al een vreemde nacht in het appartement van Rosier. Sommigen vallen om een uur of drie om van de slaap, anderen kletsen maar door. Ik hoor dat Cielo in de keuken een betoog afsteekt tegen Beatrice over liefde, politiek en godsdienst. Ik kan er geen touw aan vast knopen maar dat ligt vast aan mij. Fernando verontschuldigt zich voortdurend bij mij. Ik haal mijn schouders op. Dit had mij net zo goed kunnen overkomen.

Ik stel Dora voor om een poging tot slapen te doen. Straks moeten we op stap met Els en haar Moeder. We trekken ons terug op onze slaapkamer maar van slapen komt niks meer. We zijn door de drukte over onze slaap heen. Voordat we er erg in hebben is het vijf uur, tijd om ons klaar te maken voor vertrek. De afspraak is half zes. Voordat we gaan, vraag ik aan iedereen straks het appartement min of meer schoon achter te laten en niet te vergeten de deur bij vertrek goed dicht te maken.

Opgetekend in Bogotá op 19 juli 1971

(wordt vervolgd)

vrijdag 25 februari 2022

HET BELOOFDE LAND. OSCAR

 

Oscar

Tot de kring van getrouwen rond Rosier behoort de goedlachse Oscar die altijd vergezeld wordt door zijn twee vrienden Humberto (el gordo) en Roberto (el flaco). Hij kijkt zo scheel dat ik nooit weet  tegen wie hij het heeft, mij of degene die naast mij zit. In het begin is dat wennen. Zodra hij mij ziet twijfelen, lacht hij en gaat door met zijn verhaal of er niets aan de hand is. Hij zit er niet mee. Zijn zelfvertrouwen wordt er niet door aangetast, daarvoor is hij te slim.  Zijn schele ogen versterken zijn charme zodanig dat je hem scheel en al in je hart sluit. Wellicht dat hij zich daarvan bewust is maar dat maakt mij en zijn vrienden niet uit.

Cielo is de jonge maar kordate moeder van zijn zoontje. Zij is een frêle vrouw, eigenlijk nog een meisje uit betere kringen die haar mannetje staat tegenover Oscar. Ze is gek op hem en hij op haar.  Cielo is net als Oscar gemakkelijk in de omgang niettemin bewaart ze zoals gebruikelijk in Colombia enige afstand tot mannen.

Oscar is zijn vrijgevochten zelf, het prototype van de romanticus die gelooft in de mensen maar boven alles in zijn Cielo. Zij is de koningin van zijn hart en daar is ze zich van bewust. Ze laat Oscar heen doen zo lang hij haar grenzen maar respecteert. Ze wil geen verhitte debatten over geloof, kerk en gezin. Die zaken staan boven elke twijfel. Discussies over revolutie maken haar niet uit. Ze vindt waarschijnlijk dat revolutie voornamelijk een jongensdroom is en daar heeft ze niet helemaal ongelijk in. Revolutionaire heldhaftigheid is romantiek. Als het allemaal toch teveel wordt, pakt Oscar zijn gitaar en begint Cubaanse revolutionaire liederen te zingen. Zijn we met z'n allen toch een beetje revolutionair.

Als zoon van een vooraanstaand politicus van de Movimiento Revolucionario Liberal MRL heeft hij van thuis uit een revolutionaire ziel mee gekregen. Wonderlijk genoeg vindt hij dat niet in tegenspraak met zijn luxe leven. Hij is zich bewust van zijn stand maar laat er zich niet op voorstaan. Hij is voornemens om straks als werktuigbouwkundig ingenieur bij te dragen aan de industriële ontwikkeling van zijn land. Hoe dat precies zal gaan, weet hij nog niet. Dat is een zorg voor later.

In tegenstelling tot de anderen heeft Oscar een eigen auto. Een oud Amerikaans model auto waarvan je de zware portieren moet sluiten met een stuk touw. Dat vereist enige handigheid van de passagiers. Het gebeurt wel eens dat een touw los schiet en het portier plotseling half uit zijn hengsels hangende open zwaait en wanhopig aan zijn hengsels hangt. Oscar stopt geroutineerd, stapt uit en sluit het portier waarna hij er op toeziet dat het goed wordt vastgemaakt. Als de auto plotseling midden op de weg stilstaat door een of ander raadselachtig mankement, wachten wij passagiers in de auto rustig af tot Oscar het verholpen heeft en we weer verder kunnen. Oscar blijft onder alle omstandigheden kalm en rustig. Zijn ziel is is balans met de wereld.

(wordt vervolgd)