donderdag 5 november 2026

DEEL 1. DE VERWARRING VAN BRAM OP CUBA

 

Bram Vermeulen op Cuba met op de achtergrond Che Guevara, de held van de Cubaanse revolutie die in de jaren zeventig op menig studeerkamer hing.



Tot op de dag vandaag bestaat in linkse kringen heimwee naar de Cubaanse revolutie (1958). Er is geen revolutie die zoveel linkse intellectuelen heeft geïnspireerd en gefascineerd als de Cubaanse revolutie van Fidel Castro en zijn bebaarde mannen. 


Dat heimwee proef je terug in de driedelige reportage “De Prooi” die Bram Vermeulen voor de VPRO maakte. Bram zwerft als een Kuifje in Afrika over het eiland op zoek naar de restanten van de eens zo glorieuze revolutie die zoals de titel al zegt een prooi is van Amerika, de grote boze buurman aan de overzijde van de zee.


In het Engels of in steenkolen Spaans, zoals hij zelf zegt, spreekt hij met mensen van allerlei slag. Als een goed journalist steekt hij zijn voelhorens onder alle lagen van de bevolking uit. 


Hij spreekt met echt arme mensen (mensen die honger hebben en niet naar een voedselbank kunnen), met doorsnee Cubanen die proberen er het beste van te maken onder de miserabele omstandigheden, met oud-revolutionairen die in hun glorieuze verleden zijn blijven steken, met een Russische kapitein die tot grote verbazing van Bram ondanks de blokkade van Trump vanuit Florida goederen aflevert op het eiland, een Amerikaanse avonturierster, een Cubaanse die jaagt op rijke toeristen, en als klap op de vuurpijl met Sandro Castro, een kleinzoon van Fidel Castro. 


Het interview met uitzicht zoals de kleinzoon zegt, loopt op niks uit. In feite lacht deze nazaat van dictator Castro, influencer en playboy op Instagram, Bram in zijn gezicht uit door net als in zijn filmpjes op Instagram, de mallotige paljas uit te hangen. In De Volkskrant van 3 april dit jaar vind je een profiel van hem. 


Zodra Bram probeert een inhoudelijk vraag te stellen, houdt hij  het voor gezien, Bram in verwarring achterlatend. Hij weet niet wat hij er mee aan moet. Wij kijkers ook niet. De enige troost is dat zoals  mijn moeder zei, Onze Lieve Heer nu eenmaal rare kostgangers heeft.  


Bram raakt gaandeweg steeds meer in verwarring. Nee, op Cuba is niks wat het lijkt, zo bekent hij in de reportage. Maar wat wil je in een land waar de kleinste verspreking in de openbaarheid kan leiden tot een veroordeling of een heuse gevangenisstraf? 


De mensen hebben geleerd om nooit het achterste van hun tong te laten zien, zeker niet in het openbaar of in een TV interview. Als je dan de taal niet spreekt, de cultuur niet door en door kent dan kun je ook de gebruikelijke codetaal die men in een dictatuur gebruikt om toch nog met elkaar te kunnen praten, niet vatten. 


Waarom heeft een goed bedoelende journalist als Bram Vermeulen dat niet door? Beschikt hij niet over de gave van reflectie of komt het omdat hij democratische vrijheden zoals de vrijheid van meningsuiting, als zo vanzelfsprekend beschouwd dat hij niet weet wat het gebrek aan die vrijheden met je doet?


Misschien is de laatste verklaring de beste maar meteen ook een belediging want Bram hoort dat besef wel te hebben. Een journalist die achtergrond reportages wil maken in landen die geen open democratische cultuur hebben moet zich daar bewust van zijn.


Vragen stellen aan mensen is zo moeilijk niet, maar vragen stellen die er toe doen als je wil weten wat er aan de hand is in een land is moeilijker. Nog moeilijker is het om de antwoorden, als je die krijgt, in hun context te plaatsen. Daarvoor moet je vertrouwd zijn met de taal en de cultuur. 


Met journalistieke nieuwsgierigheid alleen kom je er niet. Dan ben je niet veel meer dan een veredeld toerist. Met alleen ideologische en/of politieke betrokkenheid kom je er helemaal niet. Die worden voor het karretje van de propaganda van het regime gespannen zoals de geschiedenis ons vele malen leert.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten