Posts tonen met het label liefde. Alle posts tonen
Posts tonen met het label liefde. Alle posts tonen

vrijdag 27 maart 2026

81. MEXICAANSE VERTELLINGEN. PIJN ALS SCHILDERKUNSTIG THEMA

Frida Kahlo, The Broken Column, 1944


De schilderkunst bevrijdt Frida niet alleen van haar trauma van de miskraam maar brengt meteen ook nieuw leven in de brouwerij. Natuurlijk, haar leven was nooit saai. Leven met schilders, revolutionairen en communisten is niet saai net zo min als haar liefdesleven.


Ze is nu eenmaal gauw verliefd en geeft snel toe aan haar gevoelens. Hoe het dan verder gaat dat ziet ze in de loop van de affaire wel. Leven is een vorm van waaghalzerij. Zelfs haar liefde voor David, met alle zijpaden die ze in loop der tijden zijn ingeslagen, heeft stormen moeten doorstaan. Maar dat maakt hun liefde ook sterker. Tegenslagen kunnen je verder helpen als je er mee weet om te gaan.


Een grote liefde kan daarbij helpen. Kleine liefdes, affaires genoemd in burgerlijke salons,  houden haar grote liefde op scherp. Ze kunnen geen kwaad als het om een echte grote liefde gaat. Daar zijn zij en David het over eens. 


David heeft ook zo zijn liefdes gehad maar is altijd weer bij haar teruggekomen. Thuiskomen noemt hij dat. Trouw betekent bij Frida weg kunnen gaan en weer terugkomen, zodat je nooit eenzaam bent.


Maar nu komt er dankzij de schilderkunst een leven bij. Het leven van een kunstenaar. Ze heeft daar altijd wel op gehoopt maar zonder teveel verwachtingen. Ze zit er ook niet echt verlegen om maar het is mooi meegenomen. Het geeft haar nieuwe mogelijkheden.


Anderen gaan je zien als kunstenaar. Ze kijken anders naar je. Ze wikken en wegen wat je werk betekent, of ze het kunnen waarderen of dat het toch niet zo goed is. Nu wordt ze voortaan als vrouw én als kunstenaar bekeken. Als vrouw heeft ze al een plek gekregen tussen familie, vrienden en bekenden nu nog als kunstenaar. 


Wat voor kunst maakt ze? Ze wil geen politiek kunstenaar zijn zoals David. Ook al is ze overtuigd communist, ze is niet geïnteresseerd om schilderkunstig de komst van de nieuwe mens aan te kondigen zoals David met zijn muurschilderingen. 


Als je kinderverlamming hebt gehad, als je bekken en rug worden gebroken in een zwaar ongeluk op je achttiende en miskramen krijgt dan is de nieuwe mens ver weg. Haar leven is van jongs af aan een van pijn lijden, lichamelijk én geestelijk. Daarom zal pijn haar belangrijkste schilderkunstige thema zijn.

 

vrijdag 13 februari 2026

MEXICAANSE VERTELLINGEN 75.REVOLUTIONAIR LIEFDESTHEATER

Ze was al op haar dertiende jaar buitenshuis gaan werken als dienstmeisje. (foto: petrus)


Tijdens de maaltijd vertelt Julia dat ze zich het hele gesprek lang met Frida en David ongemakkelijk heeft gevoeld. Ze voelde zich genegeerd door Frida. Alsof ze lucht was. Ze zag haar niet eens als een rivale, wat ze per slot van rekening toch is! Voor Frida is ze een aanhangsel van Diego, meer niet.


Diego haalt zijn schouders op. Dat is nou eenmaal de manier van doen van Frida. Bovendien is ze grillig in haar liefdesleven. Je hebt gehoord wat ze van Trotski vindt en waarom ze met hem een affaire is begonnen. Ik vermoed dat ik ook deel uitmaak van haar revolutionaire liefdestheater.


Julia vindt dat maar niks. Liefde is volgens haar meer dan een theater, een spelletje met een thema, ook al is het een revolutionair thema. Liefde gaat dieper dan dat, het is de zin en doel van het leven zelf. 


Na even peinzen, voegt ze er vergoeilijkend aan toe dat het misschien allemaal komt omdat ze moet leven of liever overleven met een zwaar gehavend lichaam. Kinderverlamming en dan later ook nog een vreselijk tramongeluk dat haar voor het leven heeft beschadigd. Dat ze dan ook nog geen kinderen kan krijgen, maakt het allemaal nog zwaarder voor haar. 


Dan schakelt Julia over naar een ander onderwerp. Wat is het plan? Blijven we in San Miguel wonen of gaan we terug naar Mexico-stad? Julia is het om het even. Ze woont liever in het dorp maar de stad is ook goed, zo lang ze maar bij Diego is.


Diego zou liever in het dorp blijven wonen maar er is geen werk. Hij zal wel een stuk dorpsgrond van zijn vader kunnen krijgen maar dat brengt niet genoeg om van te leven, zeker niet als er kinderen komen. Nee, hij zal terug moeten naar de stad. Bovendien, hij wil nog steeds graag schilderen.


Julia beseft dat ze niet in het dorp kunnen blijven, tenminste als ze niet in armoede willen leven en dat wil ze echt niet meer. Ze is opgegroeid in een groot gezin in een dorp. Het ontbrak hun altijd aan van alles, ook eten hoe hard haar vader ook op het land werkte. Daarom moest ze al op haar dertiende het huis uit, gaan werken als dienstmeid in Mexico-stad.


Ze kwam geheel onvoorbereid terecht in een totaal onbekende wereld. Ze had geen idee wat ze moest doen. Bij haar thuis leefden ze van de ene dag op de andere. Je was bezig met overleven. Het was geen georganiseerd huishouden en er was al helemaal geen     wasmachine of  een koelkast. 


Ze had nog nooit in haar leven gewinkeld in een supermarkt, huishoudelijke dingen aangeschaft of kleren gekocht. Dat heeft ze allemaal zichzelf moeten leren. En hoe ga je om met stadslui? Die weten altijd alles al en beter. Een geluk dat ze genoeg gezond verstand had om overeind te blijven in de stadsjungle. 

vrijdag 28 november 2025

64. MEXICAANSE VERTELLINGEN. HOTEL SAN MIGUEL REGLA

Frida Kahlo in het midden tussen het echtpaar Trotski, ontvangt het echtpaar op het schip waarmee ze in Mexico in 1937 zijn aangekomen.


Frida veert op. Dat is precies wat ze wil. Ze wil Diego weer zien, zegt ze tegen David, hij is en blijft mijn grote liefde. Dat weet David maar al te goed. Dat zij op haar beurt zijn grote liefde is, weet zij wel maar dat verandert niks aan haar liefde voor Diego. Liefde kun je niet dwingen. Zelfs een communistische samenleving kan het raadsel van de liefde niet oplossen.

In de auto speelt David de scène van daar straks op de top van de zonnepiramide, opnieuw in zijn hoofd af. Wat heeft hij nu eigenlijk gezien? Een Frida die ten hemel rijst en rode en witte rozen die te trappen van de piramide afrolden? Een absurde, surrealistische scène die past bij Dali maar niet bij hem. Zou het gezichtsbedrog zijn geweest? Dat zou de meest voor de hand liggende verklaring zijn.


Visioenen bestaan immers niet. Zo gelooft hij ook niet in de eeuwenoude Mexicaanse legende dat Juan Diego de Heilige Maagd Maria echt gezien heeft. Dat moet net zo goed een vergissing van zijn brein zijn geweest, net als trouwens de verschijning van Moeder Maria aan Bernadette in de grotten van Lourdes. Het brein bedriegt ons. Dat schijnt wetenschappelijk te zijn vastgesteld ergens in een Zwitsers laboratorium voor geesteszieken.


Maar hoe ook peinst, hij moet bekennen dat hij het wonder van Frida zelf gezien heeft. Hoe vaak hij ook met z’n ogen knipperde en ter afscherming van de felle zon zijn hand boven zijn ogen hield, hij zag haar duidelijk ten hemel gaan.


Hij durft er niet over te beginnen bij Frida. Die weet nog van niks en praat achter in de auto honderduit tegen het echtpaar Trotski over hun bezoek aan Teotihuacan, de Azteken, de priesters, de mensenoffers, de Spanjaarden en de mysterieuze ondergang van Teotihuacan. 


De Trotski's zitten er wezenloos bij. Ze knikken af en toe of maken een vage opmerking als teken van belangstelling. Geveinsde belangstelling, dan toch. Ze hebben heel andere zorgen dan de Azteken en de raadselachtige verdwijning van hun beschaving.


Mevrouw Trotski zit er aangeslagen bij. Pas nu valt hem op hoe kwetsbaar ze is. Ze vraagt zich vast af waar ze in 's hemelsnaam in verzeild is geraakt. Misschien heeft ze wel spijt dat ze mee is gegaan naar Mexico, een chaotisch land met een onbegrijpelijke cultuur en onuitspreekbare namen.


Haar ontrouwe echtgenoot zit in gedachten verzonken. Met de mislukte klim op de zonnepiramide is zijn revolutionaire ego, opnieuw zwaar op de proef gesteld. 


Geen wonder is dat Stalin hem de baas is geweest, denkt David. Hij heeft niet het voorkomen, noch het karakter van Stalin. Die straalt fysiek macht uit, hij is de vlees geworden Machiavellist. Daarbij vergeleken is Trotski een intellectueel warhoofd met zijn aandoenlijke brilletje en zijn warrige haardos.


David vraagt zich af of hij zijn visioen aan Frida zal vertellen? Hij probeert in te schatten hoe ze daar op zou reageren maar dat blijft moeilijk. Ze zal het afdoen als een grap van hem ook al zou hij haar bezweren dat hij het toch duidelijk gezien heeft.


Zij zou heel misschien net als hijzelf een verklaring zoeken voor zijn visioen, een misleiding van zijn ogen door een weerkaatsing van de felle zon. Maar dan nog. Vanwaar die misleiding en de rozen? Misschien heeft hij onwillekeurig een visioen gekregen van wat Frida te wachten staat? Maar wat is dat dan?


Frida babbelt ondertussen gezellig verder alsof er niets aan de hand is. Ze ziet het niet of wil niet zien dat het echtpaar Trotski al lang niet meer geniet van de onverwachte reis. Op zo'n moment is Frida nogal harteloos.


David sukkelt door de warmte en het monotone gebrom van de auto in een vage slaap. De aankondiging van de chauffeur dat ze zijn aangekomen bij de hacienda, het hotel San Miguel Regla zet hem weer terug in de wereld. 

vrijdag 21 november 2025

63. MEXICAANSE VERTELLINGEN. HET VISIOEN VAN DAVID

Nog altijd rijst de zonnepiramide majestueus en ongenaakbaar op boven de toeristen.

Frida laat zich niet kennen. Zo is haar aard. Ze zet de tocht naar de top van de zonnepiramide voort. Ze roept Trotski haar te volgen. Die laat zich dat geen twee keer zeggen. Haar soepel bewegende achterwerk is voor hem een extra aanmoediging. De revolutionair met het ijzeren brilletje smelt voor haar als was.

Maar moeder natuur laat zich niet tot alles dwingen. Zijn leeftijd begint bij de beklimming een danige rol te spelen. Langzaam gaat de klim zijn krachten te boven. Het dringt tot hem door dat hij het altaar van de liefde boven op de zonnepiramide wel kan vergeten.


Frida klimt gestaag verder, niet gehinderd door pijn of vermoeidheid. Ze kijkt om en ziet dat Trotski het opgeeft. Dat geeft haar een dubbel gevoel, een gevoel van triomf en van teleurstelling. 


Ze is sterker dan hij, maar de amoureuze afgang is een teleurstelling. Ze mist nu de revolutionaire liefdesdaad waarmee ze geschiedenis zou schrijven. Het zou haar faam als vrije en revolutionaire vrouw bevestigen en wie weet zou ze ook nog een kind van de revolutie gebaard hebben.


Ondertussen volgt David aan de voet van de piramide samen met Trotski’s vrouw nauwlettend de klim van Frida. Ze wordt alsmaar kleiner en kleiner totdat ze boven staat als een frêle poppetje onder de snel door de strak blauwe lucht zeilende wolken.

Hij knippert met zijn ogen. Ziet hij dat nu goed? Stijgt Frida met geheven armen op naar de wolken? Wordt ze ten hemel geheven door de oude Azteekse goden? Tegelijkertijd ziet hij rode en witte rozen van de trappen van de piramide naar beneden rollen. 


Hij kan zijn ogen niet geloven en blijft maar kijken. Gebeurt dit echt of heeft hij een visioen van wat er met Frida in de toekomst zal gebeuren? Hij kijkt voor de zekerheid naar de vrouw van Trotski maar die staat er nuchter bij. 


Frida begint aan de afdaling zich van geen ten hemel opneming bewust. Ze is teleurgesteld maar dat laat ze niet zien.Ze lacht en doet alsof het allemaal een grap is geweest, een brutale en vrijmoedige grap dat wel.


Trotski is er mismoedig van geworden. Alsof er niet al genoeg grappen met hem zijn uitgehaald. Het is niet niks om van een gevierd legerleider van het Rode leger een balling te worden in een vreemd land als Mexico die ook nog eens voor zijn leven moet vrezen. Verslagen begint hij aan de terugtocht.


Het dringt nu pas tot Frida door dat ze te ver is gegaan. Ze zoekt een weg om het goed te maken. Ze kijkt met grote ogen naar David. Die staat nog te bekomen van verbazing over wat hij net heeft gezien.


Zij ziet zijn verbazing en vraagt hem wat er aan de hand is. Hij knikt afwezig en speurt schielijk naar de rode en witte rozen die hij toch duidelijk van de trappen heeft zien rollen. Ze zijn er niet meer, niks te zien. Hij schudt het visoen van zich af en vraagt haar of hij iets kan doen.


Frida knikt. Ze wil het gezelschap opbeuren. Heeft hij een idee? David denkt even na en zegt haar dat het een ruim uur rijden is naar San Miguel Regla, waar Diego nog steeds met zijn lief Julia is. In het dorp is een tot hotel omgebouwde hacienda. Misschien is het iets om daar naar toe te gaan?


donderdag 16 oktober 2025

MONDRIAAN VOORBIJ

 




Mondriaan’s wereldberoemde schilderijen zijn volledig abstract opgebouwd volgens een geestelijk concept dat hij heeft geformuleerd in zijn artikel over de “De Nieuwe Beelding”. De schilderijen staan geheel op zichzelf. Ze bestaan uit niets anders dan gekleurde vlakken en lijnen in twee dimensies. De lijnen staan altijd haaks op elkaar en zijn meestal zwart. 


Volgens Mondriaan verwijzen de schilderijen niet naar een bestaande - materiële - werkelijkheid maar naar een spirituele werkelijkheid, die van schoonheid in harmonie, eerlijkheid en waarheid.


Het materiële, dit wil zeggen het strikt afgebakende doek wordt tezamen met de olieverf, verenigd met de geest van schoonheid, harmonie, waarheid en eerlijkheid. Mondriaan meende dat hij hiermee vooruit liep op een betere wereld. Mondriaan was een idealist en een optimist die door sober en eenvoudig te leven volledig was toegewijd aan de schilderkunst.


Met zijn strenge idealisme en optimisme over de toekomst van de mensheid, is Mondriaan een kind van het sobere Hollandse protestantisme en de negentiende eeuwse gedachte dat de geschiedenis van mens en wereld afstevent op een harmonieuze samenleving waarin de geestelijke wereld het materiële bestaan overwint.


Twee Wereldoorlogen verder, de atoombom, de armoede en de altijd maar voortgaande gewelddadige conflicten hebben een einde gemaakt aan de idee dat we als mensen op weg zijn naar een paradijselijke toestand van vrede, harmonie en schoonheid. 


Eerder het tegendeel is het geval. Optimisme heeft plaats gemaakt voor pessimisme, idealisme voor materialisme. Zelfs het vertrouwen in liefde en solidariteit is vervaagd tot een onbereikbare droom.


Hoe moet het nu verder met de schilderkunst? Is er nog wel plaats voor schilderkunst in onze post-moderne tijd? Is schilderkunst niet verworden tot design en decoratie aan de muur, tot tijdverdrijf (creatief spelen) en een speeltje geworden van de rijken der aarde?


Veel kunstenaars zoeken het antwoord in activisme - kunst met een politieke functie - als protest en strijd tegen de bestaande orde Anderen menen dat kunst  vooral een uiting moet zijn van de eigen hoogst persoonlijke emoties en beleving. Kunst als een verlengstuk van je ik.  Een derde stroming bestaat uit kunstenaars die het ik en het activisme combineren. Het persoonlijke is politiek. 


De idealen van schoonheid, harmonie, waarheid en eerlijkheid leven in de schilderkunst nog slechts voort als herinnering.  Ze zijn niet meer van deze tijd al leeft het verlangen ernaar als een verre echo in ziel en geest. 


Met de liefde is het al net zo vergaan. Als we de kranten, de litteratuur en de social media mogen geloven, is liefde niet veel meer dan de vergankelijkheid van vleselijke lusten die zo intens en snel mogelijk beleefd moet worden voordat de dood er definitief een einde aan maakt.


Om zich te weren tegen deze doodscultus zit er voor de kunstschilder niets anders op dan de zoektocht naar liefde, schoonheid, harmonie, waarheid en eerlijkheid te hervatten. 


Door zich in dienst te stellen van deze geestelijke zaken kan hij wellicht de wereld redden van de ondergang. Een misschien veel te hoog gegrepen doelstelling maar er zit niks anders op.


vrijdag 8 november 2024

MEXICAANSE VERTELLINGEN 12. LIEFDE IN REVOLUTIONAIRE TIJDEN


 

Diego gaat te rade bij David. Die gelooft ook niet meer in de revolutie. Ze is ontaard in een geesteloze strijd om de macht tussen een stelletje narcistische, machtsbeluste generaals met hun aanhang. Hier of daar lopen er nog idealisten rond maar die kunnen hun goede bedoelingen nog maar net boven het bloedige geweld uithouden.


Naar het zich laat aanzien, is generaal Emiliano Zapata zo iemand. Geen echte revolutionair met grootse ideeën over een nieuwe maatschappij met een nieuwe mens maar eerder een retro-revolutionair die de kleine boeren wil teruggeven wat de grote, rijke boeren - de haciendado’s - hen ontnomen hebben. Hij wil de dorpsgemeenschap terug door de haciënda’s te onteigenen en de dorpen opnieuw het collectieve eigendom op het omringende land te geven. Zij banier is de Maagd van Guadeloupe, de moeder van Mexico en de kerk. Kan het traditioneler dan dat?


David vraagt aan Diego of hij nog vertrouwen heeft in hun generaal? Diego denkt lang na, uiteindelijk nog wel als militair maar niet als politiek leider. Als man van en uit het volk zou hij aan de goede kant moeten staan maar door zijn overwinningen is hij net als al die andere generaals bevangen door de roes van de macht. 


David stelt voor hun teleurstelling in de revolutie met drank en vrouwen te verdrijven. David heeft dat al vaker gedaan, voor Diego is het nieuw. Tot nu toe was hij een gedisciplineerd soldaat die er voor zorgde dat zijn gevechtskledij, uniform kun je het nauwelijks noemen, schoon  en in orde is, net als zijn wapens en zijn paard. 


Na het gesprek met David voelt hij zich minder soldaat. Hij neemt zich voor de generaal niet langer meer te volgen als het weer op een veldslag aankomt. Het is mooi geweest. Hij wil wat anders. Wat weet hij nog niet. Misschien dat David hem kan helpen? Voorlopig delen ze lief en leed in de kroeg. Op zo een moment is het leven van een revolutionair zo slecht nog niet.


Als echte stadsjongen weet David hoe hij vrouwen moet versieren. Voor hem is liefde oorlog voeren. Hij bedelt niet om de gunsten van een vrouw maar verovert haar met zijn fysieke charmes en zijn gevatheid. Zijn uniform en geld zijn daarbij behulpzaam. 


Vrouwen beseffen dat maar al te goed, desalniettemin laten zij zich dat welgevallen. Dat is het deel wat Diego niet snapt. Vanwaar die toegeeflijkheid van die vrouwen? Is het geld, lust of nog iets anders wat hij niet kent? 


In zijn dorp zijn de meisjes terughoudend en bedeesd. Ze laten zich niet zomaar door enige branie of praatjes verleiden. Ze kijken wel uit. Voordat je het weet ben je je reputatie kwijt en misschien wel voor je het goed en wel weet zwanger. Daarom moet je wel weten waar je aan toe bent voordat je je waagt te geven aan een man want het blijft een waagstuk.


Diego zelf is al net zo bedeesd als de meisjes in zijn dorp. Hij is doordrongen van het besef dat je verplichtingen hebt zodra je een meisje verleidt met je te slapen. Hij weet niet of hij die verplichtingen wel aankan en dus kijkt hij wel uit om een vrouw aan zich te binden.


Meisjes en vrouwen in het algemeen staan bij Diego altijd op een voetstuk. Het zijn aardse engelen, wezens die het geheim van het voortbestaan van de mensen en het universum in zich dragen, een geheim dat hij als man nooit zal kennen laat staan doorgronden. Dat maakt dat hij als van nature eerbied  heeft voor elke vrouw, jong of oud.  


Wat hem wel eens verontrust zijn de ontwakende lustgevoelens in zijn lichaam die het verlangen naar een vrouw zo sterk maakt dat hij geneigd is om ze van hun voetstuk te halen en mee te nemen naar zijn bed of wat dan ook, om in ene roes van lust de liefde te bedrijven. Tot nu toe heeft hij die grens niet overschreden en hij hoopt dat ook nooit te doen, tenzij het wederzijds is en dat nu weet je nooit. Daar is meer voor nodig dan wat glazen tequila en sentimentele mariachi's.


Diego daarentegen wordt in zijn omgang met vrouwen nergens door geremd. Die neemt ze zoals ze zijn. Als ze niet met hem willen drinken, zingen en mee naar bed gaan, ook goed. Vrouwen genoeg is zijn adagio. En daar heeft hij gelijk in. Er zijn er genoeg. Ze komen als motten af op het licht in de kroegen op zoek naar vertier, vergetelheid en als het even kan ook nog wat geld. Een vrouw moet tenslotte ook nog leven en dat kun je niet van de wind en zelfs niet van de liefde. 


Diego beseft dat voor hem liefde tevens een schuilplaats is waar hij zich veilig en geborgen voelt, beschermd zoals thuis in zijn dorp. Hij mag dan zijn dorp verlaten hebben, dat gevoel is tot nu toe altijd en overal met hem meegereisd. Hij weet diep in zijn hart dat hij dat nooit kwijt zal raken. 


Soms doet een vrouw pogingen om hem mee te krijgen. Dat raakt hem en maakt hem wantrouwig. Wat zoekt ze bij hem? Gedreven door nieuwsgierigheid naar het geheim van vrouwen beweegt hij mee in de hoop dat hij dichter bij het geheim komt. Maar hij waakt ervoor niet de laatste stap te zetten bang dat hij is in een leegte te vallen in plaats van het geheim te ontdekken, het geheim van de liefde. 


vrijdag 8 maart 2024

32. AMERICA LATINA. DE PARADOXALE REDE

petrus nelissen, "De paradox van de spelende mens, Waikiki Beach 1946", fotocollage

 

Nu ik Marx snap, stort ik mij op andere filosofen om hun mensbeeld te achterhalen. Ik begin met de eigentijdse sombere existentialist Sartre. Mijn doel is  te onderzoeken wat de plaats van liefde en solidariteit is in zijn filosofie. 

Ik heb geluk dat ik de bibliotheek van de faculteit der filosofie van de universiteit van Utrecht bij de hand heb. Die is aan de overkant van ons kantoor aan de Nieuwe Gracht in Utrecht. Dat maakt het gemakkelijk om tussen de bedrijven door naar de goeie boeken te zoeken.

Onder het lezen maak ik kritische aantekeningen in een speciaal aangeschaft notitieboek dat ik gekocht heb bij L. Leenders Schrijfmachinehandel in de Hertogstraat te Nijmegen. Soms waag ik het een kritische dialoog te voeren met de filosoof van dienst. Een van mijn eerste aantekeningen heet nogal zelfbewust “Antwoord aan Sartre’. 

“Voor een geest als die van Sartre, die in staat is om het Niets te omvatten als een paar handen die het luchtledige omsluiten, moet mijn antwoord wel erg simpel zijn. Geloof in de mogelijkheid van een relatie van mens tot mens, van mens tot ding om der wille van mezelf en de ander/het andere zonder die de andere/het andere te verpletteren, moet Sartre verdacht vinden, zo niet absurd. Maar ik heb de simpele ervaring dat de ander mij niet uitsluitend als object ziet, als een robot die zo nodig geprogrammeerd moet worden. Nee, nee er zijn mensen die mijn subject-zijn bevestigen, mijn ik-persoon op een voetstuk plaatsen waarover ik zelf mijn twijfels heb en soms bang ben er af te vallen.” (Vreeswijk, 8 december 1973)

Sartre onderzoekt de verhouding tussen het ik en de ander dat is precies ook wat Marx heeft gedaan. Marx  meer vanuit het perspectief van de samenleving, Sartre als kind van zijn en ook mijn tijd gaat meer van het ik uit. Is het ik-tijdperk met Sartre begonnen?

Volgens Sartre ben ik in de ogen van de ander onvermijdelijk een object en omgekeerd is de ander al even onvermijdelijk voor mij een object. Dat strookt niet met mijn ervaringen. Ik heb ervaren dat bij solidariteit en in de liefde deze tegenstelling overstegen kan worden. We worden dan een "wij" of een "samen" en zelfs een "paar". 

Sartre ziet dat niet zo, hij legt meer de nadruk op de ontkenning van de ander. Hij (her)kent blijkbaar de liefdevolle blik niet, de blik die de ander bevestigt in plaats van ontkent, zo besluit ik mijn kritische betoog. In zijn wereld is de ander de hel. Dat kan maar is niet uitsluitend zo. Het kan anders.

Ondanks dat ik het niet langer gelovig ben, kan ik het ook weer niet nalaten om het godsbegrip bij mijn onderzoek te betrekken. Daar zal Sint Jan van het Kruis wel tussen zitten. Zijn God van liefde zit nog vers in mijn geheugen. Hoe dan ook, ik schrijf in mijn aantekenboek dat “de grootsheid van God ligt in het feit de mens naar zijn evenbeeld te hebben geschapen”, een mens die vrij is om te kiezen. 

Dat is gewaagd want daarmee schiep Hij de kans dat de mens eventueel tegen Hem kiest, wat hij dan ook gedaan heeft, zo lezen we in het boek Genesis. Het voordeel van die keuzevrijheid is dat “God zich dan ook nooit verveeld. Zijn wereld is een wereld van liefde die steeds opnieuw levend wordt wanneer een mensenblik zich op Hem richt.” (Aantekeningen  8 december 1973)

De door Sartre zo gevreesde liefdeloze objectivering van de ander vindt wel volop plaats in de wetenschap: “de huidige mens - en natuurwetenschappen brengen desastreuze resultaten voort vanwege hun liefdeloze objectiviteit. De natuur wordt gedenaturaliseerd, de mens ontmenselijkt en dat alles ten behoeve van de macht van de rede met zijn wapen van objectiviteit.” (Aantekening van 23 december 1973)

Hier stuit ik op een paradox van ons menselijk bestaan, een ik zou zeggen catastrofale paradox van de rede, de basis van onze wetenschap (met dank aan de Franse filosoof Descartes) . Enerzijds helpt de rede ons de wereld, de natuur in kaart te brengen. Anderzijds maakt ze het ons daardoor mogelijk om de natuur en de wereld voor eigen gewin en gemak aan te wenden of als het ons uitkomt die zelfs te vernietigen. 

De rede bevrijdt ons mensen weliswaar uit het rijk van de behoeften (vrij naar Marx) maar maakt het tevens mogelijk om ons mens-zijn en de natuur te vernietigen. Voorbeelden liggen voor het grijpen. Zo is kernenergie een uitkomst voor de energievoorziening van de mens maar vormt de kernbom een bedreiging voor het voortbestaan van diezelfde mens en wereld.