donderdag 8 oktober 2026

THEO VAN DOESBURG: WEG MET KANDINSKY

 

Theo Van Doesburg (1883-1931), schilder, kunsttheoreticus en hoofdredacteur van het kunsttijdschrift De Stijl

Volgens een collega kunstschilder is abstracte schilderkunst vereenvoudigde figuratieve kunst. De figuur, de werkelijkheid blijft het punt van vertrek. Het werk van Picasso illustreert deze zwerftocht tussen realisme en abstractie of verbeelding. Hij vereenvoudigt  figuren, portretten, stillevens en landschappen maar ze blijven herkenbaar vanuit de werkelijkheid. Zelfs in zijn kubistische schilderijen waarin hij het het perspectief los laat, blijf je de werkelijkheid herkennen.


Bij Piet Mondriaan zien we dezelfde ontwikkeling maar hij gaat stappen verder dan Picasso. Uiteindelijk is er in zijn schilderijen niks meer van realiteit te herkennen. De fysieke werkelijkheid is verdwenen. Daarvoor in de plaats komt een puur geestelijke voorstelling of beelding.


Mondriaan zelf heeft zijn weg van figuratief naar volledige abstractie of geestelijke beelding toegelicht en uitgelegd in soms moeilijke teksten. Iemand die nog meer ijverde dan Mondriaan om de nieuwe -abstracte - beelding uit te leggen en als de schilderkunst van de toekomst aan de man te brengen was de kunstschilder, kunsttheoreticus Theo van Doesburg (1883-1931). 


Voor dat doel gebruikte hij vooral het tijdschrift “De Stijl” waarin niet alleen hijzelf maar vele andere kunstschilders waaronder ook Mondriaan schreven over wat zij  “de nieuwe Beelding” noemden.


Terwijl Picasso bleef vasthouden aan figuratie, de zichtbare, waarneembare werkelijkheid, maakten Mondriaan, van Doesburg, van der Leck en anderen de overstap naar volledige abstracte beelding.


Je zou denken dat de abstracten allemaal dezelfde opvattingen hadden over hun schilderkunst. Niets is minder waard. Mondriaan bijvoorbeeld hield bijvoorbeeld strikt vast aan abstractie op basis van rechte lijnen. Diagonale lijnen waren uit de boze. Van Doesburg had daar dan weer geen moeite mee.


Waar Doesburg wel moeite mee had, was het abstracte expressionisme van de Rus schilder Kandinsky. Volgens van Doesburg mag een schilderij aan geen enkele voorstelling (uit de werkelijkheid) gebonden zijn, ook niet uit die welke voortkomen uit de expressionistische richting “dat een schilderij de onmiddellijke uitdrukking, door kleur en lijnsensatie van onze gevoelens moet zijn”  verwerpt hij als een ‘modefrase’. 


Volgens Doesburg is het scheppen geen spontane uiting van onze gevoeligheid, “zoals dat wel eens gedacht is door de impressionisten en later tot dogma is gemaakt door de expressionisten. Elke spontane daad is het gevolg van onze lijdelijke natuurlijkheid en moet altijd op een teleurstelling uitlopen.” (Theo van Doesburg, “Van “natuur” tot “kompositie”, aanteekeningen bij de ontwikkeling van een abstracte schilderij”, verschenen in De Hollandsche Revue/jaargang 24, Nummer 8, 1919.)


Zou van Doesburg beseft hebben dat de schilderkunst na hem zich veel meer in expressionistisch richting heeft ontwikkeld? Tegenwoordig kun je geen kunstwerk bekijken en bespreken zonder er gevoelens bij te betrekken. Eigentijdse kunstenaars benadrukken nogal eens dat ze hun werk puur op gevoel maken. Een verwijzing naar geest (ratio) hoor je tegenwoordig eigenlijk nooit.  Ratio lijkt in de kunst 'not done'.


THEO VAN DOESBURG: VAN "NATUUR" NAAR "KOMPOSITIE"

Links afbeelding 1 'Meisje in atelier', midden afbeelding 2 'Portret-Kompositie', rechts afbeelding 3 'Eerste Doorbeelding Portret-Kompositie'.

 

Maar als schilderkunst niet expressionistisch mag zijn, wat moet het dan wel zijn volgens Theo van Doesburg? In het artikel “Van natuur tot kompositie”verschenen in De Hollandsche Revue in 1919, zet hij zijn ideeën daarover uiteen. Kort samengevat moet volgens van Doesburg de schilderkunst zich ontwikkelen tot “zelfstandig beeldende uiting van den menselijke geest.” 


Maar werpt Doesburg zichzelf tegen, waarom kunnen deze twee: “de uiterlijke verschijning der dingen en de uitdrukking van den geest niet samengaan?” Het antwoord is verrassend: “omdat de uiterlijke verschijning van de werkelijkheid niet bij machte is de Waarheid tot bepaalde uitdrukking te brengen.”


Hieruit volgen twee conclusies. De kunstschilder moet de Waarheid schilderen en de werkelijkheid is niet de Waarheid. Kunstenaars hebben dan ook door de eeuwen een de werkelijkheid gevormd en misschien wel vervormd tot de Waarheid. Daarmee is gezegd dat de Waarheid volgens de kunstenaar boven de werkelijkheid gaat ofwel geest boven werkelijkheid,


Afbeelding 4: Destruktieve Voorstudie voor Kompositie 16


Tot nu toe sloten kunstenaars een compromis tussen werkelijkheid en waarheid. Het kubisme was volgens Doesburg de eerste zuivere kunstuitdrukking omdat alle intermediaire middelen als anekdote, voorstelling, symbool enz. verwierp en gericht was op “het uitdrukken der waarheid geheel op eigen wijze der kunst dit is door evenwichtige verhouding van stand en maat der vlakken en kleuren.”


Doesburg vindt dus dat kunst niet de werkelijkheid en geen gevoelens moet uitbeelden. Met de middelen van de schilderkunst moet de waarheid worden uitgedeeld en die waarheid is niet natuurlijk naar de werkelijkheid maar geestelijk. De schilderkunstige uitdrukkingsmiddelen van de geestelijke waarheid zijn een evenwichtige of harmonieuze verhouding van stand en maat van vlakken en kleuren.


Links afbeelding 5: 'Voorstudie voor Kompositie 16', Midden afbeelding 6: 'Voorstudie voor Kompositie 16, rechts afbeelding 7: 'Voorstudie voor Kompositie 16"


De vraag is nu  hoe komen we aan die geestelijke waarheid die we vervolgens uitbeelden in een harmonie van vlakken en kleuren? Doesburg is zo aardig om aan de hand van een voorbeeld ons lezers dat uit te leggen. Dan blijkt dat de inspiratie begint met een foto van een meisje in een atelier.


Daarvan maakt hij een eerste beelding in feite een gebruikelijk portretschilderij dat hij portret-compositie noemt.Vervolgens vereenvoudigd hij die afbeelding. Die vereenvoudiging noemt hij “eerste doorbeelding van portret-kompositie”. 


Theo Van Doesburg, 'Kompositie 16'. Helaas heb ik de kleurenversie van dit schilderij niet op internet kunnen vinden.


Dan volgt een “destructieve voorstudie voor kompositie 16”. Pas dan volgen 3 voorstudies voor Kompositie 16 en dan zijn we aangekomen bij de uiteindelijke Kompositie 16.


Aan de hand van dit voorbeeld moeten we vaststellen dat het uitgangspunt voor de ware schilderkunst (beelding) nog altijd de figuratieve werkelijkheid is. Maar in plaats van die figuratieve werkelijkheid uit te beelden in de geest of naar de gevoelens van de schilder wordt die eerst vernietigd en daarna gereconstrueerd tot een definitieve geestelijke waarheid.


Vanwaar die voorafgaande vernietiging van het bestaande beeld? Volgens van Doesburg volgt uit de wet van de gelijktijdigheid van vernietigen en opbouwen of in de kunstterminologie van destructie en reconstructie. Een wet die volgens van Doesburg voor zowel het leven in het algemeen als voor de kunst geldt.


woensdag 7 oktober 2026

DE TELOORGANG VAN DE PVDA. DEEL 15. GROEIEND WANTROUWEN.

 


Het wantrouwen onder de Groningers werd gevoed door het gebrek aan daadkracht, besluitvaardigheid  en initiatieven om de gevolgen van de  “aardbevingen” (volgens deskundigen gaat het om trillingen) op te vangen. Uiteindelijk wist men niet beter dan in te zetten op sluiting van de gaswinning. 


Het lijkt op een paniek besluit dat meteen goed uitkwam want volgens de klimaatdoelen moet we toch van het gas af om opwarming van de aarde te voorkomen. De schadeafhandeling werd er ook daarna niet beter op. Het wantrouwen suddert door.


Met de sluiting verloor Nederland een vaste bron van inkomen van jaarlijks tussen de 6 en 10 miljard euro. De totale opbrengst voor de staatskas tot de sluiting was 363 miljard Euro (sinds 1963). Er zit nu nog voor ongeveer 450 tot 550 kubieke meter winbaar gas in de grond, wat voldoende zou zijn voor 15 jaar.


In 2019 kwam de stikstof crisis tot uitbarsting. Het stikstofprobleem is het gevolg van de eis dat natuur “hersteld” moet worden, wat dat ook mag zijn. Het Programma Aanpak Stikstof PAS uit 2015 (Rutte II), vergunningsverlening op basis van veronderstelde toekomstige stikstof maatregelen, werd door de Raad van State afgekeurd. 


Daarmee kwamen boeren met PAS vergunningen in de problemen en  de vergunningverlening in het algemeen zo goed als stil te staan. Pasklare oplossingen waren er niet. De maximum snelheid op snelwegen werd verlaagd tot 100 km en de varkenshouderij zou gesaneerd worden. Het probleem zeurde door, het wantrouwen onder boeren ook.


In hetzelfde jaar 2019 kwam ook de crisis rond de kinderopvangtoeslag tot uitbarsting. De crisis is het gevolg van een uit de hand gelopen antifraude beleid uitgevoerd door de belastingdienst. Het beleid bracht honderden gezinnen in financiële problemen. 


Eerst bleef het bij het aftreden van een enkele staatssecretaris. Er volgde een parlementair onderzoek. Na de harde conclusies van een parlementair onderzoek zat er niet anders op dan dat het hele kabinet Rutte III in 2021 opstapte. 


Maar voordat het zover was, moest Rutte III nog het hoofd bieden aan een totaal onverwachte crisis, door gee van de planbureau's voorzien! Begin 2020 begon in Nederland de Corona epidemie. Die zou uiteindelijk twee jaar duren. 


Er waren lockdowns, een avondklok en vaccinatie. De (ouderen)zorg en medische sector bleken kwetsbaar en nauwelijks bestand tegen de gevolgen van de epidemie. Er vielen ongeveer 50.000 doden te betreuren met daarnaast ook nog langdurig zieken. De maatregelen wekten wantrouwen onder grote groepen kiezers (wappies) als gevolg van de debatten over de effectiviteit van de maatregelen.


Dat leidde tot overgevoeligheid in het kabinet. Het motto de rijen gesloten te houden werd niet opgevolgd door CDA staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat. Ze was het niet eens met de toepassing van de Coronapas aldus een interview in de Telegraaf.  


Het CDA o.l.v. vice-premier de Jonge liet haar vallen als een baksteen met als gevolg dat ze uit het kabinet werd gezet. Het wantrouwen in de politiek werd er niet minder om. Ook de Corona crisis werd onderwerp van onderzoek van een parlementaire commissie.


De ondergang van de Westerse militaire coalitie onder leiding van Amerika in Afghanistan leidde tot chaos bij de evacuaties. De evacuatie van Nederlanders bleek onvoldoende voorbereid. Er volgde een motie van afkeuring van de Tweede Kamer met als gevolg het aftreden van de Ministers van Buitenlandse zaken (Kaag van D66) en Defensie (Bijleveld  van CDA).


Van het voornemen van het kabinet Rutte III om het vertrouwen in de politiek te herstellen kwam helemaal niets terecht. Het bestuurlijke onvermogen leidde tot meer wantrouwen.


dinsdag 6 oktober 2026

DE TELOORGANG VAN DE PVDA. DEEL 14. HERSTEL VAN VERTROUWEN.

 

Een met hulp van AI gemaakte illustratie.


Rutte liep na zijn eigen kabinet Rutte II bij de verkiezingen in 2017 ook een flinke deuk op. Zijn partij verloor 8 zetels maar bleef met 33 zetels de grootste fractie in de Tweede Kamer. Rutte was wat je noemt een politieke tuimelaar. 


Hij werd het voorbeeld van een politiek leider die zich niet laat leiden door een ideologie, visie of gedachtengoed maar zich opstelt als een manager in dit geval van BV Nederland. Zijn jeugdig elan kwam hem daarbij goed van pas tezamen met slimme maatregelen  als een draagvlak buiten de Tweede Kamer te maken door o.a. klimaattafels en de marketing van de maakbaarheid van Nederland.


Dat was niet moeilijk want Nederland is zichzelf steeds meer als maakbaar gaan zien mede dankzij maar liefst drie planningbureau’s. Nederland wordt vanuit deze bureau’s gevoed met data met tot 2 cijfers achter de komma. De Tweede Kamer bijt zijn tanden stuk op koopkrachtplaatjes, groeiscenario’s, klimaatdoelen, stikstofregels, bouwvolumes, grafieken, toekomstverwachtingen en wat al niet meer. 


Nederland is een land van technocraten en bureaucraten geworden waardoor het voortaan permanent in de steigers staat. De samenleving met zijn burgers wordt aangepast aan de modellen van de planbureau's daarbij gesteund door aanmoedigings - of ontmoedigingsbeleid van de overheid door middel van belastingwetgeving. Zo fungeren bijvoorbeeld klimaatmodellen en klimaatdoelen als aanjagers van economische veranderingen en gedragsverandering van burgers daarbij gesteund door de media. 


Nu lobby organisaties ofwel goede doelen NGO’s gezien werden als draagvlak voor beleid werden zij steeds politieker. Ze voerden acties en stapten voortaan naar de rechter om hun gelijk te halen. Rechters werden politieke scheidsrechters. Het enige echte draagvlak van de Nederlandse politiek, de Tweede Kamer en de politieke partijen hadden het nakijken.


Rutte probeerde eerst nog een kabinet in elkaar te timmeren met winnaar Groen Links. Voor Jesse Klaver geen punt. Met de handen in de zaken verklaarde hij de voorstellen over migratie mensonwaardig en deed niet mee. De Christenunie was bereid het gat op te vullen zodat Rutte III met D66 en CDA na de langste formatie sinds de Tweede Wereldoorlog kon starten. 


Aangezien de nieuwe managers van Nederland beseften dat het vertrouwen onder de kiezers in de vaderlandse politiek was afgenomen, besloten ze om aan het herstel van vertrouwen te gaan werken. Hoe dat moest, was niet duidelijk maar de intentie was er in ieder geval.


Maar helaas loopt niet alles of vrijwel bijna niets zoals door deskundigen, technocraten, bureaucraten en al die andere deskundigen was voorzien. Het noodlot sloeg toe, de goden lieten Nederland in de steek en de sterren stonden verkeerd.


maandag 5 oktober 2026

INTERNATIONAAL STRAFHOF: DE LEGE HANDEN VAN PREMIER JETTEN



Op de jaarlijkse VN Algemene Vergadering nam premier Jetten het op voor het in den Haag gevestigde Internationaal Strafhof (ICC). Een paar dagen daarvoor had Trump zich op dezelfde vergadering venijnig uitgelaten over dat strafhof. Als het aan hem ligt komt er een einde aan. 


Jetten kan ferme taal uitslaan over internationaal recht en internationale rechtsorde maar over welke machtsmiddelen beschikt hij om het Strafhof overeind te houden tegen de aanval van de VS? Eigenlijk niks behalve goede wil en steun van een internationale gemeenschap tevens lidstaten van het Internationaal Strafhof. Veel staten zijn geen lid en die wel lid zijn, zijn niet opgewassen tegen Amerikaanse druk, niet afzonderlijk en niet gezamenlijk.


Alleen de EU kan enig gewicht in de schaal leggen. Sommige EU landen zullen daarin ver willen gaan maar een land als Duitsland of Belgie met zijn NAVO hoofdkwartier in Brussel. Frankrijk is natuurlijk altijd goe voor enig Frans chauvinisme tegen Amerika maar als het om machtspolitiek gaat, is het land een stem realistischer.


Staten als China, India en Rusland zouden als grootmachten nog enig gewicht in de schaal kunnen leggen maar die zijn geen lid van het Strafhof en zullen dat ook nooit worden. Rusland al helemaal niet vanwege verzoeken tot aanhouding van president Putin en andere Russische regeringsleden voor onderzoek naar mogelijke misdaden tegen de menselijkheid, oorlogsmisdaden en deportatie van kinderen begaan tijdens de agressieoorlog tegen Oekraïne. 


Het Internationaal Strafhof heeft deze Amerikaanse aanval mede aan zichzelf te danken.Wie gaat nu een onderzoek doen naar mogelijke misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden gepleegd door Amerikaanse militairen en de CIA sinds 2003 in de oorlog tegen de talibaan in Afghanistan terwijl de VS het Strafhof niet erkennen?


Binnen het Strafhof zelf werd dan ook getwijfeld of dit wel zo verstandig was. De navraag tot het onderzoek in 2017 werd daarom afgewezen vanwege de moeilijke samenwerking, de VS werken er niet aan mee, en dus vermoedelijk weinig kans op succes.


Maar in 2020 werd in hoger beroep de aanvraag toch goed gekeurd en kon het Strafhof van start met zijn onderzoek. Dat was natuurlijk tegen het zere been van de VS en met name dat van president Trump. Die noemt het onderzoek een schending van de Amerikaanse soevereiniteit.


De ondertekenaars van het Statuut van Rome (1998), dat de basis is van de oprichting van het Internationaal Strafhof, hadden wel oog voor de noodzaak van internationaal recht zeker als het gaat om oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid maar te weinig aandacht voor de noodzakelijke politieke machtsvorming om dat recht te ondersteunen.


Recht zonder steun van politieke macht is een lege doos. Rechtspraak in een land kan alleen als de staat het alleenrecht op macht heeft met het monopolie op geweld. Het Neurenberg oorlogstribunaal kon plaatsvinden nadat Nazi Duitsland verslagen was waardoor het tribunaal ondersteund werd door de macht (de facto bezetting van Duitsland) van de geallieerden.


Premier Jetten staat met zijn verdediging van het Strafhof tegen de aanval van president Trump c.s. met lege handen. Hij heeft weinig of geen middelen om het Strafhof te behoeden voor zijn ondergang of zachter uitgedrukt neutralisering. 


Betekent dat het einde van de internationale rechtsorde. Dat hoeft niet. De VN staat nog altijd overeind evenals vele VN instellingen. Zelfs de grootmachten laten zich daar zien en horen. Misschien is het goed dat Nederland wat meer prioriteit geeft aan de VN in plaats van aan het ICC?

vrijdag 25 september 2026

DE TELOORGANG VAN DE PVDA. DEEL 13. DE PUINHOOP VAN SAMSOM

Diederik Samsom voelde zich als PvdA-leider verraden door Lodewijk Asscher toen hij zich kandidaat stelde in de lijsttrekkersverkiezing van hun partij. Samsom wilde weliswaar zélf een lijsttrekkersstrijd, maar niet tegen uitgerekend de man die hij in 2012 van Amsterdam naar Den Haag had gehaald om vicepremier te worden in het kabinet-Rutte II. (AD 16 november 2017)



Door zonder enige terughoudendheid te kiezen voor een coalitie met de VVD en mee te werken aan zware sociale hervormingen (verhoging AOW leeftijd en zorgstelsel) was Samsom de eerste partijleider die sociaal economisch voluit met zijn rug naar de traditionele kiezers van de PvdA was gaan staan. 


Die relatie met de traditionele kiezer stond cultureel al onder druk als gevolg van de individualisering en liberalisering van het gezin, het minderheden beleid en door de toenemende individualisering of liberalisering van huwelijk en gezin enz.


Het stemmenverlies begon al voor de Tweede Kamerverkiezingen. De partij verloor aanzienlijk bij de gemeenteraadsverkiezingen, de Europese en de Provinciale Statenverkiezingen. Volgens de peilingen zou de partij bij de Tweede kamerverkiezingen nog geen 10 zetels halen.


Alsof er niets aan de hand was, stelde Samsom zich toch weer kandidaat voor het partijleiderschap. Toen hij vervolgens besefte dat de partij wel eens te weinig zetels zou behalen voor een premierschap stelde hij voor om na de verkiezingen te fracties van PvdA en Groen Links te fuseren. Dat voorstel kreeg toen niet genoeg steun.


In december 2016 viel het verdict voor Samsom. Niet hij, maar tegenkandidaat Lodewijk Asscher werd met bijna 55% van de stemmen tot partijleider gekozen.  De voormalige minister van Sociale zaken en Werkgelegenheid moest de PvdA redden. Samsom begreep de boodschap en stapte op als fractieleider. Atje Kuiken volgde hem op. Na de verkiezingen in 2017 verdween hij uit de Tweede Kamer en daarmee uit de landelijke politiek.


Assher is van de Amsterdams PvdA school. Na een universitaire opleiding in Amsterdam en vijf jaar onderzoek begon hij in 2002 op 28 jarige leeftijd zijn politieke loopbaan als PvdA gemeenteraadslid in Amsterdam. Vanaf dat moment maakte hij snel carrière. Na twee jaar wordt hij fractievoorzitter. Bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2006 wordt hij lijsttrekker van de PvdA. De partij gaat van 16 naar 20 zetels. 


Daarop wordt Assher wethouder. Ondanks politiek bureaucratisch geharrewar werd hij na het aftreden van burgemeester Job Cohen waarnemend burgemeester. In 2012 werd hij Vice-Premier en minster van van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in kabinet Rutte II. Asscher was dus goed voorbereid op het partijleiderschap toen hij het opnam tegen Samsom. 


Na de verkiezingen bleek pas hoe groot de ramp was. De partij had slechts 9 zetels binnen gehaald. Het was Lodewijk Asscher niet gelukt om de partij te behoeden voor deze electorale ramp, want dat was het. In aantal zetels gerekend  was de PvdA de 7e partij geworden! De partij had in een klap zijn machtsbasis in de Tweede Kamer verloren. 


De partij was geïmplodeerd. De kiezers vlogen verdeeld uiteen over de verschillende partijen. Groen Links met Klaver als partijleider haalde ongeveer 6 zetels van de PvdA binnen, D66 met Pechtold aan de leiding ongeveer 5 zetels. Die twee partijen kregen de stemmen van de links progressieve stemmers in de academische wijken van Amsterdam en Utrecht. In Amsterdam werd Groen Links in een klap de grootste partij.


Een andere partij die profiteerde van het PvdA debacle was Denk. De loyale achterban in de multiculturele wijken van den Haag en Rotterdam voelde zich niet meer vertegenwoordigd door de PvdA en stapten over naar Denk. In de autochtone arbeiderswijken stapten de traditionele PvdA stemmers dan weer over naar SP en PVV.


Zo kreeg na de kabinetten Paars met Wim Kok onder het paars van Samsom de genadeklap. De partij werd ontmanteld door de kiezers. Het uiteenvallen van de PvdA had grote gevolgen voor het Nederlandse politiek. Er ontstond een kloof tussen de voornamelijk stedelijke, liberale, geïndividualiseerde, kosmopolitisch georiënteerde hoger opgeleiden en de lager geschoolden, de traditionele arbeidersklasse en de achterblijvers die afhankelijk zijn van overheidsvoorzieningen voor hun levensstandaard. 



donderdag 24 september 2026

DE TELOORGANG VAN DE PVDA. DEEL 12. DIEDERIK SAMSOM

Tussen 1995 en 2001 was Samsom werkzaam bij Greenpeace. Hij heeft geen enkele keer spijt gehad van acties waaraan hij heeft deelgenomen. "Maar er waren wel acties heel erg moeilijk, of slecht uitgevoerd."De PvdA'er heeft naar eigen zeggen geen strafblad. "Wel een vrij lange lijst van aanhoudingen en uitreikingen. Je wordt na een actie niet veroordeeld, je krijgt meteen een boete. Dan koop je het af, eigenlijk net als wanneer je door rood rijdt.” Hij verliet de organisatie omdat hij vond dat Greenpeace te weinig gedaan kreeg. "Ik zat op de publieke tribune na een actie die zo succesvol was dat er een debat van kwam, maar er gebeurde echt niks in de Tweede Kamer." Samsom verwacht niet dat zijn achtergrond als milieuactivist een probleem voor hem zal worden. RTL Nieuws



Job Cohen hield het politieke avontuur voor gezien. Hij meende niet aan de hoge verwachtingen te kunnen voldoen. In de Tweede Kamer was hij niet de man met de scherpe tong en de gevatte antwoorden. Met straatvechters als Wilders in debat gaan, was niet zijn ding. Dat is een tekortkoming die de media een gebrek aan aanwezigheid noemden.


Samsom, intussen een ervaren politicus als lid van de PvdA fractie in de Tweede Kamer, stelde zich kandidaat voor het partijleiderschap. Hij won de ledenraadpleging met 54% van de stemmen. Ronald Plasterk kreeg bijna 32%. Samsom verklaarde dat als de PvdA de grootste partij zou worden hij premier wil worden en in het geval de PvdA in de regering zou komen, hij fractieleider zal blijven. Samsom laat hiermee weten dat hij weet wat hij wil. Zijn ambities rijzen openlijk hoog.


Met Samsom had de partij een nieuw type leider. Wim Kok was een voormalig vakbondsman, Bos een bedrijfsmanager bij Shell, Cohen een klassieke bestuurder, Samsom een voormalig Greenpeace activist. Geen wonder dat met Samsom klimaat en milieu een sprong omhoog maken op de politieke prioriteitenlijst van de PvdA.   


Samsom maakt uiteindelijk van de sociaal-democratische PvdA met een groen randje een groene partij maken met een sociaal-economisch randje. Wat onder Kok was begonnen, werd door Samsom voltooid. De PvdA als de partij die naar de werkmensen luistert en naast hen staat en politiek bedrijft om hen een waardige plek in samenleving en maatschappij te geven, is de partij geworden van de hoger opgeleiden die mens en maatschappij terugbrengen tot wetenschappelijk hanteerbare en meetbare grootheden en solidariteit terugbrengen naar paternalisme en materialisme.


Niettemin wordt Samsom nog gezien als de erfgenaam van de sociaal-democratie. Als moderne, jonge debater met losse boord weet hij 38 zetels binnen te halen. Daarmee werd hij een goede tweede. Rutte als aanstichter van het intussen mislukte gedoogkabinet wist wonderbaarlijk genoeg zijn mislukking om te zetten in een winst van 41 zetels.


Wilders en Verhagen werden daarentegen afgestraft voor de mislukking van het gedoogkabinet. Wilders verloor 9 zetels, Verhagen 8. Wilders bleef met 15 zetels een rekenkundige middenpartij net als trouwens de onmachtige SP.

Het CDA werd met 13 zetels nog net geen kleine partij, net als D66 met 12 zetels. De uitslag maakte rekenkundig een twee-partijen-kabinet VVD-PvdA mogelijk. Met 79 zetels heb je een redelijke meerderheid als iedereen zich aan de afspraken houdt. 


Samsom en Rutte zijn uit hetzelfde hout gesneden. Ze weten wat ze willen en zijn pragmatisch zodat ze niet struikelen over ideologische opvattingen. Rutte werd uiteraard minister president en Samsom bleef als bewaker van fractie en de politieke lijn fractieleider. Lodewijk Ascher werd PvdA vice-premier en minster van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.


Het regeerakkoord van Rutte II, “Bruggen slaan” berustte op 3 pijlers: de schatkist op orde brengen, eerlijk delen en duurzame groei. Belangrijk waren de bezuinigen en lastverzwaring van 16 miljard, fasering hypotheekrente aftrek, verhoging van de AOW leeftijd,  verhoging van het eigen risico in de zorg en overheveling van ondermeer jeugdzorg naar gemeenten.


Dat duurzaam de nieuwe politieke prioriteit en slogan was, werd bevestigd met de totstandkoming van het “Energieakkoord voor duurzame groei”. De politiek agenda zou voortaan draaien om milieu, klimaat en duurzaamheid. Een politieke nieuwigheid was ook de manier waarop het akkoord tot stand kwam. Geen klassiek polderen van overheid met alleen vakbonden en werkgevers maar flink uitgebreid met milieu-, klimaat- en natuur-organisaties, tezamen een veertigtal. 


In het akkoord wordt voorzien in de sluiting van kolencentrales, de bouw van windmolens te land en ter zee, zonnepanelen, energiebesparing en het terugschroeven van de gaswinning in Groningen. Duurzaamheid wordt het nieuwe politieke toverwoord voor de maakbaarheid van de samenleving tot wel honderd jaar vooruit.


Den Haag wordt de alomvattende regisseur van de toekomst van Nederland en zijn inwoners. Nederland nadert met zijn planbureau’s en polderakkoorden de centraal geleide economie met intact lating van kapitalistische economie en vrije marktwerking. 


De eerste stappen daartoe werden al meteen na de Tweede Wereldoorlog gezet met de oprichting van het Centraal Plan Bureau in 1947. De eerste directeur  was macro-econoom, Nobelprijs winnaar en social-democraat Jan Tinbergen. Tijdens het meest progressieve kabinet van Nederland ooit, het enige kabinet Den Uyl, werd het Sociaal en Cultureel Planbureau (1973) opgericht. In 2008 volgde de oprichting van het Planbureau voor de Leefomgeving. 


Den Haag is voortaan de regisseur op zo goed als alle levensgebieden van de burgers. Politieke besluitvorming en bestuur worden verwetenschappelijkt daarbij gesteund door een groeiende hoeveelheid hoger opgeleide ambtenaren. De politieke agenda wordt langs wetenschappelijke weg vastgesteld. Kiezers en burgers staan daarbuiten en kijken ernaar of toch niet?