donderdag 29 januari 2026

WORDT JESSE KLAVER DE NIEUWE LENIN?

De gelijkenis tussen het GL/PvdA affiche met Jesse Klaver en hetRussische affiche met Vladimir Lenin is verbazingwekkend groot: de zwaaiende arm en hand Jesse heeft geen pet in zijn hand), de rode achtergrond en de mensen. De maker is duidelijk geïnspireerd geweest door de communistische propaganda. Tekst op het Russische affiche: lang leve de socialistische revolutie. Bij Klaver gene revolutie maar ene regeerakkoord. 

 

Kwade tongen beweren dat door de fusie met Groen Links de PvdA radicaal links is geworden. Je zou zeggen dat dit affiche zulks bevestigt. Vreemd is de veronderstelling niet in aanmerking nemend dat de PvdA zelf altijd al een stevige linkervleugel heeft gehad die de partij ziet als de weg waarlangs het socialisme in Nederland gevestigd gaat worden. 


Geen idee hoe sterk die vleugel nog is. In de jaren zeventig en volgende in de vorige eeuw was het een sterke vleugel die politiek behoorlijk aanwezig was. Het is ook van oudsher een vleugel die zich roert. Mij lijkt dat die linksrevelugel in het vaarwater van de zachte krachten, feminisme en minderheden terecht is gekomen, de plaatsvervangers van de onderdrukte arbeiders. 


Groen Links heeft vanaf zijn ontstaan een radicaal linkse achtergrond. Te beginnen natuurlijk met de CPN, heel lang een vazal van Moskou tot hij in handen viel van de protestgeneratie van de jaren zeventig in de vorige eeuw. Die wisten geen raad met de Stalinistische kadaver discipline waardoor er al snel scheuringen ontstonden. Altijd al een gevolg geweest van betweterig radicalisme. 


De Pacifistische Socialistische Partij was uiteraard een al even radicale partij maar met een vleugje zelfkritiek en geen kadaverdiscipline. De partij draaide jarenlang om de persoon van Fred van der Spek. Net als de CPN lukte het de PSP nooit om boven de 2 zetels uit te komen terwijl de pretentie hetzelfde was, namelijk met behulp van de arbeiders de macht nemen.


De derde poot van Groen Links, de PPR bestaande uit dissidente christenen, was misschien wel de radicaalste partij van de drie. Ze begon uit ontevredenheid over het behoudzuchtige CDA dat niet of slechts zwaar geconditioneerd wilde samenwerken met de PvdA. 


Vergeet niet dat het CDA toen een machtig politiek bolwerk was net als de PvdA. Maar de PvdA sloot meer aan bij de nieuwe kritische tijdgeest dan het CDA. Het waren de dagen van de vernieuwing van mens en maatschappij.


Wanneer Christenen het schip van kerk en geloof verlaten dan doen ze dat grondig.  De dissidenten baseren zich op de wat heet revolutionaire kanten van de bijbel en dan vooral die van het nieuwe testament; radicale naastenliefde, solidariteit, gelijkheid, tegen de bestaande orde, zwaarden worden ploegen enz.


In hoeverre al deze erfenissen zullen doorwerken in de nagestreefde fusie tussen PvdA en Groen Links is moeilijk vast te stellen. Als de fusie doorgaat wordt het in ieder geval een linkse familie met een radicale (socialistische), een idealistische en een pragmatische vleugel.


woensdag 28 januari 2026

DE NAKENDE ONDERGANG VAN WILDERS

De PVV zakt in de peiling van Maurice de Hond van 17 januari met maar liefst 9 zetels. De peiling is gehouden voor het vertrek van de 7 dissidente fractieleden. Of hun vertrek zal leiden tot meer zetelverlies in de peilingen is niet zeker maar wel zeer waarschijnlijk. De kans is groot dat nog dit jaar de PVV in de peilingen zal zakken tot 10 zetels of minder. Volgens de Hond stappen PVV kiezers over naar FVD (winst 7 zetels sinds de TK verkiezingen) en Ja 21 (winst 2 zetels). 



 

Het nieuws dat maar liefst 7 leden van de fractie Wilders, bekend onder de naam PVV, met onmiddellijke ingang de fractie verlaten, slaat in als een bom. Wie had gedacht dat zoiets nog kon gebeuren? Had Wilders er niet flink de wind onder bij zijn 26 koppige bemanning, was er geen kadaverdiscipline meer? Wat is er gebeurd? Hoe dit te verklaren?


Als gediplomeerd politicoloog uit Nijmegen zoek ik naarstig naar een verklaring voor dit fenomeen en wat plopt er ongevraagd op in mijn brein? Dat is de naam Dilan Yesilgöz, volgens velen de fractieleidster van de VVD die niet alleen de combinatie GL/PvdA heeft uitgesloten van regeringsdeelname (hoe durft ze?!) maar ook nog eens de bende van Wilders politieke ruimte heeft gegeven door deelname aan de regering Schoof.


Volgens velen was dat een misdaad tegen de menselijkheid of op z’n minst tegen het politieke fatsoen of in ieder geval not-done. Yesilgöz had met Wilders de duivel in persoon op het politieke toneel van den Haag gezet, een onvergeeflijke daad die haar tot aan haar dood en nog lang daarna niet zal worden vergeven.


Maar is deze zogenaamde misstap van Yesilgöz  om met de PVV een rechtse regering Schoof te vormen niet juist het verval van de Wilders-clan begonnen en daarmee de sanering van rechts? Is dat dan niet juist een duivelse meesterzet geweest die uiteindelijk in het voordeel van de democratie in Nederland uitpakt?


Ga maar na. De vorming van het kabinet Schoof leidde herhaaldelijk tot gezichtsverlies voor Wilders. Dat begon al met het simpele feit dat hij als leider van de grootste fractie in de Tweede Kamer en zoals gebruikelijk, geen minister president mocht worden. Wilders deed water in de wijn. Dat hij tot dan toe altijd geweigerd.


Vervolgens blijken zijn PVV ministers voortdurend fouten te maken die breed uitgemeten worden in de (vijandige) pers. Maar daar blijft het niet bij. Hij zelf schoffeert Schoof en zijn regering alsof die regering niet ook zijn kind is.


Tot overmaat van ramp stapt hij na enkele maanden met veel kabaal en gedreig uit het kabinet waaraan hij zelf maanden heeft gewerkt. Hij gokt op nieuwe verkiezingen waarin hij met zijn brutale mond nog groter zal worden en dus onvermijdelijk premier van Nederland. 


Maar hij blijkt verkeerd gegokt te hebben. Zijn partij wordt niet groter maar kleiner en zelfs kleiner dan D66, een van de door Wilders meest gehate partijen! D66 wordt de grootste partij en de jonge partijleider Jetten waarschijnlijk premier. Het verval van de PVV begint zich nog scherper af te tekenen. 


De genadeklap voor zijn partij komt als zeven leden van de PVV fractie, onder leiding van een van zijn trouwe volgelingen en vriend (ook gij Brutus!?), besluiten een einde te maken aan de kamikaze politiek van Wilders. 


Die had net laten weten niet op de koffie te komen bij de drie formateurs van de nieuwe regering Jetten m.a.w. de PVV zou zich de komende regeerperiode beperken tot het afvuren van losse flodders in plaats van te streven naar het politiek haalbare voor zijn kiezers. Dat werd zeven van zijn volgelingen nou net teveel.


Zo kan het toch nog goed komen. Yesilgöz is niet de duivel gebleken maar een politica met visie en een goed oog voor wat mogelijk is in de politieke polder Nederland. Moge de goden haar en haar partij gunstig gezind zijn.


dinsdag 27 januari 2026

KANTTEKENINGEN BIJ KANDINSKY. 1. DE ZIEL VAN DE KUNSTENAAR

 

Zelfportret van Kandinsky, 1924


Wassily Kandinsky is in zijn boek ‘Spiritualiteit en Abstractie in de Kunst’ (uitgeverij Christofoor) een veeleisend man voor kunstschilders. Hij eist talent, idealisme en een hoge inzet. Hij heeft het over het gif van de gemakzucht dat zelfs de kunstenaars die naar een hogere geestelijke uitdrukking streven, kan aantasten en met minder genoegen doen nemen.


De gemakzuchtige kunstenaar blijft steken in het hoe. “De stof die haar inhoud moet geven zoekt zij in de harde materie omdat ze de fijne niet kent.” Hun wilde jacht naar succes maakt de kunst nog oppervlakkiger.


Hoe hard zijn oordeel is, blijkt uit het volgende citaat.


“Op de weg van het ‘hoe’ gaat de kunst voort’. Zij specialiseert zich, wordt alleen nog maar begrepen door de kunstenaars zelf, die beginnen te klagen over onbegrip van het publiek ten opzichte van hun werken. Aangezien de kunstenaars in zulke tijden doorgaans niet veel hoeven te zeggen om al door een geringe ‘anders’-geaardheid af te steken bij de rest en dan door een bepaald kliekje van beschermers en kenners om wille van dat ‘anders’-zijn worden opgehemeld (wat ook nog stoffelijke voordelen oplevert!) werpt zich een menigte van uiterlijk begaafde, handige lieden op deze kunst die blijkbaar zo eenvoudig te veroveren is. In elk ‘kunstcentrum’ leven duizenden en nog eens duizenden van zulke kunstenaars, waarvan het grootste gedeelte alleen maar een nieuw maniertje zoekt en zonder enthousiasme met koud hart en slapende ziel miljoenen kunstwerken produceert.” (blz.24 en 25 in genoemd boek).


Oordeelt Kandisky hier niet te hard over al die zwoegende kunstenaars die bij gebrek aan talent toch hun best doen om kunst te maken? Per slot van rekening kan niet iedereen het niveau bereiken van Beethoven die volgens Kandinsky aan de top staat van de driehoek van het culturele geestelijk leven.


Maar de top van de cultureel geestelijke driehoek berust op een brede basis. Je kunt daarom ook zeggen dat dankzij die brede basis van middelmatige, doorsnee kunstenaars die graag erkend willen worden en liefst ook materieel succes hebben, de top mogelijk maakt. Zonder brede basis geen top. 


Het ‘hoe’ is bij Kandinsky de ambachtelijke kant van de kunst. De kunstenaar moet zijn ambacht kennen: vertrouwd zijn met penseel en verf, weet hebben van composities en perspectieven, de effecten van kleuren enz. 


Maar dat is niet genoeg. De kunstenaar moet ook inhoud hebben. Kunst moet ergens over gaan anders valt op een gegeven moment de kunst door de mand. Dan is kunst als de kleren van de keizer die uiteindelijk in zijn nakie bleek te lopen.


De kunstenaar die verder kijkt dan het ‘hoe’ is een profeet met vooruitziende blik die het puur materiële, het realisme van het obeject, weet te overstijgen en een nieuwe spiritualiteit introduceert, het ‘wat’ van de kunst.


Kandinsky noemt dit ‘wat’ het geestelijk brood dat uit de ziel van de kunstenaar komt. “En dit ‘wat’ zal dan ook niet meer hetzelfde materiële, materialistische ‘wat’ zijn van de vroegere periode, maar een artistieke inhoud, de ziel van de kunst, zonder welke haar lichaam (het ‘hoe’) nimmer een volmaakt gezond leven kan leiden, evenmin als een mens of een volk. … Dit ‘wat’ is de inhoud die alleen de kunst eigen is en die alleen door de kunst en de aan haar inherente middelen op heldere wijze tot uitdrukking kan worden gebracht.” (blz 26)


Met deze mystieke bewoording van bijna religieuze aard plaatst Kandinsky de kunst op een voetstuk, een heel hoog voetstuk. Kunst als de boodschapper van het spirituele leven van de mensen. Een plaats die de kunst in de Middeleeuwen had, maar dan dankzij de kerk.

maandag 26 januari 2026

SELFIE MET SCHILDERIJ IN OPBOUW

 

Terwijl ik aan het werk ben in mijn winterkoude atelier, met 2 elektrische kacheltjes haal ik ongeveer 12 graden, peins ik over de nare berichten die ik gehoord heb over AI. Er zouden maandelijks 50.000 met AI geschreven songs verschijnen. Troep natuurlijk maar tot mijn verbazing worden er hits mee gescoord. Illustratoren voelen zich ook al bedreigd door AI. Hun werk wordt gebruikt om AI te leren illustraties te maken. Het is onvermijdelijk dat dit ook in de schilderkunst staat te gebeuren. Stel je voor 50.000 schilderijen per maand er bij! Ik troost me met de gedachte dat ik nog echte schilderijen kan maken, zelf bedacht en eigenhandig geschilderd. Dat is en blijft uniek.

vrijdag 23 januari 2026

72. MEXICAANSE VERTELLINGEN. AUGUSTIN

 

Mexicaanse migranten worden in Amerika wetbacks genoemd. In Mexico heten ze mojados. Vertaald betekent dat "natte ruggen" die ze zouden hebben gekregen door illegaal de grensrivier Rio Grande over te steken. Tijdens hun vakanties in het thuisland laten ze graag hun grote pick-up trucs zien als bewijs van hun succes in Amerika. (foto: petrus)

Ze hebben hun stoelen nog maar net aangeschoven of er dient zich een gast aan. Joviaal groet hij Diego die meteen van zijn stoel opstaat en hem omhelst. Diego stelt hem voor als Augustin, een vriend uit het dorp. Ze kennen elkaar al lang. Diego nodigt hem uit om er bij te komen zitten.


Voordat Augustin gaat zitten, stelt hij zich voor aan de anderen en de anderen aan hem. Hij zegt vereerd te zijn het gezelschap te ontmoeten en blij om Diego weer eens te zien. Hij is eergisteren aangekomen uit Chicago.


Het gezelschap kijkt verbaasd, behalve dan Diego. Augustin is een Mexicaan, dat is in alles aan hem te zien en te horen. Hij is zo te zien geen rijke Mexicaan die zich zo maar even een reis naar Chicago kan veroorloven.


Augustin kent die verbazing hoewel hij toch zeker niet de enige Mexicaan is die vertrokken is naar Amerika en af en toe terugkomt. Zelfs uit San Miguel zijn er in de loop der jaren tientallen mannen en een enkele vrouw naar Amerika vertrokken. Dat zegt wel wat op een gemeenschap van zeventig boerengezinnen, wat winkeliers en ander loslopend volk.


Sommigen komen jaarlijks met de kerstdagen en de paasdagen, de belangrijkste feestdagen van het jaar, op bezoek bij hun familie, ouders, vrouw, kinderen en wat dies meer zij. Het is een terugkerend ritueel om even thuis te komen, de plek waar je geboren bent.


Je komt ook naar huis om je succes daar ginds aan de andere kant van de Rio Grande te vieren en te zien hoe het geld dat je regelmatig opstuurt, gebruikt wordt. Wie geen succes heeft, komt liever niet naar huis. Sommigen reizen met de bus, anderen leggen de lange weg af met hun pick-up truck, anderen kunnen zich het vliegtuig veroorloven. Zo iemand is Augustin.


Hij meldt zich zelfs meerder keren per jaar per vliegtuig op zijn thuisbasis in San Miguel Regla, waar zijn tweede gezin woont. Zijn eerste gezin heeft hij in Chicago, een Mexicaanse vrouw die hij ontmoet heeft op zijn werk bij de catering van American Airlines. Zij komt nooit mee naar San Miguel.


In Chicago woont hij samen met haar. Ze hebben geen kinderen. Met de tijd is de liefde gesleten maar ze blijven bij elkaar. Alleen in Chicago is ook maar alleen en het is nu eenmaal financieel voordeliger samen een huis te hebben. 


Tijdens een van zijn bezoeken, alweer lang geleden, heeft Augustin in San Miguel Irma leren kennen. Ze hebben een kind en vanaf diens geboorte heeft Augustin een tweede gezin maar dan in Mexico. Hij heeft een huisje voor haar, hun kind en zijn schoonmoeder gekocht. Sindsdien komt hij regelmatig op bezoek in San Miguel.  


Irma is zijn rustpunt in zijn hectische leven in Chicago. Het levensritme van Amerika verschilt hemelsbreed van dat van Mexico. Hij heeft er nooit helemaal aan kunnen wennen. Noem het heimwee naar de Mexicaanse levensstijl. Met het geld dat hij in Amerika verdient heeft hij een goed leven in Chicago én in San Miguel Regla. 


Diego vraagt of hij lang blijft? Drie weken, zo lang kan hij wegblijven op zijn werk. Hij moet maar eens op bezoek komen samen met Julia. Diego knikt. Dat zullen ze zeker doen. Augustin drinkt zijn koffie op, slaat Diego nog even op zijn schouder, groet het gezelschap en vertrekt. 


donderdag 22 januari 2026

HET MONUMENTALE VERVAL VAN HAVANA

Het verval van Havana is al tientallen jaren aan de gang zoals uit de fotorapportage van de binnenstad van Havana gemaakt in 2008 blijkt. Dat Cuba nu ook geen olie meer krijgt uit Cuba maakt het allemaal nog erger dan het al was al zou je denken dat het niet meer erger kan worden. Cuba is meteen ook het het  bewijs van de opvatting dat socialisme wel de armoede kan verdelen maar niet in staat is welvaart te scheppen.



Oude centrum, Havana 2008. 



Calle San Ignacio, oude centrum Havana 2008



Het oude centrum van Havana, 2008



Centrum Havana, 2008

 

woensdag 21 januari 2026

DE MEXICAANSE ROMANTISCHE DICHTER MANUEL GARCIA CANO

Manuel Garcia Cano verkoopt op het plein voor Bellas Artes (museum voor schone kunsten) in Mexicostad kleine boekjes met door hem geschreven gedichten.


Terwijl ik met mijn camera in de aanslag over het plein voor het Paleis voor de Schone Kunsten in Mexico-stad loop, zie ik in mijn rechter ooghoek een oudere, bebaarde man naar me toelopen. Hij laat me een minuscuul boekje zien en vraagt of ik het wil kopen.


Hij zegt dichter  te zijn en dat in het boekje enkele gedichten van hem staan. Hij heeft er prijzen mee gewonnen. Ik aarzel even maar besluit om deze dichter annex straatverkoper tegemoet te komen. Kunstenaars moeten begrip tonen voor elkaar, nietwaar?


Ik neem het boekje aan. Ik bekijk de artistieke voorkant met de titel ‘Eco de las Horas’ (Echo van de Uren). Onderaan staat ‘Analogia Poética (poëtische bloemlezing) met zijn volledige anders en moeders naam, Manuel García Cano Millán.


Ik besluit het te kopen en vraag hem wat het kost. Dat mag ik zelf bepalen. Ik besluit er twee te kopen, een voor mijn Mexicaanse vriend die poëtisch is aangelegd en een voor mezelf. 


Nu is het mijn beurt om te bedelen. Ik vraag hem of ik een portret van hem mag maken. We lopen naar opzij van het plein. Ik zeg hem zijn gezicht een beetje omhoog te houden zodat het  niet wegvalt in de schaduw van zijn pet.


Op mijn vraag naar mij te kijken, reageert hij niet, tot drie keer toe. Hij volhardt in zijn pose met de boekjes in de hand en zijn blik op de verte gericht. 


Ik maak dat wel vaker mee. Romantische mensen poseren graag met een blik naar de verte als om een onbestemd verlangen of heimwee uit te drukken. Het is de blik van de romanticus op zoek naar zijn bestemming.


Thuis gekomen heb ik twee gedichten vertaald. 


De schaduw van de maan. 


De mantel van de nacht 

valt over de kou 

die de wind blaast, 

de uren komen 

met het nachtelijke gezang, 

omarmen onze dromen, 

ze zoeken beschutting 

in het licht van de gedachte, 

wachtend om te genieten 

van de dromerige vluchten van de maan, 

het masker van schaduwen 

daalt neer op de kever, 

vergezeld door de cicade

om over de dagen van gisteren te vertellen 

die de nostalgie oproepen 

van die ontmoeting 

die geen spoor achterliet, 

alleen stof dat de vlucht van de wind volgt.


 Pelikaan.


Harpoen van de lucht.


Schepnet

dat vissen

verleidt


Zoutvisser