Posts tonen met het label hidalgo. Alle posts tonen
Posts tonen met het label hidalgo. Alle posts tonen

donderdag 4 december 2025

SAN MIGUEL REGLA, UN PUEBLO MAGICO

donderdag 27 november 2025

STRAATARTIEST: PAYASO DE TULANCINGO


In de Mexicaanse stad Tulancingo in de staat Hidalgo trof ik in november 2025 deze clown aan voor een rood stoplicht. Zo lang het licht op rood staat doet hij zijn kunstjes voor de stilstaande auto's. Vlak voordat het licht op groen springt loopt hij met zijn rode pet langs de wachtende rij auto's. Hoe drukker het kruispunt, hoe grote de kans om meer op te halen.

En la ciudad mexicana de Tulancingo, Hidalgo, me encontré con este payaso en un semáforo en rojo en noviembre de 2025. Mientras el semáforo esté en rojo, realiza sus trucos para los autos detenidos. Justo antes de que el semáforo se ponga en verde, pasa junto a la fila de autos con su gorra roja. Cuanto más concurrida esté la intersección, mayor será la probabilidad de cobrar más.

vrijdag 11 april 2025

34. MEXICAANSE VERTELLINGEN. DE MUUR

 

Een moeder met haar twee zonen zaait bonen in. (foto: petrus nelissen 1976)

Het zint de boeren van San Miguel helemaal niet dat de nieuwe eigenaren van de hacienda, die er een hotel voor toeristen uit de hoofdstad van hebben gemaakt, het meer met het omringende bos als hun eigendom beschouwen. Nu ze er een twee meter hoge en een halve meter dikke muur omheen hebben laten zetten, ergeren de dorpeling zich nog meer aan dit onrecht want dat is het. Ze spotten met de revolutie die zoveel mensenlevens heeft gekost. Al het land van de hacienda zou immers het dorp ten goede komen.


Er is al verschillende malen een delegatie van het dorp bij de burgemeester geweest, maar die zegt dat hij niks kan doen. Het zit er dik in dat hij zijn positie niet in de waagschaal wil stellen voor een paar boeren ergens achteraf.  


Daarop zijn ze naar de gouverneur in Pachuca getrokken. Ook dat haalt niks uit. Die verklaart zich om dezelfde reden als de burgemeester onbevoegd in de zaak. Ze moeten bij het ministerie van landbouw zijn.


Daar lukt het hen zowaar een afspraak te maken met de ambtenaar van dienst. Die haalt er dikke dossiers bij en belooft de zaak ten gronde te bestuderen. Zodra hij meer weet zal hij de boeren informeren. Tot nu toe hebben ze geen bericht ontvangen. De revolutie lijkt op dood spoor te zijn geraakt in de catacomben van de bureaucratie.


Het is het bekende verhaal. Politici komen naar hun dorp als ze hun stemmen nodig hebben. Dan krijgen ze pulque, tequila, kip en worst. Als de geachte afgevaardigde eenmaal gekozen is, dan zien ze hem nooit meer terug. Pas bij de volgende verkiezingen laat hij zich weer zien en dan begint het verhaal weer van voren af aan. Verkiezingen zijn een terugkerend ritueel waarbij altijd de gevestigde revolutionaire partij aan de macht komt. Dat is het lot van San Miguel en het vaderland.


Nu zijn boeren geduldig. Dat heeft de natuur ze geleerd. Regen en zonneschijn komen nu eenmaal niet op commando. Soms regent het weken lang niet, zo lang dat de beken uit de bergen onooglijke straaltjes water worden. Dan zit er niks anders op dan te wachten tot de weergoden of welke goden hen gunstig gezind zijn. 


Maar op een dag raakt hun geduld met de muur op. De muur is geen natuurverschijnsel. Die is met mensenhanden gemaakt en kan dus ook met mensenhanden worden afgebroken. Ze besluiten de muur te slopen ondanks hun huiver voor de autoriteiten. Ze rapen de moed die her en der verspreid in het dorp nog rest bijeen en maken een heimelijk sloopplan.


Op het afgesproken uur van de afgesproken nacht sluipen ze als een groep kwajongens naar het noordelijk deel van de muur, het deel dat het verste weg ligt van de gebouwen en beginnen met de sloop. Dat valt tegen. De sloop gaat moeizamer dan ze gedacht hadden. Met veel moeite en zonder onderbreking, niemand van het hotel laat zich zien, hebben ze tegen de ochtend een gat van ongeveer 80 meter lang gemaakt.


Bij het aanschouwen van de ruïnes in het zonlicht voelen ze zich  trots dat ze het gedurfd hebben. Tegelijk slaat de schrik hen om het hart. Ze moeten er niet aan denken dat ze opgepakt worden door politie of wie weet het leger. Wat zal er dan van hun terecht komen?


Hun trots wint het van de angst. Ze besluiten om de overwinning op de muur en hun angst te vieren met een feestmaal. Ze beginnen met pulque. Daarna wordt de traditionele barbecue met de intussen geslachte geit klaar gemaakt. 


Met pulque bij de hand is het wachten tot het vlees gaar gesmoord is in de verhitte grond. Naarmate ze meer pulque drinken stijgt de moed hun naar het hoofd. Ze voelen zich helden van de revolutie, kleine helden want bang voor de autoriteiten blijven ze. 


Het feestje van de dapperen groeit uit tot een klein dorpsfeest. Politie of andere overheidsdienaren zijn in geen velden of wegen te zien. De actie is voorlopig geslaagd maar of die ook wat oplevert is de vraag. 

maandag 2 maart 2020

GROETEN UIT TULA MET ZIJN "KATHEDRAAL" VAN DE TOLTEKEN, MEXICO 1975

Tula, also called Tollan, ancient capital of the Toltecs in Mexico, it was primarily important from approximately ad 850 to 1150. Although its exact location is not certain, an archaeological site near the contemporary town of Tula in Hidalgo state has been the persistent choice of historians. Mexico, 1975


maandag 3 juni 2019

CARAMBA MEXICO

Fotoboek 'Caramba Mexico', 45 foto's, Nederlandse en Spaanse tekst, totaal 97 pagina's, afmeting 20x20 cm, uitgegeven in eigen beheer in 1999, grafische vormgeving Marieke en arpie. Het boek is opgedragen aan alle indianen van Mexico, door de eeuwen heen telkens opnieuw slachtoffer van onderdrukking en uitbuiting.

Van 1975 tot 1977 werkte en woonde ik in Mexico-stad (Distrito Federal), toen al een  metropool met naar schatting 20 miljoen inwoners, randsteden als Naucalpan en Netzahualcoyotl meegerekend. De laatste was trouwens in die tijd niet veel meer dan een gefatsoeneerde krottenwijk bevolkt door van het platteland toegestroomde gezinnen op zoek naar werk en inkomen.

Geïnspireerd door beroemde Noord Amerikaanse fotografen als Dorothea Lange en Russell Lee van de Farm Security Administration ten tijde van de dust-bowl in de jaren ’30 van de vorige eeuw, Edward Weston en zijn vrouw Tina Modotti die in Mexico hebben gewerkt, de franse fotograaf Cartier Bresson en niet te vergeten Diana Arbus, ging ik aan het werk in Mexico-stad en later ook op het platteland.

Ik zwierf bijna elke zaterdag, vaak samen met mijn oudste dochter, door de straten van de stad op zoek naar treffende portretten van de mensen die op de een of andere manier op straat een bestaan probeerden te vinden. Dankzij een prille vriendschap met een Mexicaanse collega van het platteland die zou uitgroeien tot een levenslange vriendschap, bracht ik ook weekeinden met mijn gezin door in het dorp San Miguel Regla, op een paar uur rijden van Mexico-stad gelegen in de bergen van de deelstaat Hidalgo, op een uurtje van de hoofdstad Pachuca.

Pas twintig jaar later, eenmaal terug in Nederland, was ik in de gelegenheid om de beste foto’s uit mijn Mexicaanse tijd te publiceren in een fotoboek onder de titel “Caramba Mexico” (ontwerp van de voorkant van mijn dochter Marieke)  Aangezien ik door mijn werk geen tijd had om contacten te leggen met de wereld van de fotografie zoals tijdschriften, galeries en uitgevers, gaf ik het boekje in eigen beheer uit. De kwaliteit van de uitgave liet vanwege de kosten te wensen over. Het boekje werd dan ook geen succes maar wel een stille getuige van mijn werk.

Ondertussen hield ik contact met mijn Mexicaanse vriend. Toen hij hoorde dat het mijn droom was om de foto’s uit mijn Mexico tijd als het ware terug te kunnen geven aan het land waar ik zo intensief gefotografeerd had en het vak van straatfotografie onder de knie had gekregen, ging hij tot mijn grote verrassing onmiddellijk aan het werk.

De affiche voor de tentoonstelling in Pachuca, Hidalgo, Mexico


Ook hij had geen enkel contact met de wereld van de fotografie of de beeldende kunsten maar dat was geen belemmering voor zijn inzet, ijver en doorzettingsvermogen. Als een terriër beet hij zich vast in het fotoproject. Het lukte hem om een fototentoonstelling te organiseren met hulp van enkele vooraanstaande mensen uit de gemeente Huasca waartoe zijn dorp San Miguel Regla behoort. Vervolgens raakte ook de Burgemeester van de hoofdstad Pachuca geïnteresseerd in het project. Zij gaf de opdracht aan de directrice van de Casa Cultural van Pachuca in zijn galerie een fototentoonstelling te organiseren met meer dan 30 foto’s uit het fotoboek ‘Caramba Mexico’.

De tentoonstelling werd onder veel belangstelling op vrijdagmiddag 17 mei door burgemeester Yolanda Telleria zelve geopend. Daar had zij op gestaan. Daarvoor was zelfs de openingsdag van 16 naar 17 mei verschoven. Het was voor mij een eer haar te mogen rondleiden langs alle foto’s in de galerie. Zo waren mijn foto’s na bijna 45 jaar toch thuisgekomen. Ik hoop dat ze een kleine bijdrage  zullen zijn aan het besef dat de menselijke waardigheid gediend is met sociale rechtvaardigheid.

maandag 1 mei 2017

FILM DAGBOEK MEXICO 8 (SAN MIGUEL REGLA)



Na de filmdagen voor de film "Een rebel in de vakbeweging"  brachten we
samen met mijn Mexicaanse vriend een bezoek aan zijn ouders
in zijn geboortedorp San Miguel Regla.(september 1979)
Op ongeveer 2 uur rijden van Mexico stad, naar het noorden, naar Pachuca de hoofdstad van de staat Hidalgo, ligt het dorpje San Miguel Regla. Na Pachuca, toen nog een kleine provinciestad maar inmiddels gegroeid tot ongeveer 300.000 inwoners, ga je dieper de bergen in. Onderweg kom je door Real del Monte, een dorp met zilvermijnen die in de loop der eeuwen leeg gehaald zijn. Het zilvererts werd verderop gewassen in daartoe aangelegde bassins in Hacienda San Miguel Regla, de hacienda waar omheen San Miguel Regla ligt.

Hier wandelt mijn vriend Bernard, filmregisseur en coproduceert,
samen met mijn vriend Adrian tussen de maïs aanplant
in San Miguel R. (september 1979)

Voordat we San Miguel R. binnenrijden komen we ook nog door het iets grotere dorp Huasca waar de wekelijkse markt wordt gehouden, enkele grotere winkels zijn en belangrijk voor mijn vriend Adrian, een internet winkel. Hier in de bergen op een uur van Pachuca hadden tot voor kort nog maar weinig mensen een internet verbinding. Intussen is daar verandering in gekomen, o.a. dank zij de GSM.

Het is nauwelijks voorstelbaar maar in de jaren zeventig van de vorige eeuw, de tijd dat ik San Miguel R. regelmatig bezocht, was er helemaal nog geen verbinding met de buitenwereld behalve een schaarse telefoon en her en der TV. Die was trouwens nog maar amper het sociale leven van de dorpen binnen gedrongen. Dat sociale leven werd bepaald door het wel en wee van de ejido, het gemeenschappelijke grondbezit van alle boerenfamilies van het dorp.

Kind in de deuropening van een huis in San Miguel Regla (september 1979)

Over de onderlinge verdeling van de grond, het gebruik en de geschillen moet regelmatig vergaderd worden. Die vergaderingen worden geleid door een Commissaris, gekozen uit de leden van de ejido. Het is een liefde oud papier baan. Je wordt er niet voor betaald, daarvoor is iedereen te arm. 

Denk nu niet dat het een eenvoudig baantje is. De vader van mijn vriend Adrian was een tijdje Commissaris. Hij was daar druk mee. Geschillen regelen in een dorp over grond, tevens de enige bron van inkomen voor de meeste gezinnen, is geen simpele zaak. Daar kwam heel wat diplomatie, gepraat en vergaderen bij kijken. Maar het functioneerde min of meer naar ieders tevredenheid.

Kinderen spelend in het gras van de velden in San Miguel R. (september 1979)

Tijdens mijn verblijf begin jaren zeventig in Mexico was San Miguel R. dank zij mijn vriend Adrian en natuurlijk zijn ouders, stilaan een tweede thuis voor me geworden in Mexico. Ik bracht er met mijn gezin samen met het gezin van Adrian, die toen nog in Mexico-stad woonde, er heel wat weekeinden door. 

Vrouw doet de was bij de gemeenschappelijke wasplaats van het dorp (september 1979)

Zo leerde ik het platteland van Mexico stad langzaam maar beter kennen, net als trouwens de aard en de manier van zijn van de dorpelingen. Ik moet zeggen dat veel van hun gedrag weg had van wat ik kende uit mijn eigen stadsdorp Oss waar toen nog veel boerengezinnen woonden.

Een van de cowboys in San Miguel R. (september 1979)

Een opvallend verschil was de armoede en de geslotenheid van zijn bewoners. Of dat nu was omdat ik een buitenstaander ben of dat het met de indiaanse mentaliteit te maken heeft,  is moeilijk te zeggen. Veel bewoners van San Miguel R. hebben nog duidelijk indiaanse trekken. Ze stammen af van de Otomi, die ooit hun eigen taal spraken. Sommigen in het dorp en tot in de verre omtrek spreken nog de taal maar dat zal toch niet lang meer zijn, vrees ik.

Twee cowboys en hun paarden in San Miguel R. (september 1979)

The two most populous groups are the Highland or Sierra Otomí living in the mountains of La Huasteca and the Mezquital Otomí, living in the Mezquital Valley in the eastern part of the state of Hidalgo, and in the state of Querétaro. Sierra Otomí usually self-identify as Ñuhu or Ñuhmu depending on the dialect they speak, whereas Mezquital Otomi self-identify as Hñähñu (pronounced [ʰɲɑ̃ʰɲũ]).

Smaller Otomi populations exist in the states of Puebla, Mexico, Tlaxcala, Michoacán and Guanajuato. The Otomi language belonging to the Oto-Pamean branch of the Oto-Manguean language family is spoken in many different varieties some of which are not mutually intelligible.

One of the early complex cultures of Mesoamerica, the Otomi were likely the original inhabitants of the central Mexican altiplano before the arrival of Nahuatl speakers around ca. 1000 CE, but gradually they were replaced and marginalized by Nahua peoples. In the early colonial New Spain period, Otomi speakers helped the Spanish conquistadors as mercenaries and allies, which allowed them to extend into territories that had previously been inhabited by semi-nomadic Chichimecs, for example Querétaro and Guanajuato.

The Otomi traditionally worshipped the moon as their highest deity, and even into modern times many Otomi populations practice shamanism and hold prehispanic beliefs such as Nagualism. Otomies traditionally subsisted on maize, beans and squash as most Mesoamerican sedentary peoples, but the Maguey (Century Plant) was also an important cultigen used for production of alcohol (pulque) and fiber (henequen).” https://en.wikipedia.org/wiki/Otomi_people