Posts tonen met het label midden amerika. Alle posts tonen
Posts tonen met het label midden amerika. Alle posts tonen

woensdag 25 maart 2026

FRITS BOLKESTEIN (1933-2025) EN DE INTERNATIONALE VAKBEWEGING

 


Er is een vuistdikke biografie over Frits Bolkestein verschenen. In Nieuwsuur zag ik een gesprek met de schrijver gelardeerd met korte filmpjes over Bolkestein. Het herinnerde mij aan een gesprek dat ik lang geleden had met Bolkestein.


Dat was begin jaren tachtig, toen hij als lid van de VVD fractie in de Tweede Kamer in zijn portefeuille o.a. Latijns Amerika had. Als vertegenwoordiger van de solidariteitsvereniging met de Latijns Amerikaanse vakbeweging CLAT, had ik om een gesprek met hem gevraagd.


Ik wilde zijn politieke steun hebben voor onze vereniging. Om dezelfde reden voerde ik gesprekken met de Tweede Kamerleden Aad Nuis van D66, Harry Aarts van het CDA en Harry van den Bergh van de PvdA. 


Die steun was nodig omdat organisaties voor ontwikkelingssamenwerking steeds vaker kozen voor projecten afkomstig uit kringen van gewelddadige revolutionaire (extreem-linkse) groepen in Nicaragua, Guatemala en El Salvador. 


De christelijk georiënteerde democratische vakbeweging CLAT werd als te gematigd beschouwd. CLAT hield vast aan zijn democratische beginselen en dat zinde de extreem linkse groepen in Midden Amerika niet. Zij zagen de vakbeweging liever als een instrument in hun politieke strijd. 


Het zou natuurlijk te gek zijn als Nederlandse ontwikkelingsgelden van een democratisch land als Nederland zou gaan naar gewapende groepen die niets hadden met democratie en de waarden die daarbij horen.


Het gesprek verliep beter dan ik dacht. Waar Bolkestein Midden Amerika uit eigen ervaring kende vanwege zijn vroegere werkkring bij Shell, kende ik de regio vanuit mijn werk bij de Verenigde Naties in Mexico en Costa Rica.


We spraken Spaans en kenden cultuur, politiek en mensen van nabij en uit eigen ervaring. Politiek zaten we niet op een lijn maar we waren beiden democraten met de daarbij behorende beginselen van vrijheid van meningsuiting, vereniging enz. 


Bolkestein was het met me eens dat zonder die beginselen geen vrije, onafhankelijke en democratische vakbeweging mogelijk is zoals bijvoorbeeld het geval is in Cuba. Op dat eiland is sinds de revolutie van Fidel Castro geen vrije vakbeweging meer mogelijk. Helaas is nu net die revolutie een inspiratiebron voor de gewelddadige revolutionaire groepen actief in de regio.


Bolkestein rondde ons gesprek af met de opmerking dat zoals ik wel zal begrijpen, hij geen vriend is van de vakbeweging maar dat als het gaat om behoud van de democratie de democratische vakbeweging op zijn steun kan rekenen. 


dinsdag 4 maart 2025

DE MINZAME DEMOCRAAT FRITS BOLKESTEIN

 


Als directeur van de vereniging CLAT Nederland had ik lang geleden een gesprek met de onlangs overleden Frits Bolkestein. Hij was toen lid van de VVD Tweede Kamerfractie met in zijn portefeuille Midden Amerika. Nu onvoorstelbaar maar toendertijd was Midden Amerika een brandpunt in de Nederlandse en internationale politiek vanwege de Sandinistische revolutie in Nicaragua en de zeer bloedige oorlog in El Salvador.


Het gesprek was eenvoudig tot stand gekomen, ik meen een telefoongesprek. Ik vond dat het tijd was geworden om ook met de VVD te praten over Midden Amerika.  Met PvdA, CDA en D66 waren we al een tijdje in gesprek over de Nederlandse politiek in Midden Amerika.


Ik had geen idee wat me te wachten stond. VVD politici waren onbekend terrein voor mij behalve dan wat ik in de krant over deze en gene had gelezen. Bolkestein bleek heel toegankelijk. 


Hoewel hij veel ouder was dan ik, deelden we de ervaring ooit bij een Nederlandse multinational gewerkt te hebben: hij 16 jaar bij Shell, ik maar twee jaar bij de Philips Hoofdindustriegroep RGT (radio, grammofoon en TV) in Eindhoven. 


Maar er was meer. Hij had net als ik in Midden Amerika gewoond en gewerkt. Hij voor Shell, ik voor het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties.


Hoewel de VVD niet bekend stond als vakbondsvriendelijk had hij geen moeite met onze vereniging als Nederlandse steunpilaar voor de vakbeweging in Latijns Amerika. Als ik me goed herinner zei hij dat hij “het niet altijd eens is met de vakbonden, niet in Nederland, niet in Latijns Amerika maar democratisch georganiseerde vakbonden die zich inzetten voor democratisering, verdienen onze steun.”


Dat was precies wat we nodig hadden, brede ondersteuning van CLAT als een van de democratische krachten in Midden Amerika. Dat de VVD ons daarin volgde was een aanwinst voor onze positie in Nederland. Dat was helaas wel tegen het zere been van radicale actievoerders in Nederland die de Sandinisten en de guerrilla in El Salvador door dik en dun steunden.


RIP Bolkestein.

donderdag 12 april 2012

HELDRING


J.L. Heldring tijdens een forum van de solidariteitsvereniging met de Latijns Amerikaanse vakbeweging  CLAT-Nederland (1982). Aan zijn zijde Wim Jansen van het dagblad Trouw.

Begin jaren tachtig waren de buitenland columns van Heldring in NRC Handelsblad een houvast voor me. Ik was het grotendeels eens met zijn kijk op buitenlandse politiek die uitging van machtspolitieke verhoudingen, een analyse van nationale belangen en rekening hield met de rol van personen in de politiek als ook die van geschiedenis en tijdgeest.

Nu wordt dit als normaal beschouwd maar in de idealistische jaren tachtig waren machtspolitiek en nationaal belang voor de spraakmakende actievoerders verdacht en verwerpelijk. Het ontwikkelings - en vredeswereldje van actiegroepen en comités, NOVIB, de katholieke CEBEMO (tegenwoordig Cordaid), de protestantse ICCO, het Interkerkelijk Vredesberaad IKV, Pax Christi , PvdA Latijns Amerika Commissie (voorzitter Piet Reckman) en journalisten waren zwaar besmet door het socialistische virus. Zelfs democratie als basis voor ontwikkeling werd in vraag gesteld.

Dat was na mijn ervaringen in Midden Amerika onverteerbaar. Toen ik een verslag las van een IKV studiedag getiteld “Kleine landen politiek, een strategie tegen de politiek van de grootmachten” waarin misprijzend werd gesproken over Heldring en democratie, besloot ik hem te schrijven. Hij bleek de nota te kennen en schreef dat hij bitter teleurgesteld was, niet door de strekking, maar door de gebrekkige kwaliteit van het stuk.

Bijna 2 jaar later stuurde ik hem een interview toe met IKV secretaris internationaal Wim Bartels waaruit bleek dat het IKV van plan was zich ook op Derde wereld landen te gaan richten. In zijn column van 31 mei 1983 signaleerde Heldring daarop dat het IKV zich overschatte door te menen dat ze vanwege hun actie tegen de modernisering van de kernwapens op een welwillend oor konden rekenen van de Russische heersers.

In hetzelfde artikel constateert Heldring dat het IKV beleid in Midden en Oost Europa tegenstrijdig was door enerzijds vredesgroepen en dissidenten in Midden en Oost Europa te willen steunen maar anderzijds een dialoog te willen voeren met de regimes in die landen. Een spagaat die niet was vol te houden en door de dissidenten aldaar ook niet begrepen werd. Voor hen was dat vredespolitiek ten koste van hun strijd voor de mensenrechten.

We weten nu hoe het feitelijk is gegaan. De door president Reagan op gang gebrachte modernisering van de kernwapens, waar het IKV fel tegen was, heeft mede –niet alleen – Rusland en de Midden en Oost Europese dictaturen verzwakt en de dissidenten versterkt in hun oppositie (waaronder de Poolse vakbond Solidarnosc en de Tsjechische mensenrechtenbeweging Charta 77) wat uiteindelijk tot de val van de regimes aldaar leidde.

Waarschijnlijk heeft Heldring nooit beseft wat zijn stukken en mijn correspondentie met hem voor mij betekende. Des te meer dank ik hem voor beide. Ik beschouw hem als een leermeester en als een toeverlaat in tijden dat het wel eens moeilijk was om op het eigen kompas te vertrouwen.