Posts tonen met het label solidarnosc. Alle posts tonen
Posts tonen met het label solidarnosc. Alle posts tonen

dinsdag 1 november 2022

OORLOGSBULLETIN 41. POLEN

Ik ben niet zo van de helden maar de besnorde Poolse vakbondsleider Lech Walesa was voor mij in de jaren tachtig van de vorige eeuw een held. Als leider van de eerste vrije vakbond Solidarnosc, ontstaan op de scheepswerven van Gdansk, durfde hij met zijn vakbond de confrontatie aan met de communistische dictatuur in zijn land dat toen nog tot de Sovjet Unie behoorde. Men was in het Westen bevreesd dat Russische tanks een einde zouden maken aan deze opstand zoals ze eerder gedaan hebben in Hongarije in 1958 en in Praag in 1968. Maar door verstandig tactisch te opereren, daarbij geholpen door de katholieke kerk en intellectuelen, slaagde hij erin het regiem ten val te brengen en uiteindelijk samen met de Poolse Paus Johannes Paulus aan de poten van de Sovjet dictatuur te zagen. De wereld zou niet meet hetzelfde zijn als voorheen.

 

Ik heb het nog niet over Polen gehad en Putjinski’s smerige oorlog. Burgerdoden tellen niet. Alles wijst erop dat moedwillig burgerdoelen worden aangevallen met vernietigingswapens. In bezette gebieden worden burgers bedreigd, geïntimideerd, gevangen gezet, gemarteld en geëxecuteerd. De beerput aan mensenrechtenschendingen zal pas goed open gaan als de oorlog beëindigd is.

Polen heeft zich als een uiterst fatsoenlijk buur van Oekraïne gedragen. De vluchtelingen voor het oorlogsgeweld zijn welkom en worden zo goed mogelijk opgevangen. Polen heeft maar liefst meer dan vier miljoen vluchtelingen opgevangen.

Dat is met nog geen 40 miljoen inwoners ongeveer 10% van de eigen bevolking! Vertaald naar Nederland zou dit betekenen dat Nederland bijna 1,8 miljoen vluchtelingen uit Oekraïne zou opvangen.

Het werkelijke aantal in Nederland is vele malen minder. Naar schatting 70.000. Laten het er 100.000 zijn dat is nog altijd niet meer dan ongeveer 5% van wat we zouden moeten opvangen met Polen als ijkpunt.

Polen heeft een rechtse regering en de meerderheid stemt er rechts en conservatief. Bovendien zijn Polen nogal katholiek en conservatief en dat maakt het in de ogen van vele progressieven nog erger. Polen bewijst niettemin dat een conservatief katholiek land aan de goeie kant kan staan als het om barmhartigheid en vrijgevigheid gaat. En dat is niet de eerste keer dat ze aan de goeie kant staan.

Het stond ook aan de goeie kant tegen de Communistische dictatuur in eigen land en in Rusland. De Vakbond Solidarnosc onder leiding van de katholieke vakbondsman Walesa wist de Poolse communistische dictatuur ten val te brengen gesteund door Poolse Paus Johannes de Tweede. Dat was het begin van de val van het Communisme in heel Oost Europa en uiteindelijk in de Sovjet Unie zelf. 

Misschien brengt de oorlog tegen Oekraïne de val van Putjinski en zijn corrupte elite teweeg en wordt een begin gemaakt met de ontwikkeling van een echte Russische democratie gepaard aan historisch zelfonderzoek.

maandag 28 februari 2022

OEKRAÏNERS WILLEN BIJ EUROPA HOREN


Tijdens een avondwandeling in Kiev in 2008 maakte ik deze foto ergens in een park in het centrum van de stad de bovenstaande foto van een eenzame verloren held. Het voelde an alsof hij Oekraïne was, een land dat door het lot van de geschiedenis zo maar ineens alleen was komen te staan.

 

Sinds het raadgevend referendum over een Europees associatieakkoord met Oekraïne in 2016 waart in Nederland het mantra rond dat wij Oekraïne het Westen in willen sleuren. Waar deze mantra vandaan komt weet ik niet maar de bewering past prima in het soort fake nieuws dat Poetin geregeld op het westen loslaat. Ik kwam het onlangs ook weer tegen in een ingezonden brief in het EW-weekblad van 19 februari.

Ondanks dat ik vanaf 1992 slechts een marginale getuige ben geweest van de gebeurtenissen in Oekraïne, is het mijn ervaring dat dit een leugen of propaganda verzinsel is. Als internationaal secretaris van het voormalige Wereld Verbond van de Arbeid was ik in 1992 uitgenodigd voor een bijeenkomst van de vlak na de val van de muur opgerichte vrije en onafhankelijke vakbond VOST. Ik had hun voorzitter, een mijnwerker uit de Don Bas, ontmoet op een internationale bijeenkomst van vrije vakbonden in Gdansk. De bijeenkomst was georganiseerd door Solidarnosc, de vrije vakbond die komaf had gemaakt met het communisme in Polen.

Eenmaal in Oekraïne leerde ik vakbonden door het hele land kennen en sprak met werknemers die nog maar kortgeleden verplicht waren aangesloten bij de communistische vakbond. Allemaal gaven ze te kennen af te willen van het communisme. Hun grote droom was om bij West-Europa en de Europese Unie te horen in de verwachting dat het hun vrijheid én een beter bestaan zou brengen.

Wie toen net als ik de fabrieken bezocht doorheen het land kon zich die droom goed voorstellen. De arbeidsomstandigheden waren vooroorlogs. Ik zelf heb zulke arbeidsomstandigheden nooit gezien of meegemaakt in Nederland terwijl ik toch vanaf 1950 in verschillende fabrieken gewerkt heb als scholier en student. Schaars en onvoldoende licht, smerige verouderde machines, geen veiligheidsvoorschriften, geen veiligheidskleding, geen fatsoenlijke kantine enz.

De productie was navenant: huishoudapparatuur van de jaren vijftig, elektriciteitskasten die men zelfs in veel Derde Wereld landen niet meer gebruikt, stadsbussen die een gevaar op de weg zijn enz. Hoopvol werd mij gevraagd of ik geen afzetmarkt voor hun producten wist want Rusland was door de ontstane economische wanorde geen betrouwbare markt meer. Ik moest ze teleurstellen. Zelfs als ze hun producten tegen weggeef prijzen zouden vermarkten, zouden ze nog geen kopers vinden in West-Europa.

Het waren donkere dagen voor alle Oekraïners, in het bijzonder voor de werknemers in de verouderde industrieën. Hun inkomen bedroeg nog geen tien dollar per maand. Hoe graag ze ook bij het westen wilden horen, het was mij duidelijk dat er economisch en politiek nog een lange weg te gaan was.

Wat ik kon doen was samen met de de bij ons aangesloten westerse vakbonden hen voorbereiden op de komst van de vrije markt met de daarbij behorende positie van de werknemers. Dat is ook wat we als vakbonden gedaan hebben. Tijdens die seminars voor de toekomst ontmoette ik ambtenaren, mijnwerkers, chauffeurs, fabriekswerkers, leraren enz. Het verlangen om bij het Westen te horen was niet te stuiten.


 

maandag 8 april 2013

OPEN BRIEF AAN ACW VOORZITTER PATRICK DEVELTERE

Dit is de voorkant van het boek - Y Fidel creo el punto X - dat de voormalige Cubaanse revolutionaire vakbondsman en oud KAJ'er Reinol Gonzalez heeft geschreven over zijn ervaringen als politieke gevangene. Na in 1961 veroordeeld te zijn tot 30 jaar gevangenschap, kwam hij in 1977 vrij dank zij bemiddeling van de Colombiaanse schrijver Garcia Marquez en bemoeienis van Europese politieke en vakbondsleiders waaronder de voormalige WVA algemeen secretaris August Vanistendael.


Beste Patrick,

Als trouwe lezer was ik verbaasd een zo kritiekloos verhaal te lezen over 5 Cubaanse gevangenen in de VS onder de kop 'Wij vragen gerechtigheid aan president Obama'. Prima dat ACW via haar blad Visie in deze zaak om gerechtigheid vraagt, al kun je daar heel wat bedenkingen bij hebben, maar waarom lees ik nooit artikelen in Visie waarin om gerechtigheid gevraagd wordt aan de Cubaanse autoriteiten en dan met name de gebroeders Fidel en Raoul Castro voor Cubaanse dissidenten die op vreedzame wijze streven naar democratisering?

Je kunt best kritiek hebben op de rechtsgang tegen de Cuban Five, die sinds 2001 in Amerika gevangen zitten op beschuldiging van spionage. Maar dat wil nog niet zeggen dat men dan de officiële versie van Havana kritiekloos moet omarmen zoals in het artikel in Visie gebeurt. Ondanks beweringen dat zij geen bezoek mogen ontvangen in de gevangenis, hebben twee van hen, René González en Gerardo Hernández, in 2010 en 2012 wel degelijk bezoek van hun echtgenotes gehad die overigens ook voor de geheime dienst van Cuba werkten. Ook de andere drie gevangenen hebben regelmatig bezoek van verwanten gehad.

Ondertussen verzwijgen de Cubaanse autoriteiten en de media dat er destijds niet vijf maar een 20-tal agenten uit Cuba werden aangehouden. Vier van hen werkten samen bij het onderzoek, en kregen straffen van 3,5 tot 7 jaar. Anderen ontvluchtten op tijd de VS. Over hen wordt in Havana nooit gesproken. De Cubaanse autoriteiten presenteren de Cubaanse Vijf als onschuldige bestrijders van ‘rechts terroristische Miami Cubanen’ maar zo onschuldig zijn zij nu ook weer niet. Een van hen was zelfs betrokken bij het in internationale wateren neerschieten van 2 vliegtuigjes van de Cubaanse ballingen organisatie 'Brothers to the Rescue'.

Bovenstaande foto heb ik in 2008 gemaakt tijdens een bezoek aan Roberto. Wat je ziet is een deel van de door Roberto en andere bestuursleden van de onderwijsbond opgezette huisbibliotheek als alternatief voor schoolbibliotheken waar alleen maar eenzijdig propagandamateriaal van de regering wordt toegestaan. Roberto was vanwege diens vakbondsactiviteiten tot 20 jaar veroordeeld. Hij was vervroegd vrij gekomen vanwege een ernstige hart aandoening. Zijn vrouw is actief als Dama Blanca en demonstreert samen met de andere Damas Blancas regelmatig voor vrijlating van politieke gevangenen.

Kortom een ingewikkeld spel van spionage en contra-spionage waarbij de Cubaanse propaganda namens de veroordeelden de vermoorde onschuld uithangt. Een nogal hypocriete houding als je weet dat op Cuba zelf iedereen die ook maar een spoortje van kritiek heeft op de een of andere manier het leven zuur wordt gemaakt of erger zonder een normaal en fatsoenlijk proces veroordeeld wordt tot tientallen jaren gevangenisstraf.

Ik neem aan dat je ook gehoord hebt van de dood onder zeer verdachte omstandigheden van de mensenrechtenactivist Oswaldo Paya? En wat te denken van de blogster Yoani die tot voor kort onder geen beding het land niet uitmocht? En wat te denken van de Cubaanse onafhankelijke onderwijzersbond waarvan de leiders voortdurend geïntimideerd worden of gevangen gezet? Je hebt toch ook wel eens gehoord van de Damas de Blanco die opkomen voor de rechten van veroordeelde democraten, vakbondsmensen en mensenrechten activisten?

Tijdens mijn bezoek aan Cuba in 2008 was ik dank zij bemiddeling van enkele bekenden in staat een bezoek te brengen aan de toen al wereldberoemde blogster Yoani.Aan de keukentafel bespraken we de stand van zaken in Cuba, het totale gebrek aan vrijheid, de gebrekkige economie en de moeilijke omstandigheden waarin zij en haar man gedwongen worden te leven door het Cubaanse regime. Maar ze verzekerde dat ze onverschrokken door zou gaan met haar activiteiten. Sinds kort mag ze in het kader van de versoepeling van het algehele reisverbod het land uit. Ze maakt van de gelegenheid gebruik om op allerlei uitnodigingen wereldwijd in te gaan. Zo bracht ze in maart ook een bezoek aan Nederland georganiseerd door Amnesty International en anderen. 

Ik vind het vreemd dat ik in Visie, toch ook het blad van de sociaal christelijke vakbond ACV, nooit enige kritiek gelezen heb op het volledige gebrek aan vakbondsvrijheid op het eiland. Dat is vanaf het begin van de revolutie zo geweest. Alleen de Communistische vakbeweging is toegestaan. Je zou toch denken dat een organisatie als ACW die tezamen met ACV indertijd o.a. via het Wereld Verbond van de Arbeid (WVA) volop steun heeft verleend aan de Poolse vakbond Solidarnosc in zijn strijd tegen de Communistische dictatuur van Jaruzelski, ook in Cuba de zijde zou kiezen van de onderdrukten en voor de vrijheid van vakbeweging. Misschien is dat ook wel zo, maar ik lees er nooit wat over in Visie. In plaats daarvan krijg ik een verhaal voorgeschoteld van de Cubaanse propaganda. Een gemiste kans voor Visie.

Voor meer informatie over de Cuban Five en Cubaanse zaken in het algemeen verwijs ik graag naar een reactie van Kees van Kortenhof op een artikel van MO getiteld “Familieleden van Cubaanse Vijf vinden steun bij VN en de website CUBA 




donderdag 12 april 2012

HELDRING


J.L. Heldring tijdens een forum van de solidariteitsvereniging met de Latijns Amerikaanse vakbeweging  CLAT-Nederland (1982). Aan zijn zijde Wim Jansen van het dagblad Trouw.

Begin jaren tachtig waren de buitenland columns van Heldring in NRC Handelsblad een houvast voor me. Ik was het grotendeels eens met zijn kijk op buitenlandse politiek die uitging van machtspolitieke verhoudingen, een analyse van nationale belangen en rekening hield met de rol van personen in de politiek als ook die van geschiedenis en tijdgeest.

Nu wordt dit als normaal beschouwd maar in de idealistische jaren tachtig waren machtspolitiek en nationaal belang voor de spraakmakende actievoerders verdacht en verwerpelijk. Het ontwikkelings - en vredeswereldje van actiegroepen en comités, NOVIB, de katholieke CEBEMO (tegenwoordig Cordaid), de protestantse ICCO, het Interkerkelijk Vredesberaad IKV, Pax Christi , PvdA Latijns Amerika Commissie (voorzitter Piet Reckman) en journalisten waren zwaar besmet door het socialistische virus. Zelfs democratie als basis voor ontwikkeling werd in vraag gesteld.

Dat was na mijn ervaringen in Midden Amerika onverteerbaar. Toen ik een verslag las van een IKV studiedag getiteld “Kleine landen politiek, een strategie tegen de politiek van de grootmachten” waarin misprijzend werd gesproken over Heldring en democratie, besloot ik hem te schrijven. Hij bleek de nota te kennen en schreef dat hij bitter teleurgesteld was, niet door de strekking, maar door de gebrekkige kwaliteit van het stuk.

Bijna 2 jaar later stuurde ik hem een interview toe met IKV secretaris internationaal Wim Bartels waaruit bleek dat het IKV van plan was zich ook op Derde wereld landen te gaan richten. In zijn column van 31 mei 1983 signaleerde Heldring daarop dat het IKV zich overschatte door te menen dat ze vanwege hun actie tegen de modernisering van de kernwapens op een welwillend oor konden rekenen van de Russische heersers.

In hetzelfde artikel constateert Heldring dat het IKV beleid in Midden en Oost Europa tegenstrijdig was door enerzijds vredesgroepen en dissidenten in Midden en Oost Europa te willen steunen maar anderzijds een dialoog te willen voeren met de regimes in die landen. Een spagaat die niet was vol te houden en door de dissidenten aldaar ook niet begrepen werd. Voor hen was dat vredespolitiek ten koste van hun strijd voor de mensenrechten.

We weten nu hoe het feitelijk is gegaan. De door president Reagan op gang gebrachte modernisering van de kernwapens, waar het IKV fel tegen was, heeft mede –niet alleen – Rusland en de Midden en Oost Europese dictaturen verzwakt en de dissidenten versterkt in hun oppositie (waaronder de Poolse vakbond Solidarnosc en de Tsjechische mensenrechtenbeweging Charta 77) wat uiteindelijk tot de val van de regimes aldaar leidde.

Waarschijnlijk heeft Heldring nooit beseft wat zijn stukken en mijn correspondentie met hem voor mij betekende. Des te meer dank ik hem voor beide. Ik beschouw hem als een leermeester en als een toeverlaat in tijden dat het wel eens moeilijk was om op het eigen kompas te vertrouwen.