Posts tonen met het label liberalisme. Alle posts tonen
Posts tonen met het label liberalisme. Alle posts tonen

woensdag 4 februari 2026

2. KANDINSKY. INNERLIJKE KLANKEN

Wassily Kandinsky, Compositie VII, olieverf op canvas, 1913 ( 200 x 302 cm). Te zien in de Tretyakov Galerij in Moskou.

Kandinsky leefde in een verwarrende tijd, de jaren voor de communistische revolutie van Lenin in 1917, een pre-revolutionaire tijd waarin verschillende, soms schokkende gebeurtenissen elkaar snel opvolgden. Het eeuwenoude autoritaire Tsarenregiem wankelde, liberale, anarchistische en communistische ideeën waarden rond, aanslagen werden gepleegd.


Tussen de liberale, marxistische, materialistische en anarchistische ideeën ideeën zocht Kandinsky een geestelijke uitweg die vooruitgang beloofde zonder verlies aan geestelijk leven. Zo loopt hijj net als tijdgenoot en kunstenaar Piet Mondriaan tegen de theosofen aan. Hij noemt het een spirituele beweging die een verlossend geluid laat horen voor menig vertwijfeld hart dat in duisternis en nacht gehuld is. (blz.36)


Hij onderzoekt de relatie van het woord tot de werkelijkheid. Hij betoogt dat het woord enerzijds dient om dingen te benoemen en anderzijds om een geestelijke werkelijkheid aan te geven. Het woord heeft een eigen klank, een innerlijke klank die het plaatst tegenover de waarneembare werkelijkheid.


“En het woord, dat dus twee betekenissen heeft - een directe en een andere, innerlijke - is het zuivere materiaal van dichtkunst en literatuur, is het materiaal dat alleen door deze kunst kan worden toegepast en door middel waarvan zij spreekt tot de ziel” (blz 39)


Muziek is nog meer dan het woord geschikt om een innerlijke klank weer te geven. Muziek spreekt direct tot de ziel. Debussy componeert muzikale vormen die tot “spirituele schilderingen” worden. Debussy’s muziek wordt vergeleken met schilderijen van impressionistische schilders.


De atonale componist Schönberg laat het uiterlijk schone voor wat het is en bekommert zich nog slechts om het innerlijke schone.“De muziek van Schönberg voert ons in een nieuwe wereld waar de muziek niet meer een akoestische ervaring is maar zuiver een zielsbelevenis. Hier begint de ‘muziek van de toekomst’. (blz 42)


De neo-impressionisten volgens een gelijksoortige weg die uitmondt in de abstracte schilderkunst. Zij gebruiken het uiterlijk om tot bij de innerlijke klank te komen, een universele klank volgens K.


De verst gevorderde onder deze schilders is Cézanne. “…hij wist in een theekopje een wezen te zien. Bij hem wordt het ‘nature morte’  zodanig bezield dat de uiterlijk ‘dode’ dingen een innerlijk leven krijgen.” (blz.43)


De volgende is Matisse voor wie de objecten, de mens of iets anders, als uitgangspunt dienen om het goddelijke weer te geven door middelen die de schilderkunst eigen zijn, kleur en vorm. Bij Matisse is sprake van grote innerlijke levendigheid ontstaan uit innerlijke noodzaak. (blz.44)


Zijn tijdgenoot Picasso laat zich niet door uiterlijke schoonheid betoveren maar laat zich door de dwang tot zelfexpressie meesleuren van de ene na de andere vorm en kleur. 


Soms maakt hij een sprong naar de tegenover gestelde kant, tot ontzetting van navolgers die dachten hem te hebben ingehaald. (blz. 45) Picasso gaat zo ver met met het kubisme dat hij het materiële in zijn schilderijen vernietigt, in stukken hakt en het reconstrueert.


Waar Cezanne, Matisse en Picasso nog altijd vasthouden aan het uiterlijke, het figuratieve  als basis voor hun innerlijke klank, gaan Kandinsky en Mondriaan over tot puur vorm en kleur, de basis van alle schilderkunst, om hun innerlijke klanken (ziel) vast te leggen.

zondag 26 maart 2017

KUNNEN GROENLINKS EN CDA DOOR EEN DEUR?


Mijn eerste stem bracht ik in mijn studententijd uit op de PSP, de pacifistisch socialistische partij. Die partij bestaat niet meer zoals er meer partijen in de loop der jaren verdwenen zijn. Ik noem de Politieke Partij Radicalen PPR en de Evangelische Volkspartij, ooit progressieve afsplitsingen van Christelijke partijen.

In de jaren tachtig werd de CPN, net als die andere partijtjes, een doctorandussen partij. Socialisme en communisme waren toen in bij studenten, vooral bij die van Christelijke huize. Geen wonder want daar waren die materialistische ideeën lang taboe geweest. Studenten van Christelijke huize stortten zich bijna massaal op de socialistische winkel. Het geloof in het goede en de vooruitgang van de mens had voor even een nieuw tehuis gevonden.

Er was geen arbeidersbasis meer voor een socialistische revolutie hoe de linkse studenten georganiseerd in de Studenten Vakbeweging, de Kommunistische Eenheidsbeweging Nederland KEN, de Marxistische Leninistische Studentenbond MLS en al die andere pseudo-Marxistische groepen, ook hun best deden. Sommigen gingen zelfs met hun krantje aan de poorten van de fabrieken staan om de arbeiders te overtuigen van de noodzaak van het socialisme.

De arbeiders waren ondertussen al lang weg bij het socialisme, die zaten bij de sociaal democratische PvdA. Die had de vooruitgang na de Tweede Wereldoorlog pas echt gestalte gegeven met een ouderdomsvoorziening (samen met de Christelijke partijen), betere (huur)woningen, studiebeurzen en leningen, goede scholen voor iedereen, betere gezondheidszorg en betere arbeidsomstandigheden mede dank zij de Christelijke en Sociaaldemocratische vakbeweging. 

De enige overgebleven erfgenaam van dit “harde” socialistische geloof is niet GroenLinks maar de Socialistische Partij. Geïnspireerd door het Maoïsme en geduldig gebouwd op het activisme van de jaren tachtig in de fabrieken van Oss en elders, wist deze partij het vuur van het socialisme een tijd brandend te houden. In Oss, de stad van Unilever en Organon, Unox en Zwanenburg begon bijna de revolutie. Bijna, want uiteindelijk legt het socialisme met zijn doorgevoerde collectivisme het af tegen de tijdgeest van individualisering.

GroenLinks als verzameling van opstandige links progressieve partijtjes uit de jaren zeventig, zoals PPR en EVP maar ook CPN en PSP is sinds zijn oprichting een bredere partij dan de SP. Als een combinatie van links materialisme en christelijk sociaal denken is GL een geducht concurrent van de PvdA die ooit zelf een sterke christelijke vooruitstrevende vleugel had (georganiseerd rond het tijdschrift Tijd & Taak). 

GL leider Jesse Klaver komt uit een Christelijk nest. Je zag het toen hij tijdens een TV debat CDA leider Buma nadrukkelijk uitdaagde de sociaal-christelijke waarden te respecteren. Klaver is vanuit zijn tijd als voorzitter van de CNV jongeren bekend met de sociaal-christelijke leer. Met die achtergrond vult hij de “harde” of materialistische kant van Groen Links aan, een kant die ze bij de SP missen en bij de PvdA is bezweken aan veroudering. 

Maar GL blijft wel een doctorandussen partij. Dat is niet erg want ze kan als zodanig een rol in de Nederlandse politiek spelen. Maar een volkspartij zullen ze nooit worden zoals de PvdA dat ooit was en misschien ook weer wordt (een fusie met GL zou dat misschien mogelijk maken) en het CDA en de VVD nog altijd zijn.

Klaver heeft gelijk door Buma met zijn sociaal-christelijke waarden te confronteren. Het CDA is daarop immers gebouwd. Deze waarden komen voort uit een mensvisie waarin Personaliteit (elk mens is uniek en tegelijk gelijkwaardig), Solidariteit (de mens is een sociaal wezen), Subsidiariteit (elk niveau kent zijn eigen verantwoordelijkheid van individu naar gezin, van gezin naar gemeenschap, van gemeenschap naar maatschappij van maatschappij naar staat enz.) en het Algemeen Welzijn centraal staan.

Aangezien de samenleving altijd in beweging is, moeten deze kernopvattingen telkens opnieuw getoetst worden. Dat doet het CDA dan ook maar wel voorzichtig. Oude schoenen gooi je niet weg voor je nieuwe hebt. Dat betekent dat de partij een ingebouwd conservatisme heeft. Dat is prima, want mensen houden niet van veranderingen, zo lang ze jong zijn, gaat het nog wel maar eenmaal ouder en in zekere mate gevestigd, houden ze het liever bij het oude en gekende.


Zo bezien, zou je kunnen zeggen dat GroenLinks meer de dynamiek organiseert van de sociaal christelijke beginselen en het CDA meer het maatschappelijk behoud ervan. Beide partijen zouden elkaar dus wel kunnen aanvullen. Dat zal niet gemakkelijk zijn want wat voor de een niet snel genoeg gaat, gaat voor de ander veel te vlug. Niettemin zouden deze twee partijen het materialistisch georiënteerde liberale individualisme van D66 en VVD in toom kunnen houden ten bate van gemeenschapszin, solidariteit en respect voor natuur en mens.

vrijdag 28 februari 2014

MENSBEELD EN POLITIEKE PARTIJ

Een schilderij van Bennie Jolink.

Van de week zat de Achterhoekse zanger Bennie Jolink aan onze nationale borreltafel samen met de de Amsterdamse PvdA lijsttrekker Pieter Hilhorst. Het spijt me dat ik moet vaststellen dat tegenover de nuchtere Jolink mijn collega politicoloog Hilhorst afsteekt als een gladde prater die nog moet leren luisteren. Absoluut ongeschikt voor het lijsttrekkerschap tenzij ze daar in Amsterdam zo verknocht zijn aan de PvdA dat het niet uitmaakt wie de PvdA lijst aanvoert.

Wat mij aansprak aan Jolink was zijn stemadvies om ten eerste te gaan stemmen en ten tweede op mensen te stemmen die je kent en dus kunt vertrouwen. Een prima advies. Jolink vertelde daarop op een CDA'er te gaan stemmen omdat hij die kende. Het gejoel dat vervolgens opsteeg rond de tafel was zo jaren zeventig vorige eeuw dat ik er zelf verbaasd van stond. Ik wist niet dat ze bij de VARA zo vastgeroest waren.

Ik zou het stemadvies van Jolink nog willen aanvullen met een derde criterium namelijk het mensbeeld van de politieke partij. Dat mensbeeld bepaalt immers hun kijk op mens, maatschappij en overheid en bijgevolg de wijze waarop de aanhangers van die partij over het algemeen in de politiek staan. Een feilloos criterium is het natuurlijk nooit want er lopen nu eenmaal in elke politieke partij opportunisten rond. Dus een mens moet altijd gewaarschuwd blijven.Uiteindelijk zijn we allemaal geneigd tot het kwaad en politici misschien nog wel het meest.

Het mensbeeld van liberalen, in het geval van Nederland terug te vinden bij VVD en D'66, is dat van het autonome en vrije individu. Vandaar dat volgens deze partijen de wetgeving gebouwd is op het individu net als de belastinginning enz. De staat moet zich zo weinig mogelijk met het individuele burger bemoeien. D'66 erkent niettemin - meer dan de VVD – de sociale dimensies van de mens zodat de overheid waar nodig mag ingrijpen om de individuele burger terzijde te staan, waarbij wel gewaakt moet worden tegen wat heet de uitholling van de individuele verantwoordelijkheid door te veel overheidsbemoeienis. Economische efficiency en marktwerking zijn belangrijke instrumenten om de contract samenleving soepeltjes te laten functioneren.

Het mensbeeld van de socialisten en aanverwanten, in Nederland vertegenwoordigd door de SP, PvdA en Groen Links, is dat van de sociale mens die opgaat in de gemeenschap. Voor veel socialisten vallen gemeenschap en staat samen, al blijkt dat in de praktijk niet mogelijk te zijn. Het burgerschap is voor socialisten op de eerste plaats een sociaal burgerschap dat desnoods van bovenaf, d.w.z. door de overheid mag worden opgelegd, eventueel ten koste van de individuele vrijheid. Om ervoor te zorgen dat iedereen niet alleen in beginsel gelijk is -we zijn allemaal mensen - maar ook zo gelijk mogelijk leeft, mag de staat naar believen ingrijpen om materiële zaken te herverdelen. Socialisme is van staatswege georganiseerde solidariteit.

Daar tussenin zitten de Christelijke partijen – in Nederland zijn dat CDA, Christen Unie en SGP - met hun opvatting dat de mens enerzijds zelf verantwoordelijk is voor de inrichting van zijn leven maar anderzijds onmiskenbaar een sociaal wezen is dat zonder de ander geen volwaardig mens kan zijn. Aan dit mensbeeld ontlenen de Christelijke partijen hun middenpositie tussen links en rechts. Het gevolg van dit mensbeeld is dat zij zowel de individuele vrijheden met de eigen verantwoordelijk wensen te handhaven maar anderzijds toch ook de sociale kant en de medeverantwoordelijkheid voor de samenleving erkennen. Het blijft daarom schipperen tussen enerzijds en anderzijds, een balans die in de praktijk nogal eens moeilijk te vinden is en daarom naar rechts en dan weer naar links doorslaat.



Een variant op dit alles is het populisme van de PVV. In het populisme is elk mensbeeld, links, rechts of Christelijk ondergeschikt aan de wil om aan de (politieke) macht te komen. Vele middelen zijn daartoe geoorloofd. De andere politieke partijen delen met de PVV die wil tot (politieke) macht maar worden daarbij ingetoomd door hun mensbeeld. Althans dat mogen we veronderstellen want nogmaals opportunisme is van alle tijden en van alle politieke partijen. Echter in een populistische partij is opportunisme tot een deugd verheven en dat maakt zo'n PVV gevaarlijk zodra ze aan de macht komt. Jolink had dan ook gelijk met zijn schilderij om de mensen te waarschuwen voor Wilders. Je weet nooit wat die man verzint om aan de macht te komen en als het zover is om aan de macht te blijven.

zaterdag 16 juni 2012

DE ZWAKSTE SCHOUDERS KRIJGEN DE ZWAARSTE LASTEN


een tekening van Petrus

De dominee van de liberale kerk, de kerk van ik ben het waard en ik heb het verdiend,  preekt zijn oude geloofsartikel dat in de wereld de zwakste schouders de zwaarste lasten moeten dragen met meer overtuiging dan ooit. Hij legt uit dat het zo staat geschreven in de liberale bijbel en dat daar kan niet aan getornd kan worden. Dat is namelijk strijdig met dat andere geloofsartikel dat wie niet werkt ook niet zal eten. Welnu in de ontwikkelingslanden schijnt altijd de zon en dus wordt er altijd vakantie gehouden en bijgevolg nooit gewerkt.

Daarom.
Op12 September.

Stem op jezelf
Stem op de VVD

Je hebt het verdiend.
Je bent het waard.