Posts tonen met het label kro. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kro. Alle posts tonen

dinsdag 16 juli 2024

5. HOE ZIT DAT IN OSS? KATHOLIEKE VERNIEUWING


 
Nog in de jaren vijftig van de vorige eeuw stond Oss bekend om zijn grote paardenmarkt op den Heuvel. Foto: Daan Scholte, stadsarchief Oss


Mede dankzij de katholieke emancipatie konden kinderen van arbeiders, boeren en middenstanders in Oss meer onderwijs volgen. Zo was ikzelf de eerste van mijn wederzijdse familie die naar het Titus Brandsma Lyceum van de paters karmelieten kon. De huishoudkas was krap aan maar het was te doen. 


Er was een einde gekomen aan de tijd van de naoorlogse opbouw. Dankzij een bloeiende economie stegen de lonen waardoor de welvaart zoetjesaan toenam. Mijn oma op de Linkensweg was de eerste in de familie met een televisietoestel. Zwart-wit natuurlijk en met aller eenvoudigste programma’s. We keken vanzelfsprekend naar uitzendingen van de  KRO met tante Hannie als presentatrice en de avonturen van Dappere Dodo.


De welvaart ging gepaard met veranderingen in zeden en gewoonten. Voortaan werd er gemengd gezwommen en droegen meisjes die het durfden een tweedelig badpak. Een bikini was in het Osse natuurbad aan de ‘Macherse weg’ nog een brug te ver.  


Op het Titus Brandsma Lyceum werden meisjes toegelaten die het Gymnasium deden. De HBS bleef voorbehouden aan jongens. Meisjes konden immers naar de MMS. De paters probeerden nog te voorkomen dat de jongens daar na schooltijd hun vriendinnetje opwachtten maar dat was een bij voorbaat verloren strijd. Het was de tijd van de inspraak. Zelfs scholieren wilden dat. Meteen al in mijn eerste jaar TBL kwam ik in de pauze in een demonstratie in de Molenstraat terecht.


De vernieuwing van de Roomse kerk kwam van het het Tweede Vaticaanse Concilie (1962-1965) uitgeroepen door de populaire paus Johannes XXIII. Het concilie moest de kerk bij de tijd brengen. Het altaar stond voortaan midden in de kerk alwaar de dienstdoende priester de Heilige Mis met zijn gezicht naar het kerkvolk opdraagt.


Het Latijn verdwijnt, de mis wordt voortaan gelezen in het Nederlands. Het mysterie van de mis met zijn wonderlijke gedaanteverandering van brood in het lichaam van Christus en wijn in zijn bloed, klonk ineens heel anders, als een soort toverspreuk of goocheltruc.De waas van geheimzinnigheid van het ritueel van de heilige mis verdween. 


Er kwam verzet uit conservatieve hoek. Daar wilde men alles bij het oude laten. Zij spraken van nieuwlichterij die kerk en geloof te grabbel gooide. De progressieven kon het daarentegen niet snel genoeg gaan. Volgens hen was het een vooruitgang die de gelovigen en de kerk ten goede zou komen. De pastoor moest weer een herder van zijn volk worden in plaats van een dienaar van Rome.



donderdag 4 juli 2024

2. HOE ZIT DAT IN OSS? DE BENDE

Blik op het Schaijksveld van ver voor de Tweede Wereldoorlog. Het zou kunnen dat de woning met gebroken kap links vooraan het huis is van mijn opa en oma. Ik heb als jongen van 8 jaar of daaromtrent nog op het open veld gespeeld. De woning staat er nog in wat nu de Schadewijkstraat heet. Het Schaijksveld lag aan de rafelrand van Oss waar o.a. Toon de Soep woonde. De buurt werd daarom gezien als een crimineel broeinest. Ik vraag me af of het dat ook werkelijk was. In ieder geval was het een bijzonder armoedige straat zoals je op de foto kunt zien. 


Het vertrek van de grote margarine fabrikanten naar Rotterdam vanwege de te hoge transportkosten, was een grote tegenslag voor de werkgelegenheid. In een tijd zonder sociale voorzieningen betekende werkloosheid armoede, armoede en nog eens armoede! Het antwoord van sommige Ossenaren, dus lang niet iedereen, was de bende van Oss. Was de bende een teken van grote armoede, een uitwas van een bevolking die in verzet kwam tegen de bestaande orde en het gezag of wat natuurlijk ook kan, een combinatie van beide?


De bende was ook toen voor Nederland een sensatie, zeker toen een in Oss gestationeerde marechaussee vermoord werd. Oss heeft meer naam en faam gekregen met de bende van Oss dan met zijn margarine fabrieken die notabene mede de basis hebben gelegd voor Unilever, een van de grootste multinationale ondernemingen in de wereld. 


Bij het Nederlandse publiek kent men Oss nu vooral van de film “De Bende van Oss”. De werkelijkheid is een stuk minder romantisch dan de film ons wil doen geloven. Dat Oss toen het ‘Chicago aan de Maas’ werd genoemd, heb ik nooit gehoord. Wel kende ik namen als die van Toon de Soep die met zijn gezin achter het Schaijksveld woonde en klant was bij mijn oom de broodbezorger.


“Het verhaal speelt zich een aantal jaren voor de Tweede Wereldoorlog af, in het Noord-Brabant tijdens de crisisjaren 30 van de twintigste eeuw. Er heerst een misdaadgolf in Oss, het industriestadje dat tussen 1923 en 1935 de titel "Chicago aan de Maas" heeft. De bende van Oss is verantwoordelijk voor een groot deel van de 24 moorden die in deze periode worden gepleegd. Voor de film is de historie wel het uitgangspunt, maar zowel de regisseur als de producent verzekeren dat het vooral een spannende misdaadfilm en geen geschiedenisles is. De hoofdrolspelers zijn fictieve personages, samengesteld uit diverse verschillende bendeleden. Aan welluidende bijnamen van bendeleden als Toon de Soep, Bijs de Sijp, Trien de Snol en De Ceel kleven te veel persoonlijke kenmerken, daarom zullen ze als personages niet rechtstreeks in de film te zien zijn. Er zijn echter tal van feiten die op een of andere manier in het scenario terecht zijn gekomen.” (Wikipedia)


De komst van Philips Licht net als de exportslagerijen van Zwanenberg en Hartog zorgden voor werkgelegenheid. Met Organon, een spin-off van Zwanenberg kreeg Oss een moderne medicijnfabriek met bijbehorende laboratoria. Organen van varkens en koeien bleken een grondstof te zijn voor medicijnen. Er was nog steeds armoede maar minder dan in de crisisjaren dertig. 


Oss was in mijn jeugd een stad waar je altijd wel wat kon bijverdienen. Als leerling op de lagere school kon je geld verdienen met het rapen van aardappels bij een boer of het plukken van aardbeien en bessen bij een fruitteler.


Eenmaal op de middelbare school werkte ik eerst bij Philips Licht, daarna bij de kratten fabriek Eminos gelegen naast de koekfabriek Ster in de Molenstraat. Alle drie de fabrieken lagen toen nog in het centrum van de stad.


Van Philips is de Groene Engel nog over en de kantine. De Groene Engel is oorspronkelijk gebouwd als hoofdkantoor voor de boterfabriek Solo van Jurgens (1919). Philips nam alles over met het vertrek van Jurgens uit Oss. Van Philips zelf staat de kantine nog. De rest is gesloopt en vervolgens volgebouwd met woningen.


Krattenfabriek Eminos en de Koekfabriek Ster zijn ook gesloopt. Het Osse bestuur blonk uit in het slopen van het verleden. Alsof men er zich voor schaamde en geen waarde had. Er hadden honderden mensen in gewerkt, waaronder een tante van me, maar dat telt niet, net zo min als de architectuur van de gevel. Die gevel wordt nu wel gekopieerd in een nieuw gebouw op het Walplein. Een nieuwe poging om Oss in de vaart der volkeren op te stoten. 


Ik bezorgde als middelbare scholier de toen nog katholieke Volkskrant, een arbeiderskrant opgericht door de katholieke vakbond. Nu een PvdA krant. Ik werkte daarna nog bij blikfabriek Thomassen & Drijver-Verblifa en natuurlijk ook Zwanenberg. Beide bedrijven zijn door het "destructieve kapitalisme" ofwel de vooruitgang opgeslokt en verdwenen uit Oss. 



woensdag 18 oktober 2017

FOTOBOEK "EEN REBEL IN DE VAKBEWEGING"

Fotoboek "Een rebel in de vakbeweging"

Een tijdje geleden heb ik de serie fotoblogs “Film Dagboek Mexico” met in totaal 11 afleveringen afgesloten. Ik heb het grootste deel van de in de serie verschenen foto’s intussen gebundeld in het fotoboek “Een rebel in de vakbeweging”.

Voor degenen die het nog niet weten. In de tijd dat ik in Costa Rica werkte heb ik samen met filmmaker Bernard Neuhaus een filmscript gemaakt over leven en werk van een vakbondsman die zich verzet tegen de corrupte vakbonden in Mexico. 

De Nationale Commissie Ontwikkelingssamenwerking NCO, vond het voorlopige filmscript voldoende om in 1978 een studiereis tot verdere uitwerking van de productie van de film te financieren. In 1979 hebben we de film gemaakt.

Bij de productie waren nog twee organisaties betrokken. De KRO stelde een cameraman en geluidsman ter beschikking en zond de documentaire op TV uit. Solidaridad financierde de film mee ter ondersteuning van haar solidariteitscampagne met Latijns Amerika. 

Bernard Neuhaus was directeur en regisseur van de film. De productie was in handen van het productiebureau van Hans Klap (1945-1997). Ik was manusje van alles: productie assistent, vertaler, interviewer en fotograaf. Twee stagiaires van de Mexicaanse Filmacademie zorgden er voor dat Mexicaanse contacten soepel verliepen. 


Het boek heeft 48 pagina’s met 77 foto’s. Formaat: staand A4, on-line druk Myphotobook, prijs per stuk € 40,59 . Het boek wordt in eigen beheer uitgegeven.

donderdag 3 november 2016

DOCUMENTAIRE OVER SOCIALE STRIJD IN MEXICO "EEN REBEL IN DE VAKBEWEGING"

De uitnodiging voor de premie van de documentaire "Een Rebel in de Vakbeweging".
Het ontwerp is van mijn vriend Ad van Dooren.

In 1977 heb ik samen met een vriend in de Nederlandse filmwereld een documentaire gemaakt over een Mexicaan die met zijn gezin van het platteland naar Mexico stad is getrokken en daar probeert een leven op te bouwen. Nog steeds trekken miljoenen mensen van het platteland naar de stad en tegenwoordig zelfs van arme of gewelddadige landen naar rijke landen. Binnenlandse gelukzoekers zou je kunnen zeggen. We wilden een film maken over hun strijd voor een beter bestaan.
Op de busstations in de grote steden, de bus is het enige openbare vervoer
voor de gewone man, komen de migrantenmet honderden per dag aan.
Hier een typisch Mexicaans gezin van het plaateland dat op zijn best
gekleed naar de stad is afgereisd.

De toevloed van binnenlandse migranten in Mexico was zo groot en de opvangcapaciteit zo klein dat al snel immense krottenwijken ontstonden. Voor velen schandvlekken van de moderne tijd. Bij gebrek aan opleiding, stedelijke kennis en ervaring begonnen deze migranten meestal met slecht betaalde banen en nog slechtere arbeidsomstandigheden. De meesten kwamen terecht in straathandel of aanverwante zaken zoals drugshandel. In Mexico heeft dat intussen een heel hoge vlucht genomen. Toen, in de jaren zeventig was daar nauwelijks sprake van. 



Migranten van het plaateland komen terecht in reusachtige krottenwijken
waar de huizen bij gebrek aan geld en dus ruimte aaneen rijgen
als uitgestrekte woonkazernes met smalle gangen tussen de huizen
en collectieve watervoorzieningen. 

De tragiek voor hen was dat autoriteiten, politieke partijen en zelfs vakbonden gecorrumpeerd waren. Ze konden op niemand rekenen. Dus waar moest een migrant heen om nog enige sociale bescherming te vinden? Als ze dus al ergens terecht kwamen, was het in de marges van politiek en vakbeweging. Maar om daar in actief te zijn, moet je risico's durven nemen en dat is maar voor weinigen weggelegd.

De vrouw van onze filmheld haalt water bij een gemeenschappelijke
kraan in hun "woonkazerne".

Vriend N. schreef het bovenstaande verhaal uit met als werktitel “Een moeizame weg”. Tevens maakte hij een budget. Met behulp van Virginia Films BV begonnen we een zoektocht naar financiën. Als eerste op onze lijst stond de Nationale Commissie Ontwikkelingssamenwerking NCO, de voormalige commissie Claus zo genoemd naar Prins Claus die in het begin voorzitter was van de NCO. Die wees het project in eerste instantie af. 

Voor de overgrote meerderheid van deze migranten van het platteland zit er
bij gebrek aan reguliere banen niks anders op dan zich op straat te vestigen
als zelfstandige ondernemer zonder personeel,
straat zzp'ers om het eigentijds uit te drukken.
Op zijn schoenmakerskarretje lezen we "Zo is het leven nu eenmaal"
(asm es la vida, ni modo)

In april 1978 kregen we toch de mogelijkheid om een voorbereidende studiereis te maken naar Mexico, het land waar we na veel wikken en wegen de documentaire zouden gaan maken. Drie maanden later, in september van dat jaar leverden we het script in bij mogelijke financiers. Na veel overleg, uitleg en aanpassingen werd het filmscript aanvaard door 4 financiers, te weten NCO, Solidaridad en de KRO, elk voor ongeveer 30% en door de vakcentrale CNV voor 10%. 

Andere migranten zien zich genoodzaakt zich als tijdelijke bouwvakker
of ambachtsman aan te bieden op de informele 
arbeidsbeurs
voor ZZP'ers. Deze schilder wacht op een opdrachtgever
achter de kathedraal aan het Zocalo (stadsplein) midden in Mexicostad,
toen een van de grootste en bekendste arbeidsbeurzen voor ZZP'ers.

De documentaire is opgebouwd rond het wel en wee van het gezin van Fidel Campero die in een van de uitgestrekte krottenwijken in het Noord van Mexico stad woont. Hij is samen met zijn gezin een typisch voorbeeld van een migrant die vanaf niks een bestaan op moest zien te bouwen. Fidel was een durfal, een man die voor de goede zaak wilde staan. Zo kwam hij terecht bij de vakbond. Daar leerde hij het handwerk van de sociale strijd, de tegenwerking van de officiële vakbeweging, die het vaak op een akkoord gooit met de werkgever en of de regering, de autoriteiten en de politici.

Het gezin van Fidel Campero voor de deuropening van hun woning
in de woonkazerne in het noorden van Mexico-stad.

De film werd in september 1979 in 3 weken opgenomen.We werkten samen met de Mexicaanse filmschool CUEC die de productieleiding ter plaatse leverde evenals een tweede opname eenheid. De samenwerking had tot voordeel dat we geen vergunningen nodig hadden van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en een toezichthouder van dat Ministerie, waarvoor we alle reis en verblijfskosten zouden hebben moeten betalen. De samenwerking betekende dus een behoorlijke besparing op het filmbudget.

Het complete filmteamop Plaza Domingo in Mexico-stad. Links de geluidsman Wil Kregting, naast hem regisseur Bernard Neuhaus dan de twee medewerkers van de de Mexicaanse filmschool Carlos en Irma en tot slot cameraman Aad Braamhorst.


De 50 minuten durende documentaire is gedistribueerd door Fugitive Cinema met als uiteindelijke titel “Een rebel in de vakbeweging” . De KRO heeft de documentaire op 19 december 1979 uitgezonden ter ondersteuning van de jaarlijkse inzamelingsactie van Solidaridad. De documentaire is zoals de bedoeling was, ook gebruikt in cursussen van de Nederlandse vakbonden over de internationale vakbeweging en solidariteit.