Posts tonen met het label migranten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label migranten. Alle posts tonen

vrijdag 23 januari 2026

72. MEXICAANSE VERTELLINGEN. AUGUSTIN

 

Mexicaanse migranten worden in Amerika wetbacks genoemd. In Mexico heten ze mojados. Vertaald betekent dat "natte ruggen" die ze zouden hebben gekregen door illegaal de grensrivier Rio Grande over te steken. Tijdens hun vakanties in het thuisland laten ze graag hun grote pick-up trucs zien als bewijs van hun succes in Amerika. (foto: petrus)

Ze hebben hun stoelen nog maar net aangeschoven of er dient zich een gast aan. Joviaal groet hij Diego die meteen van zijn stoel opstaat en hem omhelst. Diego stelt hem voor als Augustin, een vriend uit het dorp. Ze kennen elkaar al lang. Diego nodigt hem uit om er bij te komen zitten.


Voordat Augustin gaat zitten, stelt hij zich voor aan de anderen en de anderen aan hem. Hij zegt vereerd te zijn het gezelschap te ontmoeten en blij om Diego weer eens te zien. Hij is eergisteren aangekomen uit Chicago.


Het gezelschap kijkt verbaasd, behalve dan Diego. Augustin is een Mexicaan, dat is in alles aan hem te zien en te horen. Hij is zo te zien geen rijke Mexicaan die zich zo maar even een reis naar Chicago kan veroorloven.


Augustin kent die verbazing hoewel hij toch zeker niet de enige Mexicaan is die vertrokken is naar Amerika en af en toe terugkomt. Zelfs uit San Miguel zijn er in de loop der jaren tientallen mannen en een enkele vrouw naar Amerika vertrokken. Dat zegt wel wat op een gemeenschap van zeventig boerengezinnen, wat winkeliers en ander loslopend volk.


Sommigen komen jaarlijks met de kerstdagen en de paasdagen, de belangrijkste feestdagen van het jaar, op bezoek bij hun familie, ouders, vrouw, kinderen en wat dies meer zij. Het is een terugkerend ritueel om even thuis te komen, de plek waar je geboren bent.


Je komt ook naar huis om je succes daar ginds aan de andere kant van de Rio Grande te vieren en te zien hoe het geld dat je regelmatig opstuurt, gebruikt wordt. Wie geen succes heeft, komt liever niet naar huis. Sommigen reizen met de bus, anderen leggen de lange weg af met hun pick-up truck, anderen kunnen zich het vliegtuig veroorloven. Zo iemand is Augustin.


Hij meldt zich zelfs meerder keren per jaar per vliegtuig op zijn thuisbasis in San Miguel Regla, waar zijn tweede gezin woont. Zijn eerste gezin heeft hij in Chicago, een Mexicaanse vrouw die hij ontmoet heeft op zijn werk bij de catering van American Airlines. Zij komt nooit mee naar San Miguel.


In Chicago woont hij samen met haar. Ze hebben geen kinderen. Met de tijd is de liefde gesleten maar ze blijven bij elkaar. Alleen in Chicago is ook maar alleen en het is nu eenmaal financieel voordeliger samen een huis te hebben. 


Tijdens een van zijn bezoeken, alweer lang geleden, heeft Augustin in San Miguel Irma leren kennen. Ze hebben een kind en vanaf diens geboorte heeft Augustin een tweede gezin maar dan in Mexico. Hij heeft een huisje voor haar, hun kind en zijn schoonmoeder gekocht. Sindsdien komt hij regelmatig op bezoek in San Miguel.  


Irma is zijn rustpunt in zijn hectische leven in Chicago. Het levensritme van Amerika verschilt hemelsbreed van dat van Mexico. Hij heeft er nooit helemaal aan kunnen wennen. Noem het heimwee naar de Mexicaanse levensstijl. Met het geld dat hij in Amerika verdient heeft hij een goed leven in Chicago én in San Miguel Regla. 


Diego vraagt of hij lang blijft? Drie weken, zo lang kan hij wegblijven op zijn werk. Hij moet maar eens op bezoek komen samen met Julia. Diego knikt. Dat zullen ze zeker doen. Augustin drinkt zijn koffie op, slaat Diego nog even op zijn schouder, groet het gezelschap en vertrekt. 


vrijdag 15 augustus 2025

MEXICAANSE VERTELLINGEN 52. AMERIKA

'Wetbacks' of in het Spaans 'Mojados' herken je bijna altijd aan hun zelfverzekerde houding en de pick-up die ze gekocht hebben met het inde VS verdiende geld. (foto: petrus)


Diego vraagt hoe het gaat met de ejido. “Niks nieuws behalve dat er altijd te weinig geld is. Het is moeilijk om het land te bevloeien zonder extra leidingen maar het interesseert ze niet. Als het niet genoeg regent, dan is dat maar zo. Zo denken ze erover,” aldus don Ramon.


Diego weet maar al te goed dat plannen maken niet de sterkste kant is van de dorpelingen. Ze zijn geneigd om af te wachten waar het commissariaat mee komt en dat is meestal niet veel. En als een van hen toch iets bedenkt dan beginnen anderen bezwaren te maken, zeker als het geld kost. Ze vinden dat ze niks kunnen missen, ook niet als het om verbeteringen gaat.  


Ze leggen zich liever neer bij het lot. Hun ervaring is nu eenmaal dat je daar toch niet aan kunt ontsnappen. Plannen lopen dood of het nu om een huis gaat of om land. Dat is de les die ze al generaties lang krijgen. Waarom al die moeite doen? Een revolutie verandert daar niks aan, zo bedenkt Diego.


"Er wordt dus niks gedaan met het bos en het meer," vraagt Diego? "Nee, helemaal niks," antwoordt zijn vader. "Het is nog een geluk dat de hacienda gasten heeft die af en toe geld uitgeven in het dorp."


Het hotel geeft gelukkig werk aan enkele dorpelingen, mannen en vrouwen. Anderen uit het dorp verhuren hun paarden aan gasten om er een ritje mee te maken rond het hotel of een eindje de bergen in te rijden. Zonder het hotel zou het dorp armer zijn. 


Een geluk is dat er nog mannen zijn die net als zijn broer Lorenzo die het aan durven om naar Amerika te vertrekken om er te werken. Hoeveel mannen het zijn weet niemand maar er zijn heel wat gezinnen in het dorp die maandelijks dollars uit Amerika ophalen bij het kantoor van Western Union, gestuurd door hun zonen of mannen. 


Amerika helpt het dorp te overleven als de oogsten slecht zijn. Diego vraagt zijn vader of Lorenzo ook regelmatig geld stuurt naar zijn vrouw? Hij denkt van wel. Zijn vrouw helpt doña Maria af en toe met boodschappen. Dat zal met geld van Lorenzo zijn. 


Diego gaat in gedachten naar zijn jongere broer die al een paar jaar in Texas is. Hij is daar al langer dan hij van plan was. Toen leek hem een jaar genoeg om het geld bij elkaar te krijgen verdienen voor een groter huis. Dat zijn al twee jaar geworden en Diego denkt dat het er nog wel meer worden. Zo gemakkelijk krijg je het geld voor een huis niet bij elkaar.


Misschien moet hij hem eens bezoeken in Amerika of met semana santa naar San Miguel komen, want dan komt ook Lorenzo naar huis. Met de paasweek komen ze allemaal uit Amerika op vakantie naar huis, naar hun vrouw of hun ouders. Diego wil van hemzelf horen hoe hij maakt en wat zijn plannen zijn, zo die er zijn. 


Diego weet dat er mannen zijn die in Amerika aan een tweede gezin beginnen. Een jaar alleen zijn is natuurlijk ook niet niks. Dat begrijpt Diego ook wel maar een tweede gezin is een hele verantwoordelijkheid en niet in de laatste plaats, het kost geld. 


Dan blijft er minder over om te sparen of om naar huis te sturen. Amerika wordt dan een val waar je niet zomaar meer uitkomt. Vrouw en kinderen hier in het dorp blijven verweesd achter. "Je hoort hier en daar van gezinnen die onder die gedachte gebukt gaan," zegt zijn vader zuchtend.  


Sommige vrouwen zien hun man dan ook liever niet gaan. Liever armoede dan in eenzaamheid met kinderen. Maar je houdt ze ook niet tegen als ze hun zinnen er op gezet hebben. Alleen werk kan hun tegenhouden en dat is er te weinig. Diego hoopt maar dat zijn broer niet in de val van een tweede gezin in Amerika trapt. Dat zou voor de hele familie een ramp zijn.  

dinsdag 17 juni 2025

HET PRECARIAAT

Toelichting bij de foto. De foto is gemaakt in het centrum van Maastricht waar mijn oog viel op een vrouw die de vuilnisbakken in een van de drukste winkelstraten doorzocht terwijl ze het kinderfietsje met kind voor zich uitduwde. Maakt zij deel uit van wat het SCP het precariaat noemt? dat is goed mogelijk waarom zou ze anders vuilnisbakken doorzoeken. Zo te zien is het een vrouw met een migratie achtergrond wat de vraag oproept of juist in die groep de maatschappelijk kwetsbare mensen zitten, de mensen met de minste vaardigheden. Ik neem aan dat ze dat bij het SCP wel weten. Mensen met een migratiegrond maken volgens het SCP ongeveer een kwart van de bevolking uit. Daarvan zal een niet onbelangrijk deel maatschappelijk zo kwetsbaar zijn dat ze onder het begrip precariaat vallen. Een groep die volgens de langetermijnaanpak van het SCP onderhouden zal moeten worden door de overheid. 

 

Met de val van het kabinet Schoof als gevolg van het vertrek van Wilders is het vertrouwen in de politiek afgenomen, zeker onder voormalige PVV stemmers. Kiezers in Noord Heerlen waren opnieuw teleurgesteld door het in gebreke blijven van Den Haag bij de oplossing van hun problemen, zo was te zien in het NOS journaal.


De een moet elk dubbeltje omdraaien en hoopte daarom op een boodschappen bonus van de PVV,  de ander vreest dat de huren weer de pan uit gaan rijzen en weer een ander ziet de zorg duurder wordt. Al die mensen leven in een precaire financiële situatie in een van de armste regio’s van Nederland.


Zulke mensen worden in sociaal economische onderzoeken van het Sociaal en Cultureel Planbureau SCP dan ook aangeduid als het precariaat, een samentrekking van het woord proletariaat en precair. Het zijn de kwetsbare mensen aan de onderkant van de maatschappelijke ladder.


“Het precariaat beschikt van alle groepen het vaakst niet over een startkwalificatie, heeft verhoudingsgewijs vaker gezondheidsproblemen, heeft geringe digitale vaardigheden en een slechte beheersing van het Engels. Burgers die tot deze groep worden gerekend, beschikken bovendien nauwelijks over een instrumenteel sociaal netwerk.” (Zie: Factsheet Hoe divers is de Nederlandse Samenleving van het SCP)

Door het gebrek aan vaardigheden kunnen ze niet voor zichzelf zorgen. Ze blijven onderaan de ladder hangen en hebben geen vooruitzicht om op deze ladder omhoog te komen. Voor betere financiën zijn ze afhankelijk van den Haag en als den Haag niet levert, dan heeft stemmen geen zin. Weg het vertrouwen in de politiek


Volgens het SCP is dit een structureel probleem dat een langetermijnaanpak vereist, gericht op basisvoorzieningen voor iedereen en aanvullende steun voor wie dat niet genoeg is. Kortweg gezegd, meer den Haag.


Het risico van een dergelijke aanpak is dat als de overheid niet levert, het vertrouwen in de politiek verdwijnt. Een ander misschien belangrijker risico is dat je met zo’n aanpak de mensen veroordeelt tot afhankelijkheid van de overheid en dat is in strijd met de menselijke waardigheid en vrijheid. 


Daarom is ook veel te zeggen voor een langetermijnaanpak van verbetering van de maatschappelijke weerbaarheid van mensen zodat zich kunnen redden in de maatschappij. De overheid zorgt dan wel voor randvoorwaarden zoals arbeid, onderwijs, beschikbare woningen enz.  Op die manier kan elk individu zijn eigen keuzes maken in plaats van terecht te komen in een eeuwigdurend vangnet van de overheid.


donderdag 15 september 2022

WAT KOSTEN ASIELZOEKERS NEDERLAND? (DEEL 2)

Metro Brussel 2010

 

Ter Apel is een schandelijk teken aan de wand. Bestuurlijk kan Nederland het vluchtelingenprobleem niet (meer) aan. De bureaucratie loopt vast in zijn eigen regels, onkunde, gebrek aan visie en mismanagement. Het is een nieuwe Hollandse ziekte die we ook zien in de opvangtoeslag, op Schiphol (notabene een private onderneming), de woningbouw, de stikstofcrisis, de rechtspraak, de schaderegeling in Groningen enz. 

Ter Apel is de uitkomst van een jarenlang beleid zonder visie. Wat voor een land willen we zijn, een immigratieland en zo ja voor wie? Wie willen we helpen en wie hebben we nodig om Nederland op te bouwen? Waar willen we heen met 18 miljoen inwoners, het dichtst bevolkte land van Europa? Meer natuur, meer woningen en infrastructuur, meer land (Markerwaard inpolderen?), minder voedselproductie enz.? Wat wordt dan onze voornaamste bedrijvigheid als het niet langer landbouw en mobiliteit is? 

Wat bij al die beslissingen een rol hoort te spelen is de afweging van de kosten. In mijn vorige blog heb ik al gemeld dat terwijl in Nederland over het algemeen de kosten van welk overheidsproject tot ver achter de komma worden berekend, is het moeilijk om een goed overzicht van de kosten van asylzoekers opvang te vinden. De Rijksoverheid maakt er geen haast mee om zijn burgers te informeren over de kosten.

Uitkomst biedt het rapport “Grenzeloze Verzorgingsstaat, De gevolgen van immigratie voor de overheidsfinanciën” uitgebracht door de Universiteit van Amsterdam, Amsterdam School of Economics, maart 2021. Om het leesbaar te houden, geef ik hier slechts een deel van de samenvatting waarvan de conclusie voor zichzelf spreekt.

“De overheidsuitgaven voor immigranten zijn relatief hoog ten opzichte van autochtonen bij posten als onderwijs, sociale zekerheid en toeslagen. Immigranten betalen daarbij minder belastingen en sociale premies. De belangrijkste bevindingen voor de nettobijdrage (baten minus kosten) van de eerste twee generaties samen zijn hieronder gegeven.
Immigratie kost de Nederlandse schatkist netto (baten minus kosten) veel geld (zie Tabel 0.1 beneden). De totale nettokosten van immigratie bedroegen in de periode 1995-2019 gemiddeld 17 miljard euro per jaar. Ter vergelijking: dat is evenveel als de overheid in 2016 uitgaf aan defensie en werkloosheidsuitkeringen samen. In 2016 piekten de nettokosten op 32 miljard euro, deels ten gevolge van de vluchtelingencrisis. De totale kosten over de periode 1995-2019 bedroegen 400 miljard euro, een bedrag in de orde van grootte van de aardgasbaten vanaf het begin van de winning tot heden. Het rapport berekent op basis van CBS prognoses ook de kosten voor de komende twintig jaar bij ongewijzigd beleid.”

Tabel 0.1 Totale nettokosten voor de Nederlandse schatkist van de immigratie die plaatsvond in de periode 1995-2040, inclusief de kosten voor de tweede generatie, in miljarden euro (bedragen zijn afgerond op veelvouden van 20 miljard).


                    Netto kosten van immigratie (miljarden)


Periode                                                Subtotaal             Totaal


1995-2009                                               € 200
2010-2019                                               € 200 +
Totaal 1995-2019                                                             € 400
 

2020-2040 (prognose)                                                      € 600 +
 

Totaal 1995-2040 (inclusief prognose)                             € 1.000

(https://www.wyniasweek.nl/wp-content/uploads/2021/03/Grenzeloze-Verzorgingsstaat.pdf

De totale uitgaven van de Rijksoverheid zijn € 353 miljard (2022) waarvan het meeste gaat naar sociale uitkeringen. De uitgaven voor de asielzoekers vormen ongeveer 5% van het totaal. Ik weet niet of dit een bedreiging vormt voor de houdbaarheid van onze welvaartsstaat. Daarvoor moeten ook andere kwesties beantwoord worden zoals de toenemende bevolkingsdruk in ons land, het gebrek aan woningen, de verdrukking van de (recreatie)natuur, de toenemende druk op de infrastructuur enz. 

Het is een teken aan de wand dat als gevolg van de herverdeling van de sociale woningen de eigen bevolking minder aan bod kan komen. Er moeten maar liefst 20.000 statushouders gevestigd worden door de Nederlandse gemeenten.

"De komende tijd gaan gemeenten tussen de 8% en 12% van de vrijkomende woningen aan statushouders toewijzen. In Utrecht is deze zomer enkele weken rigoureus voorrang verleend aan deze groep. 'Ik vind het voorbeeld van Utrecht een goede aanpak. Tegelijkertijd is het geen mooi verhaal, zelfs een slecht verhaal, en vreselijk voor de mensen die tien jaar op een wachtlijst staan en nu geen woning krijgen." Aldus een interview in het Financieel Dagblad met Leonard Geluk, de Algemeen Directeur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (31/8/2022). 

Dit verhaal bevestigt opnieuw dat de woningzoekenden die al jaren op de wachtlijst staan de prijs betalen voor het ruimhartige asielbeleid.

En dit is niet de enige prijs die door sociaal zwakkeren betaald moet worden. De wijken met economisch en sociaal zwakkeren in onze samenleving worden ook het meest geconfronteerd met inburgeringsproblemen. Asielzoekers en migranten passen zich maar moeilijk aan aan de sociale gewoonten die in oudere wijken bestaan. 

Het is natuurlijk toeval maar precies vandaag begint Financieel Dagblad een serie over migratie en hoe vol Nederland nu eigenlijk is (Singapore aan zee). Ik lees dat de problematiek van de bevolkingsdruk en de migratie jarenlang door politici is ontweken bang dat ze waren om voor rechts te worden uitgemaakt alsof rechts zijn een politieke ziekte is. Blijkbaar is de ban nu verbroken en durf men het debat te beginnen. (

vrijdag 6 oktober 2017

DE EENZAAMHEID VAN VLAANDEREN 7

Metro halte Beekkant (2009)

Brussel heeft niet alleen veel bestuurslagen, het heeft ook wijken met geheel verschillende culturen, wijken waar groepen migranten zich concentreren. De grootste groepen migranten in Brussel zijn de Congolezen uit voormalig Belgisch Congo en de Marokkaanse en Turkse gastarbeiders uit de jaren 1960 gevolgd door gezinshereniging. (cijfers 2015 te vinden in Wikipedia).  

Ik vermoed dat het aandeel van migranten op de totale Brusselse bevolking in 2 jaar tijd als gevolg van de vluchtelingencrisis groter is geworden. Hoe dan ook, wie met de Metro reist, kan met eigen ogen zien hoe divers de Brusselse bevolking in de loop der jaren is geworden. De Congolese wijk Matonge (ook wel "klein Zaïre" genoemd), is sinds enige tijd een metro-halte geworden in combinatie met de halte Naamse Poort. Het kan je overkomen dat je op een gegeven moment verbaasd vaststelt dat je als blanke de enige bent in een metro coupé. De talen die je links en rechts hoort zijn soms zelfs voor een ervaren wereldreiziger moeilijk te plaatsen. 

Brussel is geen metropool met miljoenen inwoners maar wel een wereldstad zoals Parijs, Londen en Amsterdam, ook hoofdsteden van voormalige koloniale rijken. Ook zij hebben uitgebreide wijken met migranten uit hun voormalige koloniën. En zoals in al die steden houden de migranten contact met hun verwanten daar en voeling met de ontwikkelingen in hun land, in het geval van de Congolezen zeker ook als het om de rol van België in hun land gaat. Het koloniale verleden mag dan voor de gemiddelde Brusselaar of Belg een afgesloten hoofdstuk zijn, voor de Congolezen is dat nog lang niet het geval.

Dit schilderij verdient enige uitleg.

Ik heb het op een werkreis gekocht in Kinshasa op een markt voor souvenirs.
Eenmaal thuis heb ik het enigszins veranderd. De naam van de Congolese
schilder is vermoedelijk ALPHA zoals je rechtsonder kunt zien.
De bedoeling van de bewerking is om duidelijk te maken dat
er in Congo nog wel andere avonturiers geweest zijn dan Tintin.

Het doek is geknipt uit een baal suiker en vast gemaakt op een zelf
gemaakte houten lijst. De afmeting is 38 x 45 cm

(verschijnt elke vrijdag)