Posts tonen met het label racisme. Alle posts tonen
Posts tonen met het label racisme. Alle posts tonen

dinsdag 14 januari 2025

DEEL 3. RUSSISCH KOLONIALISME, EEN GESPREK

 

De dissident advocaat Aleksej Navalny (1976-2014), vermoord in een Russische gevangenis, voerde oppositie voor een Rusland zonder Putin, voor een meer democratisch Rusland maar liet de koloniale verhoudingen in de Russische Federatie zo goed als onbesproken. Hij wilde geen oorlog met Oekraïne maar of hij zover ging te erkennen dat Oekraïne een zelfstandige buitenlandse politiek (NAVO en EU lidmaatschap) mag voeren, is niet duidelijk.

Imperiale Onschuld


In het boek “Imperial Innocence” onderzoek ik hoe de Russische staat het idee heeft gecreëerd dat haar rijk goed brengt, dat het een bevrijdend rijk is en dat het Russische volk martelaren zijn die zichzelf opofferen voor het welzijn van andere mensen. Dit archetype van Jezus Christus is cruciaal voor de Russische identiteit.


Toen Ilya Yashin (Russische oppositieactivist die werd vrijgelaten in de recente gevangenenruil tussen Oost en West) kritiek kreeg omdat hij terug wilde naar de gevangenis en het Oekraïense lijden niet noemde, schreef de Russische journaliste (Yulia) Latynina op sociale media: 'die critici zijn gewoon jaloers op je omdat je de kans hebt gehad om aan een kruis te hangen.' Dus ze zei in feite dat ze jaloers waren omdat (Yashin) even Jezus Christus mocht zijn. (Alexei) Navalny, (Vladimir) Kara-Murza en Yashin spelen allemaal volgens het handboek dat je als Rus presteert als je lijdt.


Imperiale onschuld is een zeer effectief instrument omdat veel Russen het hebben geïnternaliseerd. Als ik het heb over Russisch imperialisme of kolonialisme, nemen mensen het persoonlijk op en wordt een discussie over de misdaden tegen de menselijkheid die uit naam van dat rijk zijn gepleegd, extreem moeilijk. Het gesprek gaat over persoonlijke schuld, waarbij mensen vragen: 'Denk je dat ik een slecht persoon ben?' 


Maar het gaat niet om slechte of goede mensen; het gaat om het systeem dat de structuren en verhalen toestaat die op hun beurt deze misdaden mogelijk maken, en je moet er echt afstand van doen. Dit geloof in 'goede mensen' met een 'speciale ziel' verhindert veel Russen om de andere kant van het verhaal te erkennen.


Russische dissidenten


Een van de belangrijkste argumenten die Russische dissidenten naar voren brengen, is dat ze 'het goede' brengen aan andere volkeren, wat de noodzaak rechtvaardigt om het rijk te behouden. Ik noem ze geen oppositie, omdat we niet weten of ze überhaupt als oppositie zouden worden gekozen als ze de kans zouden krijgen.


Als we het hebben over de 'Russische oppositie', negeren we vaak de oppositie van nationale republieken zoals de Basjkieren, Tataren, Itsjkeriërs (Tsjetsjenen) en anderen. Zij vormen de meerderheid van de oppositie en zij steunen de dekolonisatie, terwijl slechts een kleine Russische minderheid zich ertegen verzet omdat ze hun privileges willen behouden. 


Ze leven heel goed, reizen de wereld rond en vertegenwoordigen een groot rijk. Je hoeft Poetin alleen maar op YouTube te bekritiseren en je bent welkom in Washington, Londen of Berlijn. Het is een comfortabele positie om in te zitten. Het niveau van racisme en xenofobie is zo hoog dat (Russische dissidenten) weigeren om in contact te komen met of zelfs maar te spreken over mensen uit nationale republieken, in feite proberen ze hen met deze houding uit te wissen. Dit is een bewuste strategie.


Omdat (Russische dissidenten) worden geaccepteerd als legitieme oppositieleiders in het Westen, voelen ze zich gerechtigd om namens Tsjetsjenen, Tataren, Kalmukken en Sacha te spreken — groepen die niet willen dat (de Russische dissidenten) namens hen spreken. Onlangs stelden drie Russische geleerden uit de metropoolregio, die nu in het Westen wonen, een nieuwe Russische grondwet voor. Ze stelden voor om de nationale republieken te elimineren en nieuwe soorten kiezers in Rusland te creëren, zonder zelfs maar aan vertegenwoordigers van deze republieken te vragen of ze (deze instellingen) nog steeds wilden laten bestaan.


Na Putin?


Ik geloof dat het Russische kolonialisme en de Russische koloniale identiteit niet hervormbaar zijn, net zoals het communisme dat niet was. Er zijn bijna drie jaar verstreken (sinds de grootschalige invasie van Oekraïne) en we hebben nog steeds geen stappenplan gezien van Russische intellectuelen over hoe we het Russische kolonialisme opnieuw moeten doordenken. Niemand wil er echt over praten. Als de gruwelijke beelden van Mariupol en Bucha geen ontwaking hebben veroorzaakt, zal niets dat doen.


Maar nogmaals, als we aan Rusland denken, mogen we de nationale republieken niet over het hoofd zien, omdat hun situatie heel anders is. Nationale ontwaking vindt daar snel plaats omdat hun bevolking in veel grotere aantallen sterft dan stedelijke Russen die niet zozeer door de oorlog zijn getroffen. Veel mensen in de nationale republieken voelen de pijn van Oekraïners, omdat hun voorouders precies hetzelfde hebben meegemaakt als Oekraïners vandaag de dag.


Er vindt een enorme politieke verandering plaats (in Rusland), maar die komt niet van de kolonisten, maar van de nationale republieken. Of ze zullen slagen in hun streven naar onafhankelijkheid, weten we niet. Maar de nationale ontwaking is er, en die is heel belangrijk. Ik denk dat zij de enige hoop zijn.


Het lijkt erop dat er een punt van geen terugkeer is bereikt. In de nationale republieken ontstaat een kritische massa die weigeren terug te keren en niet langer in beloften geloven. We bevinden ons op een historisch moment; de mythe van het Russische Rijk en zijn grootsheid is gestorven en zal niet snel weer tot leven worden gewekt.


Deel 1 en 2 van dit gesprek zijn verschenen op 8 en 9 januari.


Het hele interview  is verschenen in The Kyiv Independent, 11 december 2024




dinsdag 16 april 2024

JOHAN DERKSEN

Links het Friese Tweede Kamerlid Habtamu de Hoop. Rechts de TV ster Johan Derksen.

 

In geen land neemt men elkaar zo snel de maat als in Nederland. Dankzij de social media is de maat nemen een nationale sport geworden op vooral twitter. De kranten, ook de kwaliteitskranten en de TV doen er lustig aan mee.


Een rel is daardoor zo geboren en wie leent zich beter voor een rel dan Johan Derksen, de flapuit en onverlaat van het irritante want rechtse programma VI, waar de grenzen van correcte meningen snel worden overschreden.  


Johan was zo stom om het Tweede Kamerlid Habtamu de Hoop van GL/PvdA geen Fries te noemen omdat hij daar niet geboren is. Hij is geboren in Ethopië maar wel van jongs af aan getogen in Friesland bij adoptie ouders.


Door Habtamu geen Fries te noemen werd Johan onmiddellijk gebrandmerkt als racist. Het is weliswaar ongevoelig van Johan om dat te zeggen maar racisme is het niet. In de normale wereld is het heel gebruikelijk dat je de nationaliteit krijgt van het land waar je geboren wordt. Die van een ander land moet je verwerven door verblijf en/of een inburgeringscursus. Adoptie is natuurlijk ook een manier.


Een van mijn dochters is geboren in Mexico en werd bijgevolg een Mexicaanse. Hetzelfde overkwam een andere dochter. Zij werd in Costa Rica geboren en werd dus Tica. Habtamu werd in Ethopië geboren en is dus een Ethiopiër.


Maar net als mijn dochters heeft Habtamu zijn nationaliteit van geboorte in zijn verdere leven niet ingevuld. Dankzij zijn Nederlandse adoptieouders is hij Nederlander of zelfs Fries geworden. Is hij nu Ethopiër of Fries? Dat hangt er maar vanaf hoe je het bekijkt maar met racisme heeft dit niks te maken.


De aanleiding voor Johan om Habtamu geen Fries te noemen was diens verbale ondersteuning in de Tweede Kamer van een afspraak met het rijk om de komende 5 jaar 18 miljoen euro ter beschikking te stellen aan Friesland ter ondersteuning van de Friese taal. 


Daar breekt me nou net de klomp. Het rijk gaat met nationaal belastinggeld een aparte -provinciale- taal in Nederland versterken.  Sinds wanneer financieren we met belastinggeld provincialisme? Waar nationalisme verdacht is, zeker als het van politiek rechts komt, wordt provincialisme gesubsidieerd.


Het valt me trouwens tegen van de Friezen dat ze hun hand ophouden bij het rijk ter versterking van hun taal.  Ik dacht dat een trots volk als de Friezen zijn eigen broek op kon houden als het gaat om hun taal en cultuur? 


donderdag 1 februari 2024

NIKKI HALEY, DE VROUW TUSSEN TRUMP EN HET WITTE HUIS.

Kan Nikki Haley haar Republikeinse tegenkandidaat Trump verslaan en in het Witte Huis komen?


Trump is weer eens racistisch bezig. Deze keer niet tegen Obama zoals 7 jaar geleden tijdens zijn verkiezingscampagne maar tegen Nikki Haley. Indertijd beschuldigde hij Obama ervan geen echte Amerikaan te zijn.


Trump had ook de gewoonte om Obama's tweede voornaam Hussein te noemen in plaats van Barack. De suggestie die daarvan uitgaat is duidelijk, zeker voor zijn aartsconservatieve blanke volgelingen in het zuiden.


Trump herhaalt nu dezelfde soort beweringen maar dan tegen zijn gekleurde partijgenote Nikki Haley. Zij is van Indiase afkomst, geboren in Bamberg, South Carolina en derhalve wel degelijk verkiesbaar als president van de VS.


Ze heeft het tot Gouverneur van South Carolina geschopt en onder Trump als Amerika’s ambassadeur bij de VN gediend. Kortom, een loopbaan die haar geschikt maakt voor het Witte Huis. Ze is een stuk jonger dan Trump en zou de eerste vrouwelijke president van Amerika kunnen worden. 


Trump weet dit natuurlijk ook en heeft daarom besloten om opnieuw de racistische kaart te trekken. Door haar als on-Amerikaans te betitelen maakt hij zijn blanke volgelingen duidelijk dat ze een kleurlinge is en dat is een nadeel in de ogen van veel Trump supporters.


Hij verhaspelt op internet haar voornamen Nikki Nimarata in Nikki Nimrada Haley, waarschijnlijk om te suggereren dat ze een “nimrod” is, in modern Noord Amerikaans een dwaas en onkundig persoon. 


Uit interviews blijkt dat zij in staat is om deze persoonlijk aanvallen en verdachtmakingen bedoeld om een sfeer van racisme te scheppen van zich af te laten glijden. Ze stelt zich weerbaar op door zich niet te laten verleiden tot een moddergevecht met Trump maar op de problemen van Amerika te wijzen en daaraan toe te voegen dat Trump slechts chaos brengt.


Ze beschikt over goede papieren voor het presidentschap. Haar sterke karakter is gevormd door ervaringen opgedaan met racisme in haar jeugd. Desondanks noemt ze Amerika geen racistisch land. Het gelijkheidsideaal als grondslag van Amerika staat nog altijd overeind al is er onderweg veel mis gegaan, aldus Nikki Haley. 


Hoewel Haley na de verkiezingen in New Hampshire 10% achter staat op Trump, wil ze niet opgeven. Ze zegt het zelf. Ze is een vechter. Dat is wel nodig als je het tegen Trump opneemt met zijn dedain voor vrouwen en kleurlingen. Misschien dat daarom het team Trump probeert haar te overtuigen om de handdoek in de ring te gooien. 

dinsdag 16 juni 2020

MIJNHEER AKWASI

Tweeling, Lomé, Togo 2016

Als Nederland dan zo racistisch is dat je de eerste beste Zwarte Piet die je ziet tegen zijn kop wil trappen waarom ga je dan niet aan de kust van Noord Afrika de zwarte vluchtelingen waarschuwen dat ze beter weg kunnen blijven? Ik weet wel waarom niet. Omdat ze hier verwachten een toekomst te hebben die ze in eigen land wordt onthouden vanwege onderdrukking, uitbuiting, oorlogsgeweld, verkrachting en armoede.

Dat is natuurlijk geen reden om zwarte mensen uit te schelden voor Zwarte Piet, net zo min als er reden zijn om mensen voor roetmop, jood, aap, haakneus, boer of mankepoot uit te schelden. Maar het gebeurt en dat deugt voor geen meter. De Nederlandse overheid, de media, allerlei goed bedoelende instellingen proberen zulks te voorkomen. Dat het niet 100% lukt is al erg zat. Sterker nog, ik vrees dat het nooit helemaal zal lukken. Na de vreselijke industriële moord op Joden in de Tweede Wereldoorlog is er ook nog altijd antisemitisme. Dus racisme zal ook wel nooit helemaal verdwijnen.

Voor alle duidelijkheid. Discriminatie op ras, geloof of seksuele voorkeur mag al helemaal niet. Maar probeer het maar eens met wortel en tak uit te roeien. Dat is nog nooit nergens gelukt. Vooroordelen, zich opsluiten in de eigen stam, zit de mens blijkbaar ingebakken. Je hoeft geen sociaal psycholoog te zijn om dat te beseffen. Mensen hebben graag groepsgrenzen om hun identiteit en hun bezit te beschermen, niet alleen hier maar overal in de wereld. Maak daar maar eens een einde aan, net als aan seksuele intimidatie, homofobie enz.

En dan ons slavernijverleden. Ook dat deugt voor geen meter zo weten we maar al te goed. Het is een zwarte bladzijde in de Nederlandse geschiedenis, niet de enige trouwens, maar wel een die zeker niet vergeten mag worden. Maar laten we ook meteen vaststellen dat je de kinderen niet de zonden mag aanrekenen van hun voorvaderen. Als je daar aan begint dan is het einde zoek. Het doet me denken aan Rusland in communistische tijd waar kinderen van aristocraten geen toekomst hadden vanwege de aristocratische zonden van hun vaderen. Zonden zijn niet erfelijk. Als we dat wel vinden, dan is dat het einde van tolerantie, vergeving en barmhartigheid en waar we dan gaan uitkomen weten we niet, maar veel goeds zal het niet zijn.

Ik wil daarom eindigen met een goed Nederlands gezegde: “Bezint eer ge begint”.

maandag 3 december 2018

SEADA NOURHUSSEN

 
Seada Nourhussen zoals ze boven haar column in Trouw staat afgebeeld.
Als lezer van de krant Trouw ken ik de columns van Seada Nourhussen. Ze is ermee gestopt. Ze heeft er genoeg van om racistische bagger over zich heen te krijgen. Meestentijds wist ik niet wat ik met haar collumn aan moest. Er was vaak sprake van een soort omgekeerd racisme, witte mensen deugen niet. Ik weet niet of zij zich bewust is van dit omgekeerd racisme of dat ze het willens en wetens zo doet, maar hoe dan ook, ik weet niet wat ik daar mee aan moet.

Ze gaat heel ver in haar afkeer van witte mensen. Volgens haar zijn die zo ongeveer  per definitie racist maar dat weten ze zelf niet omdat ze in een wit systeem zitten. Witte systemen houden zwarten er liever buiten en dat is wit racisme. Als witte man zal ik tot overmaat van ramp ook nog opgesloten zitten in mijn witte mannen macho cultuur en dat is geestelijk gesproken net zo dodelijk.

Aangezien ik met mijn witte huidskleur nooit uit het witte systeem kan ontsnappen ben ik -alweer geestelijk gesproken- voor eeuwig en altijd verloren. Het is dit soort opvattingen dat me doet denken aan het boek “De verworpenen der aarde” van Frantz Fanon (Bruna boeken, 1969). Volgens Eldridge Cleaver, een van de eerste leiders van de Amerikaanse Zwarte Panter beweging in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw, ‘de Bijbel’ van de zwarte militanten.

Dat was het ook voor ons linkse studenten in Nijmegen mede dankzij het vlammende voorwoord van de Franse filosoof Sartre. Sartre analyseert samen met Fanon de anti-koloniale bevrijdingsstrijd als een combinatie van bevrijdingsstrijd en klassenstrijd. De gekoloniseerden zijn samen de onderdrukte klasse, de kolonisten samen de onderdrukkende klasse. Daartussen zitten aan beide kanten verraders die dit alles willen verdoezelen of voor hun eigen profijt gebruiken.

Hoe moet je hier als normaal mens nog uit zien te komen? Of je staat aan de goede kant van de onderdrukten, of je staat aan de slecht kant van de onderdrukkers. Daar tussenin is geen plek voor nuances. Het is een totale oorlog, een bevrijdings- en een klassenoorlog tegelijk. In zulke oorlogen vallen doden, daar is niet aan te ontkomen. Dat is dan ook gebeurd in Zuid Afrika, in Angola, Mozambique, Algerije en in al die andere voormalige koloniën tot aan Nederlands Indië toe.

Wie na al die oorlogen om zich heen kijkt, beseft dat er uiteindelijk niets anders op zit dan dat we als mensen, wit of zwart, man of vrouw verder samenleven met alle tekortkomingen die daar nu eenmaal bij horen. Dat laatste is moeilijk te aanvaarden als je boos bent, heel boos maar toch zit er niks anders op. Wat je ook doet, racisme, anti-semitisme, overheersing, onderdrukking enz. zal er altijd zijn. De kunst is om daar tussen de menselijkheid overeind te houden met behulp van democratische instellingen, fatsoenlijke rechtspraak en rechtsnormen, wetgeving gebaseerd op de gelijkheid van mensen enz. Misschien voor iemand die radicaal én boos is te weinig maar er rest ons weinig anders.

zondag 7 augustus 2016

THE ANGRY WHITE MEN

Een digitale spotprent van petrus

Een gedachte experiment om beter het politieke verschijnsel Trump te begrijpen. Kan dat? Ik wil het proberen. Stel dat we in Nederland binnenkort een linkse (van de PvdA bijvoorbeeld), progressieve zwarte premier  krijgen. Zouden dan veel aanhangers van Wilders niet nog veel bozer worden op de witte politieke elite, die dit heeft laten gebeuren? Ik denk het wel. Ik vrees zelfs dat de aanhang van Wilders nog groter zou worden dan ze nu al is.

Hun boosheid op de progressieven, die immers mee bezuinigd hebben op sociale voorzieningen (de PvdA)  en veel van hun conservatieve zekerheden over huwelijk, werken en wonen onderuit hebben gehaald (multiculturele samenleving), wordt dan versterkt met het gevoel dat hun laatste strohalm, dat Nederland uiteindelijk van blanken is en blijft, verloren gaat. Natuurlijk, dit is een vorm van racisme maar wat moeten zij anders? Een zwarte premier betekent voor hen dat ze ondanks hun witte huidkleur naar de marge van de Nederlandse samenleving zijn gedrongen. Hun laatste zekerheid, dat Nederland een wit land is, is dan weg. Het gevolg is een Zwarte Piet discussie in kwadraat.

De verkiezing van de zwarte Obama tot president veroorzaakte in de VS een dergelijke onderhuidse racistische schokgolf.  Waar zwarten blij waren dat nu eindelijk een van hen president was geworden, waren veel witten geschokt. Zij konden het niet verteren en voelden zich nog verder naar beneden getrapt door de witte, progressieve elite van hun land. Conservatieve gelovigen hadden altijd al de grootste moeite met progressieve opvattingen over bijvoorbeeld abortus en homo huwelijk, nu kwam daar ook nog bij dat Amerika niet langer van de witten is.

Voor veel witte Amerikanen was daarmee de maat vol. Banenverlies door verkeerd beleid in Washington (globalisering), je levensgevoel ondermijnd door allerlei nieuwigheden en nu ook nog een zwarte man aan de macht. Dat was zo ondraaglijk dat ze in die kringen het Amerikaanse burgerschap van Obama gingen betwisten, dat ze gingen beweren dat Obama een vermomde moslim is enz.  Trump heeft van deze beweringen nooit echt afstand genomen.

Zijn slogan “to make America great again” moet je vertalen in “Amerika weer wit maken”. Vandaar zijn voorstel een muur tussen Mexico en de VS te bouwen om de Latino’s buiten te houden en een algemeen immigratieverbod voor Moslims zolang niet duidelijk is wat hun terrorisme betekent. Trump schiep met zijn campagne voor het presidentschap van de VS een uitlaatklep voor niet alleen allerlei blanke frustraties, maar ook voor het altijd aanwezige latente racisme onder blanken in vooral het zuiden van de VS. Daar leeft nog altijd de verloren burgeroorlog, waart de geest van de Ku Klux Klan nog rond en was rassenscheiding in openbare gelegenheden, scholen en universiteiten tot in de jaren zestig van de vorige eeuw officieel beleid. 


Trump is het wanhoopsoffensief van witte, conservatieve Amerikanen om Amerika weer wit te maken. De verkiezingscampagne van Trump is daarom de ultieme test van de Amerikaanse democratie.

donderdag 7 juli 2016

VACANTIE IN KLAPPERDORP

Kinderboek uit de jaren 50.

Een goede vriendin van me schreef dezer dagen dat “het een wonder is dat we zo ‘open minded’ zijn gebleven (hoop ik) na al die verderfelijke racistische lectuur op gevoelige leeftijd.” Ze slaat de spijker op zijn kop. Wat hebben wij in de ogen van de anti-racisme actievoerders veel racistische lectuur gelezen. Kuifje in Afrika of misschien nog veel erger ‘Vacantie in Klapperdorp’ met “Nieuwe avonturen van drie pikzwarte nikkertjes Piempampoentje, Pompernikkel en Piepeling” van Piet Broos. 

Die drie pikzwarte glimmende nikkertjes wonen in de Bananenstraat in Klapperdorp dat in Nikkerland ligt. Gelukkig gaan ze vrolijk en blijgemoed door het leven “in toom gehouden door meester Brabbelaar met zijn Spaans rietje en thuis door vader Brommie en moeder Grommie, en op straat door veldwachter Knobbelgans en burgemeester Snorresnar.” 

Zoals je op deze illustratie kunt zien, lijkt Klapperdorp verdacht veel op een Nederlands dorp.

De sfeer in Klapperdorp doet me denken aan de sfeer in de kinderserie “Swiebertje” uitgezonden in de jaren zestig en zeventig. “De sfeer in de serie is die van vóór de Eerste Wereldoorlog, en is sterk hiërarchisch, mogelijk zelfs feodaal getint. De verhalen spelen in een kleinere plattelandsgemeente waar schijnbaar een 'baron' de dienst nog uitmaakt. De aristocratisch pratende burgemeester wordt met 'edelachtbare' aangesproken en heeft een huishoudster in uniform, die de zwerver Swiebertje af en toe een boterham toestopt. De veldwachter Bromsnor - op een gemoedelijke manier likkend naar boven en trappend naar beneden - grijpt iedere gelegenheid aan om Swiebertje zonder duidelijke vorm van proces in het 'hok onder de toren' op te sluiten. Vaak is er een misverstand waarbij Swiebertje ergens valselijk van wordt beschuldigd, maar het loopt altijd goed af.” (citaat uit Wikipedia)

Klapperdorp had zelfs een kerktoren met een haan zoals in Nederland gebruikelijk.
Je zou op basis van zo'n illustratie kunnen zeggen dat wij als kinderen
al vroeg leerden dat in ons dorp ook nikkertjes konden wonen.

De serie was natuurlijk een karikatuur van het echte leven, dat besefte je toen al als kind maar niettemin was het leuk om te zien. Een vrijgevochten zwerver die het aan de ene kant aan de stok had met het gezag maar aan de andere kant door anderen waaronder ook het hogere gezag geholpen werd, waardoor alle avonturen altijd goed afliepen. Hetzelfde patroon vinden we terug bij Suske en Wiske, Lucky Luck; de verhalen van Pietje Bel, Kuifje enz. enz. Klapperdorp is niks anders dan een zwarte versie van deze blanke karikaturale wereld. Klapperdorp is niet echt Afrika en dat besef je als kind al omdat je van jongs af aan geleerd hebt onderscheid te maken tussen de echte en een fantasiewereld.

In onze jeugd hebben we genoten van deze boeken en TV serie met in de hoofdrol deugnieten met een gouden hart. Hun voorgangers zijn Don Quichote en Robin Hood. De deugnieten blijken uiteindelijk helden te zijn in levenskunst, in eerlijkheid en goede bedoelingen. Het echte kwaad werd alsnog gestraft, de goede bedoelingen beloond. Deze karikaturale wereld van kinderboeken en kinderplezier zoals we die ook herkennen in figuren als Zwarte Piet en in de attracties van de Efteling hebben daarom ook niets te maken met opvoeding tot racisme zoals de actievoerders ons willen doen geloven.

De deksel van het Zwarte Piet spel waar we als kinderen
mee speelden. Wie de Zwarte Piet had, verloor het spel.
Iemand de Zwarte Piet toespelen is proberen een ander voor jouw
fouten op te laten draaien.
Net zo min als het zien van geweld in films of op TV in je jonge jaren leidt tot een gewelddadige jeugd of dat zogenaamde  “Entartete Kunst” leidt tot een ontaarde samenleving zoals de Nazi’s beweerden. De relatie tussen fantasie en werkelijkheid is een gecompliceerd spel dat zich niet leent voor een eenduidige verklaring of zelfs verbod zoals de actievoerders willen. Regelmatig is de relatie tussen geweld zien op TV en gewelddadig zijn, wetenschappelijk onderzocht en nooit bewezen. 

Ziel en geest van een mens zijn nu eenmaal oneindig veel gecompliceerder dan een dergelijke eenvoudige voorstelling van zaken. Met het ouder worden zullen de actievoerders dat ook gaan beseffen. Ondertussen zit er niks anders op dan hun (jeugdige) overmoed, ergernis en overspannen gedrag in goede banen proberen te leiden.

woensdag 8 juni 2016

RACISME

Ten behoeve van de marketing houden we zelfs bewust stereotypen
in stand zoals die van Nederlanders op klompen en in klederdracht. 

Racisme in het sociaal verkeer lijkt me onuitroeibaar. Geïnstitutionaliseerd racisme in instellingen kun je aanpakken bij wet, maar ook dat blijft moeilijk. Bewijs maar eens dat je als sollicitant afgewezen bent vanwege je huidkleur, geloof of seksuele geaardheid of omdat je een man of vrouw bent, jong of oud. De ware redenen tot afwijzing kun je bijna altijd verbergen achter een andere uitleg en daar kun je weinig tot niks aan doen.

Racisme in sociaal verkeer zal er altijd zijn, net als vooroordelen en stereotypen. Ze zijn neefjes van elkaar en ze dienen vooral om ingewikkelde rollenspel dat we dagelijks moeten spelen op het werk, thuis, bij de voetbalclub, bij je vrienden of vriendinnen, bij je buren, voor het loket enz. wat gemakkelijker te maken. Daarom zijn bijvoorbeeld de vooroordelen en stereotyperingen van mannen over vrouwen bijkans onuitroeibaar, net als die over schoonmoeders, blondines,  bouwvakkers, intellectuelen met brilletje enz. enz. het zijn vormen van geestelijke luiheid of gemakzucht.

Door je af te zetten tegen vrouwen, krijgt je vriendenkring iets van saamhorigheid. Dat schept een speciale band die vrouwen nooit zullen begrijpen. Vrouwen als vriendinnen doen hetzelfde en dat schept op zijn beurt weer een band die mannen nooit zullen begrijpen.Is dat erg? Ik denk het niet want tegelijkertijd weten we dat we in het dagelijkse sociale verkeer elkaar nodig hebben en dat is natuurlijk ook zo met je buren, je collega’s op het werk enz. Dus zet je je over je stereotypen en vooroordelen heen.

Als Noord-Brabander woon ik al meer dan 20 jaar in Vlaanderen. Ondanks mijn zachte G, mijn Roomse en kleinsteedse achtergrond blijf ik voor vrijwel alle Vlamingen “die Hollander”, in de loop der jaren vergoeilijkt tot “een Hollander, maar wel een goeie”.  Vlamingen die me beter kennen, vinden me niet gierig zoals de Hollanders, ze weten dat ik een Bourgondiër ben in eten en drinken en zien dat ik geen Heineken drink. 

Soms steekt het vooroordeel toch weer de kop op, zoals bij sport. Tourwinnaar Zoetemelk blijkt een wieltjes-plakker of -zuiger te zijn en we zullen al die gouden medailles wel gekocht hebben op de Olympische Spelen. Is dat allemaal erg? Zo lang je het zelf niet erger maakt dan het is, is het ook niet erg. Begin je erover te zeuren en te klagen, ja dan wordt het erg. Kortom, vooroordelen en stereotypen maken deel uit van je levenskunst. Je moet onderscheid kunnen maken wat belangrijk is en wat niet in je sociale verkeer. Je kunt zulke vooroordelen beter het hoofd bieden met luchtigheid en een kwinkslag dan met het geven van een lesje. Tenminste zo lang je prijs stelt op een goede verstandhouding.

Racisme in het sociaal verkeer maakt onderdeel uit van dat pakket vooroordelen en stereotyperingen en zal dus ook nooit helemaal verdwijnen. Het is ook moeilijk vast te stellen wat precies de betekenis van racisme in sociaal verkeer. Maak je een racistische grap omdat je denkt dat het echt leuk is (denk aan moppen) of om je minderwaardigheidscomplex te verbergen of omdat je echt denkt dat je superieur bent? 


Vermoedelijk is het een beetje van alles en dan zit je met een onontwarbare knoop die alles alleen nog maar erger maakt. Natuurlijk, je kunt politiek correct taalgebruik gaan afdwingen in openbare ruimtes maar of dat zal helpen? Nadat katholieken al eeuwenlang in een en hetzelfde land wonen, kreeg ik als katholieke jongen toch weer te horen dat we fokken als konijnen. Later las ik ik dat katholieken onbetrouwbaar zijn en een lage of zelfs geen belastingmoraal hebben. Ik bedoel maar. Zelfs na honderden jaren zijn de vooroordelen nog altijd even sterk. Ze zijn als een veenbrand en blijven door de eeuwen heen ondergronds doorbranden.

woensdag 30 maart 2016

PRESIDENT OBAMA DOORBREEKT RACISME TABOE OP CUBA

Fietstaxi rijder in Havana 2008 (foto:petrus nelissen)

Obama had inderdaad in Havana, zoals ik al vermoedde in mijn blog “Is er racisme op Cuba?” , speciale aandacht voor het thema racisme. Hij besprak de kwestie in zijn half uur durende toespraak op maandagavond in een koloniale zaal vol toehoorders waaronder ook El Presidente Raul Castro. De New York Times wijdde er een artikel aan: “Cuba says it has solved Racism. Obama isn’t so sure”  dat op zijn beurt werd overgenomen door de krant Diario de Cuba

De krant signaleert dat “President Obama over zijn erfenis uit Kenia sprak. Hij sprak over hoe de VS en Cuba zijn opgebouwd over de ruggen van slaven uit Afrika. Hij vermeldde dat nog niet lang geleden, het huwelijk van zijn ouders ongeldig zou zijn geweest in de VS en hij stond er op dat de Cubanen het protest erkennen als een manier om gelijkheid te bereiken.“ Daarmee is de toespraak van Obama niet alleen verrassend persoonlijk maar getuigde ze ook van een ongebruikelijke directe betrokkenheid bij de rassenkwestie, een moeilijk en onopgelost thema in de Cubaanse maatschappij waarvan immers verondersteld werd dat daar met “de revolutie”  een einde aan was gekomen.

Trinidad, Cuba 2008 (foto:petrus nelissen)

De krant vervolgt dat “Voor veel Cubanen, de commentaren van Obama verrassend waren vanwege de erkenning van racisme in beide landen.” Volgens de NYT dienden zijn opmerkingen om zijn gehoor aan een bijzondere band te herinneren, die over de politiek heen naar iemands identiteit gaat. “Dit is een revolutie” zei de 44 jarige bakker Alberto Gonzalez, een van de weinige Afro-Cubanen die maandag aanwezig was bij een gesprek met de president over ondernemingsgeest. “Dit is een revolutie voor iedereen met een Afrikaanse afkomst", zo schrijft de NYT.

Het regiem heeft lang een defensieve houding aangenomen tegenover dit onderwerp omdat Fidel Castro kort nadat hij aan de macht kwam, verklaarde dat het racisme was opgelost. Daarmee werd het thema racisme een politiek taboe. De krant signaleert vervolgens dat een deel van het ongemak bij dit thema ook voortkomt uit trots omdat “de revolutie” wel een einde maakte aan de geïnstitutionaliseerde rassenscheiding in clubs, in scholen en in wijken waar de huizen van de rijke blanken die gevlucht waren, werden ingenomen door zwarten.

Honkbal discussie, havana 2008 (foto: petrus nelissen)

Gezondheidszorg en onderwijs voor iedereen hielpen mee een maatschappij op te bouwen die diepgaand werd gevormd door interacties en interraciale huwelijken, meer dan in de Verenigde Staten het geval is geweest. Maar Cuba is net zo min als andere landen post-raciaal. Zo hebben veel Afro-Cubanen zich gehaast te verklaren dat de aanwezigheid van Obama, de eerste zwarte president van de VS, duidelijk maakt dat de Cubaanse regering geen afspiegeling is van de demografische, raciale samenstelling van het land.

Een in 2007 uitgevoerd onderzoek van de Cubaanse econoom Esteban Morales Dominguez laat zien dat bij een bevolking, die voor ongeveer 2/3 bestaat uit zwarten en kleurlingen, het leiderschap voor 70% in handen is van blanken. Het laat ook zien dat de meerderheid van de wetenschappers, technici en professoren blanken zijn, in sommige beroepen is dat zelfs 80%.

Particuliere Fruitmarkt, havana 2008 (foto: petrus nelissen)

Volgens Odette Casamayor-Cisneros, professor in Latijns Amerikaanse en Caraïbisch litteratuur aan de Harvard University, is het moeilijk om je als zwarten vertegenwoordigd te voelen. Bij het bezoek van Obama bestaat zowel de Noord Amerikaanse delegatie uit voornamelijk blanke functionarissen, als ook de aanwezige groep Cubaanse functionarissen. Een groot deel van de toehoorders bij zijn toespraak was ook al blank. De president vormt samen met zijn gezin en zijn meegereisde schoonmoeder hiermee een groot contrast.

Sommige Afrocubanen, zoals de hip hop zanger Soandry, vinden dat de Noord Amerikaanse president laat zien “wat je kunt bereiken in een kapitalistisch systeem”, aldus de NYT. Andere Cubanen brengen het rassenthema op een directere manier naar voren, zonder dat er om gevraagd wordt. Zij vinden dat Obama als Afro-Amerikaan hun land beter begrijpt.

Stelletje op zondag aan de Malecon, Havana 2008 (foto: petrus nelissen)

Gonzalez, wiens bakkerij etalage is versierd met foto’s van Martin Luther King en Malcolm X, zei dat de mensen niet alleen de president bewonderden maar ook zijn gezin. “Heb je ooit eerder zo’n mooi gezin gezien?” De uitdaging is, aldus de geïnterviewden, om van deze inspiratie iets substantieels te maken, te beginnen met een open gesprek over ras. “Er is geen twijfel mogelijk dat hier nog racisme is”, zei Gonzalez, die langer dan 10 jaar in Italië woonde alvorens terug te keren naar Cuba om een klein zaakje te beginnen. “Ik maak het vaak mee, zoals de mensen me aankijken en me behandelen.”

Onder de Cubanen bestaat een groeiende bezorgdheid over de economische kloof in Cuba, die ook nog eens raciaal is. Zo heeft de groei van het toerisme het werk in de toeristische sector lucratiever gemaakt. De fooien van een dag kunnen die van een officieel maandsalaris overtreffen. De sector is nu ook demografisch raciaal minder representatief geworden, aldus de NYT. Volgens de krant is de kleine economische opening onder Raul Castro, waardoor kleine bedrijfjes zijn toegestaan op het Eiland, ten goede gekomen aan degenen die al banden hebben met de regering of familie hebben in het buitenland, een elite die meer en meer blank is.

Havana jongeren, 2008 (foto: petrus nelissen)

Soms is het racisme expliciet. Yusimi Rodriguez Lopez, een Afro-Cubaanse onafhankelijke journalist vertelde aan de NYT dat bijvoorbeeld zwart werk wordt aangeboden waarbij openlijk gezegd wordt dat het alleen voor blanken is. Wat frustrerend is, zo voegt hij er aan toe, is dat de Cubaanse autoriteiten weinig belangstelling hebben om het probleem te bespreken, of aan te horen.

Daarin onderscheidt Obama zich dus. Door te benadrukken dat mensen die  de regering trotseerden de Verenigde Staten hebben veranderd  - "Toen ik naar school ging, streden we nog steeds tegen de rassenscheiding op scholen in het zuiden van de VS", zei de president. De opmerkingen en de oprechtheid van Obama, gaf veel Cubanen nieuwe hoop en vertrouwen, aldus de NYT. "De eerste zwarte president liet zien dat een zwarte persoon kan regeren," zo zei de 50 jarige acteur Manuel Valier Figueroa maandag in het park. “De zwarten hier moeten ervoor zorgen dat hier hetzelfde kan gebeuren."

P.S. Voor meer nieuws over Cuba verwijs ik graag naar de CUBA Weblog