Posts tonen met het label brazilië. Alle posts tonen
Posts tonen met het label brazilië. Alle posts tonen

woensdag 29 april 2026

CUBA EN HET LINKSE GEBAAR

Bovenaan: ter verdediging van de democratie. Onderaan: Mexico, Spanje en Brazilië sturen een berichtje naar Trump: vragen om de territoriale integriteit van Cuba te respecteren.


Half April was er een bijeenkomst in Spanje van socialistische leiders uit de hele wereld onder de naam Global Progressive Mobilisation. Het woord socialisme is blijkbaar electoraal gedegradeerd zodat het meer en meer wordt vervangen door Progressief zoals in Nederland onlangs. In Vlaanderen opereren de socialisten dan weer liever onder de naam Vooruit. Valmingen zijn taalgevoelige voor woorden overgenomen uit den vreemde.


Op de agenda stonden o.a. de hervorming van de VN Veiligheidsraad, intussen een machteloos instrument geworden ter handhaving van de vrede in de wereld, en het belasten van miljardairs. Maar een opvallende punt was toch ook de solidariteit met Cuba.


Dat land wordt door president Trump met een olie blokkade economisch gewurgd al hoewel laatstelijk Trump een Russisch olieschip ongemoeid naar Cuba liet varen. Maar dat is natuurlijk maar een druppel op de gloeiende plaat.


Volgens de socialisten is er als gevolg van deze blokkade sprake van een humanitaire crisis. Het tragische van Cuba is dat deze humanitaire crisis al tientallen jaren aan de gang is zonder dat de socialisten van Spanje en andere landen als Mexico en Brazilië erin geslaagd zijn om ook maar en titel of jota te veranderen aan die crisis die het gevolg is van de communistische dictatuur van de familie Castro cum suis.


Toen ik het eiland in 2008 (50 jaar na de communistische staatsgreep van commandante Fidel Castro)  bezocht was er al sprake van een ernstige crisis. Er was weliswaar geen hongersnood, maar de armoede was schrijnend. Vergeleken met de Dominicaanse Republiek, om maar niet te spreken van andere Caraïbische eilanden waaronder ook Curacao en Aruba, is Cuba een onderontwikkeld en bijna achterlijk eiland.


Schoolklas van kinderen met een beperking in Havana (2008). Er mag dan gebrek aan van alles zijn, de rode das van de revolutie blijft verplicht.



Van de alom geroemde gratis gezondheidszorg is al jaren niets over. Op onze wandeltocht door Havana stuiten we op een schooltje voor kinderen met een beperking. Ik had een zo een armetierig lokaal nog nooit gezien in Latijns Amerika behalve in afgelegen, dun bevolkte gebieden. 


De docenten vertelden dat ze helemaal niets hebben om de kinderen mee bezig te houden.Ze vroegen ons of zij niet konden helpen al was het maar met wat schrijfwaar en papier. Toevallig hadden we wat balpennen bij ons bestemd voor een verboden vakbond van onderwijzers. We hebben de pennen toen maar aan hun gegeven.


Openbaar vervoer in het stadje Viñales


Op onze reis naar het binnenland leerden we dat er nauwelijks openbaar vervoer is terwijl je toch in de rest van Latijns Amerika overal de bus kunt nemen, zelfs in de meest afgelegen streken. Voor toeristen rijden in Cuba speciale, beter onderhouden bussen. De breed aangelegde wegen zijn leeg op een enkele auto na. Langs de weg staan mensen die een lift willen. Ondanks dat het verboden is, neemt de buschauffeur af en toe een passagier mee.


Terug in Havana liepen we uit nieuwsgierigheid een hal binnen. We zagen wat tafeltjes met wat schamele groenten en fruit te koop liggen, resultaat van eigen teelt. Die is eigenlijk verboden maar wordt oogluikend toegelaten zo lang er niet teveel wordt aangeboden.


De verkoop uit eigen teelt wordt op heel kleine schaal toegestaan.


Vlees is voor de gewone Cubaan onbetaalbaar. Alleen in restaurants voor toeristen staat vlees in beperkte mate op het menu. Het meest krankzinnige is dat je op een eiland als Cuba dat midden in de Caraïbische zee ligt nergens vis of garnalen kunt eten. Je ziet ook bijna nergens boten terwijl op elk eiland waar dan ook in de wereld het stikt van vissersboten op stranden en in baaien. Maar op Cuba zijn ze verboden omdat ze gebruikt kunnen worden om het eiland te ontvluchten.


Bonnenboekje winkel in Havanna


Toch hebben we garnalen gegeten. Illegale garnalen want alle officiële vangst wordt geëxporteerd. Die export is net als de productie van rum en sigaren in handen van het leger. De legertop beschikt zo ongeveer over de helft van alle economische activiteiten op het eiland.


Voor zover er op het eiland geld binnenkomt is dat dankzij het toerisme en vooral dankzij gevluchte Cubanen die vanuit Amerika en de rest van de wereld geld en goederen sturen naar familie, vrienden en bekenden. Vanzelfsprekend wordt deze import naar socialistische gewoonte zwaar belast met een tarief van meer dan 50%.


Het communisme heeft het eiland niet alleen armoede gebracht maar vooral ook onderdrukking. Er bestaat sinds de revolutie van 1958 die het eiland heette te bevrijden van de dictatuur van Trujillo, geen vrijheid van meningsuiting of vereniging, geen vrije verkiezingen, geen andere krant dan die van de communistische partij enz.


Dat is het Cuba dat we zagen en dat nu door de olieblokkade in een nog grotere crisis wordt gestort. Dat deugt niet, maar van Trump weten we dat hij als vastgoedhandelaar niet geïnteresseerd is in het lot van de bewoners van vastgoed. 


Maar wat te denken van de socialistische landen Spanje, Brazilië en Mexico die op hun wereldcongres in Spanje verklaren dat ze “tot op de dag van vandaag geloven dat geen enkel volk klein is, maar juist groot en standvastig wanneer het zijn soevereiniteit en het recht op een volwaardig leven verdedigt?”


Maar dat is nu juist waar het de Cubanen al sinds de revolutie aan ontbreekt. Hen wordt door het communistisch regime geen waardigheid, geen vrijheid en geen mensenrechten gegund. Blijkbaar gaat het deze drie landen niet om de mensenrechten van de Cubanen maar om een mooi groot linkse gebaar tegenover president Trump. 


Zie ook de blog "Armoede in Kleur op Cuba" van 26 maart j.l.

 

vrijdag 24 maart 2023

22. TERUG NAAR NIJMEGEN. DE MISSIEPATER VAN HET HEILIG HART

Tweemaandelijks nieuwsblad van de solidariteitsvereniging met de Christelijke arbeidersbeweging CLAT (voorheen CLASC)

 


Er waait een wind van revolutie door Nijmegen, buitenlandse revoluties wel te verstaan. Che Guevara  posters zijn nog altijd geliefd op studentenkamers. De laatste tijd is een poster met Black Panther vrouw Angela Davies populair. Er is zelfs een werkgroep Black Panthers opgericht. Maar Latijns Amerika met zijn gewelddadig verzet tegen rechtse militaire dictaturen trekt de meeste belangstelling. Che Guevara mag dan mislukt en dood zijn, het geloof in de revolutie is niet met hem gestorven. 

Een werkgroep antropologen heeft een priester, een missiepater van de orde van het Heilig Hart te Tilburg, uitgenodigd om te komen vertellen over zijn jarenlange ervaring in Brazilië. Jan Rutges is nog maar pas geleden door de Braziliaanse militaire dictators het land uitgezet. Ik ben benieuwd hoe zijn verhaal past bij dat van Camilo Torres,  de Colombiaanse priester die net als Che Guevara de dood vond tijdens gewelddadige guerrilla acties en wiens erfenis nog steeds Colombiaanse studenten inspireert.

Rutges praat gemakkelijk en zonder moeilijke woorden over zijn missie in Brazilië. Als jongen uit een goed maar niet overdreven streng katholiek gezin in Montfoort koos hij niet zozeer vanwege het geloof voor de missie maar meer vanwege het avontuur. Dat was in zijn jeugd ook de enige manier om iets van de wereld te zien. 

Met zijn hart op de goeie plaats gaan zijn ogen open voor de armoede van de gelovigen in zijn parochie. Niet langer was het preken van het geloof het belangrijkste of het toedienen van de sacramenten maar het bestrijden van sociaal onrecht. Hij wilde daar wat aan gaan doen. Maar dat is niet zo gemakkelijk.

Dat begint al bij de armen zelf. Die hebben volgens Jan nog vaak de slavenmentaliteit van vroeger. Ze denken er niet aan om zich te verzetten tegen de grootgrondbezitters, de politici of zelfs de kerk. Ze doen wat hun gezegd wordt zoals ze dat al eeuwen hebben gedaan.

Hij ontdekt dat de kerk bij de plaatselijke elite hoort. Wat de priester vertelt is waar en moet volgens de door hem gestelde regels gebeuren. De kerk bevrijdt de mensen niet maar houdt ze gevangen in het systeem van onderwerping verwant aan de vroegere slavernij.

Om dat te doorbreken begint Jan gespreksgroepen de organiseren waarin ze over zichzelf, hun gezin, hun werk en hun problemen kunnen praten. Hij leert hen lezen en schrijven want ook dat konden velen nog niet. Tot ontzetting van de conservatieve clerus wordt Jan een leraar tussen de mensen in plaats van een priester boven de mensen. 

Door deze activiteiten komt hij in aanraking met jongeren die de militaire dictatuur als de macht die het sociaal onrecht in Brazilië in stand houdt. Hij verleent hen hand en spandiensten door bijvoorbeeld plekken te zoeken waar ze kunnen slapen, zich verbergen of wat dan ook. 

Bij de conservatieve clerus inclusief de bisschop krijgt hij nu ook politie en geheime dienst op zijn nek. Hij wordt eerst in de gaten gehouden en dan opgepakt. Na ongeveer een maand in de gevangenis te hebben gezeten, krijgt hij tijdens een verhoor de keuze voorgelegd tussen vertrekken uit Brazilië en nooit meer terugkeren of een proces waarbij hij grote kans heeft veroordeeld te worden tot jarenlange gevangenisstraf. Jan kiest voor vertrek uit Brazilië ook al gaat hem dat zeer aan het hart.

Nu doet hij wat hij kan om in Nederland de Braziliaanse militaire dictatuur te bestrijden. Dat is de manier waarop hij nog solidair kan zijn met zijn arme parochianen. Maar er is meer. Hij roept ons op om lid te worden van CLASC Nederland een vereniging die zich inzet voor solidariteit met de Christelijke Latijns Amerikaanse Vakbeweging. 

Het gaat hem daarbij niet zozeer om het Christelijke, hij zelf is inmiddels geen priester meer, maar om steun aan de vakbeweging die van onderop strijdt tegen het sociale onrecht. Ik geef gehoor aan zijn oproep en word lid van de vereniging CLASC Nederland (kort daarna CLAT Nederland). Zo kom ik via Latijns Amerika alsnog terecht bij de vakbeweging.

 

maandag 20 maart 2023

OORLOGSBULLETIN 61. WAAR STAAT DE BRAZILIAANSE PRESIDENT LULA IN DE OEKRAÏNE OORLOG?

 

De Braziliaanse President Lula houdt wel van rode laarsjes maar hij betwijfelt of ze hem wel zullen staan.



President Zelenski is een charme offensief begonnen met de pas verkozen Braziliaanse president Lula. Niet onbelangrijk want Brazilië hoort bij de zogenaamde BRICS landen, een groep landen die naast Brazilië bestaat uit Rusland, India, China en Zuid Afrika.

Lula stond tijdens zijn eerste presidentschap (2003-2011) aan de wieg van BRICS. In 2009 vond de tweede bijeenkomst plaats in Brazilië met als toegevoegde gast Zuid Afrika. Hun gemeenschappelijke noemer is mee te tellen in de huidige westers georiënteerde wereldorde en liefst een nieuwe wereldorde te scheppen.

Lula is als socialist en medeoprichter van de Arbeiderspartij PT historisch een tegenstander van Noord Amerika en alleen al daarom ook een vriend van de (linkse) tegenstanders van Amerika zoals o.a. het communistische Cuba, het socialistische Venezuela en het linkse Mexico van president Obrador.

Maar intussen zijn we 15 jaar verder. De BRICS landen zijn niet meer wat ze geweest zijn. Rusland is op eigen initiatief in een Europese oorlog van ongekende omvang in hoeveelheid doden, vluchtelingen en vernietiging begonnen. China wil als werkplaats van de wereld supermogendheid nummer een van de wereld worden. India probeert als grootste democratie in de wereld met China mee te komen in economische ontwikkeling maar zit vast in interne tegenstellingen. Zuid Afrika is weg gezakt in corruptie en polarisatie.

Wat nu is de plaats van Brazilië in dit gezelschap? Sluit Brazilië als BRICS land aan bij de strategische partners China en Rusland met als doel om een nieuwe niet-westerse wereldorde te scheppen of kiest het een andere weg nu Rusland een grote oorlog is begonnen?  Ik denk dat ondanks de oorlog Lula graag bij het anti-westerse front zou willen blijven maar dat hij zich tevens afvraagt wat Brazilië dat oplevert.


De Amerikaanse president Biden heeft deze aarzeling van Lula begrepen en hem gebeld na de bestorming van het parlement door aanhangers van de voormalige rechtse president Bolsonaro. Een charme offensief van Biden om Brazilië alsnog aan de goede kant te brengen?

Voor Lula geldt  dat anti-Amerikanisme een ding is en anti-EU een ander ding. De EU is de belangrijkste handels- en investeringspartner van Mercosur een mede door Brazilië opgericht handelsakkoord tussen Brazilië, Argentinië, Paraguay, Uruguay en een aantal geassocieerde Latijns Amerikaanse landen.

In 2021 bedroeg de EU-uitvoer naar Mercosur 45 miljard euro aan goederen en 17 miljard euro aan diensten. De EU is de grootste buitenlandse investeerder in Mercosur met in totaal 330 miljard euro in 2020. Brazilië heeft de EU nodig als afzetmarkt en voor nieuwe investeringen. Wil Lula dat in gevaar brengen door aan de verkeerde kant van de oorlog te gaan staan?

Dat zal niet gemakkelijk zijn en dat weet president Zelensky van Oekraïne ook. Vandaar dat hij in het voetspoor van president Biden een charme offensief is begonnen naar Lula. Hem en Biden is er alles aan gelegen om Lula uit het kamp van Rusland-China te houden.

Aan deze hele zaak zit nog een staartje voor Nederland. De in 2019 gesloten overeenkomst tussen de EU en Mercosur valt slecht bij diverse partijen in de Tweede Kamer. Zij staan bijvoorbeeld erg kritisch tegenover de invoer van landbouwproducten uit Latijns Amerika. 

De vraag is of dit Nederlandse eigenbelang stand houdt tegenover het geopolitieke belang om Brazilië en in het kielzog daarvan andere Latijns Amerikaanse landen in het westerse kamp te houden.