Posts tonen met het label VOC. Alle posts tonen
Posts tonen met het label VOC. Alle posts tonen

donderdag 15 december 2022

WOKE

De politieke partij Bij1 met als onbetwist leider het Tweede Kamerlid Sylvana Simons is het icoon van de Nederlandse woke-beweging. De invloed van haar partij reikt dankzij de woke-beweging verder dan de ene zetel die de partij in de Tweede Kamer heeft sinds de verkiezingen in 2021. In de peilingen komt de partij tot nu toe niet verder dan 1 zetel. De woke beweging is een stedelijke beweging en kan sociologisch gezien worden als een emancipatiebeweging van een gekleurde minderheid in Nederland die vooral bestaat uit migranten uit voormalige Nederlandse koloniën als Suriname en de Nederlandse Antillen. Zij zijn een erfenis van de Nederlandse koloniale tijd in de West.

 

Woke is een beweging tot taal en cultuurzuivering met het doel de wereld van de witte mensen te zuiveren van racisme, discriminatie, kolonialisme en onderdrukking. Die taalzuivering moet leiden tot gedragsverandering zodat racisme, discriminatie en kolonialisme niet meer kunnen voorkomen. Daarom moet bijvoorbeeld het Sinterklaasfeest gezuiverd worden van Zwarte Piet.

Maar niet alleen het heden moet gezuiverd worden, ook het verleden moet ontdaan worden van alles wat verwijst naar racisme, discriminatie en kolonialisme. Dat is een stuk moeilijker. Tegen het heden kun je demonstreren en actie voeren, het verleden laat zich daarentegen niet zomaar weg zuiveren.

Wat dan overblijft is om alle uitingen die verwijzen naar kolonialisme, in het bijzonder slavernij, discriminatie en racisme te verwijderen uit de geschiedenis dan wel schuldig te verklaren waardoor er geschiedenisschaamte ontstaat onder de witte Nederlandse bevolking.

Effectieve schuldigverklaring en geschiedenisschaamte moeten er toe leiden dat de Nederlandse geschiedenis herschreven gaat worden. De identiteit van Nederland moet op de schop. Er is geen plaats meer voor trots op de ontstaansgeschiedenis van Nederland, op zijn vrijheidsstrijd tegen Spanje, op de VOC en de handel overzee, op zijn zeehelden en zeeslagen enz.

Na verloop van tijd zal dit woke radicalisme, dat door een nieuwe jonge intellectuele voorhoede heftig en manhaftig wordt gepredikt (elke generatie predikt een of andere vorm van radicaal idealisme), stuk lopen op het simpele feit dat je van witte mensen geen zwarte mensen kunt maken, dat je de geschiedenis van een land niet volgens de laatste mode en trends kunt inrichten en dat de identiteit van een land en een volk nu eenmaal zijn goede en slechte kanten heeft.

Dat laatste besef is veel belangrijker dan het zuiveren van taal en cultuur van witte mensen. Bovendien laten taal en cultuur zich niet dwingen, tenminste niet in Nederland dat nog altijd een vrij land is, voor zwart én wit.

 

maandag 22 februari 2021

SLAVENHANDEL

 

De donkere tunnel waardoor de slaven vanuit het Slaven Fort Goree naar het klaar liggende slavenschip moesten lopen met kettingen aan hun benen.

What do you want to do ?
New mail
Dankzij mijn bezoeken aan een slavenfort aan de kust van Ghana en het slaveneiland Goree voor de kust van Dakar, de hoofdstad van Senegal, heb ik mij een beeld kunnen vormen van de slavenhandel. Het slavenfort in Ghana had de VOC veroverd op de Portugezen en diende om de slaven die uit het binnenland werden aangeboden te verschepen naar de andere kant van de Atlantische oceaan. 
 
Vanwege het witte ophaalbruggetje kon je al van veraf zien dat het een Hollands fort geweest moet zijn. De meeste indruk maakte een klein kamertje links boven in de grote zaal in het centrum van het fort. Vandaar uit kon slavenhandelaar door een klein venster de hele zaal overzien waarin de slaven rondgeleid werden zodat hij ze voor het uitkiezen had. Het was een particuliere slavenmarkt.

Het slavenfort op het ooit eiland Goree, een verbastering van het Zeeuwse Goeree Overflakkee, is nog indrukwekkender ondanks dat het een soort toeristische attractie is. Je ziet de cellen waar de slaven werden opgesloten en het meest akelige de smalle, donkere tunnel via hetwelk de slaven in het schip werden gevoerd dat tegen de buitenmuur voor anker lag. Er is niet veel verbeeldingskracht voor nodig om je voor te stellen wat een vreselijke onmenselijke drama’s zich daarbij hebben afgespeeld.

Tot op zekere hoogte is zo een bezoek vergelijkbaar met een bezoek aan Auschwitz of Dachau. In slavenforten en concentratiekampen hebben zich gelijkwaardige onmenselijke taferelen afgespeeld met dit verschil dat de slaven verkocht en verscheept werden naar de Amerika’s waar hun een onbekende toekomst wachtte, terwijl in de concentratiekampen de mensen werden vergast. Een ander verschil is dat op Goree rond het fort volop leven is. Het verleden is er opgegaan in het heden, in de strakblauwe lucht en de donkerblauwe zee terwijl in de concentratiekampen de grauwe sluier van rouw en verdriet hangt.

Tijdens die bezoeken ontkwam ik niet aan de vraag in hoeverre de verantwoordelijkheid reikt van Nederland en mijn voorouders voor deze mensenhandel. Voor wat mijn voorouders betreft kan ik kort zijn. Die woonden en werkten in Nood Brabant dat in die tijd een Generaliteitsland was, een economische wingewest van de Staten zonder enige zeggenschap of inspraak van zijn inwoners, “een soort interne koloniën, waarbij katholieken als tweederangs burgers werden behandeld, tot 1795 de jure en tot ver in de negentiende eeuw de facto, " aldus Wikipedia.
 
Voor wat betreft Nederland vind ik de vraag moeilijker te beantwoorden. Mensen tot koopwaar maken is en blijft een onmenselijke daad. Slavernij was een gevolg van het recht van de overwinnaar in oorlogen en conflicten, je kon mensen als het ware buit maken en doorverkopen. Dat laatste recht eigenden zich in de twintigste eeuw nog de Duitse bezetter toe met standrechtelijke executies en in concentratiekampen en nog onlangs de zogenaamde Islamitische Staat. 
 
Het buit maken van de overwonnen maakte de slavenmarkten mogelijk. Handige zakenlieden konden er geld mee verdienen en waar geld te verdienen valt, veel geld wordt al gauw een oogje dicht geknepen als het om mensenrechten gaat. Het is een opgave aan ons  om ervoor te zorgen dat zulke zaken niet uit de hand lopen. Ondertussen kunnen we niet veel anders dan oprecht berouw hebben over begane misdaden in het verleden.


What do you want to do ?
New mail
What do you want to do ?
New mail
What do you want to do ?
New mail
What do you want to do ?
New mail
What do you want to do ?
New mail

zondag 21 januari 2018

MOET IK ME SCHAMEN VOOR ONS SLAVERNIJ VERLEDEN?

petrus nelissen, "Slavenschip", acryl op papier.
(privé bezit)

Moet ik me schamen voor ons slavernij verleden? Het is in ieder geval een van de heel zwarte bladzijden in onze geschiedenis en meteen ook van de hele mensengeschiedenis. Er zijn heel veel zwarte bladzijden in de mensengeschiedenis. Teveel om op te noemen, elk land en elk volk heeft er wel een paar. De mensheid  moet zich schamen, niet alleen voor wat in eigen land is gebeurt maar ook elders, of het nu om de Goelag in Rusland gaat, de Culturele revolutie in China, de Pol Pot terreur in Cambodja, de Holocaust, de Kerstbombardementen op Vietnam, de moorden in Fort Zeelandia, de Indianen moord, de slachting in Srebrenica enz. enz. 

De mensheid leeft in schaamte waarvan de slavenhandel er een is. Maar wie was nu precies verantwoordelijk voor de schaamte? De slavenhandel was in handen van de VOC en dat was een private onderneming met de eerste aandeelhouders in de wereld. De VOC was daarmee de eerste multinationale onderneming. De aandeelhouders van de VOC zijn dus de eerst verantwoordelijken en strict genomen niet de toenmalige Republiek van de Zeven Verenigde Gewesten.

Maar de VOC handelde wel onder vlag van de Republiek en is daarmee mede verantwoordelijk geweest voor de slavenhandel, d.w.z. de toenmalige leden van de Staten Generaal, de regering van de Republiek. Daar hoorde mijn provincie Noord-Brabant niet bij, dat was een van de Generaliteitslanden.

“In tegenstelling tot de zeven gewesten (eigenlijk acht, maar Drenthe had geen stem in de Staten generaal)-Groningen, Friesland, Overijssel, Gelderland, Utrecht, Holland en Zeeland -hadden zij geen stem in het landsbestuur. Het waren voornamelijk rooms-katholieke gebieden die in een later stadium van de Tachtigjarige Oorlog op de koning van Spanje veroverd waren…Ze fungeerden in veel gevallen als bufferzone tussen de Republiek en de Spaanse respectievelijk Oostenrijkse Nederlanden. In economisch opzicht werden ze als wingewesten uitgebuit met zware belastingen en heffingen.” (Wikipedia: Generaliteitslanden)

Niet dat ik mijn handen in onschuld wil wassen, maar toch, wij Brabanders waren ook slachtoffer van de Republiek. Misschien moeten we het daar in den Haag nog maar eens over hebben. Ondertussen wil ik de actievoerders  vragen daarom een beetje clementie te hebben met ons witte Brabanders. Ik bedoel, we zijn uiteindelijk toch samen slachtoffers van de Republiek?


(Met dank aan Hans Broek in de Volkskrant van 12 januari 2018: ‘Opinie- Wie zich niet schaamt voor Nederlands verleden kent de slavenkastelen in Ghana niet.’)

vrijdag 30 oktober 2015

DE GEHEIME MISSIE VAN HENDRIK BROUWER NAAR CHILI

Het linkse portret is van het Rijksmuseum te Amsterdam. Een van de twee schilderijen is een kopie van de ander maar welk dat is, is niet bekend. Hendrik Brouwer werd in 1581 geboren ergens inde Lage Landen, wanneer en waar precies is niet bekend. Hij werd niettemin een van de balngrijkste mannen van de VOC toen deze onderneming nog maar aan het begin stond van wat we tegenwoordig globalisering noemen. 
Dit verhaal begint in het regionale museum van Ancud op het Chileense eiland Chiloé. In een hoek van het museum zo wat aan het begin van de toer door het museum, stond een bord met informatie over Nederlandse schepen die het eiland Chiloé hadden aangedaan. Over het eerste bezoek in 1600 heb ik al verteld in de blog “Hollandse avonturen in Chili” van 9 oktober j.l. Het volgende Nederlandse bezoek aan Chiloe was bijna 50 jaar later, in 1643. 

In het museum van Ancud hangt het bovenstaande overzicht van de activiteiten van de vloot van Hendrik Brouwer in 1643. 
De vertaling in het Nederlands van de bovenstaande tekst luidt als volgt:

Vloot onder leiding van Hendrick Brouwer (1643)
Gebaseerd op het dagboek (logboek) van de reis (1646) en niet uitgegeven Nederlandse manuscripten.

15.01.1643 De expidie van Brouwer zeilde naar Chili vanaf Pernambuco (Bahia), een Nederlandse kolonie in Brazilië.
09.05.1643 De vloot meerde af in de haven die De Cordes gebruikte. Ze gaven de haven de naam Brouwershaven (Puerto Inglés, Guapilacuy)
19.05.1643 Na verschillende vruchteloze pogingen besloten ze het Kanaal van Chacao over te steken om contact te leggen met de Chilenen. De Hollanders werden aangevallen vanaf het Spaanse fort Carelmapu.
20.05.1643 Als represaille vielen de Hollanders Carelmapu aan.
29.05.1643 Omdat het niet lukte om in Calbuco te kome, besloot men te vertrekken naar Castro.
08.06.1643 hoewel ze werden aangevallen door de Spanjaarden, troffen de Hollanders Castro verlaten en vernietigd aan.
13.06.1643 Ze namen gevangenen in Quinchao.
17.06.1643 Brouwer werd ziek tijdens de oversteek door de binnenzee.
19.07.1643 Ze kwamen in contact met lokale leiders van Carelmapu die vroegen om met de Hollanders mee te mogen varen naar Valdivia.
28.07.1643 Don Diego, leider in Carelmapu en Don Felipe van de naastgelegen gemeenschap vroegen om wapens in ruil voor voedsel.
07.08.1643 Admiraal Brouwer stierf in Brouwershaven.
13.08.1643 De ingewanden van Brouwer werden in Brouwershaven begraven. Zijn lichaam werd gebalsemd en begraven in Valdivia.
18.08.1643 Volgens vooraf gegeven instructies nam Herckmans het commando van de vloot over
21.08.1643 470 Chilenen varen op Hollandse schepen mee naar Valdivia.

De hierboven weer gegeven kaart uit de tijd van Hendrik Brouwer hangt in het museum van Ancud.
Het grijs gemaakte gedeelte staat hieronder.


Hendrik de Brouwer was niet de eerste de beste zo lees ik eenmaal terug in Nederland in Wikipedia. Over zijn jeugd is weinig bekend. Geboren in 1581 is weinig bekend over zijn jeugd. Hij was een ontdekkingsreiziger, opperhoofd in Hirado (Japan), bewindhebber van de Vereenigde Oost Indische Compagnie VOC en vier jaar Gouverneur Generaal van alle VOC bezittingen van de Kaap de Goede Hoop tot in Japan (1632-1636) . Ondanks deze status is zijn Wikipedia pagina maar kort. De tekst over zijn avontuur in Chili is zelfs heel kort. “In 1642 vertrok hij met een geheime instructie van de West-Indische Compagnie met een vloot naar Zuid-Amerika om de haalbaarheid van een vestiging van een factorij te onderzoeken. Hij veroverde Valdivia en het eiland Chiloé. Hij overleed in 1643 aan boord van zijn schip. Op zijn uitdrukkelijk verzoek werd hij aan land begraven.”

Als ontdekkingsreiziger gaf Brouwer plaatsen en baaien een naam. Op de kaart is goed te zien dat Brouwershaven aan de baai van het tegenwoordige Ancud heeft gelegen. We lezen verder namen als Vlissing baai, Schapenbaai, Zandpunt en Mastenbaai.

Op de VOC site staat eveneens een kort stuk over zijn Chili avontuur. ”Hij werd later (in 1642) nog als commandant van een gezamenlijke vloot van de West-Indische Compagnie en de Verenigde Oostindische Compagnie naar Amerika gezonden om te kijken of er een vestiging gerealiseerd kon worden in het goudrijke Chili of Peru. De reis ging om Kaap Hoorn heen, door Straat Le Maire. In 1643 verovert hij het eiland Chiloé en neemt hij samen met de Araucaniers (Mapuche indianen) de stad Valdivia in. Brouwers toonde met deze reis aan dat Staten Eiland geen deel uitmaakt van het onbekende Zuidland, maar een eiland is. Hij is overleden op 7 augustus 1643 in of bij Karel Mappa (Carelmapu in het Chileens), Chili. Zijn lichaam is in Valdivia begraven, maar zijn ingewanden in de nabij gelegen en naar hem vernoemde Brouwershaven.”

De Spaanse tekst luidt: "Nederlanders en Chilenen met chiliweke, 1646. Illustratie afkomstig uit een uitgave van het dagboek van de expeditie van Hendrick Brouwer die probeerde een Nederlandse kolonie in het zuiden van Chili te vestigen. (tekening te zien in het Museum van Ancud)


De EngelstaligeWikipedia  meldt het volgende over het Chili avontuur van Brouwer. “In 1642, the VOC joined the Dutch West Indies Company in organizing an expedition to Chile to establish a base for trading gold at the abandoned ruins of Valdivia. The fleet sailed from Dutch Brazil where John Maurice of Nassau provided them with supplies. While rounding Cape Horn, the expedition established that Staten Island was not part of the unknown Southern land. After landing on Chiloe Island, Brouwer made a pact with the Mapuche (then known as the Araucanians) to aid in establishing a resettlement at Valdivia. However, on August 7, 1643 Hendrik died (at the age of 62) before arriving, and was succeeded by his vice-admiral Elias Herckman, who landed at the ruins of Valdivia on August 24. Brouwer was buried in the new settlement, which Herckman named Brouwershaven after him. Herckman and his men occupied the location only until October 28, 1643. Having been told that the Dutch had plans to return to the location, the Spanish viceroy in Peru sent 1000 men in twenty ships (and 2000 men by land, who never made it) in 1644 to resettle Valdivia and fortify it. The Spanish soldiers in the new garrison disinterred and burned Brouwer's body.”

De bovenstaande tekst is van het Museum van Ancud. De vertaling staat hieronder.
Tot slot nog een laatste tekst volgens het museum afkomstig uit het dagboek van Brouwer. Brouwer was toen al dood (1643) maar ik neem aan dat met dagboek het logboek van de vloot wordt bedoeld dat door zijn opvolger werd bijgehouden.
De vertaling:

Luisa Pizarro vluchtte tijdens de opstand van 1599 uit Osorno. Toen zij het onderstaande vertelde aan de Nederlandse piraten woonde ze al 30 jaar in Quichao:

“Op de eilanden van Chiloé bestaan ongeveer 10 gemeenschappen, waarvan enkele 28 tot 30 inboorlingen in dienst hebben en op zijn minst 5 tot 6, die hen dienen als slaven... De Spanjaarden namen alles af van de inboorlingen, zonder dat zij daarvoor iets terug kregen voor hun diensten anders dan voedsel, kleding en les in de christelijk geloof...”
Dagboek van Brouwer 1646

In 1645 “...de handelswaren en provisies que de elk jaar sturen vanaf Concepcion en Santiago, zoals linze, doeken, meel, Spaanse wijn, peper, ijzerwaren en andere goederen die jaarlijks gebracht worden met 3 speciale boten, worden betaald met poncho's, dekens, tafels, vlas, hennep en andere artikelen...”
Dagboek Brouwer 1646