Posts tonen met het label tom poes. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tom poes. Alle posts tonen

vrijdag 3 mei 2024

40. AMERICA LATINA. HET LAND VAN OLIVIER B.BOMMEL EN TOM POES

In de Kleine Club ontmoet de elite van de stad Rommeldam elkaar in informele sfeer. Links vooraan de Heer O. Fanth Mzn, eigenaar en hoofdredacteur van de Rommeldamse Courant en de Rommelbode. Helemaal rechts Markies de Canteclaer van Barneveldt in gesprek met burgemeester Dikkerdak. In het midden de beteuterde Olivier B. Bommel. 


Hebben wij in Nederland een soortgelijk boek als ‘Honderd Jaar Eenzaamheid’ van de Colombiaanse schrijver Garcia Marquez of het ‘Labyrint van de Eenzaamheid’ van de Mexicaanse dichter/schrijver Octavio Paz, waarin poëtisch, magisch, absurd en toch realistisch de geschiedenis van land en bewoners wordt verteld? 

Niet dat ik weet. Een poëtisch spel van het woord, de absurde werkelijkheid en de magie van het universum zijn niet onze sterkste kant. We geven de voorkeur aan het verstandelijke, het logische en de letterlijkheid van het woord. We zijn eerder moralistisch dan magisch ingesteld. We hebben een schuld en afrekencultuur die ons protestantse verleden verraadt. Een verleden dat bestaat uit handel en scheepvaart, uit winst en verlies. Daarmee wil niet gezegd zijn dat er helemaal geen poëzie zou bestaan. Zo erg is het nu ook weer niet al dacht een Franstalige Brusselse van wel.

Tijdens onze gesprekken valt me het te binnen dat ik een schrijver/tekenaar ken  die ons een poëtische en zelfs magische spiegel voorhoudt en dat is Maarten Toonder met zijn verhalen over de avonturen van ene Olievier B. Bommel en zijn vriend Tom Poes. 

Toonder’s taalgebruik is lenig, poëtisch, magisch en realistisch tegelijk. De verhalen spelen zich af in een menselijke dierenwereld. De hoofdpersonen zijn geen mensen maar dieren die zich gedragen als mensen. Daarmee borduurt Maarten Toonder voort op een van de oudste bekende Nederlandse verhalen (ca.1260), de verhalen van Reinaert de Vos.

“De Reinaert van ‘Willem die Madocke maecte’, is een satirisch dierenverhaal, waarin de middeleeuwse maatschappij een spiegel voorgehouden krijgt. Je zou het van een dierenverhaal misschien niet zo snel verwachten, maar Van den vos Reynaerde kan gerust het hoogtepunt van de Middelnederlandse literatuur genoemd worden. Het is een satire op de middeleeuwse samenleving, waarin de auteur niet alleen de verschillende standen (geestelijkheid, adel, boeren), maar ook de middeleeuwse literatuur zelf (zoals de ridderliteratuur) op de hak neemt. (Van den vos Reynaerde Willem (die Madocke maecte), ca 1260.)

De verhalen van Toonder zijn vernoemd naar twee hoofdfiguren, de beer Olivier B. Bommel en de poes - hoe kan het anders? - Tom Poes. Bommel is een goed bedoelende maar omhoog gevallen burger dankzij het door zijn vader verdiende geld. Hij woont in een namaak kasteel vol met portretten en borstbeelden van hemzelf. Hij bootst de hoge adel na tot ergernis van de haan Markies de Canteclaer, in goed Nederlands Kant-en-Klaar, die wel in een voorvaderlijk kasteel woont. 

Bommel en Canteclaer wonen nabij het stadje Rommeldam. Het stadsleven aldaar is het spiegelbeeld van het leven in een doorsnee stad in Nederland met zijn gewichtige burgemeester, zijn kordate commissaris ter handhaving van de orde, een kleine Club van welgestelden, enkele middenstanders, wetenschappers, een journalist met krant en zelfs twee boeven.

Dankzij zijn goede vader speelt voor Bommel geld geen rol zodat hij zich de luxe kan veroorloven op avontuur te trekken om de verveling te verdrijven en meteen ook ten strijde te trekken tegen onrecht binnen en buiten Rommeldam. Deze missie brengt hem in de meest vreemde, soms benarde avonturen zodat zijn vriend Tom Poes, het slimme ventje, hem uit de penarie moet redden. 

Maar zoals te verwachten pakken de goede bedoelingen van Bommel bijna altijd verkeerd uit omdat hij als buitenstaander niet echt begrijpt hoe de vork in de steel zit, zeker niet als het gaat om verdwaalde vreemdelingen in vreemde verre landen. Bommel is wat dat betreft een ontwikkelingswerker avant la lettre.


woensdag 20 september 2023

PARTIJ VOOR DE DIEREN. TOM POES VERZIN EEN LIST



Onwillekeurig denk je bij de Partij voor de Dieren aan lieve mensen die niet alleen aardig zijn voor dieren maar ook voor elkaar. Een ernstig vooroordeel zo lees ik nu in de kranten. Ze blijken net zo goed ruzie te kunnen maken en met modder naar elkaar te kunnen gooien als andere mensen.

Is dat nu het gevolg van politiek met zijn strijd om de macht? Dieren kennen dat niet. Die hebben geen politieke partijen. Misschien dat je de kudde kunt vergelijken met politieke partijen? In kuddes wordt  gevochten om leiderschap.

Lijken dieren dan toch meer op mensen dan we willen weten?

“Dieren worden vaak slechts als ‘ding’ beschouwd dat ondergeschikt is aan de belangen van de mens. Dieren zijn echter net als mensen individuen en hebben bewustzijn en gevoel. We delen hetzelfde leefgebied, maar toch is er sprake van ernstige rechtsongelijkheid.” (zie de website van de Dierenpartij)

Volgens de Partij voor de Dieren zijn dieren dus eigenlijk een soort mensen. Dat er een een zekere verwantschap is tussen mens en dier ligt voor de hand. Per slot van rekening stammen we af van dieren. We zijn aan elkaar verwant zoals trouwens alle leven aan elkaar verwant is. 

Maar is de mens niet kwalitatief anders dan het dier, zoals dieren kwalitatief anders zijn dan planten? Misschien zijn wij mensen wel het sluitstuk van de evolutie of gaat die nog steeds door?

Nergens komt het dierlijke in de mens en het menselijke in de dieren zo dicht bij elkaar als in de verhalen van de rijke en goedmoedige beer Olivier B. Bommel - geld speelt geen rol -  en zijn slimme vriendje Tom Poes.

Je zou verwachten dat die twee lid zijn van de Partij voor de Dieren maar dat is helaas niet het geval. Geen enkel dier is lid van die partij en dat is nou net jammer. Olivier B. Bommel heeft zeker kwaliteiten om die partij te leiden met Tom Poes als secretaris. 

Wat is mooier dan een Partij voor de Dieren die geleid wordt door dieren? Die zullen het vast beter doen dan mensen want die maken zoals mijn vroegere buurman zei een rotzooi van. Nee, liever dieren dan mensen. De Partij voor de Dieren bewijst het dezer dagen maar weer eens.

PS.

Ik heb dit stukje ter plaatsing naar de Rommeldamse Courant gestuurd. Eigenaar en hoofdredacteur O. Fant Mzn liet mij per omgaande weten het stukje niet te plaatsen. Er worden nooit stukjes geplaatst van lezers want dan kan men wel aan de gang blijven, aldus de heer O.Fanth Mzn.

Journalist Argus van de Rommeldamse Courant liet mij off the record weten dit te betreuren maar dat hij wellicht in de nabije toekomst een oplossing heeft in de vorm van een interview.

dinsdag 5 januari 2021

MARTEN TOONDER: KUNST EN LIEFDE IN OORLOGSTIJD

 

In 1975 werd Marten Toonder (1912-2005) gevraagd een zelfportret te tekenen. In het Marten Toonderjaar 2012 is de gouache eenmalig  in 300 exemplaren uitgegeven. Toonder heeft zichzelf getekend temidden van de twee hoofdfiguren Tom Poes en Olivier B. Bommel met achter hem de duistere magiër Hocus Pas. Op de achtergrond het zogenaamde kasteel van Bommel, geërfd van zijn voorvaderen.

Ik ben over de helft in de autobiografie van Marten Toonder (De Bezige Bij, 1998), de schepper van een wereld waarin Tom Poes en Olivier Bommel de hoofdrol spelen. Zijn verhalen horen in de top tien van de Nederlandse litteratuur zowel wat betreft woord en taalgebruik als ook de prachtige tekeningen die de verhalen illustreren. Toch is Toonder een bescheiden man in zijn boek. Hij is geen Harry Mulisch om maar eens iemand te noemen.

Jarenlang heeft hij zich geoefend in tekenen, tekenen en nog eens tekenen in een baan die tegenwoordig niemand meer zou willen omdat ze onvoldoende toekomstperspectief biedt. Ik denk dat in onze blitse tijd ook nog maar weinig mensen zoveel geduld kunnen opbrengen als Toonder heeft gehad om zich te bekwamen in de tekenkunst en tegelijkertijd met zijn jeugdliefde een gezin op te bouwen. Daarom alleen al is het een leerzaam boek voor jongelui.

Net als hij zijn Tom Poes uitgevonden heeft en met succes in de Telegraaf gepubliceerd wordt, breekt de Tweede Wereldoorlog uit. Een pandemie maar dan vele malen erger. Nergens heb ik zo treffend gelezen als in zijn biografie wat zo een oorlog met de daarop volgende bezetting betekent voor een doorsnee burger. De realiteit van de bezetting dring langzaam maar zeker het dagelijkse leven binnen zoals water zacht sijpelend naar binnen stroomt om uiteindelijk je hele huis onder water te zetten. 

Van dichtbij beschrijft hij hoe de Joden stap voor stap buiten de Nederlandse gemeenschap worden geplaatst met hulp van collaborerende Nederlanders totdat ze rijp zijn om netjes en volgzaam als vee te worden afgevoerd naar strafkampen. Maar ook hier weer een langzaam doorbrekend besef van wat er werkelijk gebeurd in die kampen, dat ze het eindstation zijn voor de meesten.  Je leest hoe hij met kleine stappen als tekenaar en dankzij zijn broer Gerard Jan stap voor stap wordt betrokken bij het verzet dat zich bezig houdt met het bevoorraden van onderduikers door het stelen van voedselbonnen, namaken van persoonsbewijzen en op een gegeven moment ook helpt bij het drukken van verzetskranten.

Toonder stapt er in zonder poeha, zonder gewichtigdoenerij en zonder valse hoop. Hij blijft wie hij is, een mens onder de mensen. Zo ook zijn vrouw die het volste vertrouwen in zijn doen en laten heeft. Ze proberen er onder de omstandigheden zonder klagen er het beste van te maken samen met hun zoon Eiso en de hen omringende familie. Phiny en Marten houden contact met iedereen, ook hun ouders of beter gezegd juist hun ouders.

Onder deze bedreigende omstandigheden weet Toonder nog het een en ander te organiseren rond een filmstudio om mensen werk te verschaffen zodat ze niet naar de Arbeidsdienst in Duitsland worden afgevoerd. Hij kan dankzij de Telegraaf die zwaar gecensureerd wordt Tom Poes blijven publiceren zodat er brood op de plank is en soms een beetje meer. Ook als zijn vrouw zwanger wordt van hun tweede kind en het geestelijk en fysiek heel zwaar krijgt, blijft hij overeind in zijn werk en voor zijn gezin. Toonder is als Tom Poes die steeds weer een list weet te verzinnen en als Bommel voor wie geld geen rol speelt maar mensen.

What do you want to do ?
New mail
What do you want to do ?
New mail

zondag 6 mei 2012

DE ODYSSEE VAN HEER BOMMEL EN TOM POES


Zie ook de website www.toondercompagnie.nl/

De tekenaar en schrijver Marten Toonder werd 100 jaar geleden op 2 mei geboren. Een reden om aandacht te besteden aan zijn werk.

Met enige fantasie zou je kunnen zeggen dat de verhalen van Heer Bommel en Tom Poes de Nederlandse versie is van de Ilias en de Odyssee. Olivier B.Bommel en Tom Poes beleven immers net als Odysseus op zijn reizen, merkwaardige en soms levensbedreigende avonturen. Net als Odysseus weten zij te overleven dank zij een list die wordt verzonnen door de slimme Tom Poes. Een enkele keer ontsnappen ze als bij toeval aan een vreselijk lot. Hetzelfde toeval dat hun meestal in de problemen brengt, namelijk de grenzeloze naïviteit van Olivier B. Bommel als gevolg van zijn overtuiging dat hij het aan zijn stand van Heer verplicht is om goed te doen. Bommel is daarmee de burgerlijke (Nederlandse) variant op het aristocratische “noblesse oblige”.

Verschillen met de Griekse avonturen zijn er ook. De verhalen zijn niet in dichtvorm en er komen ook geen goden aan te pas ook al voert schrijver en tekenaar Maarten Toonder figuren ten tonele die uit een andere wereld komen dan de onze. Ik denk dan aan de dwergachtige Kwetal, het onwetenschappelijke maar wijze betwetertje die Bommel vanwege zijn grotere brein als zijn meerdere erkent. Aan  tovenaar Hokus Pas die met onwetenschappelijke maar zeer sluwe middelen probeert mensen in zijn macht te krijgen. Heer Bommel en Tom Poes krijgen te maken met buitenaardse wezens zoals dronen die het kukel bij mensen komen meten. Ze beleven avonturen met wraakgieren, beunhazen, argwaners, een grauwe razer, een zwelbast en een slijtmijt.

Uit "Tom Poes en de schatscherven" een uitgave van Oberon/Amsterdam Boek, 1974
Maar altijd weer lukt het beide avonturiers heelhuids thuis te komen. Heer Bommel woont in het naar goed burgerlijke smaak ingerichte namaak kasteel Bommelstein met butler waar hij zich een aristocraat waant. Iets waar menig welgestelde Nederlandse burger ook van droomt. Tom Poes daarentegen heeft een bescheiden onderkomen waarmee gezegd wil zijn dat je niet veel nodig hebt om slim te zijn. Uiteindelijk leren we ook de Penelope van heer Bommel kennen in de gedaante van Doddeltje, een burgerlijke en aandoenlijke in bloemetjesjurk gestoken huisvrouw die in een Nederlandse cottage niet ver van Bommelstein woont.

Zoals het verhaal van de Ilias en Odyssee eindigt met de thuiskomst van Odysseus bij zijn vrouw Penelope, zo eindigen de avonturen van Tom Poes en Heer Bommel met het huwelijk van de laatste met juffrouw Doddeltje. Intussen heeft Maarten Toonder ons jaren lang met zijn schepping van Heer Olivier B. Bommel en Tom Poes een spiegel voorgehouden van ons leven, van onze samenleving samengebald in het stadje Rommeldam en van de wereld met zijn onbekende streken en onverwachte gewoonten. Ik ga er vanuit dat net als de Ilias en de Odyssee de verhalen van heer Bommel en Tom Poes de eeuwen zullen overleven.