Posts tonen met het label minister Pronk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label minister Pronk. Alle posts tonen

vrijdag 2 augustus 2024

52. AMERICA LATINA. JUBILEUM

 

De druk bezochte jubileum bijeenkomst vanwege 5 jaar CLAT Nederland. Op de voorgrond met zijn rug naar de camera boerenleider Rangel Parra. Achter hem van opzij CLAT algemeen secretaris Emilio Maspero en Piet Jeuken, directeur van de Stichting Ontwikkelingssamenwerking Vakbeweging SOSV die hem een hand geeft. De SOSV is een samenwerkingsverband van de drie vakcentrales CNV, NKV en NVV.  (foto: Ad van Dooren)

Op de bijzondere jubileumbijeenkomst, de vereniging bestaat 5 jaar, bevestigt minister Pronk zijn opvatting dat de vakbonden in Nederland en in de Derde Wereld betrokken moeten worden bij ontwikkelingssamenwerking.

De minister kondigt aan dat hij voor het begrotingsjaar 1975 drie miljoen gulden heeft uitgetrokken voor steun aan vakbonden in de Derde Wereld. Het geld zal via de Stichting Ontwikkelingssamenwerking Vakcentrales (SOSV) ter beschikking gesteld worden aan het Wereld Verbond van de Arbeid (WVA), het Internationaal Verbond van Vrije Vakverenigingen (IVVV) en aan vakbonden in de Derde Wereld die niet bij een van deze twee internationale vakbonden zijn aangesloten.

De SOSV is een samenwerkingsverband tussen de drie vakcentrales CNV, NKV en NVV. Hun directeur Piet Jeuken balanceert tussen de twee stromingen in zijn stichting. Aan de ene kant staan CNV en NKV als leden van het Wereld Verbond van Arbeid, internationaal verbonden met CLAT. Aan de andere kant staat het NVV dat lid is van het IVVV dat wordt bekritiseerd vanwege zijn veel te lankmoedige houding tegenover dictaturen in Latijns Amerika. 

NKV algemeen secretaris Piet van Hout zegt op de bijeenkomst dat hij blij is met deze stap van de Nederlandse regering. Vakbonden kunnen op die manier hun eigen partners kiezen zonder overheidsinmenging. Dat versterkt de solidariteitsbanden en maakt de bonden daarginds onafhankelijker van hun overheid.

In veel landen in Latijns Amerika bestaat immers geen vrijheid van vakbeweging. Daarvan hebben tijdens de bijeenkomst algemeen secretaris Emilio Maspero getuigd en met hem de boerenleider Rangel Parra van de federatie van landbewerkers en boeren organisaties. Dat de Nederlandse vakbonden nu zelf vakbonden in Latijns Amerika kunnen helpen versterkt de onderlinge solidariteit en  zet de regeringen buiten spel.  

Pronk wil wel wat terug van de Nederlandse vakbeweging. Hij vindt dat de vakbeweging tot nu toe te weinig meedenkt over de internationale politiek. Als de vakbonden in Nederland zich sterk maken voor een meer gelijke inkomensverdeling in ons land dan dan zouden ze dat met nog meer kracht ook op wereldniveau moeten doen. 

Wat Pronk betreft mag de vakbeweging op dat punt wel wat radicaler worden. Een oproep die als muziek klinkt in de oren van CLAT Nederland. Die maakt zich immers sinds de oprichting sterk voor een vakbeweging die radicaal kiest voor een betere inkomensverdeling in Latijns Amerika.

Piet van Hout van het NKV is het daarmee eens. De vakbonden zijn al internationaal actief bij de Internationale Organisatie van de Arbeid in Genève en bij de Verenigde Naties maar, zo zei hij, we moeten meer doen. 

Wat de inkomensverdeling in Nederland betreft, leggen volgens van Hout, de vakbonden meer ijver aan de dag dan de Nederlandse regering. De regering kan er op rekenenen dat tijdens de onderhandelingen over een centraal akkoord de vakbeweging onverkort zal vasthouden aan een betere inkomensverdeling.

Ter gelegenheid van het jubileum hebben plaatselijke groepen activiteiten georganiseerd om de aandacht te vestigen op de onderdrukking van de vrije, democratische vakbeweging in Latijns Amerika. De acties zijn niet alleen bedoeld om die onderdrukking publiekelijk aan de kaak te stellen, maar vooral ook om druk uit te oefenen op regeringen daarginds een einde te maken aan de onderdrukking van de vakbonden.

“Dat laatste gebeurde onder meer door een stille tocht langs ambassades van verschillende Latijns Amerikaanse landen in Den Haag waar petities werden aangeboden. Behalve door leden van CLAT Nederland werd aan de tocht ook deelgenomen door vertegenwoordigers van de drie vakcentrales. De petitie, die werd aangeboden aan de ambassadeurs van Haïti, Bolivia, Brazilië, Uruguay, Guatemala en Chili, doet een dringend beroep op de regeringen de vrijheid van vereniging, onderhandelingen en werkstaking van de vakbonden in hun landen te eerbiedigen.” (Latijns Amerika, januari 1975, 6e jaargang no.1)


vrijdag 17 november 2023

16. AMERICA LATINA. MINISTER PRONK STEUNT CLAT


Minister Jan Pronk voor Ontwikkelingssamenwerking (rechts) stelt zich tijdens een ledenvergadering van de vereniging CLAT Nederland voor aan de Mexicaan José Merced Gonzalez (links), adjunct algemeen secretaris van het Wereld Verbond van de Arbeid te Brussel. Foto: Ad van Dooren, 1974


Het ergste is dat Pinochet met zijn staatsgreep een einde maakt aan de Latijns -Amerikaanse droom om een sociale revolutie langs democratische weg tot stand te brengen. Tot de verkiezing van Allende gold voor linkse mensen de gewelddadige Cubaanse revolutie van Fidel Castro en Che Guevara als de enige echte weg naar radicale sociale veranderingen.

De staatsgreep komt dan ook hard aan in de linkse actiewereld waar het Chili van Allende als een lichtend voorbeeld van vooruitgang en verandering wordt gezien. Maar niet alleen bij actiegroepen, Ook kranten, de een meer dan de ander, hebben zich min of meer openlijk geëngageerd met de regering Allende.

De staatsgreep komt in Nederland extra hard aan door de uitvoerige berichten in kranten van betrokken journalisten waaronder vooral journalist Jan van der Putten opviel. Fotograaf Koen Wessing vertrekt zelfs onmiddellijk na de staatsgreep naar Chili. Hij wil er bij zijn als het allemaal gebeurt. Zijn foto’s zijn een keiharde getuigenis van de militaire onderdrukking in Santiago de Chile.  

Maar er is meer. Op het moment van de staatsgreep regeert in Nederland het kabinet den Uyl, dat doorgaat voor het meest linkse kabinet ooit. Een kabinet met als minister van Ontwikkelingssamenwerking Pronk, een begeesterd man behorend tot de links radicale vleugel van de PvdA. Als leerling van professor Jan Tinbergen onderschrijft hij de VN doelstelling dat 0,7% van het bruto nationaal product wordt besteed aan ontwikkelingshulp. 

Jan Tinbergen heeft zich als macro-econoom en adviseur, eerst van de Volkerenbond en na de Tweede Wereldoorlog van de VN, ingezet om de 0,7% als VN norm wereldwijd te doen aanvaarden ten behoeve van ontwikkelingssamenwerking.

“Ontwikkelingssamenwerking is bedoeld om ontwikkelingslanden en hun burgers en instellingen te helpen zich verder te ontwikkelen en zo een hogere levensstandaard te bereiken. Ontwikkelingssamenwerking is actief op terreinen zoals onderwijs, gezondheidszorg, economische ontwikkeling, landbouw en infrastructuur. Naast concrete thema's richt ontwikkelingssamenwerking zich ook op zaken als het versterken van capaciteit en het vergroten van participatie van achtergestelde groepen. De termen ‘ontwikkelingshulp’ en ‘ontwikkelingssamenwerking’ worden in praktijk door elkaar gebruikt. Van oudsher spreekt men van ontwikkelingshulp, maar in de jaren zeventig van de 20e eeuw werd de term ontwikkelingssamenwerking geïntroduceerd. Daarmee drukken donoren uit dat zij ontvangende landen en organisaties als gelijkwaardige partners beschouwen.” (Wikipedia: ontwikkelingssamenwerking)

Pronk sprak zich in een interview met het blad ‘Onze Wereld' van de NOVIB uit voor de vakbeweging als partner voor ontwikkelingssamenwerking. Hij noemt daarin o.a. CLAT als een van de mogelijke partners bij ontwikkelingssamenwerking. 

“Ik hoop dat het mogelijk zal zijn de vakbeweging in te schakelen bij het mede-financieringsprogramma (een programma van de overheid voor hulp aan particuliere organisaties in ontwikkelingslanden via particuliere organisaties in Nederland zoals NOVIB ). Het is een belangrijke beweging in een aantal ontwikkelingslanden, die nog veel te weinig participeert in het ontwikkelingsproces en de hulpverlening. Binnenkort hebben we daar een gesprek over. Een tenslotte hoop ik, dat de Nederlandse regering ook direct hulp kan geven aan particuliere organisaties in ontwikkelingslanden zonder tussenkomst van organisaties in Nederland. Ik denk aan directe hulpverlening aan bijv. het CLAT, of aan de ANUC. Dat zou een belangrijke nieuwe dimensie in het projekten-programma van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid zijn." (CLAT Nieuws, Augustus 1974, 5e jaargang, no.4)

Daarmee zet Pronk een belangrijke stap in het Nederlandse beleid van ontwikkelingssamenwerking. Na de val van Allende zoekt Pronk naar nieuwe wegen om sociale verandering en rechtvaardigheid in ontwikkelingslanden langs vreedzame weg te bewerkstelligen. Steun aan de vakbeweging is daarbij een optie.