Posts tonen met het label andré breton. Alle posts tonen
Posts tonen met het label andré breton. Alle posts tonen

vrijdag 10 april 2026

83. MEXICAANSE VERTELLINGEN. SURREALISME

 

Deze foto van Frida§ Kahlo is gemaakt door de fotograaf Julien Levy. Hij organiseerde in 1938 in zijn fotogalerie Julien Levy de eerste expositie van schilderijen van Frida Kahlo.  Daarmee begon haar internationale succes. Philadelphia Museum of Art.


Frida twijfelt of ze de uitnodiging voor een tentoonstelling in Parijs zal aannemen. Ze staat ver van de idee van surrealisme zoals André Breton die verkondigt of liever gezegd ze weet niet wat ze er mee aan moet. Haar lichamelijke pijnen zijn alles behalve surrealistisch. 


Denkt mijnheer Breton dat een miskraam surrealistisch is, een ervaring zoals een droom of van het onderbewuste? Zo dom zal hij toch niet zijn? Een leven in je buik dat mislukt is een nachtmerrie in het echt. Je lichaam laat je op het moment dat je nieuw leven brengt, in de steek. Dat heeft niks met onderbewustzijn te maken.


Het tast je geestelijke gesteldheid aan, je zelfbewustzijn. Het dreigt je als vrouw te ondermijnen en dat roept om verzet. Haar verzet is de verfkunst. Met penseel, verf en doek wil ze haar fysieke en geestelijke pijn vastleggen.


Dat doe je met symbolen, hoe anders? Wat doen katholieken in hun kerk als ze van brood het lichaam van Christus maken en van wijn zijn bloed? Ze herdenken zijn pijn die leidde tot zijn dood. 


De schilderkunst is hetzelfde, een herhaling maar dan op doek van het leven, de pijn van de dood, de vreugde van de geboorte. Een schilderij is niet de werkelijkheid zelve maar wel de herinnering eraan, een afspiegeling daarvan.


Haar waarheid is die van de lichamelijke pijn die tot in haar geest door dringt. Het is gek makende pijn en dat is existentiële pijn. Als Breton dat surrealistisch wil noemen dan doet hij dat maar. Des te beter als haar pijn met de zegen van de kunstpriester der surrealisten  begrepen wordt. 


David vindt ondanks haar bedenkingen dat ze van gelegenheid gebruik moet maken om naar Europa te gaan. New York heeft ze al veroverd met haar tentoonstelling, nu Parijs nog. 


Ze wil inderdaad gekend worden, als het kan wereldwijd. Ze wil gekend worden als vrouw, minnares, muze en als Mexicaanse. Ze besluit de overtocht naar Amerika te maken, naar Parijs, het walhalla van de moderne kunst.

vrijdag 3 april 2026

81. MEXICAANSE VERTELLINGEN. FRIDA KAHLO ONTMOET ANDRÉ BRETON

 

Frida Kahlo poseert met André Breton in een patio in Mexico-stad in het jaar 1938. Breton is op bezoek bij de door Stalin verbannen Russische revolutionair Leon Trotski. Trotski is een buurman van Frida. Zij maakte het jaar daarvoor deel uit van het ontvangstcomité van de Mexicaanse communistische partij bij aankomst van Trotski in Mexico-stad. Daarna heeft ze een korte affaire met hem gehad.

Sommige gebeurtenissen gaan ons verstand te boven. We hebben geen enkele aanwijzing waarom ze gebeuren, of er iemand de hand heeft gehad, een aards of buitenaards iemand en of ze een doel hebben? We weten het gewoon niet en zullen het hoogst waarschijnlijk ook nooit weten. Toch gebeuren ze.


Zo een gebeurtenis is de reis van de Fransman André Breton. Niet zo maar een Fransman. Hij is schrijver, dichter en theoreticus van de kunsten. Hij is tevens leidsman van de surrealistische kunstenaarsbeweging. Leidraad van deze beweging is het door hem geschreven “Manifeste du surrèalisme”. 


Het surrealisme heeft hij ontdekt tijdens zijn werk in een neurologisch ziekenhuis in de Eerste Wereldoorlog, een nog grotere gebeurtenis waarvan niemand het waarom weet. Het is de eerste oorlog tussen geïndustrialiseerde landen en dus wordt het meteen ook een massaslachting. Industrie en massaproductie zijn nu eenmaal onlosmakelijk met elkaar verbonden.


Als revolutionair en communist meent Breton dat er een verband is tussen de klassenstrijd, een door Marx ontdekte sociale wetmatigheid in de geschiedenis van de mensheid, en de door Freud ontdekte wetmatigheid van het onderbewuste in onszelf. 


Helaas heeft zijn communistische partij geen enkele belangstelling om Marx met Freud te verenigen. Ze hebben het te druk met vadertje Stalin. Stalin is hun grote voorbeeld, hun wereldleider. Zoals elke alleenheerser moeten kunst en cultuur in dienst staan van zijn politiek. Dat wordt Breton nu net teveel. Hij treedt uit de kerk van het Franse communisme maar blijft wel gelovig communist en revolutionair.


Waar kan hij dan beter terecht dan bij Trotski? Hij mag dan verjaagd zijn door Stalin, hij is trouw gebleven aan het revolutionaire geloof van Marx. Vandaar dat Breton naar Mexico reist. Hij wil ene gesprek met Trotski over Marx en Freud.


Eenmaal bij Trotski aangekomen, ontdekt hij dat Trotski een buurman is van Frida en David in Coyocan. Maar ze is meer dan een buur. Frida is dankzij een tentoonstelling in een kunstgalerie in New York bezig om wereldberoemd te worden. Daar wil Breton als eigentijdse kunstkenner meer van weten. 


Tevens blijkt dat Frida en haar man David lid zijn van de Mexicaanse communistische partij. Beiden hebben de komst van de verbannen Trotski naar Mexico mede mogelijk gemaakt. Dit lijkt meer dan een vingerwijzing van het lot. Frida is misschien wel de belichaming van het onderbewuste met de klassenstrijd. 


Als ex-minnaar en buurman is het voor Trotski een kleine moeite om een ontmoeting te organiseren. Breton is meteen enthousiast over het werk van Frida. Een vrouw naar zijn surrealistische hart. Hij ziet in haar schilderijen allerlei surrealistische elementen zoals zwevende dingen en heel veel symbolen. Hij nodigt haar uit om haar werk in Parijs te komen exposeren.

vrijdag 30 mei 2025

41. MEXICAANSE VERTELLINGEN. KUNST IN DIENST VAN HET COMMUNISME

"Detail van een muurschildering van David Alfaro Siqueiros, In het Kasteel van Chapultepec in Mexico-Stad belicht de muurschildering "Van het Porfirianisme tot de Revolutie" van David Alfaro Siqueiros een cruciaal moment in de Mexicaanse geschiedenis. Met een oppervlakte van 410 vierkante meter fascineert de schildering de bezoeker met het verhaal van de eerste Mexicaanse staking in Cananea, die een epische strijd tussen kapitalisme en revolutionair socialisme vertegenwoordigde. Siqueiros, die de muurschildering tussen 1957 en 1966 schilderde, van 1960 tot 1964 was hij een politieke gevangene." (Historical Mexico)


Maar wat voor kunst dan wel? Een revolutie in de kunst is mooi maar de echte revolutie, de revolutie van Pancho Villa en Emiliano Zapata, is grotendeels mislukt. De dictator is verdwenen maar daarvoor is een eenpartij dictatuur gekomen. Dezelfde elite maar dan uitgebreider. De oude economische elite is vervangen door een nieuwe elite van kapitalisten die net zo asociaal is of misschien wel erger.


Het zijn de moderne kapitalisten en bourgeoisie die het lot van Mexico vandaag de dag bepalen. De boeren op het land zijn niet veel beter af dan voorde revolutie en als ze naar de stad trekken om arbeider te worden dan worden ze onderbetaald.De revolutie van Mexico is halverwege of nog eerder gestrand. Voor de gewone Mexicanen is er niet veel veranderd behalve de verstedelijking door de armoede op het platteland.


Kan de schilderkunst daar iets aan doen? David denkt van niet. Schilderkunst is een verbeelding van de werkelijkheid in welke vorm dan ook -surrealistisch, poëtisch, expressionistisch, impressionistisch of wat dan ook - maar niet de werkelijkheid zelf. Schilderkunst is een afspiegeling van de werkelijkheid en dan nog. Wie zijn werkelijkheid en welke werkelijkheid? Kunst is een doolhof waar je gemakkelijk de weg in kwijt raakt.


Maar een ding is zeker, met schilderijen maak je geen revolutie. Dat is geruststellend want stel je voor dat je met een enkel schilderij Mexico op zijn kop zou kunnen zetten,  maar ook een teleurstelling want wat kun je dan wel? De schilder die revolutie wil maken en dat wil David nog steeds ondanks alle teleurstellingen die hij heeft ondervonden, kan niet anders dan activist in de werkelijkheid van alledag te worden, in de politieke werkelijkheid wel te verstaan. 


De kunstenaar moet zijn handen niet alleen vuil maken in zijn schildersatelier maar ook in de politiek. Kan de schilderkunst hem daarbij eventueel van dienst zijn? David denkt van wel. Het Mexicaanse volk heeft dringend behoefte aan de ontdekking van zichzelf als revolutionair, net zoals hij zichzelf ontdekt heeft. Schilderkunst in dienst van de revolutie maar welke revolutie?


Dat is niet moeilijk, de communistische revolutie. Het communisme is voor David de logische voortzetting van de Mexicaanse revolutie. Dat zeggen hier in Parijs ook veel van zijn schilderkunstige vrienden. Picasso is lid van de communistische partij. Miró is weliswaar geen lid van de communistische partij maar wel een Republikein in hart en nieren en anti-Franco. Zelfs André Breton, de dichter/schrijver van de “écriture automatique” en daarmee de grondlegger van het surrealisme, is communist. 


Communisme is de trend van de tijd, het nieuwe ideaal zo vakkundig verwoord door Marx en Lenin en in Rusland werkelijkheid geworden. Communisme belooft een wereld van vrijheid, gelijkheid en broederschap. Het maakt de belofte van de Franse revolutie waar.


David besluit de schilder van de communistische revolutie te worden. Hij zal de Mexicanen met zijn schilderijen leren zichzelf en tegelijk het communisme te ontdekken. Hoe moeilijk kan het zijn? David is in Parijs politiek en schilderkunstig wijzer geworden, meer kan hij niet verlangen. 

vrijdag 23 mei 2025

MEXICAANSE VERTELLINGEN 40. SCHILDERKUNSTIGE REVOLUTIE

 

De tank "Salinas" is gemaakt in Mexico tijdens de revolutie door "Talleres Nacionales de Construcción Aeronáutica TNC, 1918.

David vindt Dalí een kundig schilder met een heel eigen beeldtaal, net als Picasso en Miró. De schilderijen van Dalí zijn opgebouwd met beelden uit de klassieke en de moderne schilderkunst. Dalí zit als het ware op de grens tussen de oude en de moderne tijd. Picasso en Míro zijn modern. Meer dan bij de anderen zitten in Dalí twee schilderkunstige zielen.


Zou dat komen omdat hij zijn inspiratie haalt uit zowel de klassieke kunstenaars, pré-moderne schilders als de Italiaanse Titiaan, de Spaanse Velazquez en de Nederlandse Vermeer, als uit zijn onderbewuste zoals André Breton predikt met zijn "écriture automatique" bij Dalí omgedoopt tot de  “paranoïde-kritische methode”? Die methode komt er op neer dat hij beelden uit zijn dromen en misschien ook wel waanvoorstellingen verwerkt in zijn schilderijen. 


De dichter en schrijver André Breton is de grondlegger van de “écriture automatique”  ofwel onbewust schrijven. Je probeert in een soort droomtoestand te komen waarin je willoos en zonder bemoeienis van je verstand opschrijft wat in je opkomt. Je zou het ook "de irrationele methode" kunnen noemen maar dat is voor Dalí te simpel gezegd. Niet interessant genoeg voor zijn  publiek want als Dalí ergens gevoel voor heeft, is het wel publiekstheater wat uiteraard de marketing van zijn schilderijen ten goede komt. Ook Dalí ontsnapt niet aan de moderne tijd.


De schare volgelingen van schrijvers, dichters en schilders die in het onderbewuste hun inspiratie zoeken, krijgen het etiket surrealisten opgeplakt. Dalí wordt al gauw, mede ook vanwege zijn buitenissige gedrag als een van de schilderkunstige meesters van het surrealisme beschouwd. 


De surrealisten zijn een reactie zijn op de voor het normale verstand onbegrijpelijke verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog, de oorlog die miljoenen slachtoffers maakte als gevolg van de gewelddadige botsing tussen de klassieke krijgscultuur van mens en paard en de nieuwe moderne krijgscultuur met machines. De Eerste Wereldoorlog is de gewelddadige botsing tussen de klassieke en moderne tijd. 


De Mexicaanse revolutie was de Eerste Wereldoorlog maar net voor, stond meer dan de Eerste Wereldoorlog nog met een een voet in de negentiende eeuw en was dus meer dan de Eerste Wereldoorlog nog een oorlog volgens de klassieke krijgscultuur. Vliegtuigen en tanks speelden er geen rol in. Het was een klassieke strijd van man en paard vergezeld van Napoleontische kanonnen en een enkel machinegeweer. Het was een bewegingsoorlog verspreid door het hele land en geen loopgraven oorlog zoals in de Vlaamse Westhoek bij Ieper. 


De Eerste Wereldoorlog was tevens een botsing tussen de vele verschillende volkeren, naties, staten en culturen waar Europa in goede tijden rijk aan is en in slechte tijden onder lijdt. De Mexicaanse revolutie was een sociale revolutie én een gewelddadige botsing tussen de oorspronkelijke inheemse culturen zoals die van de Azteken en de Maya's en de met geweld binnengedrongen Europese cultuur van de Spaanse veroveraars. 


Als ex-revolutionair beseft David dat zijn kunstenaarschap geworteld is in de Mexicaanse revolutie en hij dus daarmee aan de slag moet. Niet de Europese moderniteit of het surrealisme maar de Mexicaanse sociale identiteit is zijn opdracht. Uit de botsing tussen de Azteekse en Maya ziel met de Spaanse ziel zal een nieuwe identiteit ontstaan. De revolutie is nog niet ten einde. Het is zijn roeping om de strijd voort te zetten.