Posts tonen met het label zelfportret. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zelfportret. Alle posts tonen

dinsdag 15 december 2020

PARIJS 1977


Parijs straatbeeld


Parijs 1977


Oma met tweeling, Parijs 1977


Tweeling, Parijs 1977


Clochards, Parijs 1977


Regenachtige dag, Parijs 1977


Zelfportret ergens in Parijs 1977



What do you want to do ?
New mail

woensdag 5 augustus 2020

MARC CHAGALL EN DE KUNST 2

Marc Chagall, Zelfportret met zeven vingers (1912-'13).
In Zelfportret met zeven vingers (1912-’13) heeft Chagall zichzelf als schilder in zijn atelier afgebeeld. In een venster op de achtergrond zien we het silhouet van de Eiffeltoren, terwijl de schilder werkt aan een landelijke voorstelling met een vrouw en een koe. Als pendant van het venster drijft een gedachtewolk boven zijn hoofd, waarin zijn geboortestad Vitebsk verschijnt.
De kubistische beeldtaal is typisch voor Parijs, de poëtische interpretatie van kleuren is te herleiden naar Chagalls Joods-Russische achtergrond. Chagall portretteerde zichzelf als schilder tussen twee culturen. In Hebreeuwse letters heeft hij ‘Parijs’ en ‘Rusland’ in het schilderij opgenomen. (

De zin van Kunst.
“De zin van de kunst zocht ik natuurlijk niet alleen in het handwerk. Het was alsof de goden zelf voor me stonden. Ik wilde niet meer denken aan het neoclassicisme van David, van Ingres, aan de romantiek van Delacroix, aan de reconstructie van de uitgangspunten van Cézanne en zijn volgelingen, of aan het kubisme. Ik had de indruk dat we nog steeds aan de oppervlakte bleven hangen, dat we bang waren in de chaos te duiken, de vertrouwde bodem onder onze voeten open te breken, om te ploegen.” (blz.133)

Over het nut van het bezoeken van tentoonstellingen.
“Geen enkele academie zou me hebben kunnen geven wat ik toen allemaal heb ontdekt terwijl ik mijn tanden zette in de tentoonstellingen, in de etalages van de galeries en inde musea van Parijs.” (blz.133)

Over het instinct voor maat en helderheid.
“Om te beginnen zag je het al op de markt waar ik uit geldgebrek slechts een stuk van een lange komkommer kocht, je zag het aan de arbeider in zijn blauwe werkpak, je zag het aan de vurige volgelingen van het kubisme, alles getuigde van een feilloos instinct voor maat en helderheid, van een perfect gevoel voor vorm, van een puur schilderkunstige schilderkunst, zelfs bij de tweederangs schilders.” (blz.133-134)

Over de kloof tussen de Franse en de andere schilderkunst.
“Het ging niet om meer of minder aanleg bij individuen of een volk. Er speelden andere krachten, voornamelijk organisch of psychisch-fysiek van aard, die een predispositie veroorzaakten voor muziek, schilderkunst, litteratuur of slaap.” (blz.134)

Over het doek.
“Terwijl in de Russische ateliers een beledigd model slikte, bij de Italianen gezang en gitaarspel klonken en bij de joden twistgesprekken, zat ik alleen op mijn atelier, bij mijn olielamp. Een atelier tot de nok gevuld met schilderijen, geschilderd op linnen dat kort daarvoor nog dienst had gedaan als mijn servetten, mijn lakens, mijn nachthemden die ik in stukken scheurde.” (blz.135)

Naakt schilderen
“Voordat men mijn atelier betrad, moest men altijd even wachten. Dat gaf me de gelegenheid me toonbaar te maken, me aan te kleden, want ik werkte meestal laat. In het algemeen vind ik kleren maar lastig, het gedoe jezelf aan te kleden irritant, en kleed ik me zonder enige smaak. Niemand koopt mijn schilderijen. Ik dacht zelfs nooit aan de mogelijkheid.” (blz. 136)

Over de kubisten
“Hij overtuigde dat ik rustig naast die trotse kubisten kon werken, voor zie ik waarschijnlijk een complete nul was. Ze stoorden me niet. Ik bekeek ze van opzij en dacht: <Laten ze zich maar vol eten aan hun vierkante peren op hun driehoekige tafels!>.” (blz.143)

maandag 8 juni 2020

REMBRANDT, KUNST MOET KUNNEN

Rembrandt, Zelfportret, Ets (1630) bewerkt door petrus nelissen.

vrijdag 13 maart 2020

DE SPROOKJESJAREN ZESTIG 51, EINDE ROODKAPJE

Zelfportret

Na veel wikken en wegen besluit ik een einde te maken aan mijn dwaling in het labyrint der liefde. Zeker geen pijnlijke momenten meer voor Dora. Ik hoop maar dat de schade meevalt en ze mijn dwaling vergeeft als een gevolg van tijdelijke ontoerekeningsvatbaarheid. Nu ik mijn geestelijke vermogens weer terug heb, kies ik onvoorwaardelijk voor haar. Ik trek het boetekleed - geestelijk wel te verstaan - aan en strooi eveneens geestelijk te verstaan as op mijn hoofd. Ik zeg haar dat het mijn schuld is, mijn schuld en nog eens mijn schuld. Wat ook zo is.

Dora is nog altijd boos en verdrietig maar als ze mijn besluit hoort is ze verbaasd en blij tegelijk. Om het met een stevig cliché te zeggen; ze lacht door haar tranen heen. Wat wil een man nog meer? Hoewel, ze blijft op haar hoede. Ze is nog altijd op het ergste voorbereid. Ze vertrouwt het nog niet helemaal maar is blij dat ik van gedachten ben veranderd. Ik opereer behoedzaam tussen de klippen van pijn, verdriet, boosheid en wantrouwen door en probeer vooral niet onhandige of domme dingen te zeggen. Ik let op mijn woorden want ik wil niet opnieuw haar ziel beschadigen. Ik luister en kijk aandachtig, op zoek naar een houvast tot herstel van onze liefde. Ik zie aan haar ogen dat zij hetzelfde doet. We zijn op zoek naar elkaar en wie zoekt zal vinden.


Voorzichtig nemen we de draad tussen ons weer op en laten het verdriet, de pijn en de boosheid langzaam achter ons. Hoe kun je dat beter doen dan door liefde en lust te delen in haar smal bed? Daar onder het schuine planken dak van haar zolderkamer maken we een nieuw begin met ons liefdesverhaal en verjagen het sprookje van Roodkapje naar de uithoeken van onze geschiedenis. Met elke volgende vrijpartij verdwijnt Roodkapje steeds verder in de mist tot ze uit het zicht verdwenen is.

`
“Aan de schone jeugd der beide sexen

Mint en kust, o jongelingen!
Lieve meisjes! Mint en kust.
Denkt, als de ouderdom u nadert,
Is de minvuur uitgeblust.
Kom, besteedt dan wel de dagen,
Die des levens bloeitijd biedt,
En verzuimt uw brandende offers
Aan de ted’re Venus niet!”
enz.

(Leonard de Vries, Eros’ Lusthof, De spiegel der vrijerij en minnekunst 2, Meulenhof Amsterdam.

Zo maken we tussen de schone lakens van het smalle bed een einde aan het sprookje van Roodkapje en beginnen ons eigen sprookje van vlees, bloed, zweet en tranen. Hoe lang dat sprookje gaat duren weten we niet maar er zullen zeker reuzen en heksen in voorkomen maar ook elfen en tovenaars. Geluk en tegenslag zullen elkaar afwisselen maar zo lang het sprookje duurt zullen we niet alleen zijn.

(verschijnt elke vrijdag)

Elke gelijkenis met bestaande personen 
of gebeurtenissen berust op louter toeval.

woensdag 14 januari 2015

DE SELFIES VAN REMBRANDT EN VAN GOGH

Links: Zelfportret Vincent van Gogh (1887) Hij was toen 34 jaar. Rechts: Zelfportret van Rembrandt van Rijn (1630). Hij was toen 24 jaar.

Onlangs werd een fotografisch zelfportret van mij op Facebook een selfie genoemd. Toen pas besefte ik dat voor veel mensen een zelfportret hetzelfde is als een selfie. Dat was nog niet bij me opgekomen. Selfies zijn voor mij een variant op de bekende vakantiefoto's waarop mensen poseren bij een of ander monument, bijvoorbeeld de Eiffeltoren. Dat doen ze om thuis en aan vrienden te laten zien dat ze daar geweest zijn. Van alle selfies samen kun je daarna een fotodagboek maken van je vakantiereis.

Daarnaast heb je de selfies van jezelf met een belangrijk persoon, filmster of beroemde voetballer. Ook die zijn een voortzetting van een al lang bestaande traditie. In menig kantoor, maar ook in gangen en woonkamers zie je ze wel eens hangen. De gastheer poseert samen met een bekend politicus, een beroemd voetballer, de paus of een president. Bij audiënties van bijvoorbeeld de paus of van een president staat zelfs een officiële fotograaf klaar om zo’n foto te maken. Vervolgens werd de foto dan thuis of op kantoor opgehangen. Een selfie zet je op Facebook of Instagram.

Dit is het eerste zelfportret dat van Gogh in zijn brief noemt aan zijn broer Theo in het jaar 1889. (zie erop in de blog). Van Gogh was toen 36 jaar en zat in een inrichting vanwege zijn zelfmoordpoging. "Het ging weer minder goed met Vincent en hij laat zich vrijwillig opnemen te Saint-Rémy-de-Provence, in de instelling Saint-Paul-de-Mausoleaan de voet van de Alpilles. Men richtte er zelfs een klein atelier in, waarin hij kon schilderen tijdens de steeds zeldzamer momenten zonder zenuwcrisis. In dat jaar maakte hij er ongeveer 150 schilderijen. Het was de tijd van de Irissen, de Seringen, gele korenvelden, olijfbomen en cipressen. (Vincent van Gogh in Wikipedia )
Was zulks ook het doel van de geschilderde zelfportretten van bijvoorbeeld Rembrandt  en Van Gogh? Van Gogh maakte in totaal 40 zelfportretten. Zijn eerste zelfportret maakte hij  in het Brabantse Nuenen (1885). In Antwerpen maakte hij 5 zelfportretten (1885-1886) en in Parijs maar liefst twintig (1986-1988) . Zijn laatste 4 zelfportretten schilderde hij in een instelling voor geesteszieken in het Zuid Franse stadje Saint-Rémy-de-Provence. In zijn brieven schrijft Vincent Van Gogh dat hij zelfportretten maakt omdat hij geen modellen kan betalen. Voor van Gogh is het zelfportret dus een schilderkunstige oefening, een studie in techniek, vorm en kleur. 

Van Gogh gebruikt kleuren om zijn gevoelens en gedachten uit te drukken. Zet alle zelfportretten op een rijtje en je ziet dat de uitdrukking op zijn gezicht vrijwel altijd hetzelfde is. Het is een ernstige uitdrukking die concentratie verraadt, zelfs als hij zich portretteert met een zonnehoed op. Het leven van Van Gogh was dan ook bepaald niet zonnig. Ik denk dat Van Gogh van thuis uit of vanwege zijn aard meer levensernst had dan goed is voor een mens.

Dit is het tweede zelfportret dat van Gogh in zijn brief aan Theo van begin september 1989 noemt
(zie citaat hieronder).

Van Gogh vindt dat je, om een zelfportret te kunnen maken, ook enige zelfkennis moet hebben zo blijkt o.a. uit het volgende citaat uit een van zijn laatste brieven: “People say – and I’m quite willing to believe it – that it’s difficult to know oneself – but it’s not easy to paint oneself either. Thus I’m working on two portraits of myself at the moment – for want of another model –because it’s more than time that I did a bit of figure work. One I began the first day I got up, I was thin, pale as a devil. It’s dark violet blue and the head whiteish with yellow hair, thus a colour effect. But since then I’ve started another one, three-quarter length on a light background.Then I’m retouching some studies from this summer – anyway I’m working from morning till night.” (brief 800, Saint-Rémy, 5th or 6th September 1889). 

Rembrandt maakte meer zelfportretten dan van Gogh. Hij heeft in totaal bijna 90 zelfportretten gemaakt, verdeeld over 50 schilderijen, 32 etsen en 7 tekeningen. Ze omvatten 40 jaar van zijn leven (1620-1669). Van Gogh schilderde zijn zelfportretten in ongeveer 5 jaar, meteen ook zijn 5 laatste levensjaren. Rembrandt maakte al op jonge leeftijd zelfportretten als oefeningen in gezichtsuitdrukkingen die horen bij bepaalde gevoelens of stemmingen. Hij poseerde op allerlei manieren: jong en brutaal, in gedachten verzonken, ernstig, aandachtig, nieuwsgierig enz. Op de website van het Teylersmuseum vind je een overzicht van deze zelfportretten.

Een zelfportret van Rembrandt toen hij 33 jaar was (1639). De jeugdige overmoed is verdwenen en heeft plaats gemaakt voor bezonnenheid. Hij was toen 5 jaar getrouwd met Saskia van Uylenburgh.
Op latere leeftijd worden de zelfportretten van Rembrandt bedachtzamer. Dat hangt uiteraard met leeftijd samen. Oudere mensen hebben nu eenmaal meer meegemaakt. Het leven had ook Rembrandt niet gespaard. Hij heeft hoogtepunten gekend maar ook veel dieptepunten en uiteindelijk eindigde zijn leven in eenzaamheid en armoede.  Zonder te spreken van schilderkunstig vorm gegeven zelfkennis en zelfonderzoek kunnen we toch vaststellen dat de zelfportretten van Rembrandt ook een weerspiegeling zijn van zijn levenservaringen. 

Juist Rembrandt beschikte over de schilderkunstige vaardigheden deze levenservaring schilderkunstig vast te leggen. Rembrandt kenners leggen er echter de nadruk op dat het etaleren van schilderkunstig meesterschap in de zelfportretten belangrijker is geweest dan het uitdrukken van diepste persoonlijke gevoelens.”Elk zelfportret van Rembrandt was dan ook, niet meer en niet minder, een specimen van zijn kunst oftewel een typische Rembrandt. Voorstelbaar is dus dat Rembrandt de klanten die zichzelf door de grote meester wilden laten portretteren, een actueel voorbeeld van zijn kunsten wilde laten zien en dus altijd ten minste één geschilderd zelfportret in voorraad hield. Klanten kochten dan mogelijk naast hun eigen portret ook een portret van de maker zelf. Rembrandt maakte vervolgens weer een volgend “promotie” schilderij.” (zie: Rembrandt en zijn zelfportretten

Zelfportret van Rembrandt dat hij gemaakt heeft in zijn laatste levensjaar 1669. Hij was toen 63 jaar. 

Ik denk ook niet dat 'de selfies' van van Gogh of Rembrandt een soort schilderkunstig vorm gegeven diepte psychologisch zelfonderzoeken zijn. De psychologie moest toen trouwens nog uitgevonden worden. Bovendien beschouwden beiden kunstenaars zich inderdaad op de eerste plaats als schilderkunstige ambachtslieden om den brode. Rembrandt verdiende er zelfs op een gegeven moment veel geld mee. Van Gogh kon tot zijn wanhoop, verdriet en teleurstelling nooit leven van zijn schilderkunstige vakmanschap. Het moet een drama geweest zijn dat hij financieel totaal afhankelijk was van zijn broer Theo. Hun zelfportretten zijn hoe dan ook een afspiegeling van deze complexe levenservaringen.