Posts tonen met het label kanovaren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kanovaren. Alle posts tonen

dinsdag 24 juli 2018

DE EENZAAMHEID VAN DE ONGELOVIGE 49

 
Lago Maggiore 1964
De zomer brengt nieuwe romantische hoogtepunten. We zijn allebei zwemmers, zij nog meer dan ik. De stad O. heeft een natuurbad dat precies past bij ons jonge geluk. Onder God’s hemel liggen baden omringd door schaduwrijke bomen en struikgewas met daarachter uitgestrekt tot aan de Maas de polder met zijn weteringen, vaarten en sloten. Je kunt naast elkaar met je natte billen op het gras zitten maar ook lekker lui naast elkaar liggend drogen in het strandzand en ondertussen met je voeten in het zand wroeten waarbij je af en toe elkaar als per ongeluk raakt. Zolang je het maar niet te gek maakt, laat de badmeester, ook bewaker van de goede zeden, je oogluikend met rust. 

De romantiek krijgt een nieuw hoogtepunt als we gebruik mogen maken van de lichtblauw en wit geschilderde houten kano van mijn jongere broer. Die ligt klaar voor ons in de wetering achter het bad voor de geoefende zwemmers. Onze kanotochtjes zijn als scènes in een avontuurlijk romantische film in full technicolor kleuren. We varen onder eindeloos wijdse blauwe polderluchten met witte wolken op zwart kabbelend water; De wetering is aan beide kanten uitbundig begroeid met planten en bloemen van allerlei kleuren maar vooral geel en in de verte roodbonte koeien. Af en toe zoeft een libel voor ons over het water en klinken vogelroepen. Het wonder der romantiek is een kwestie van details.

Nog romantischer wordt het wanneer mijn jongere broer als door God’s hand gestuurd zijn kano aan en steiger in een haventje aan de Maas legt, vlakbij het dorp T. Hij ligt nu minder bij de hand dan aan het zwembad maar wel nog verder van de bewoonde wereld. In badkleding kanoën we over de Maas om na een tijdje aan te leggen bij een weelderig begroeid schiereilandje. Er heerst vrede op aarde tot in de late namiddag als we moe van zon, wind en water terug kanoën naar de oever van het haventje.

Als we niet kunnen gaan zwemmen of kanoën omdat ze thuis moet helpen met mogelijke telefonische bestellingen, hou ik haar gezelschap. Ik kom voortaan achterom binnen. Haar moeder huldigt de opvatting dat ze mij maar beter in huis kan hebben, dan dat we op straat rond vallen. Je weet maar nooit wat ze daar uithalen. Gelijk heeft ze.

Onderwijl maakt zij zich op de een of andere manier nuttig in de huishouding of achter de naaimachine. Ze maakt haar eigen kleren wat je ook kunt zien. Het is perfect afgewerkt, smaakvol van stijl en kleur en toch altijd even anders dan wat je meestal ziet. Ik lees de bekende tijdschriften uit de map die wekelijks bezorgd wordt. De Philips bandrecorder zorgt voor muziek, de zelf opgenomen tophits van de radio. Het zijn de Beatles die ons hart bekoren met hun liedjes als  We love you yeah yeah, Roll over Beethoven enz. Per slot van rekening ben je maar een keer jong en zo verliefd.


(verschijnt elke dinsdag)

dinsdag 17 juli 2018

DE EENZAAMHEID VAN DE ONGELOVIGE 48

 
Carnaval 1963
Carnaval vieren we net als Sinterklaas op dansles. Ik was verrast en teleurgesteld dat ze mij niet herkende als Zwarte Piet. Blijkbaar speel ik met overtuiging Zwarte Piet. Gelukkig mistte ze me wel meteen, maar mijn vrienden stelden haar gerust. Ze zou me zeker nog te zien krijgen. Pas toen ze voor mijn neus stond om haar cadeautje aan te pakken en ik knipoogde zag ze de ware Piet.

Zoals het hoort zijn we op het Carnavalsfeest allemaal verkleed. Ik heb een clownspak gehuurd. Dat past bij me, een beetje de dwaas uithangen en proberen mensen op het verkeerde been te zetten. Zij, verkleed als zigeunerin met grote oorringen in, een geel sjaaltje over zwarte krullen, een zwart bolderootje op een witte bloes en een wijde rok, ziet er nog mooier uit dan ze al is. Die avond is broeder eenzaamheid nergens te bekennen.

Maar de tijd gaat snel. Om elf uur moet zij thuis zijn en daar wil ze zich aan houden. Er zijn al spanningen genoeg thuis sinds we met elkaar gaan. Haar moeder vreest nieuwe gevaren, van eigenzinnigheid tot onverwachte zwangerschap. Aan de keukentafel waarschuwt ze ons dat als er kindjes komen, we allebei het huis uit kunnen. Wat kun je daar nu op zeggen? Niemand die weet wat de goden ons zullen brengen. Voorlopig zit alles nog mee.

Terwijl ze de voordeur zo zachtjes mogelijk openmaakt, probeer ik haar te kussen maar ze is mij te vlug af. Koket gooit ze de deur voor mijn kus dicht. Daar hangt mijn kus, ergens tussen de dichte deur en mij. Mijn actie om onze verliefde avond af te sluiten met een klinkende kus is volledig mislukt. Nog steeds in clownspak fiets ik enigszins bedroefd naar huis. Hoe nu verder?

Maar zoals zo vaak, ook in de liefde kan het dan vriezen en dan weer dooien. Vandaag, de dag na de kus, was het dooidag. Ze bekent dat ze nog met de klink van de deur al spijt had van haar kordate optreden. Eigenlijk had ze me willen kussen maar ze was verrast en geschrokken tegelijk en als een hert in het bos dat zich bedreigd voelt weggesprongen. Zoveel was zeker, de roetsjbaan van onze liefde is nog niet ten einde.

(verschijnt elke dinsdag)