Posts tonen met het label pietje de dood. Alle posts tonen
Posts tonen met het label pietje de dood. Alle posts tonen

dinsdag 23 september 2025

DE WERELD EEN POPPENKAST, TE ZIEN IN JAN CUNEN MUSEUM

 


Het is vrijdagochtend, de dag voordat de tentoonstelling "Puppet Masters" klaar moet zijn, dat ik mij meld bij het Jan Cunen museum. Ik ben uitgenodigd voor een gesprek over de nieuwe expositie met curator Merel en daarna een rondleiding door voorlichter en communicator Annemarie.


Annemarie vertelt me dat Merel helaas geen tijd heeft. Ze lopen achter in de opbouw en de lokale TV komt straks. Of ik genoeg heb aan een rondleiding door  haar? Dat heb ik, samen lopen we langs kisten, kratten, ladders, snoeren en ander materiaal, naar de expositie. Het is te hopen dat het op tijd klaar komt. Annemarie twijfelt er niet aan.


Het verhaal over de expositie begint met de poppen van Marag, een samentrekking van Margriet en Agnes, de bedenkers en makers van een poppenspel met poppen als Rimpel, Troetel en co. Hun Marag poppen theater was jarenlang populair bij kinderen in Oss. 


Het was een tijd lang gehuisd in Villa Constance, een erfenis van de boterbaronnen Jurgens en van den Bergh, dat later stadhuis is geworden en vervolgens museum Jan Cunen. Het museum erfde de poppen. Die erfenis is de basis van de tentoonstelling “Puppet Masters”, vrij vertaald als "de wereld een poppenkast." 


Terwijl ik in stevige pas door de zalen van het museum loop, denk ik aan de poppenkast in mijn jeugd. Toen bestond theater Marag nog niet. Ik keek met leeftijdgenootjes op de Heuvel in het centrum van Oss naar de poppenkast van Jan Klaassen. Een minimalistisch poppenspel met hoofdrolspeler en held Jan Klaassen, zijn vrouw Katrijn, de politieagent, vertegenwoordiger van maatschappelijke orde, en angst aanjagende Pietje de Dood, een wit laken met een doodskop.


De laatste is een verrassend personage. Blijkbaar dacht men toen dat zo'n figuur niet schadelijk was voor een kinderziel. Misschien dat de geruststellende voornaam Pietje daar mee van doen had? Hoe het ook zij, hij werd steevast met een stok door held Jan zijn eigen doodskist in geslagen.


Caren van Herwaarden, "Lompenman is alleen", oude lakens en stijfsel.

Ik zie in de trouwzaal een pop aan de muur hangen gemaakt door Caren van Herwaarden.  Ze maakt beelden van oude lakens en stijfsel. Het beeld dat eenzaam aan de muur hangt, heeft de titel “Lompenman is alleen”. Dat beeld staat op de affiche en folders van het museum. De manier waarop het hangt doet me denken aan de kruisbeelden die vroeger elk Rooms gezin in huis had, alleen is dit treuriger. Lompenmannen verrijzen immers niet.


Mercedes Azpilicueta, "Bestiarium van Tongen"


Pietje de Dood in wit laken met een doodskop kom ik niet tegen op mijn rondgang. Ik zie wel een hoek vol met raadselachtige lappen en doeken. De titel “Bestiarium van tongen” geeft me weinig houvast. De uitleg aan de muur is dat kunstenaar Mercedes Azpilicueta met haar lappen en stoffen de onderhuidse spanning bloot legt tussen wat zichtbaar is en wat zich onder de huid afspeelt. 


Mercedes is Argentijnse die op 30 jarige leeftijd naar Nederland verhuist waar ze enkele aanvullende kunstopleidingen volgt. Haar werk wordt op haar website geduid. 


“Haar artistieke praktijk brengt diverse personages uit het verleden en het heden samen die het kwetsbare of collectieve lichaam benaderen vanuit een dekoloniaal feministisch perspectief. In vloeiende, associatieve verbanden weerlegt ze rigide historische verhalen in een poging deze te ontmantelen en ruimte te maken voor de emotionele en dissidente stemmen. Haar werk manifesteert zich dan ook in performatieve en sculpturale installaties, geïnspireerd door speculatieve en fictieve Latijns-Amerikaanse literatuur, neobarokke kunstgeschiedenis, hedendaagse populaire cultuur en de theorie van het nieuwe materialisme.” (Mercedes Azpilicueta)


Marionetten van Erik Mattijssen


Ik word opgevrolijkt door de marionetten of zijn het trekpoppen van Erik Mattijssen. Het zijn bekende en daardoor herkenbare figuren uit het theater met als laatste pop het geraamte van een vrouw met een jurk aan. Is dit de vrouwelijke variant van Pietje de Dood?


Veel Amerikaanse kunstenaars hebben op de een of andere manier kritisch werk gemaakt over de Amerikaanse suburbs, de buitenwijken waar de brave kleinburger kan genieten van zijn aandeel in de kapitalistische consumptie maatschappij.


Scène waarin de held Indiana Jones ontdekt dat de mensen in de wijk poppen zijn. Poppen die tijdens een proef met de atoombom worden opgeblazen. Uit de film van Steven Spielberg "Indiana Jones in the Kingdom of the Crystal Skull".


De mooiste kritiek daarop komt van Steven Spielberg in de film “Indiana Jones in the Kingdom of the Crystal Skull”. De held Indy, gespeeld door Harrison Ford, komt na keiharde actie tegen een paranormaal gelovige Russische, terecht in een woestijn waar net een atoombom wordt getest op zo’n voorstad. Indiana weet zich ironisch genoeg te redden door in een reuzenformaat koelkast te kruipen. De voorstad verdwijnt in de atomaire paddestoelwolk. Einde consumptiemaatschappij?


Nathaniel Mellors, De Depressieve Voorstad, videoinstallatie


De Amerikaanse kunstenaar Nathaniel Mellors heeft een andere vorm gekozen voor zijn kritiek op de buitenwijk. Hij heeft een installatie gemaakt van een pop met een kop die afkomstig lijkt uit een Amerikaanse animatiefilm en waarop een TV staat. Daarmee alleen al neemt hij de Amerikaanse (en ook onze) beeldcultuur op de hak. 


In een bijgaande video zien we een tot mislukken gedoemd muziekfestival dat zich in die wijk afspeelt. De acteurs hebben kartonnen dozen over hun hoofd, wat natuurlijk al veel zegt over het geestelijk niveau van de wijkbewoners. Enfin, je moet het zelf maar eens gaan bekijken.


Na afloop van mijn rondleiding is het wel zeker. Het Jan Cunen museum heeft een expositie samengesteld die nieuwsgierig maakt en aan het denken zet. Voer voor oog en geest, beter kun je het als museum niet doen. Nog te zien t/m 25 januari volgend jaar.


woensdag 6 januari 2016

MIJN BESTE FOTO VAN 2015 (I)

Pietje de dood, Maastrichts Carnaval, 15 februari 2015

Waarom vind ik dit mijn beste foto van 2015? Technisch is de foto eigenlijk niet bijzonder behalve dat hij goed gemaakt is maar dat is tegenwoordig niet moeilijk met een digitale compact camera met een goede lens. De camera ingenieurs en programmeurs zorgen ervoor dat je als fotograaf niks bijzonders meer hoeft te weten of te kunnen om een technisch goede foto te maken. Je hebt er in ieder geval niet veel technische training voor nodig al is die wel meegenomen als je goede foto’s wil maken.

Maar het oog van de fotograaf blijft natuurlijk het belangrijkste.  Zo zag ik deze jongen ineens voor me in de Maastrichtse carnavalsdrukte. Een opvallende verschijning, zo jong en dan zo zorgvuldig opgemaakt en verkleed als een “Pietje de dood”  uit een moderne horrorfilm.  Zijn gezicht is professioneel opgemaakt en de totale afwerking verraad een grondige kijk op zijn verschijning. 

De helm met (namaak)bontrand met daarop ook nog eens kleine doodskopjes en botjes maken hem tot een krijger die de dood niet vreest. Zijn verschijning als soldaat van de dood wordt geperfectioneerd door het zwarte doodskleed met daarop heel subtiel ook nog eens twee gifgroene spinnen. Als de jongen dit allemaal zelf bedacht en gemaakt heeft, combineert hij fantasie met ontwerp talent, een eigenschap die in de modewereld goud waard is. 

De achtergrond past ook uitstekend bij zijn uitdossing maar die heb ik voor hem gekozen. Ik heb hem gevraagd voor de muur te poseren die doet denken aan grafstenen. In feite is het de muur van een kerk die daar toevallig staat. Het detail van de fiets heb ik in de foto gelaten als een kanttekening, om de ernst van de foto als het ware tussen haakjes te zetten.  


Ondanks dat ik hem enigszins overviel met mijn vraag om te poseren, is zijn gezichtsuitdrukking van dodelijke ernst. Hij besefte als bij intuïtie dat bij zijn verkleedpartij geen (glim)lach op de foto hoort. De meeste verklede mensen denken daar anders over. Zodra ze poseren of zien dat ik een foto van ze maak, beginnen ze te lachen als bevestiging van hun carnavalsplezier.  Zo niet deze jongen. Hij waakt ervoor dat zijn gezichtsuitdrukking bij zijn kostuum blijft passen. Tot slot kun je vaststellen dat het Maastrichtse carnaval en het voor Nederland nieuwige Halloween dicht bij elkaar liggen.