Posts tonen met het label kuifje. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kuifje. Alle posts tonen

vrijdag 13 augustus 2021

9. HET BELOOFDE LAND. HET VERTREK

 

Het goede schip "Sirius" van kapitein Haddock waarmee Kuifje op zoek gaat naar 'De Schat van Scharlaken Rackham' (Hergé, Casterman © 1947)



Daar ligt hij dan, het vrachtschip met passagiersaccommodatie ‘Trident Amsterdam’ van de Koninklijke Nederlandse Stoombootmaatschappij KNSM. Het is inderdaad een koninklijk schip of beter een majestueus schip. Ik heb geen verstand van schepen maar zo te zien heeft het veel weg van de “Sirius” van kapitein Haddock waarmee sterreporter Kuifje op zoek gaat naar “De Schat van Scharlaken Rackham”, mijn tweede Kuifjesboek. Ik ben toevallig in een van mijn eigen avonturenboeken terecht gekomen.

Dit is natuurlijk een bijzonder moment maar toch kijk ik er niet van op. Op de een of andere manier lijkt me dit de natuurlijke gang van zaken en ik ben zelfs zo brutaal te denken dat nog meer van zulke momenten in mijn leven zullen volgen. Niettemin is het spannend om aan boord te gaan, nota bene op weg naar Colombia aan de overkant van de oceaan. Dat had ik een jaar geleden niet kunnen denken. Dat de reis per schip gaat, maakt het nog wonderlijker.

Het afscheid van de familie op de kade is warm en hartelijk maar niet overdreven. Afscheid hoort nu eenmaal bij het leven en voorlopig gaan we er vanuit dat we elkaar nog dit jaar weer zullen zien. We krijgen van mijn moeder of is het van mijn schoonmoeder een netje met appelsienen mee voor onderweg. Appelsienen voor onderweg naar Colombia, hoe ironisch kan een liefdevol gebaar zijn? Het is komisch en ontroerend tegelijk en dat maakt het onvergetelijk.

Eenmaal in onze hut proberen we zicht te krijgen op wat ons nu overkomt en waar we mee bezig zijn. Amper een jaar voor God en Vaderland getrouwd, net voor vertrek verhuisd van de Jacobslaan naar de van de Havestraat, zijn we nu op reis naar de andere kant van de wereld. Het lijkt er op dat ons leven een nieuwe wending neemt maar we hebben geen idee waarheen maar dat maakt niet uit want we hebben er vertrouwen in dat het goed komt. Ik heb al vroeg geleerd dat dit de ware geest is om op avontuur te gaan. Met twijfelen of zekerheden kom je nergens.

Misschien nog even vertellen wat dit allemaal kost, want voor niks gaat de zon op. Ik betaal voor de oversteek en weer terug het symbolische bedrag van tien gulden per dag, een tegemoetkoming van de KNSM voor studenten die zich nuttig willen maken in de Derde Wereld. Aangezien wordt aangenomen dat de heen en terugreis samen dertig dagen duurt komt dat neer op 300 gulden. Dora daarentegen betaalt het volle pond ofwel honderd gulden per dag. Dat is zogezegd haar hele bruidsschat. Gelukkig hebben haar ouders geen moeite met de besteding van het geld aan deze reis. Misschien zien zij het als een soort huwelijksreis, wij zien het als een investering in ons beider toekomst.

We installeren ons in een hut met breed uitzicht over het voordek. Rechts naast ons bed is een patrijspoort waardoor we de donkerblauwe zee zien met daarboven een lichtblauwe lucht. De horizon deint samen met het schip zachtjes op en neer. Het schip is zo lang dat we de boeg van het schip niet goed zien. Direct voor ons zien we de rand van een laadruim met daarnaast laadbomen. Naast onze hut is een ruime rooksalon met tafeltjes en stoelen en een zithoek waar je je met een boek kunt installeren of naar muziek luisteren. In een wandmeubel staat een muziekinstallatie plus glazen.

Naast de rooksalon ligt de eetsalon met plaats voor twaalf personen, het maximaal aantal passagiers. Bij deze oversteek zijn we maar met vier passagiers, een ouder Belgisch echtpaar die met hun hele hebben en houden op weg zijn naar Venezuela waar hun zoon woont en wij. ’s Avonds en ’s middags eten we vaak in gezelschap van een van de hoofdofficieren, de eerste bootsman, de eerste stuurman en de kapitein. 

Eigenlijk is zo een boot een fabriek op zichzelf tot aan de energie voorziening toe. Het is vierentwintig uur in bedrijf. De keuken moet elke dag voor ongeveer 35 mensen, passagiers en bemanning, eten klaar maken; Er wordt elke dag vers brood gebakken. Het is een en al levendigheid vooral bij aankomst en vertrek in en uit de haven is het een drukte van jewelste met loodsen en douanecontrole en alles wat daarbij hoort. 

(wordt vervolgd)

dinsdag 26 maart 2019

DE EENZAAMHEID VAN DE ONGELOVIGE 83

Het is goed mogelijk dat mijn milde verslaving aan de avonturen van verslaggever Kuifje van invloed is geweest op mijn besluit om een cursus journalistiek te gaan doen.

Veertien dagen lang ben ik met Krulkop samen onder de Italiaanse zon. ’s Avonds genieten we, gezeten op een grote steen aan de rand van het zacht kabbelende meer, van het maanlicht op het water en de sterrenhemel die als een beschermende koepel boven ons hangt. Heel even staat de wereld stil in al zijn volmaaktheid. We hebben er alle vertrouwen in dat de wereld zijn belofte zal nakomen dat het leven de moeite waard is.

Na de zomervakantie begin ik aan mijn tweede jaar bij Philips. Ik mag dan onder de pannen zijn met een vast maandsalaris, de huur van een degelijke zit-slaapkamer en een gratis Philips cursus, toch blijf ik twijfelen over mijn baan bij Philips. Er moet toch meer zijn tussen hemel en aarde dan de productie en verkoop van radio’s en televisies, hoe belangrijk die ook zijn voor de mensheid?

Op mijn zoektocht naar zinvol werk en leven ontdek ik een zaterdagcursus journalistiek aan de Katholieke Universiteit van Nijmegen. Dat zou wel eens iets voor mij kunnen zijn. Sinds ik goed kan lezen en schrijven heb ik iets met journalistiek. Waarom weet ik niet. In mijn familie komt het vak in ieder geval niet voor, niet aan mijn moeders kant en ook niet aan die van mijn vader. Misschien komt het door de avonturen van Kuifje of ben ik een geboren verteller.

Op mijn achtste verjaardag kreeg ik van thuis een doos met rubberen lettertjes en cijfers. Met de bijgeleverde pincet zette ik letters in regels. Vervolgens drukte ik met hulp van een stempelkussen de gezette regels af op een blaadje uit een schoolschrift. Mijn eerste krantje was klaar. Bij gebrek aan lezers liet ik het krantje uit het raam van mijn slaapkamer naar beneden dwarrelen over de hoofden van voorbijgangers.

Op de middelbare school wilde ik schrijven voor de schoolkrant, vooral als ik groot onrecht in de klas of elders op school had meegemaakt. Maar ondanks mijn scherpe pen vol ironie en humor, bleef het bij plaatsing van een enkel artikel. Er was geen vraag naar de vruchten van mijn pen. Mijn middelbare journalistieke carrière liep zo dood als een pier.

Met de Nijmeegse cursus hoopte ik de draad weer op te pakken. Wie weet zou ik alsnog aan een journalistieke carrière kunnen beginnen, maar dan een echte, een in de grote mensen wereld. Wonder boven wonder vond mijn vader het een goed plan en was bereid om mee te betalen aan de kosten die dankzij de lage collegegelden gelukkig niet hoog waren. Blijkbaar had ook hij zijn twijfels of Philips wel mijn eindbestemming was. Zodoende breng ik voortaan elke zaterdag door in een collegezaal gelegen in de nok van een voormalige villa aan de Schaeck Mathonsingel te Nijmegen, op loopafstand van het station, wat weer goed bekeken was door de organisatoren. 


(verschijnt elke dinsdag)

maandag 1 oktober 2012

AANBIEDING VAN DE MAAND

Petrus, 'raket naar de maan', acryl op paneel, 2008

Wie heeft er niet gedroomd om net als Kuifje spannende reizen te maken, goed van kwaad te scheiden en over dat alles ook nog eens reportages in kranten te schrijven? Een reis naar de maan hoorde daar ook bij. Wist ik veel dat zo'n reis jaren later in het echt zou plaats vinden, toen was het verbeelding. De werkelijkheid haalt onze verbeelding in. Of dat ook zal gebeuren met onze verbeelding van Star Wars enz. valt nog te bezien.
Ik denk dat uiteindelijk zal blijken dat onze verbeeldingskracht verder zal reiken dan de werkelijkheid. 
 
Maar het verhaal van de raket naar de maan gaat over nog meer. Zo blijkt een ingenieur met snode plannen zich te willen opofferen voor de andere reizigers om zo zijn schuld vanwege zijn boze plannen te vereffenen. Er gebueren ook toevallige dingen die de reis verder helpen en nog veel meer.
 
Met een schilderij als "Raket naar de maan" aan de muur, heb je daarom niet alleen een herinnering aan je jeugdvriend Kuifje aan de muur hangen maar ook een herinnering aan je jeugdidealen en waar ze zijn gebleven, waar de grenzen van je verbeelding liggen en nog veel meer.  

Via mijn email adres kun je op dit schilderij de hele maand oktober een bod doen. Ik verwacht een minimumprijs van 150 Euro. 

zaterdag 15 oktober 2011

ZONDER TITEL II (poëzie van de lijn)



 Joan Miro, Nocturno (1940)

Ik wil het nog even over lijnen hebben. Tijdens mijn bezoeken aan tentoonstellingen van werk van de Catalaanse schilder Joan Miro viel me pas goed op hoe belangrijk lijnen in een schilderwerk kunnen zijn. Miro zijn werk bestaat eigenlijk meer uit lijnen dan iets anders. Kijk maar eens naar zijn werk hierboven.

 Joan Miro, Azul II, 1961(dit schilderij vormt met Azul I en III een triptiek)


Dat Miro zich bewust is van lijnen, punten en vlekken blijkt uit het schilderij hierboven. Wiskundig gezien hebben punten trouwens geen oppervlakte, zo heb ik geleerd. Daar trekt Miro zich niks van aan. Met het hierboven staande schilderij lijkt hij een statement te willen maken over punt en lijn, zeker als je de titel van het werk er bij in aanmerking neemt. Maar een ingehouden statement. De lijn is niet strak maar onzeker, de vlekken zwerven in de blauwe ruimte/hemel op zoek naar hun plaats. Een fascinerend schilderij waar je naar kunt blijven kijken.

 Rembrandt van Rijn, Olifant omstreeks 1637


Over het algemeen zijn de lijnen van Miro meer zoekend en soms zelfs aarzelend dan trefzeker. Je treft dergelijke meer zoekende dan trefzekere lijnen aan in bijvoorbeeld het werk van Rembrandt maar ook Appel en Lucebert. Bij Lucebert zie je vaak ook nog inktvlekken. Alsof hij niet kan tekenen zonder vlekken te maken. Toen ik op school leerde schrijven met pen en inkt was een van de eerste dingen die we te horen kregen vooral geen vlekken te maken. Het lijkt erop dat Lucebert met zijn vlekken wil laten zien dat hij lak had aan dergelijke schoolse voorschriften. Bij Herman Brood zien we hetzelfde: onzekere lijnen, onzeker handschrift, vlekken. Brood wist dat het leven kwetsbaar en rommelig is vandaar wellicht zijn dagelijkse cocktails van alcohol en drugs. Leven met onzekerheden kunnen immers maar weinig mensen.

 Keith Haring, Andy Mouse IV, 1986. Stripfiguren inspireren tegenwoordig menig kunstenaar.

Trefzekere lijnen tref je vooral aan in stripboeken zoals bij Hergé (Kuifje)  en tekeningen van de Disney Studio’s. Ik hou van striptekeningen en het stripverhaal maar striptekeningen zijn en blijven plaatjes. Dat vindt ik ook van het werk van bijvoorbeeld Keith Haring. Op het eerste gezicht verrassend. Ondanks de heftige kleuren slaat na verloop van tijd toch een zekere verveling toe.  Trefzekere lijnen staan nu eenmaal niet onder spanning zoals een leven zonder zekerheden ook niet meer spannend is. Integendeel, een leven vol zekerheden is er een van verveling en saaiheid. Geef mij daarom maar de onzekere lijn en de vlekken. Die benaderen veel meer het alledaagse leven met zijn onzekerheden en dwaasheden en dat blijft net als het leven zelf boeien.