dinsdag 14 juli 2026

AFSCHEID VAN JAN


Alfheim door de ogen van Jan gezien en geschilderd.


We hebben onlangs op een woensdag afscheid genomen van vriend Jan. Hij lag in een eenvoudige houten kist die midden tussen ons in stond. We stonden en zaten er omheen aan ronde tafels en vertelden elkaar wie Jan was, hoe lang we hem kenden en hoezeer we hem zouden missen. Het ophalen van herinneringen aan Jan was begonnen.


Wij hebben veel herinneringen aan Jan, al vanaf onze studententijd in de jaren zeventig. We kenden elkaar dus ongeveer 60 jaar, zeg gerust bijna een mensenleven lang. Hij was een van onze beste vrienden. Er gingen jaren voorbij dat we elkaar niet zagen. Dat lag meer aan ons dan aan hem. Wij woonden ver weg, te ver om regelmatig te bezoeken.


Gelukkig konden we elkaar schrijven. Niks bijzonders, over het leven van alle dag en wat Jan betreft was dat over zijn werk werk als leraar, wat hem steeds minder begon te bevallen vanwege al het gedoe uit Den Haag, en zijn  niet aflatende werk aan zijn huis.


Dat was zijn echte werk want hoewel Jan veel tijd en energie in zijn werk op scholen stak, was hij op de eerste plaats een kunstenaar, een kunstenaar in de breedste zin van het woord. Dat wil zeggen een levenskunstenaar met een artistieke ziel.


Dat Jan een artistieke ziel had, wist hij al jong. Hij wilde na de middelbare school naar de kunstacademie. Maar dat was in die jaren geen optie. Met kunst kun je nog geen droog brood verdienen (en hoe waar is dat!) en dus werd hij bioloog vanwege zijn andere liefde, de natuur. 


De laatste jaren van zijn leven zou hij toch nog gaan schilderen met als thema's zijn eeuwige liefde, zijn vrouw Mar, zijn jeugd en zijn Alfheim, het door hemzelf gebouwde kunstwerk tevens woning.


Als bioloog zocht hij naar de mogelijkheid om in gemeenschap met de natuur te leven, samen met zijn gezin. Daarvoor had hij meer land nodig dan hij in Maastricht, zijn geboorteplaats kon kopen. Zodoende kwam hij terecht in Friesland op een voor Nederlandse begrippen afgelegen plek in een landarbeiderswoning.


Uiteindelijk bleek het niet mogelijk om met zijn gezin zijn project door te zetten. Geen punt, hij maakte van zijn huis en zijn land een nieuw project, een kunstproject wel te verstaan. Onderwijl verdienden hij en zijn Marjo, een bij elkaar passend stel zoals sterren en hemel, de kost met werken op scholen.


Wij, zijn vrienden, zagen de kleine bijna armzalige landarbeiderswoning langzaam veranderen in een klein kasteel. Het begon met de aanbouw van een heuse toren, een korte stoere toren. Tegelijk werden keuken en badkamer vernieuwd. Zo verenigde hij het praktische met het artistieke.


Daarna bouwde hij aan de zijkant van het huis een gesloten kloostergang met als vloer kloostermoppen en ramen van een gesloopt klooster. Daarin kwam een salon met gemakkelijke stoelen te staan, enorme boekenkasten en een TV. Jan las veel, hij was nieuwsgierig naar van alles en nog wat. 


Bijna alles in en aan het huis werd door hemzelf gemaakt van sloopmaterialen die hij links en rechts opduikelde op zijn zwerftochten door Friesland. Na de kloostergang volgde de slaapkamer die in een soort Venetiaanse stijl werd gebouwd en vervolgens in de verf gezet en ingericht. Daarna volgde de grote woonkamer in het midden van het huis in een negentiende eeuwse stijl gecombineerd met pilaren en een schouw.


Het huis werd een weerspiegeling van zijn melancholische, romantische ziel uit vroegere tijden met als accent de vergankelijkheid van mens en natuur. Jan leefde vanuit het mystieke besef dat we niet veel meer zijn dan een stofje in het heelal. De hoogmoed van het weten en beheersen was hem vreemd. Hij was een bescheiden maar vrij mens.


Hij aanvaarde zijn lot zoals het op hem afkwam en dat was niet altijd gemakkelijk. Toen hij vijf jaar was kreeg hij kinderverlamming, in zijn tienertijd een levensbedreigende buikvliesontsteking en later voortdurend heftige aanvallen van migraine waardoor hij soms dagen in het donker op bed moest blijven liggen. Toch klaagde Jan nooit want pijn hoort bij het leven, zo vond hij.


Intussen was hij de natuur niet vergeten. Integendeel, hij plantte een heel bos. Het werd een romantisch bos waarin men zich even alleen kan wanen. Waar je even aan een kleine natuurlijke vijver kunt uitrusten en genieten van de vogels en de rijkdom aan bomen. Jan kende elke boom van naam en wist uit te leggen waarom hij die daar geplant had.


Zo veranderde de landarbeiderswoning in een klein kunstzinnig lustoord uit een romantisch verleden omringd door tuinen en een groot bos met verrassende plekken en uitzichten. Jan schiep zich samen met zijn Marjo een eigen wereld waarin hij zich thuis voelde totdat hij afscheid moest nemen.


Zijn geheugen begon hem in de steek te laten. Niet veel later volgde de diagnose alzheimer. Langzaam maar zeker ontglipte hem de wereld, zijn vrouw, zijn kinderen, zijn familie en vrienden. Hij aanvaarde ook dat lot en nam afscheid van het leven met dezelfde vrijheid en moed waarmee hij geleefd had. Jan is niet meer op deze wereld maar nog wel in onze harten. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten