Posts tonen met het label hartog. Alle posts tonen
Posts tonen met het label hartog. Alle posts tonen

dinsdag 24 september 2024

18. HOE ZIT DAT IN OSS. WILDE STAKING 1960

Stakers voor de poorten van de exportslachterijen Hartog en Zwanenberg aan de Molenweg 1960. (Foto: Daan Scholte, stadsarchief Oss)

De staking onder leiding van de Arbeidersmacht van de SP in 1973 bij Bergoss is niet de eerste staking van na de Tweede Wereldoorlog in Oss. In 1960 breekt een wilde staking uit onder de arbeiders van de exportslachterijen Hartog en Zwanenberg. De katholieke vakbond Sint Joris, waarbij de meerderheid van de arbeiders zijn aangesloten, wordt volledig verrast door die staking.


Dat is niet zo verwonderlijk als je weet dat de vakbonden in Nederland meedoen aan de naoorlogse “geleide loonpolitiek” die door de overheid in ingevoerd om de naoorlogse wederopbouw van Nederland zo soepel mogelijk te doen verlopen.


“De geleide loonpolitiek betekende dat de overheid zich bemoeit met de loonvorming. In het kader van de wederopbouw van na de Tweede Wereldoorlog werd de doelstelling om Nederland op internationaal niveau een goede concurrentiepositie te verschaffen centraal gesteld. Daarnaast stelde de staat zich ten doel om werkloosheid zoveel mogelijk uit te bannen. De beide doelstellingen veronderstelden een permanente loonmatiging. Loonsverhogingen werden door de overheid alleen toegestaan als zij door een productiviteitsverhoging konden worden gerechtvaardigd.

Ook de prijspolitiek werd door de overheid bepaald. Zo hield de regering controle over de nationale economie. Alle krachten stonden in dienst van de wederopbouw. Stakingen kwamen zelden voor; in de meeste Europese landen was dat anders, daarom werd er wel gesproken van het “Hollands mirakel”. In het begin van de jaren zestig werd duidelijk dat dit beleid had geleid tot een 'zwart' circuit. Werkgevers betaalden aan hun werknemers naast een 'wit', ook een 'zwart' loon en financierden dat uit 'zwarte' omzetten. Zo onttrok een fors deel van de sterk groeiende economie zich belastingen.  De geleide loonpolitiek werd daarom begin jaren 1960 afgeschaft en ingeruild voor de 'vrije loonpolitiek’. (Wikipedia: geleide loonpolitiek)  

Door de wilde staking komt in Oss een einde aan de arbeidsrust en de geleide loonpolitiek. De stakers eisen een verhoging van hun tarieven, in de praktijk een loonsverhoging. Er volgen verwarde dagen. Wie gaat dit conflict oplossen nu de vakbonden er niet bij zijn betrokken? Wie onderhandelt met de werkgevers? 

De voedingsbond Sint Joris slaagt erin een massavergadering van stakers te beleggen in de bioscoopzaal van de Cinema in Oss. Die verloopt echter zo tumultueus dat de vakbondsbestuurders die avond onverrichterzake moeten vertrekken. 

Uiteindelijk slaagt de vakbond erin de stakers achter een looneis te krijgen en aldus te onderhandelen over een akkoord met de werkgevers. Het akkoord betekent praktisch het einde van de geleide loonpolitiek. 


dinsdag 31 juli 2018

DE EENZAAMHEID VAN DE ONGELOVIGE 50


Zebra, Etosha, Namibia 2005, Met de hand bijgewerkte foto op houten paneel.

De paters Karmelieten van het Titus Brandsma Lyceum waar ik mij school in moderne talen, wiskunde, natuur en scheikunde, geschiedenis en aardrijkskunde, boekhouden, sporten, tekenen en schilderen waken meer over mijn zedelijk gedrag dan mijn ouders. Een van de paters die godsdienstles geeft en bij het arbeiderspastoraat werkt, spreekt mijn vader aan op zijn vakbondskantoortje. Bezorgd vraagt hij of hij ervan op de hoogte is dat zijn oudste zoon met een meisje door bos en hei wandelt en in het centrum van de dorp-stad met haar paradeert?

Geen probleem, hij weet ervan. Gelukkig, anders zou er misschien heibel van zijn gekomen. Tussen de soep en de aardappels door zegt hij aan tafel dat hij er  geen probleem mee heeft zo lang ik maar goeie punten haal. Bovendien heeft hij zelf wel andere dingen aan zijn hoofd dan mijn doen en laten in mijn liefdesleven te volgen. Als vakbondsman heeft hij het altijd druk. Hij had al een 24 uurs rooster toen het nog moest worden uitgevonden. Er zijn doorlopend problemen. Het loon wordt niet volgens de CAO uitbetaald, het vakantiegeld is te weinig, de ontslagprocedure onrechtmatig, de ploegbaas stelt onmogelijke eisen, geen werkkleding, onvoldoende pauzes enz. enz.  Daar komt nog bij het moeizame onderhandelen met de bazen van de fabrieken, waaronder de grote slachterijen Hartog en Zwanenberg.

Dat de paters de woon en verblijfplaats van mijn danspartner kennen, evenals het eerzame beroep van haar vader, verbaast me. Dat ze tijd hebben om dat uit te zoeken! Haar ouders worden niet ingelicht. Zij zit immers niet bij de paters op school en dus zullen ze zich voor haar ook niet verantwoordelijk voelen. Gelukkig voor de paters zijn er niet al teveel leerlingen die met meisjes rondwandelen want dan zou een enkele pater er een voltijdse dagtaak aan hebben om al die bedreigde zeden te onderzoeken.

Mij hebben ze ook niet over de affaire aangesproken. Met de ouders te waarschuwen vinden de paters waarschijnlijk dat ze genoeg gedaan hebben voor het zedelijk heil van hun leerling. Ik vertel het verhaal nog wel aan mijn tekenleraar de V.  Hij mag me geloof ik wel. Ik ben de enige van de klas die hij met de hoogst persoonlijke bijnaam Zebra aanspreekt. Dat schept een speciale band. Zijn commentaar op de affaire is kort en krachtig. In zijn jeugd mocht je nog niet eens met je grootmoeder door de stad lopen. Tijden zijn verandert, de paters nog niet.

 
(verschijnt elke dinsdag)

woensdag 11 juli 2018

HET GOUDEN VARKEN


 Isaac van Ostade (omgeving), Geslacht Varken op een ladder, olieverf op canvas,
ongeveer 1640
In de Gouden Eeuw van de Nederlandse schilderkunst was een geslacht varken
of rund (Rembrandt) een veelvuldig voorkomend thema in de schilderkunst.

Dit schilderij heeft de Osse ereburger Saal van Zwanenberg in 1969 aan de gemeente Oss.
Hij is het zelf komen afleveren. Het had altijd op zijn werkkamer gehangen en hij vond dat 
het in Oss moest blijven. 
De gemeenteraad op zijn beurt vond dat Saal van Zwanenberg een belangrijke invloed
heeft gehad op de ontwikkeling van welvaart en welzijn van Oss.
Uit de schenking blijkt dat hij Oss een warm hart toedraagt.

Saal van Zwanenberg is blijkbaar nog van de generatie ondernemers die zich verbonden voelen met een stad. Dat kan van veel moderne ondernemers niet meer gezegd worden.
Hun loyaliteit ligt eerder bij de beurs en de aandeelhouders dan bij de werknemers
en de stad waar ze gevestigd zijn.

De stad Oss doet er goed aan het varken in ere te houden. Zonder varken zou Oss een stuk minder welvarend zijn geweest. Half Oss werkte ooit in de vleesindustrie waaronder de fabrieken van Zwanenberg en Hartog. De geschiedenis van deze twee fabrieken gaat terug tot 1875. De bacon productie voor de export begon in 1889. Dankzij een koelmachine kon er voortaan het hele jaar door geslacht worden.

Kees de Kort, Varkenseter, acryl op doek, 1988
De varkeneter wordt door de schilder afgebeeld als een soort van kanibaal.
Na het dier in stukken gesneden te hebben, eet hij het zo goed als rauw op.
Het zal me niet verbazen als de schilder tegen het eten van vlees is.

Er kwam een margarinefabriek bij, een raffinaderij voor dierlijke oliën en vetten en fabrieken voor ijs, zeep en conserven. De margarine fabriek werd in 1929 overgenomen door Unilever. De wens om bijproducten nuttig te gebruiken leidde tot wetenschappelijk onderzoek naar insulineproductie waaruit in 1923 het dochterbedrijf Organon ontstond. In 1920 werd Saal Zwanenberg algemeen directeur van de firma Zwanenberg Slachterijen en Fabrieken. (Zie Wikipedia: Zwanenberg)


Naoorlogse groepsfoto van werknemers bij Zwanenberg.
Al deze mensen en hun gezinnen verdienden hun kost bij Zwanenberg.
Mijn vader zit er ook tussen.

Over hoeveel mensen bij Zwanenberg en andere vleesfabrieken in Oss hun brood verdienden,
heb ik niet kunnen vinden.

Mijn halve familie werkte na de Tweede Wereldoorlog in de varkensslachterijen van Zwanenberg. Mijn vader is daar zijn werkend leven begonnen, maar ook mijn grootvader werkte daar en enkele ooms. Er werkten toen duizenden mensen in de vleesfabrieken. Ik heb er zelf ook ooit gewerkt als scholier in de zomervakantie. Eerst moest ik de oren van de pas geslachte varkens afsnijden. Daarna moest ik meten of de zuurtegraad van de achterhammen niet te hoog was om er ham van te maken. Ik heb ook nog een tijdje in de kelders beneden gewerkt bij het zouten van de bacon bestemd voor de export naar Engeland.


Kees de Kort, Zonder Titel, olieverf en acrylverf op doek, 1987.
Ik zou dit doek de titel geven "Het varken als slachtoffer" want zo ligt het op er bij.
Het blauwe kruis versterkt het slachtofferschap.
Het is een slachtoffer zonder gezicht.

In de zomer verdienden we thuis dankzij Zwanenberg bij met het schoonmaken van sperzieboontjes voor de conservenfabriek van Zwanenberg. In de de schuur hielden we stuk of zeven varkens die gevoerd werden met etensresten en varkensvoer. Eenmaal op gewicht werden ze verkocht aan Zwanenberg wat een welkome aanvulling was op het weekloon van mijn vader.


Daan de Boer, 'Bacon & Eggs' (2012)

Ik kon toen niet vermoeden dat een kunstenaar ter gelegenheid van de tentoonstelling “We are food - over de kunst van voedsel”  in het Jan Cunen Museum op het idee zou komen om in het trappenhuis van boven naar beneden lappen namaak spek met een gebakken ei op te hangen. Het Museum noemt het “een kathedraal van ham en spek”. In die kathedraal wordt een erdedienst gehouden voor eten en dan vooral het varken.

Guido Geelen, 'Gouden Varken' (2000)

Aangezien het varken voor Oss goud heeft opgeleverd, is het niet meer dan billijk dat er beneden in de kathedraal een gouden varken staat. Van mij had dat varken wel een zwaargewicht van goud mogen zijn in plaats van  eentje met gaten. Maar het idee dat het varken goud is geweest voor Oss komt in ieder geval wel over.

De tentoonstelling "We are food - Over de kunst van Voedsel" in het Jan Cunen Museum te Oss duurt nog tot 16 september.

dinsdag 17 oktober 2017

DE EENZAAMHEID VAN DE ONGELOVIGE 10

Groepsfoto uit de familie album. Helaas kan ik niet achterhalen bij welke gelegenheid
de foto gemaakt is maar ik vermoed dat het om een of andere katholieke bijeenkomst gaat

voor vakbondsmensen.
Een soort bijscholingscursus avant la lettre. Te zien aan het gebouw

op de achtergrond en het aantal aanwezig priesters en een broeder,
vond de bijeenkomst waarschijnlijk plaats in een klooster of seminarie.

Werk en leven, leer en leven vallen bij mijn vader samen. Zijn werk is de vakbond, zijn leer de katholieke sociale leer. De uitgangspunten van die leer staan in de pauselijke encycliek Rerum Novarum van 1891: een rechtvaardig loon, het recht op eigendom en solidariteit met de zwakkeren. Vakbonden zijn een middel om deze doelen na te streven.

Ze zijn hem op het lijf geschreven. Hij heeft ervaring hoe belangrijk werk en een rechtvaardig loon zijn voor een gezin. Zonder werk geen loon, zonder loon geen brood op de plank thuis. Bij Zwanenberg heeft hij geleerd hoe het in de praktijk werkt. Hij kent zijn mensen, het werk en de werkgever. Met werkgevers overleggen betekent altijd schipperen tussen wat de een en wat de ander rechtvaardig vindt.

Maar er is meer. In Oss weet men wat het betekent als een werkgever er zo maar de brui aan geeft, zijn fabriek sluit en zijn mensen zonder pardon achterlaat. Aan het einde van de negentiende eeuw vertrok van den Bergh met zijn margarine fabriek, nota bene een van de eerste in Nederland, vanwege een conflict over een kanaal van de Maas naar Oss. Dat zou schelen in de transportkosten naar Engeland. Van den Bergh ging naar Rotterdam.  

“Dit leidde tot werkloosheid. De werkende klasse was laag opgeleid en had nog weinig ervaring met een industriële werkkring. De vakbeweging was nauwelijks ontwikkeld. Zelfstandige ambachtslieden, zoals kuipers, hadden hun betrekkelijke vrijheid moeten inleveren voor een baan bij een werkgever. De arbeidsomstandigheden daar waren vaak bedroevend. De spanningen liepen op en ontlaadden zich in bedreigingen, mishandelingen, brandstichtingen en dergelijke. In 1892 werden zelfs twee mensen vermoord en ook in 1893 volgde een moord op wachtmeester Hoekman, die de daders van de diverse misdrijven probeerde op te sporen en daarbij ook wel oneigenlijke methoden zoals het bewerkstelligen van broodroof." (Wikipedia over Oss)


Het gevolg voor Oss was een sociale ontwrichting die zijn weerga niet kent in Nederland. Zo een ervaring maakt de mensen en dus ook mijn vader voorzichtig. Het kan zo maar gedaan zijn met werk en inkomen met als gevolg diepe armoede want sociale voorzieningen bestaan nog niet. Je moet vechten voor een rechtvaardig loon maar het conflict niet op de spits drijven. De kunst is om met een rechte rug te onderhandelen en tegelijk oog te hebben voor het behoud van werk en inkomen. En het kanaal? Ja, dat is er in 1963 gekomen, 70 jaar later.


(verschijnt elke dinsdag)