vrijdag 2 januari 2026

69. MEXICAANSE VERTELLINGEN. MISKRAAM

 

Frida Kahlo,(1932): Een zeldzame lithografie (een van de eerste en de enige die lukte), gemaakt kort na de miskraam. Het is verdeeld in een lichte en een donkere helft, waarmee het verlies van haar kind wordt gecontrasteerd met de 'geboorte' van haar artistieke identiteit. (Banco de Mexico, Diego Rivera Frida Kahlo Museum, Mexico D.F.


David besluit om naar don Ramon te gaan alvorens op zoek te gaan naar Diego in Huasca. Frida gaat niet mee. Ze blijft bij doña Maria om een praatje met haar te maken. Ze wil meer weten over haar leven na de verhalen die ze van Diego kent.


Doña Maria vraagt of ze een kop koffie lust. Dat slaat Frida niet af. Ze gaat met haar rug tegen de muur aan de keukentafel zitten en volgt de bezigheden van doña Maria. Het is voor het eerst van haar leven dat ze een vrouw in zo een keuken aan het werk ziet. Zelf houdt ze niet van koken. Als het even kan laat ze het over aan het dienstmeisje.


Ze vraagt aan doña Maria of zij van koken houdt. Die haalt haar schouders op en zegt dan dat het geen kwestie van houden van is. Er wordt van haar verwacht dat ze eten kookt, het huis op orde houdt, voor de dieren zorgt en duizend en een andere kleine en grote dingen doet en dus doet ze dat ook. Het is haar plicht als vrouw en, zo voegt ze er aan toe, het is haar manier om haar liefde voor man en kinderen te tonen.


Sinds de kinderen het huis uit zijn, is het allemaal minder vermoeiend al valt er natuurlijk altijd wat te doen in en rond het huis. Gelukkig is ze nog goed ter been. Het leven is op dat punt tot nu toe goed voor haar geweest. 


Haar enige verdriet is wat Rosa is overkomen. Ze neemt het zichzelf nog altijd kwalijk dat ze niet aan heeft zien komen dat haar dochter zo verliefd was dat ze wel eens het huis uit kon vluchten, een huis waar ze altijd een veilig leven vol warmte had.


Ze had nog zo gehoopt dat moeder Maria en haar Zoon Jezus meer medeleven zou hebben gehad met het lot van Rosa en haar kind. Gelukkig hebben zij het kind van Rosa op kunnen vangen maar ze vreest dat het met Rosa nooit meer goed zal komen. De wond van de mislukte liefde is te groot om nog genezen te kunnen worden. 


Rosa ziet haar kind niet staan, het herinnert haar teveel aan de pijn in plaats van het geluk van de liefde. Ze hebben er met de pastoor van Huasca over gesproken maar die kon niks voor Rosa doen. Hij heeft te weinig ervaring met dit soort zaken, zo zei hij. Bovendien wil Rosa niet naar hem luisteren.


Diego is altijd hun steun en toeverlaat geweest in het hele drama, als het zo uitkwam samen met Julia. Maar als Diego er niet is en dat is vaak zo, dan staan ze er alleen voor. De andere kinderen willen ze niet belasten, die hebben recht op hun eigen levensgeluk en dat vinden is al moeilijk genoeg.


Terwijl ze de hete koffie direct uit de kan voor Frida en haarzelf inschenkt, kijkt ze Frida aan en vraagt of ze kinderen wil. Frida knikt zo heftig dat doña Maria haar vragend aankijkt waarna Frida besluit om geen geheimen te hebben voor haar, waarom zou ze en misschien kon doña Maria hier nog goede raad geven.


Ze vertelt dat ze van jongs af een kind wil. Een kind zou haar leven niet alleen vullen maar ze vindt ook dat het een bevestiging van de liefde is tussen man en vrouw en het haar tot vrouw maakt. Wat Rosa is overkomen is vreselijk en ze kan zich goed voorstellen dat dit een zo diep trauma is geworden dat het nooit meer goed kan komen.


Zijzelf is bang dat ze nooit kinderen zal kunnen krijgen. Haar enige zwangerschap is geëindigd in een miskraam, weliswaar een niet zo diep en ingrijpend trauma als dat van Rosa maar diep genoeg om haar soms het gevoel te geven dat haar leven zinloos is. 


Het verloren kind is een gemis geworden waarvan ze niet weet of dat nog goed kan komen. De artsen in het ziekenhuis zijn er niet gerust op. Ze denken dat vanwege het ongeluk, haar lichaam haar weinig kans zal geven een kind te krijgen.


Dona Maria had met toewijding geluisterd. Ze had niet meer van haar koffie gedronken, bang dat ze Frida’s verhaal zou verstoren. Ze kijkt naar Frida en ziet het diepe verdriet dat vanuit haar ziel opstijgt naar haar donkere doordringende ogen. Ze knikt naar Frida, een bemoedigend knikje. Ze beseft dat de last die Frida draagt niet met een enkel troostend woord kan worden opgevangen. Ze zwijgt en blijft roerloos zitten.

1 opmerking: