donderdag 11 juni 2026

HET SCHAAMTELOZE VLEES BIJ LUCIEN FREUD

 

Lucien Freud, David en Eli 2003-2004, olieverf op doek, Tate.

Zijn grootvader, de wereldberoemde psychoanalist Sigmund Freud zocht naar verklaringen voor het gedrag van de mens in de verste uithoeken van het bewustzijn.


Op de schilderijen van zijn kleinzoon Lucien Freud op de tentoonstelling London Calling in het Kunstmuseum Den Haag zie ik het tegendeel. Hier is een schilder aan het werk die met zijn verf de mens definieert als vooral of misschien wel niet meer dan zijn eigen vlees en bloed.


Wat geldt voor de mens, geldt ook voor het dier en de materiële wereld. Er is niks anders dan de materie en die materie geeft ons weinig troost. Nu ja, een hond die trouw naast je op bed ligt geeft nog enige troost maar de plant en het tafeltje naast hem is troosteloos.


Lucien Freud, Standing bij the Rags, 1988-89, Tate

Als bovenstaand schilderij iets duidelijk maakt, is het wel dat ordening een hopeloze zaak is. De vleselijke mens leeft voornamelijk in chaos en ook daar kan hij weinig aan doen. Freud drukt ons met zijn schilderijen met de neus op de feiten. We zijn vleselijk en dus tijdelijk aanwezig op een chaotische wereld en dat is het dan. Vrolijk word je er niet van maar wie heeft beweerd dat het leven vrolijk is?


Lucien Freud, Naked Portrait, 1973-1974, Tate


Wat nog een troost zou kunnen zijn, weliswaar een kleine troost maar toch, is erotiek. De erotische beleving kan je even een gevoel van troost geven. Je deelt voor een moment de lust en de last van het leven en de wereld en een gedeelde last is een lichtere last.

In het naaktschilderij van de vrouw hierboven is ook die troost niet te vinden. Het is een anti-erotisch schilderij. Hier wordt de naaktheid van de vrouw niet gevierd zoals bij Titiaan, Velazquez, Picasso, Sluijter enz. Hier wordt de troosteloosheid van het bestaan gevierd samen met de troosteloosheid van het lot van de schilder, gezien het tafeltje met schildergerei op de voorgrond. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten