Posts tonen met het label ministerie van onderwijs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ministerie van onderwijs. Alle posts tonen

vrijdag 8 maart 2019

MAKE LOVE NOT WAR (WERKTITEL): 2. STUDENT

De aanstaande student als wereldverbeteraar

Nu ik een levensdoel heb, kan ik met de voorbereidingen beginnen. Ik kan niet zo maar in de wilde weg en op goed geluk naar een land ginder ver weg gaan om de boel te verbeteren. Ik zou niet weten waaraan te beginnen: armoede, ziektes, onderwijs, woningbouw teveel om op te noemen. Een schop voor de armen in Nieuw Guinea zoals de missionaris had bedacht is misschien wel een mooi begin maar geldt dat ook voor alle arme landen in de wereld?

Voordat ik zelf ergens aan begin, wil ik eerst te weten zien te komen hoe de vork in de steel zit. Misschien hebben arme mensen wel meer aan goed kunnen lezen of schrijven, of drinkwater, ziekenhuizen, betere woningen en nog een heleboel andere dingen meer dan aan kasgeld. Dat vereist enige studie vooraf. Ik denk dat een studie van en over mensen het beste daarvoor geschikt is. Ik besluit sociologie te gaan studeren aan de katholieke universiteit van Nijmegen. Het heet dat sociologie de studie van de toekomst is. Dat zal ook de reden zijn dat ik samen met ongeveer driehonderd eerstejaars studenten in de collegezalen zit.

Al ben ik op de leeftijd gekomen dat mijn katholieke geloof begint te wankelen,  ik heb geen moeite met de katholieke universiteit. Die behoort tot mijn wereld, het blijft de basis van mijn opvoeding ook al wordt er intussen veel om gelachen. Ik ken Nijmegen al een tijdje als een aangename overzichtelijke stad met een lange geschiedenis. De stad ligt niet ver van mijn geboortestad. Je bent er binnen het half uur met de trein en er vertrekt elk uur een trein en voorlopig totdat ik een studentenkamer heb gevonden, zal het wel met de trein reizen worden tussen thuis en Nijmegen

Vadertje staat zorgt goed voor zijn studenten. Aan de ene kant is er een ruime kinderbijslagregeling voor studerende kinderen zodat mijn vader als kostwinner voor het hele gezin, mijn reiskosten en later mijn studentenkamer zonder problemen kan betalen. Aan de andere kant krijg ik van het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen een renteloos voorschot waarmee ik in mijn eerste levensbehoeften kan voorzien. Geen rente over de hele studietijd en terugbetaling hoeft pas als ik mijn studie af heb en een baan. Ik mag er ook nog eens tien jaar over doen om af te betalen.

(verschijnt elke vrijdag)

vrijdag 29 juni 2012

HET LIEFDELOZE MINISTERIE VAN ONDERWIJS


Jan Steen, De dorpsschool (straffende meester), 1665, National Gallery of Ireland


Onlangs luchtte een vriendin haar hart over het kleuteronderwijs waar ze haar leven lang in werkt. Kort samengevat, ze was het beu. Natuurlijk had ze zich afgevraagd of dat niet haar eigen schuld is. Als je ouder wordt heb je minder fysieke reserves om de dag met een stel lawaaierige, eigenwijze en soms vechtende kinderen door te komen. Geestelijk ben je ook sneller vermoeid.

Toch vond ze dat haar inzet, belangstelling en betrokkenheid er niet minder op geworden is. Wat haar arbeidsvreugde vernietigt, is het gebrek aan steun door de leiding bij moeilijke beslissingen en de almaar groeiende administratieve rompslomp. Meer dan ooit wil het ministerie van Onderwijs controle hebben over alles: de exacte tijdsbesteding van de leerkrachten, de vorderingen van de kinderen en de resultaten. Om dat te weten wordt er permanent gemeten.

Dardoor is erg geen tijd meer voor liefde en zorg. Die doet er trouwens ook niet meer toe. Kinderen zijn volwassenen in de dop die klaar gemaakt moeten worden voor de maatschappij. Daar kun je niet vroeg genoeg mee beginnen. Om in de gaten te kunnen houden hoe het onderwijstraject van het kind verloopt, wordt de toestand van elk kind straks vanaf zijn derde jaar in een computer dossier vastgelegd. De staat als opvoeder en toezichthouder op alle kinderen totdat ze groot genoeg zijn om in de maatschappij de stappen en zich daar als werker nuttig te maken.

Jan Steen, De dorpsschool, 1662

Dat doet denken aan de roman “The brave new world” van Aldous Huxley en aan het waanzinnige experiment van een vader op zijn kind zoals beschreven in “Liefde en pedagogie” van de Spaanse filosoof en schrijver Miguel de Unamuno. In deze vroeg twintigste eeuwse (1902) ideeënroman werkt Unamuno aan de hand van zijn hoofdpersonage het idee uit dat met een wetenschappelijke aanpak van elk kind een genie kan worden gemaakt.

Een aanpak op wetenschappelijke basis dus zonder ruimte voor niet ter zake doende gevoelens en wetenschappelijk onbewijsbare zaken als bijvoorbeeld geloof en liefde. Met hulp van twee vrienden en het buitensluiten van de moederlijke liefde, slaagt hij daar min of meer in. Niettemin blijft de twijfel aan hem knagen of hij het wel echt goed doet want af en toe vervalt hij zelf ook in onwetenschappelijk gedrag zoals zijn liefde voor de moeder van zijn kind. Daar had hij geen rekening mee gehouden. Liefde is onwetenschappelijk ook al doet de wetenschap nog zo zijn best er een vinger achter te krijgen.

Het project loopt letterlijk dood met de zelfmoord van zijn zoon. Een tragisch lot veroorzaakt door een gebrek aan kennis van de menselijke ziel, niet die van zijn geliefde niet die van zijn rivaal.

Zouden onze wetenschappelijke ambtenaren op het ministerie van onderwijs beseffen dat ze bezig zijn de liefde in ons onderwijssysteem dood te drukken ja zelfs tot onwenselijk te maken? Ik vrees van niet. Het geloof in de wetenschap als weg naar de toekomst samen met de druk van politiek om efficiënt met geld en middelen om te gaan zijn daarvoor te groot. Mijn vriendin heeft haar conclusie getrokken. Ze houdt er mee op net als nog enkele andere vriendinnen.