Posts tonen met het label Daniël Ortega. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Daniël Ortega. Alle posts tonen

woensdag 15 augustus 2018

IK HEB GELIJK (MAAR DAAR HEBBEN DE NICARAGUANEN NIKS AAN) 2

Bezoek aan een kieslokaal tijdens de Nicaraguaanse verkiezingen in 1984.
 Foto: collega verkiezingswaarnemer Thom Kerstiëns

Bij Pax Christi verscheen het boek “De Contra’s en Europa, de Europese bijdrage aan Reagan’s anti-Sandinistische campagne”, onder redactie van Ted van Heesch (een Nijmeegse politicoloog) en Liduin Zumpolle (een voormalige Colombia deskundige). Het hoofdstuk Nederland begint met de cryptische verklaring  van er is geen bewijs maar je weet maar nooit: “Er zijn geen bewijzen voor directe contacten met, of steun aan de contra’s vanuit Nederland. Het is niet ondenkbaar dat er Nederlanders of Nederlandse organisaties zijn, die de contra’s financieel ondersteunen.” (blz. 99)

Collega verkiezingswaarnemer Thom Kerstiëns in gesprek met Aartsbisschop Obando y Bravo(1984)
foto: petrus nelissen

Vervolgens volgt een opsomming van verdachte rechtse Nederlandse clubs: het Oud Strijders Legioen, Evangelisch rechts en CLAT, een Nederlandse solidariteitsvereniging met de democratische Latijns Amerikaanse vakbeweging waarvan ik directeur was en Wouter van Dam voorzitter. Vooral de laatste club moet het flink ontgelden.

“CLAT-Nederland, waarvan Piet Nelissen directeur is, en (oud) CLAT voorzitter Wouter van Dam gelden in ons land als zeer invloedrijke lobbyisten tegen steun aan de Sandinistische regering. Van Dam bagatelliseerde na een bezoek aan Nicaragua in 1986 de ernst van de oorlog van de contra’s voor de economie van het land. Nelissen heeft een directe lijn naar de top van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, mede als gevolg van zijn optreden als waarnemer namens de Nederlandse regering bij de verklezingen in El Salvador (1983) en Nicaragua (1984). Nelissen heeft met zijn commentaren over Nicaragua gemakkelijk toegang tot de EO en hij publiceert regelmatig in het dagblad ‘Het parool’. CLAT bestookt regelmatig de Nederlandse medefinancierings- en Derde Wereldorganisaties met berichten over mensenrechtenschendingen door de Sandinisten (onwettelijke gevangenneming, ondeugdelijke processen) die bij nader onderzoek blijken te rammelen.” (blz.100-101)



In het midden Hare Majesteits Ambassadeur Jan Willem Bertens met residentie in
Costa Rica, verleende logistieke steun aan Thom Kerstiëns en mij bij
het uitoefenen van onze taak als verkiezingswaarnemers.(1984)

Maar wat ze niet schrijven is dat Wouter van Dam een politiek breed bijzonder gewaardeerd voorzitter van de Politieke Partij Radicalen PPR was geweest met een netwerk tot in alle progressieve en linkse uithoeken van de Nederlandse politiek. Wat ook niet wordt vermeld, is dat ik de Sandinisten tijdens mijn verblijf in Costa Rica actief steunde. Toen ik een tijdje na de overwinning  kanttekeningen plaatste bij hun politiek, heette het van Sandinistische zijde ineens dat ik “een bourgeois” was. Ze schrijven ook niet dat ik als actief lid van de PvdA gesteund werd door de meerderheid van de PvdA fractie toen toenmalig Minister van de Broek van Buitenlandse Zaken mij aanstelde als officieel verkiezingswaarnemer voor Nederland, de eerste verkiezingswaarnemer ooit in Nederland samen met CEBEMO (tegenwoordig Cordaid) directeur Tom Kerstiëns.


De Nederlandse journalisten René de Bok van Elsevier en Petre D'Hamacourt van het
Algemeen Dagblad op een verkiezingsmanifestatie van het Sandinistisch Frontin Matagalpa. (1984)
Zij hadden bij de VPRO journalist Emile Fallaux aangedrongen zich te excuseren voor zijn laatdunkendeuitlatingen over mij en mijn politieke opvattingen.

Nadat de Sandinisten in 1990 de verkiezingen dramatisch verloren, ik was er opnieuw bij namens de Nederlandse regering, stierf de Nederlandse solidariteit een langzame dood. Het Sandinistische socialisme bleek na Rusland, China en Cuba geen heilsstaat te hebben gebaard maar nieuwe onderdrukking, gewelddadige strijd, vervolging, machtscorruptie en leugens.

Als een ware leerling van Lenin en Castro gaf Daniel Ortega de strijd om de macht niet op en werd dankzij de door hem opgebouwde Sandinistische Partij in 2006 opnieuw gekozen tot president. Daarna heeft hij zich tegen de Grondwet in nog twee maal frauduleus laten kiezen. Zoals alle ordinaire machthebbers heeft hij zich na zijn frauduleuze verkiezing in 2016 met familie omringd en zijn vrouw tot vice-president genoemd. Zijn tegenstanders, waaronder intussen ook de Rooms Katholieke Kerk (wat overigens ook niet nieuw is, ook dat probeerden de Sandinisten al in de jaren tachtig van de vorige eeuw) beschouwt hij als terroristen. 


Vandaag kunnen we in de kranten lezen wat het presidentschap van Ortega voor Nicaragua betekent: meer dan 300 doden als gevolg van militair en politie geweld tegen vreedzame demonstranten, duizenden vluchtelingen en nog steeds een door en door arm Nicaragua. Ortega volgt zijn socialistische vriend president Maduro in Venezuela die alle oppositie met geweld monddood heeft gemaakt en de eens rijke Venezulanen straatarm heeft gemaakt.

maandag 13 augustus 2018

IK HEB GELIJK (MAAR DAAR HEBBEN DE NICARGUANEN NIKS AAN) 1


Verkiezingsaffiche in 1984 met links de Sandinistische leider Daniël Ortega 
als Presidentskandidaat en rechts de linkse schrijver Sergio Ramirez, 
als kandidaat Vice- President. Het koppel won de verkiezingen.
foto: petrus nelissen

Daniel Ortega, de huidige president van Nicaragua, deugt niet en heeft ook nooit gedeugd. Toch was hij in 1979, toen hij met de Sandinisten dictator Somoza versloeg bijkans een heilige voor alle grote en kleine Nederlandse NGO’s (NOVIB, HIVOS, Solidaridad enz.) voor een trits PvdA’ers (voorzitter Max van den Berg, Tweede Kamerlid Eveline Herfkens, Europarlementslid Ien van den Heuvel), een aantal journalisten (Jan van der Putten, Emile Fallaux en Jan Schmeitz) en een heleboel kerkelijke clubs waaronder Pax Christi. Waarover straks meer.


Rij wachtende kiezers voor een stemlokaal (1984)
foto: petrus nelissen

Zij allen konden weten dat Daniel Ortega en zijn Sandinistische kameraden doorgewinterde marxisten waren en vooral geen democraten. Ze waren op cursus geweest bij de toenmalige langst zittende linkse dictator Fidel Castro. Ze hadden de pest aan de  burgerlijke democratie. Onderling voerden ze strijd over de juiste Marxistische koers. In plaats van compromissen te sluiten, begon elke zichzelf respecterende Sandinist zijn eigen Marxistische fractie.

Ze werden het onderling heel even eens toen ze aan de macht konden komen met hulp van anderen,  zogenaamde “burgerlijke politici” en buitenlandse donors waaronder ook de gehate VS onder leiding van president Jimmy Carter. Ze moesten wel beloven na hun overwinning z.s.m. verkiezingen te houden. Die werden in 1984, 5 jaar na de overwinning gehouden en alweer onder binnen en buitenlandse druk. Ortega werd tot presidenten gekozen. Ik was er namens de Nederlandse regering bij en ze wonnen de verkiezingen, maar gerust was ik er niet op.



Een kieslokaal van buiten gezien (1984)
foto: petrus nelissen

En inderdaad, in plaats van zijn democratisch verworven machtspositie te gebruiken om de democratie te versterken, nam hij onderdrukkende maatregelen tegen alles en iedereen die het niet met hem en zijn kameraden eens was. Een echte Leninist of zo je wil Castrist. Zelfs buurland Costa Rica, een van de weinige stabiele democratieën in heel Midden Amerika, moest het ontgelden. De Nederlandse aanhangers bleven doof en blind voor deze ontwikkelingen, zo sterk was hun geloof in de Sandinisten.

Critici die wezen op de democratische tekortkomingen van de Sandinisten werden verraders genoemd die het imperialisme en het kapitalisme in de kaart speelden. Ondertussen hielden gematigde Sandinistische kameraden de dictatuur van Ortega voor gezien. Ze organiseerden als Contra’s  gewelddadig verzet tegen hun vroegere kameraden daarin gesteund door de Noord Amerikaanse president Reagan.


Stemlokaal in een huiskamer. De man rechts legt het stembiljet uit aan een kiezer. (1984)
foto: petrus nelissen

Het beleid van Reagan deugde niet maar dat pleit Ortega en zijn kameraden niet vrij van hun stompzinnig anti-democratisch beleid. Maar zo een kijk op het politieke conflict was voor de Sandinistische volgelingen in Nederland een brug te ver. Integendeel, ze begonnen hun eigen strijd tegen de zogenaamde Contra’s in Europa.


(wordt vervolgd)