vrijdag 7 september 2018

DE EENZAAMHEID VAN VLAANDEREN 54

 
Jean Luc Dehaene (1940-2014) was een Christen-democratisch politiek fenomeen. Met zijn vakbondsachtergrond, hij begon zijn  loopbaan bij de studiedienst van de christelijke arbeidersbeweging ACW, bleef hij als premier een gemoedelijke, volkse man, een levensgenieter die wars was van dikdoenerij. Hij was gepokt en gemazeld door de Belgische politiek waardoor hij een alleskunner was geworden. Hij kreeg de bijnaam “loodgieter”.  Onder hem werd België een federale staat. Na zijn premierschap (1992-1999) werd hij burgemeester van de stad Vilvoorde gelegen onder de rook van Brussel.
Nu de eerste stap op weg naar een zelfstandig Vlaanderen lijkt te zijn gezet, met dank aan de regering Martens, ruiken veel Vlamingen hun kans op een zelfstandig Vlaanderen en radicaliseren in rap tempo. De enige partij die ronduit een zo spoedig mogelijk onafhankelijk Vlaanderen als verkiezingsbelofte bij de Vlaamse kiezers neerlegt is het tot op het extreme af nationalistische Vlaams Blok. Die wordt daarvoor beloond door de kiezer (met maar liefst 10 zetels winst terwijl de traditionele partijen incluis de Volksunie, zwaar verlies lijden, in Vlaanderen meer dan in Wallonië. 

Het verlies van 6 zetels is voor de gematigd nationalistische Volksunie, die het vaandel van een onafhankelijk Vlaanderen al decennia lang hoog houdt en de eerste stappen op weg daar naar toe heeft mogelijk gemaakt, een regelrechte afstraffing. De christendemocraten en socialisten verliezen samen aan beide zijden van de taalgrens 14 zetels in de Kamer. Het Vlaams Blok gaat van 2 naar 12 zetels. Voortaan wordt de dag van de overwinning van het Vlaams Blok  publiekelijk aangeduid als “Zwarte Zondag”. (Wikipedia: Belgische federale verkiezingen 1991)
 

Er moet wat gebeuren wil België onder deze spanningen niet uiteindelijk barsten en in stukken uiteen vallen. In Joegoslavië waren ze daar toen al ver mee gevorderd, maar dat land was door de decennialange dictatuur van de communistische partij een hogedrukpan zonder ventiel voor politieke spanningen geworden en moest dus wel barsten. België daarentegen is nog altijd een stevig gevestigde democratie gelegen in het hart van West Europa wat niet wegneemt dat er wat moet gebeuren. 

De verkiezingsoverwinning van het Vlaams blok heeft meteen ook de geesten van de traditionele politieke partijen aan beide zijden van de taalgrens rijp gemaakt om een drastische stap naar meer onafhankelijkheid en autonomie voor de gewesten en gemeenschappen te zetten. Er volgt een vierde staatshervorming onder leiding van de legendarische premier Dehaene (christendemocraat). In 1993 komt in zijn rooms-rode coalitie het zogeheten Sint-Michielsakkoord tot stand waarmee België formeel een federale staat wordt met een nieuwe Grondwet.


“Op 29 september 1992, de dag van Sint-Michiel, werd dit akkoord gesloten tussen de vier partijen in de regering-Dehaene (de Christendemocratische en Socialistische partijen aan beide kanten van de taalgrens). Het akkoord kreeg steun van de Volksunie en de groene partijen Agalev en Ecolo. De essentie van de staatshervorming was de transformatie van een unitaire staat (met gemeenschappen en gewesten) bestaande uit negen provincies naar een federale staat bestaande uit gemeenschappen en gewesten, waarvan twee gewesten elk vijf provincies bevatten.” (Wikipedia: Sint-Michielsakkoord)
 

Een aantal hoofdpunten uit het akkoord zijn:
-Verkiezingen voor de provincie vallen voortaan samen met verkiezingen voor de gemeenteraad (elke 6 jaar). Federale parlementsverkiezingen zijn om de 4 jaar.
-De provincie Brabant wordt gesplitst in Vlaams en Waals Brabant.
-De leden van de voormalige Vlaamse en Waalse Raad worden voortaan rechtstreeks verkozen als leden van het Vlaamse en Waalse parlement.
-De federale senaat wordt kleiner en krijgt minder bevoegdheden maar bestaat voortaan uit senatoren gekozen door de beide gemeenschappen.
-Deelstaten krijgen de bevoegdheid verdragen te sluiten.

-Deelstaten krijgen beperkte constitutieve autonomie

“Constitutieve autonomie is de term die in België gebruikt wordt om de bevoegdheden van de gemeenschappen en gewesten aangaande de inrichting van hun eigen instelling aan te duiden. Dit is een grondwetgevende bevoegdheid, binnen de perken van de bijzondere wet tot hervorming der instellingen.” (Wikipedia: Constitutieve autonomie)


(verschijnt elke vrijdag)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten