vrijdag 30 mei 2014

ZOMEREXPO IN GEMEENTEMUSEUM DEN HAAG

De openingstoespraak van museumdirecteur Benno Tempel.

Aangezien ik op de ZomerExpo in het Gemeentemuseum den Haag hang, was ik uitgenodigd voor de feestelijke opening van de tentoonstelling op woensdagavond 28 mei in het museum. Het was zoals te verwachten een rustig feestje met een consumptie naar keuze, een toespraak van museumdirecteur Benno Tempel en Carlien Ouders van ArtWorlds, een humoristische openingsspeech met beschouwende inslag van cabaretier Vincent Bijlo, een enkel muzikaal intermezzo van een Braziliaans-Nederlandse zangeres met gitarist met als publiek de 248 exposerende kunstenaars met hun partners. De deelnemende kunstenaar aan deze verkooptentoonstelling kregen ook allemaal een linnen tas met daarin een exemplaar van de catalogus.

Er hangt een blije sfeer. Logisch want het is toch een vorm van erkenning dat je werk in het Gemeentemuseum Den Haag mag hangen. Het is ook een eer. Het Gemeentemuseum den Haag is per slot van rekening niet niks. Maar men is ook een beetje zenuwachtig en nieuwsgierig vooral. Hoe hangt of staat je kunstwerk, komt het tot zijn recht naast al die andere kunstwerken en wat zijn dat voor kunstwerken? De tentoonstelling strekt zich uit over enkele grote en kleine zalen en ziet er goed verzorgd uit. De catalogus is al net zo verzorgd.

Carlien Ouders van ArtWorlds

Maar wat te zeggen over de kwaliteit van de kunstwerken? Deelname staat open voor iedereen, gevestigde kunstenaar of amateur. “Niet kunstenaars maken de dienst uit, maar juryleden, uit alle geledingen van het kunstbedrijf, van museummensen en handelaren tot kunstcritici en enthousiastelingen. Zij kijken en kiezen in voorrondes uit een hoeveelheid van kunstwerken. Dat betekent dat de ZomerExpo veel meer dan de Engelse Summer Exhibition volgens democratische principes op een open speelveld tot stand komt.” aldus Benno Tempel in zijn voorwoord in de catalogus.

Echt Nederlands, het gelijkheidsbeginsel als uitgangspunt, ook als het om kunst gaat met als een goede tweede het beginsel dat iedereen kunst kan maken. Het derde oer-Nederlandse beginsel is dat iedereen een gelijke kans moet krijgen en dus worden de kunstwerken op basis van anonimiteit door een jury gekozen. De eerste ZomerExpo heette dan ook “Anoniem gekozen”, met andere woorden geen gevestigde namen die dit gelijkheidsbeginsel kunnen verstoren.

Het dankbare kunstenaarspubliek bij de opening.

Wat is nu het resultaat van deze democratische kunstkeuze? Het thema licht is door veel, maar lang niet alle kunstenaars als uitgangspunt voor hun werk genomen en uitgewerkt. In de catalogus staan bij de werken korte teksten waarin de kunstenaar uitleg geeft over zijn werk. Een fotograaf verwijst daarin naar “ licht, nevel en kleuren die aan het beeld een mystieke sfeer geven”. Een andere fotografeert zonlicht dat op zeepsop valt. Een digitaal bewerkte foto is dan weer bedoeld om te laten zien dat de werkelijkheid die we zien “ook een model is van ons denken in de twintigste eeuw”.

Zien en zien is niet een op een. Het innerlijk speelt een even grote rol als de werkelijkheid zelf, zo is de boodschap van veel kunstenaars. Er wordt gesproken over “het vangen van dromen”, “gevoelsregistraties en zoektochten naar dat wat schuil gaat achter het zichtbare”, “de relevantie van een plek voor de mens” en over “lichaamsgevoel en de mogelijkheid dat weer te geven in een fotografisch onderzoek.” Heel veel kunstenaars blijken met gevoelens en gewaarwordingen bezig te zijn die men dan op de een of andere manier door middel van een kunstwerk tot uitdrukking wil brengen. Van innerlijk naar uiterlijk zou je kunnen zeggen of van geest naar materie.

Wat opvalt was de nieuwigheid van bewegende beelden in enkele schilderijen en foto's. Een soort gemengde techniek van schilderij en filmbeeld, met dank aan de digitalisering van film en foto. De video is nog steeds volop aanwezig in allerlei vormen. Ik telde in de catalogus ruwweg 18 videowerken. Maar de grote winnaar van deze tentoonstelling is toch de fotografie in al zijn verschijningsvormen. Ik telde 98 fotowerken, dat is goed voor 40% van de tentoongestelde werken.

Menig kunstenaar laat zich fotograferen naast zijn werk in de tentoonstelling.

Het klassieke schilderwerk – olie of acryl- is in de minderheid. Samen nog geen 40 stuks (minder dan 20%) maar onderling wel gelijk verdeeld. Verhoudingsgewijs zijn er dan weer wel veel installaties. Ik telde er 28, iets meer dan 10% . Gemengde techniek is in 20 werken gebruikt waarbij vaak onorthodoxe middelen zijn gebruikt. De klassieke etsen, beelden en beeldhouwwerk in steen of brons heb ik niet gezien. Wel zijn er rond de tien werken die met hulp van stoffen zijn gemaakt, er zijn enkele tekeningen en ander werk op papier.

Het is moeilijk om wat over de kwaliteit van het getoonde werk te zeggen. Dat hangt af van hoe hoog je de lat legt en waarmee je het vergelijkt. Buiten de bewegende beelden in foto's of schilderijen heb ik weinig verrassende dingen gezien. Ik vraag me af wat de toekomst zal zijn van bewegende beelden in schilderijen en/of foto's. Ze hebben iets speelgoedachtigs zoals 'Penny 'van Ruben Pest en het op een Vermeer geïnspireerde 'Girl reading letter at an open window' van Menno Otten. De werken grenzen tussen wat we gewoonlijk kunst noemen en vermaak.

De fotografie heeft zijn waarde bewezen in de kunsten. Maar of er buiten de documentaire fotografie in al zijn verschijningen (portret fotografie, straatfotografie, mode, oorlog en reclame) ook nog andere fotografische kunstvormen zijn, weet ik nog steeds niet zeker. Fotografie is een techniek die net als film letterlijk met licht (en donker) werkt (men zegt vaak schrijft) en daarom verondersteld wordt de werkelijkheid weer te geven. Dat onderscheidt deze kunstvorm van elke andere kunstvorm. Misschien dat er daarom zoveel fotografie te zien is op de deze tentoonstelling met als thema licht. Als je met dit realisme gaat spelen, kunnen je natuurlijk verrassende uitkomsten krijgen maar je loopt ook het gevaar dat het als te gezocht of te gekunsteld wordt ervaren. De tentoonstelling is o.a. op dit punt een studie waard.



2 opmerkingen:

  1. Goed gezien, eenvoudig, kleurrijk en mooi voor boven de bank in een eigentijds interieur of voor een ook al eigentijds kantoor.

    BeantwoordenVerwijderen