Posts tonen met het label den heuvel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label den heuvel. Alle posts tonen

dinsdag 26 september 2017

DE EENZAAMHEID VAN DE ONGELOVIGE 7

Wandelen op Den heuvel, het centrum van Oss. 

Wanneer mijn vader eenmaal bestuurder bij de vakbond is, verandert er veel voor ons gezin. We verhuizen naar een huurhuis in dezelfde vogelwijk en parochie. Ik hoef dus niet naar een andere lagere school. We krijgen een kantoor in huis, in de voorkamer met een bureau en een archiefkast. Een degelijk bureau dat ik nog gebruik. De archiefkast heb ik bij de verhuizing van Vlaanderen naar Nederland weg gedaan. Beide heb ik ruim 40 jaar gebruikt.

Er komt een telefoon in huis en in plaats van wandelen op zondag maken we voortaan autoritjes naar bos en hei met ter afsluiting een lekkernij aan de frietkraam ergens in of om Oss. Tijdens de zondagse wandelingen in de stad wordt mijn vader vaak aangesproken. Soms te lang maar mijn vader zegt nooit nee, zeker niet tegen zijn mensen van Zwanenberg en de vakbond. Met de komst van de auto komt daar een einde aan.

De telefoon gaat vaak op zondag. Dan zijn de mensen thuis en hebben ze tijd om te bellen. Mijn moeder heeft daar, tot enige ergernis van mijn vader, niet altijd begrip voor. Een gezin moet zijn rust hebben op zondag, vindt ze. Hij vindt dat het bij zijn werk hoort. Mijn vader luistert aandachtig aan de telefoon, hij praat geduldig en blijft rustig. De ervaring heeft hem geleerd dat je problemen niet altijd direct hoeft op te lossen. Na verloop van tijd verdwijnen ze als vanzelf. Het spreekwoord “komt tijd, komt raad” is een van zijn vaste leefregels.


Een andere leefregel is het spreekwoord “dat de wal het schip zal keren”. Dat gaat over mensen, waaronder ook zijn kinderen, die denken dat alles maar moet kunnen. Onverbeterlijke eigenwijsheid pareert hij met de vaststelling dat je blijkbaar “eerst met je kop tegen de muur moet lopen”. Als je dat wilt, moet je het maar doen. Zijn waarschuwing moet genoeg voor je zijn. Hij voelt zich niet geroepen om verdere maatregelen te nemen. Ook niet tegenover zijn kinderen. Die leren het op den duur vanzelf, vindt hij.


(verschijnt elk dinsdag)

vrijdag 4 augustus 2017

AUTOBIO: DE DOOD VAN MIJN MOEDER

Mijn moeder (1922-1985) vermoedelijk gefotografeerd door een
straatfotograaf op den Heuvel in Oss, vlaak voor of tijdens
de Tweede Wereldoorlog.

Mijn moeder stierf na een totaal onverwacht reusachtig hartinfarct op 63 jarige leeftijd. Volgens de dienstdoende arts, een voormalige klasgenoot van me, zou ze bij in leven blijven niet veel meer zijn dan een kasplant in een rolstoel.

Tijdens de nachtwake op de intensive care vertelde ze me dat ze droomde in een ruimtecapsule te liggen vanwege alle apparaten aan haar lijf. Net niet echt vond ze, wat het ook niet was. Ze was moe van het altijd weer harde werken. Als oudste dochter thuis met negen kinderen moest ze het huishouden doen. De was doen in een teil tot haar handen blauw waren van de kou, was het ergste.

Ze was haar ruimtecapsule bui. Ze wilde op een kamer liggen waar ze naar buiten kon kijken. Dat mocht uiteindelijk maar dan wel met een speciaal hartbewakingsapparaatje om. Ze zag er de dag daarna een stuk beter uit. Meer mens. 


De dag daarop was ze dood. Er toch nog tussenuit gepiept ondanks de hartbewaking. Ik troost me met de gedachte dat ze het zo goed vond.