Posts tonen met het label kunsthistorisch museum. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kunsthistorisch museum. Alle posts tonen

woensdag 15 november 2023

WEENSE NOTITIE: BRUEGEL

Op geen enkel schilderij van Bruegel komt de plaats van de mens in het landschap en de natuur zo goed tot uiting als op dit schilderij "Jagers in de sneeuw". Je oog wordt door een geraffineerde compositie een uitgestrekt winterlandschap ingetrokken waarin mensen op de voorgrond door de sneeuw ploeteren. Ze zijn op jacht geweest voor hun dagelijks eten. Maar er is ook tijd voor vermaak op het ijs in de verte. Dorpen en huizen liggen verspreid door het landschap, kwetsbaar en beschut. De vogels trekken je oog naar de hemel,  de open ruimte boven je.


 
Geen liefde op het eerste gezicht maar een naar elkaar toegroeien. De eerste keer dat ik haar zag was in 1992. Ze lag er vergeten bij, stoffig en verveeld. Er was niks te doen, er ging niks vanuit. Niet zo flitsend als het vooruitstrevende Amsterdam, het charmante Parijs of het majestueuze Londen.

Maar allengs ontdekte ik dat achter de façade van oubolligheid een cultuurstad schuilde, een stad vol muziek, kunst en indrukwekkende architectuur. Een voormalige keizersstad met een keizerlijke erfenis. Dankzij mijn Oostenrijkse vrienden ontdekte ik de schatkamers van de muziek, van de beeldende kunst, van de architectuur, van de keuken en de wijnen.


Een van mijn eerste ontdekkingen in Wenen waren de 12 schilderijen van Pieter Bruegel de Oude die maar liefst een hele zaal van het Kunsthistorisch museum vullen. Verwonderd zo een grote Bruegeliaanse schat te vinden in Wenen in plaats van in Vlaanderen of Nederland, liep ik er op mijn gemak langs. Bruegel was al een van mijn eerste liefdes in de schilderkunst. Die werd nu nog groter.


Er was toen bijna niemand in de zaal. Ik hoorde mezelf lopen op het parket. Hoe kan het dat zo een schilderkunstige schat niet drukker bezocht wordt? Vandaag de dag is dat wel anders. Overal in Wenen zie ik affiches hangen met Bruegel’s Toren van Babel. Een indrukwekkend schilderij, een wonder van schilderkunst en architectonisch inzicht. De kunstminnaars stromen dan ook toe naar het Kunst Historisch Museum.


Dit detail uit het schilderij "Strijd tussen Vasten en Carnaval" illustreert het scherpe oog dat Bruegel heeft voor de mensen in zijn omgeving.

Bruegel was geen hofschilder zoals zoveel andere grote schilders. Integendeel, hij was een “mensenschilder”, een schilder van gewone mensen, een humanist onder de schilders. Hij schildert ze op een bruiloft, als ze de koeien naar stal brengen, een vogelnest uithalen, in een winterlandschap op weg naar huis, tijdens een dorpsfeest, carnaval en vasten enz.


Jezus met het kruis valt amper op tussen de mensenmassa. Hij is mens tussen de mensen. Wel heeft Bruegel veel aandacht voor zijn droevige en lijdende moeder, wat Jezus nog menselijker maakt. Ook hier weer een wijds fantasielandschap waarin een enkele vogel het gevoel van ruimte versterkt.

Dat het hem om de mensen gaat, zie je ook op het schilderij “De Kruisdraging”. Jezus met het kruis op de ruig tussen een massa mensen. Hij schildert de kruistocht als een schouwspel van en voor mensen. Op de voorgrond zijn treurende moeder. Dat nu maakt de dood van Christus als mensenzoon pas menselijk.


De Boerenbruiloft van Bruegel is niet bekend vanwege de opvallende bruid, maar vanwege het jongetje vooraan dat aan zijn vingers likt, de muzikanten en de keukenjongens die volle borden binnen dragen.


Wat ook des Bruegelaans is, zijn z'n landschappen. Hij schildert fantasie landschappen, waarschijnlijk een erfenis van zijn reis naar Italië. Bruegel is gefascineerd door de plaats van de mens in het landschap, soms nietig en klein, soms bezig en aanwezig. 





maandag 1 augustus 2022

WEENSE NOTITIES 3. EGON SCHIELE

Egon Schiele (1890-1918). Schiele stierf in hetzelfde jaar als Gustaf Klimt (1862 - 1918), de meest succesvolle Oostenrijkse schilder ooit . Schiele is schilderkunstig de tegenpool van Klimt. Waar Klimt harmonie en schoonheid schildert, lijkt het alsof Schiele op zoek is naar schoonheid en erotiek. Het zijn liefdevolle maar hoekige portretten.  Bij Klimt is de natuur harmonieus, bij Schiele gebroken en tragisch. Het lijkt wel of hij een hekel heeft aan klassieke schoonheid. Of misschien moet ik zeggen dat hij schoonheid zocht in lelijkheid. Schiele's werken zijn raadselachtig, ze dagen uit tot veel en lang kijken. Hij stierf 28 jaar oud aan de Spaanse griep, de pandemische voorganger van  Corona.

 

Ik weet te weinig van de Oostenrijkse politiek om te weten hoe het daar werkt behalve dat het een politiek stabiel land is. Zo stabiel als zijn bergen, meren en dalen. Maar blijkbaar is men wel snel in besluitvorming want Wenen veranderde in een paar jaar van een stoffige uithoek van Europa in een levendige hoofdstad met een rijk cultuurleven.

Op mijn tussenstops in Wenen naar Midden en Oost Europa, het vliegveld was met Zürich na de val van de Berlijnse muur een hub naar Midden en Oost Europa geworden, zag ik dat er druk gebouwd werd op het vliegveld. Bij mijn zoveelste bezoek aan de stad zag ik een geheel nieuw vliegveld onder mij liggen. Van het oude vliegveld was zo goed als niets meer over. Het was een luxe vliegveld geworden. Tot dan was vliegveld Kloten bij Zürich het meest luxe vliegveld dat ik kende, luxer dan Schiphol. Als Schiphol de Kalverstraat is onder de vliegvelden dan is het Weense vliegveld de Champs Elysee.

Met de stad ging het al even hard. Overal zag je meer activiteiten. Wenen was uit door de val van de muur uit zijn slaap gehaald. Ik had al kennis gemaakt met Weense klassiekers als het Kunsthistorisch museum, het Operagebouw en het stadhuis. Het Kunsthistorisch museum is indrukwekkend groot met veel heel veel Europese kunst. Het is de schatkamer van de voormalige keizers van Oostenrijk. 

Er is een zaal alleen voor 15 schilderijen of zijn het er zestien van de Brusselse meester Pieter Brueghel de Oude wekt verbazing en bewondering. Wenen heeft meer Brueghel's dan zijn geboorteland België. En dan heb ik het nog niet over de grote Italiaanse en Spaanse meesters waar zalen mee vol hangen. Voor iemand die zich wil wijden aan de schilderkunst is het Kunsthistorisch Museum een voortdurende bron van inspiratie. Een leven is te kort om het grondig te verkennen. Het museum zelf is als een paleis gebouwd, een gebouw dat kan wedijveren met het Louvre.

Of dat allemaal al niet genoeg is, werden in rap tempo de voormalige Koninklijke Paardenstallen omgetoverd tot een MuseumsQuartier “een culturele wijk tussen barokke gebouwen en cyberspace”, om de website van austria.info te citeren. Overdreven marketing maar het is verbazingwekkend hoe veel in korte tijd tot stand is gekomen.

In de nieuwe museum wijk staan o.a. het Leopold Museum, het MUMOK en de Kunsthalle Wien.

In die jaren was ikzelf min of meer toevallig, via het beschilderen van zwart-wit afgedrukt foto’s, de schilderkunst ingerold. Wenen was precies op tijd een stad geworden waar ik met eigen ogen mijn achterstand in kennis over de schilderkunst moeiteloos kon inhalen, ook de moderne schilderkunst.  Het Leopold en MUMOK hebben indrukwekkende eigen collecties die vooral bestaan uit werken van het einde van de negentiende eeuw en begin twintigste eeuw. In Wenen leerde ik pas goed Egon Schiele kennen, een fascinerende schilder en tekenaar.