maandag 20 april 2015

GALEANO EN DE SCHULD VAN HET IMPERIALISME EN HET KAPITAAL


In zijn boek"Aderlating van ene continent" onderzoekt Eduardo Galeano de geschiedenis van Latijns Amerika vanaf de Europese kolonisatie tot het hedendaagse Latijns Amerika met artikelen en vertellingen over de voortdurende plundering van de rijkdommen van deze regio door de koloniale heersers tussen de 16e en 19e eeuw en de westerse overheersers als de Engelsen en de Noord-Amerikanen vanaf de 19e eeuw tot 1971.
De schrijver van het geruchtmakende en beroemde boek “Aderlating van een continent”, de Uruguayaan Eduardo Galeano (1940), is op 13 april aan longkanker gestorven. Het boek werd gepubliceerd in 1971, tijdens de hoogtijdagen van het anti-imperialisme en kapitalisme op de universiteiten. In datzelfde jaar liep ik stage in Colombia. Na terugkomst had ik eigenlijk niet zo'n zin meer om het te lezen. Natuurlijk was Latijns Amerika ook slachtoffer van kolonialsme geweest en van uitbuiting en onderdrukking maar in Colombia had ik ontdekt dat dat maar het halve verhaal was. In Colombia leerde ik dat de werkelijkheid van Latijns Amerika ingewikkelder was. 

Voor dat ik naar Colombia ging, leken mij theorieën over imperialisme en kapitalisme een afdoende verklaring te geven voor de armoede en ellende in Latijns Amerika. Daarom ook mijn volle sympathie voor de Cubaanse revolutie (1959) die het eiland immers bevrijd had van het Noord Amerikaanse imperialisme en Westers kapitalisme. Die theorieën bevestigden een naar het scheen simpele waarheid. De keerzijde van rijkdom is armoede. Zonder rijkdom geen armoede, zonder armoede geen rijkdom. Rijkdom is dus eigenlijk diefstal.

Maar in Colombia leerde ik dat het allemaal niet zo simpel is. Ondanks dat Colombia zich al 150 jaar geleden bevrijd had van Spanje was er nog steeds geen stabiele democratie, geen goed werkende rechtsstaat, geen onderwijs voor iedereen, geen sociale rechtvaardigheid en een landbouweconomie beheerst door grootgrondbezitters. Was dat de schuld van het kapitaal en het (Noord Amerikaanse) imperialisme met in het kielzog de multinationale ondernemingen of was er meer aan de hand? Al snel bleek dat dat het geval was. De Colombianen zelf bleken het onderling niet eens te zijn over de ontwikkeling van hun land. Er werd zelfs oorlog over gevoerd.


Niet dat er helemaal geen diefstal geweest zou zijn, maar verklaart die afdoende de Westerse rijkdom zoals bijvoorbeeld in Nederland? Of was Nederland een welvarend land geworden dankzij politieke (democratische) stabiliteit, een redelijk werkende rechtsstaat met o.a. duidelijk afgebakende en gerespecteerde eigendomsverhoudingen enz. en een toenemende sociale rechtvaardigheid? Schiep dat alles niet het kader waarbinnen het mogelijk was ons onderwijs uit te breiden, onze landbouw te moderniseren, industrie en dienstensector verder te ontwikkelen? Een kader dat nu juist in een land als Colombia ontbrak?


Textielfabriek in de Cubaanse stad Cienfuegos (2008). Ondanks 50 jaar socialisme en dus bevrijding van imperialisme en kapitalisme is de agrarische en industriële ontwikkeling 50 jaar lang stil blijven staan. 

Maar waarom hebben landen als Colombia en andere Latijns Amerikaanse landen die ontwikkeling dan niet doorgemaakt? Waren ze nog te jong en onervaren als natie? Dat lijkt zo maar hoe zit dat dan met Noord Amerika? Deze kapitalistische imperialistische mogendheid was zelf amper 30 jaar ouder dan de meeste Latijns Amerikaanse landen. Vergeleken met Europa een jong land net als de Latijns Amerikaanse landen.

Was het dan misschien de erfenis van het koloniale moederland waardoor het noordelijke deel van het continent zich veel beter en sneller kon ontwikkelen dan het zuidelijke deel? Exporteerde Spanje naar Latijns Amerika feodale structuren en ideeën tot aan de 20ste eeuw toe dank zij het Franco regime terwijl Engeland de moderniteit zou hebben geëxporteerd? Het zou kunnen maar waarom drong die Engelse moderniteit dan wel door in Noord Amerika en niet in India? En waarom was Spanje ondanks de grootschalige diefstal aan goud en zilver uit Latijns Amerika niet een echt rijk Europees land geworden? Kortom, vragen te over die niet met een imperialisme theorie hoe uitgewerkt ook beantwoord kunnen worden.

Het beste bewijs dat de theorieën over kapitalisme en imperialisme als oorzaken van armoede en uitbuiting niet kloppen, wordt in Latijns Amerika zelf geleverd door landen als Cuba en Venezuela. Cuba is dank zij zijn revolutie al in het begin van de jaren zestig bevrijd van imperialisme en kapitalisme. Private bedrijven en privé initiatief zijn al die tijd strikt verboden geweest als uitingen van egoïsme en kapitalisme. De VS hebben het land zelfs 50 jaar lang een economische blokkade opgelegd. Met de imperialisme theorie in de hand zou je daar blij mee moeten zijn maar het omgekeerde gebeurde. Tot op de dag van worden de VS ervan beschuldigd met zijn blokkade de ontwikkeling van het eiland heeft tegen gehouden.
Sinds een paar jaar kan de Bolivariaanse revolutie de eigen bevolking niet meer voorzien van voldoende voedsel. Men moet er uren voor inde rij staan zoals vroeger in de Sovjet Unie en andere communistische landen. “De officiële verklaring van de regering is dat de schaarste kunstmatig is veroorzaakt door de oppositie: privébedrijven zouden opzettelijk producten achterhouden. Een andere verklaring die president Maduro wel eens aanhaalt, is dat de overheid wel kan betalen, maar dat voedsel en medicijnen niet door de logistieke stroom geraken aangezien er van alles misloopt bij de distributie. De echte reden is echter dat Venezuela haast alle voedings- en consumptieartikelen moet invoeren, en die invoer is door de dalende olieprijzen steeds problematischer geworden. Venezuela hangt voor 96 procent van zijn uitvoer af van olie en die geldstromen drogen op nu de olieprijs meer dan gehalveerd is.” (uit: Venezuela: is er nog revolutie na de olie?
Venezuela is het meest recente bewijs dat armoede en onderontwikkeling niet het gevolg is van Noord Amerikaans of Westers kapitalistisch imperialisme. Sinds deBolivariaanse revolutie van president Chavez in 1999 bestaat er in Venezuela zo goed als geen kapitalisme of imperialisme meer. Alle buitenlandse oliemaatschappijen zijn onteigend en de meeste private ondernemingen genationaliseerd. Toch is het land sinds de socialistische revolutie alleen maar armer geworden: “Volgens de economisten Kenneth Rogoff en Carmen Reinhart is, rekening houdend met de inflatie, het Venezolaanse bnp per capita vorig jaar 2 procent lager dan in 1970, en dit met een olieprijs die 10 maal zo hoog lag als in 1970.” (Zie: Is er nog revolutie na olie? )Net als Cuba blijkt Venezuela niet in staat zijn eigen economie op orde te krijgen en dat terwijl Venezuela barst van de natuurlijke rijkdommen waar olie er maar een van is.

Tot slot kun je je afvragen of Galaeno met zijn boek niet Latijns Amerika of in ieder geval links Latijns Amerika op het verkeerde been heeft gezet? Immers door te beweren dat het de schuld was van het kapitaal en het imperialisme dat het continent achter bleef, werd er veel te weinig aan zelfonderzoek gedaan. Blijkbaar vond Galeano dat zelf later ook. “Zelf was Galeano kritisch over zijn meest verkochte boek. ‘Ik had destijds de kennis nog niet om een dergelijke politiek-economische analyse te schrijven’, zei hij in 2014 op een boekenbeurs in Brazilië. ‘Ik zou het zelf niet herlezen.’(zie Cuba Weblog)



1 opmerking:

  1. De overige landen in Latijns-Amerika lijken het dan weer redelijk goed te doen.

    BeantwoordenVerwijderen